Vrijdag 25/09/2020

The American Dream van Lenny Leleu Belgische wansmaak in de VS

Lenny Leleu toont straks haar nieuwe zomercollectie. Niet in Antwerpen, Parijs of Milaan.

Ze doet het als eerste Belgische tijdens de modeweek van New York. Geheel uit eigen spaarpot.

orig jaar verzamelde het prestigieuze Flanders House nog een aantal jonge ontwerpers om hun gerief gezamenlijk te tonen in de fashion week in New York. Helaas bleek de opkomst bij het georganiseerde evenement redelijk mager, zodat de promostunt niet voor herhaling vatbaar werd geacht. Wellicht een gemiste kans voor het FFI (Flanders Fashion Institute) en het Flanders House in New York, dat anders nooit het nieuws haalt.

Eén naam bleef bij de bezoekers nochtans hangen: die van Lenny Leleu, afgestudeerd aan de modeacademie van Antwerpen in 2007. Met haar eigenaardige strand- en zwembadcreaties (men kan de outfits bezwaarlijk gewoon 'badpakken' noemen), deed ze 's lands modereputatie alle eer aan.

Lenny wordt door kenners tegenwoordig getipt als het nieuwste modetalent uit België, gezegend met een ferm potentieel en de nodige vastberadenheid. Blijkt namelijk dat Lenny deze week op eigen houtje een nieuwe collectie voorstelt met een modeshow in kunstgalerij Benrimon Contemporary in Chelsea, New York City.

europese capriolen

"Ik had gehoopt op een jaarlijks terugkerend event in het Flanders House", vertelt Lenny. "IJdele hoop, helaas. Ik heb dan maar zelf beslist om een show te organiseren. Een zware investering en een enorm risico, dat besef ik, maar het voelt logisch en juist aan omdat ik op langere termijn wil denken. De afzetmarkt van mijn collecties ligt veeleer in de VS dan in het regenachtige België of Parijs, waar er haast geen badpakkencultuur bestaat. In België koop je nog steeds een badpak om baantjes te zwemmen, niet als deel van een garderobe. Dat is het grote verschil."

Staat het Amerikaanse modemilieu dan niet veel conservatiever tegenover een uitgesproken stijl en vormtechnische capriolen dan het Europese? Lenny: "Ik ervaar het helemaal niet zo. Je hebt natuurlijk de hypercommerciële mode van bijvoorbeeld Calvin Klein en Ralph Lauren, maar er zijn momenteel ook heel wat jonge ontwerpers die nu ongelooflijk creatieve collecties op de markt gooien, met veel meer kleuren en zotte vormen. In die zin is er er in korte tijd heel veel veranderd.

"Ik heb ook gemerkt dat mensen in LA en New York de Modeacademie van Antwerpen beginnen te kennen en naar waarde schatten. Drie jaar geleden was dat niet zo. Ik veronderstel dat dat de grote verdienste is van de social media. Mensen zijn veel sneller op de hoogte van wat er wereldwijd op modevlak gebeurt, en niet alleen in de States."

Lenny heeft intussen twee maanden in Los Angeles doorgebracht, in haar eentje in een geleend atelier, om de nieuwe collectie klaar te stomen. Zo'n 25 outfits, op en rond een collectie van zeven badpakken, maar aangevuld met rokken, broeken, tops en body's. Beachwear in de breedste zin van het woord.

De reden waarom ze voor een tijd naar LA trok, is voornamelijk van praktische en commerciële aard. Ze heeft er inmiddels al een winkel waar haar collectie wordt verkocht, maar ze wilde de markt verder verkennen. Bovendien heeft ze er een tijd stage gelopen bij ontwerper Jeremy Scott en heeft ze goede vrienden gemaakt die haar steunen. Grondstoffen uit het fabric district zijn er goedkoper dan in België, het levensonderhoud kost minder dan in New York en bovendien raakt ze er snel geïnspireerd door wat ze her en der op straat ziet. Subculturen, soms wansmaak en lelijkheid die ze bewerkt en transformeert naar haar eigen esthetiek.

MTV-kindje

Ze mixt popcultuur met couture, ze verknipt en verdraait. Het achterliggende idee van Lenny's nieuwe collectie is 'revolutie', de titel voor de show is 'Ashes to Lashes' - van as tot valse wimpers. Rock-'n-roll meets kitsch, Antwerp meets Hollywood. Lenny is bezeten door de ondraaglijke lichtheid van het Amerikaanse bestaan. Ze noemt zichzelf trouwens een MTV-kindje, opgegroeid met de beeldcultuur van videoclips, gevoed door straattendensen en kleren als expressiemiddel of groepscode. Vaak met een Amerikaanse origine. Californisch zelfs. Streetwear en palmbomen duiken telkens weer op in haar collecties. Waar die fascinatie vandaan komt, weet ze zelf niet. Blame it on MTV.

Al heel snel wist ze nochtans dat ze kleren wilde ontwerpen. Maar haar nest was niet bepaald mode- of kunstgericht. Lenny: "Mijn jeugd was heel gewoon. Ik ben als Vlaamse opgegroeid nabij een legerbasis in de omgeving van Keulen. Mijn vader werkte gewoon als burger voor een Duits bedrijf. Kinderen van militairen in mijn klas wilden allemaal later wel iets in het leger doen. Ik kwam niet uit een creatief gezin en kreeg het op school evenmin mee. Alleen zat ik vaak in mijn eentje te tekenen en was ik net iets minder sociaal. Al vrij vroeg wist ik dat ik later modeontwerpster wilde worden. Thuis werd dat afgedaan als een wilde droom. Ik heb dus braaf mijn Latijn-Wiskunde afgemaakt. Toen ik in het 5de middelbaar zat, heb ik mijn moeder naar alle modescholen van België meegesleurd. Ik denk dat ze toen voor het eerst doorhadden dat het menens was."

Moeders moed

Waar haalt een 28-jarige in deze krappe tijden het budget vandaan om een modeshow in New York te organiseren? Bij Lenny was het een kwestie van sparen en inventief zijn. Tijdens haar onbetaalde stages bij Daryl K. in New York en Jeremy Scott in Los Angeles deed ze na de uren en in het weekend verschillende losse stylingopdrachten, ook in de filmwereld. Nadien keerde ze terug naar Antwerpen en zocht er ook allerlei jobs, van administratie bij een takeldienst tot kostuums voor Els De Schepper. Ze organiseerde in maart in Antwerpen met vrienden een benefiet om de prototypes te kunnen maken.

Leleu: "Met dat geld heb ik voor een groot deel mijn stoffen betaald. Verder probeer ik zoveel mogelijk zelf te doen, van schetsen tot patronen maken, tot naaien. Het atelier in LA heb ik gratis mogen gebruiken, make-up krijg ik van MAC gesponsord en voor de schoenen kon ik rekenen op Converse Benelux. Flanders House geeft goodie bags aan de genodigden van mijn show. Maar de locatie in New York is echt ontzettend duur. Daar gaat een pak geld naartoe."

Pertinenter nog dan de vraag naar de middelen is misschien wel de vraag waar een 28-jarige de moed vandaan haalt om haar droom met zoveel verbetenheid na te jagen. Terwijl een handvol ervaren Belgische ontwerpers thuis verslagen op de tafel zit te roffelen of andere wegen zoekt, gaat de jonge Leleu als een haai op haar doel af. "Mijn vastberadenheid heb ik van mijn moeder. Als zij een job echt wou, dan ging ze er alles aan doen om die ook te krijgen. Zij heeft er ook alles aan gedaan dat mijn vader zijn studie tot tuinarchitect kon afmaken. Ze hielp hem met zijn maquettes maar zorgde ook dat er eten op tafel stond. In die zin lijk ik op haar.

Streng op jezelf

"Voor mij is het essentieel om voort te zetten wat ik begonnen ben, om een continuïteit aan te houden met mijn contacten in de States. De locatie is niet gigantisch, maar wel groot genoeg en goed gelegen. Er zijn 25 silhouetten, dat is voldoende, meer hoeft niet. Ik heb geprobeerd om alles low budget te houden, maar dat wil niet zeggen dat het daardoor minder goed mag zijn. Ik ben opgeleid in Antwerpen, en als je daar één ding leert, is het wel dat je streng genoeg moet zijn op jezelf. Het doet er niet toe of je show 5 dollar kost of een paar miljoen, als de lat maar hoog genoeg ligt."

Een praktische handleiding tot een eerste defilé in een wereldstad heeft Lenny op de Antwerpse Modeacademie nooit gekregen. "Op zoiets ben je nooit voorbereid, nee. Ik wist niet hoe moeilijk het zou worden om zoiets te realiseren, maar ik wist wel hoe hard de modewereld kan zijn. Tijdens mijn studie had ik het al moeilijk omdat ik overweldigd was door het talent van anderen en omdat ik door mijn jonge leeftijd alleen maar deed wat ik dacht dat anderen van mij verwachtten. Na mijn tweede jaar kwam er een ommezwaai. Van dan af heb ik alleen nog maar dingen gedaan die ik zelf leuk vond en toen lukte het wél. Ze vertellen je inderdaad niet hoe hard het daarna is, maar ze leren je wel te vechten."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234