Vrijdag 06/12/2019

Reportage

Terug naar Zaventem: een onwezenlijke en ietwat trieste ervaring

Beeld Photo News

Bijna twee weken na de aanslagen werd gisteren voor het eerst opnieuw vanuit Zaventem gevlogen. Wij boekten vlucht nummer twee met bestemming Athene en werkten ons door vier stevige controles. "Is dit niet vooral een absurd toneelstuk?"

Halfeen 's middags, op de ring rond Brussel vertellen waarschuwingsborden me dat de luchthaven van Zaventem opnieuw 'beperkt' toegankelijk is. Die beperkte toegankelijkheid zal al snel een understatement blijken.

Een paar honderd meter voor de luchthaven wordt de oprit versperd door een vijftal agenten, bijgestaan door een trosje bewapende soldaten. Een agent stapt naar me toe en kijkt onderzoekend in mijn auto. Er volgt een soort vraag. "Zegt u het maar." Een tikkeltje geïntimideerd door het gezelschap weet ik niet meteen wat ik moet zeggen. "Uw ticket en paspoort aub", verduidelijkt hij.

Ik toon de gevraagde documenten, hij werpt er een strenge blik op en zet vervolgens een stap opzij. "Een prettige reis nog."

Een minuut later parkeer ik mijn wagen in de enige luchthavenparking die vandaag open is. De sfeer is er onwezenlijk, bijna postapocalyptisch. Een stuk of vijftien auto's, meer staan er niet geparkeerd. Op drie partrouillerende soldaten en een man op een elektrisch poetswagentje na is er bij de uitgang geen levende ziel te bekennen.

Niet gezellig, en het akeligste moet nog komen.

Angstzweet

De luchthaven van Zaventem betrad je tot die fatale dinsdagochtend via de hal, een plek van blijde verwachting, wemelend van leven. Het contrast met nu kan moeilijker groter zijn. Binnenkomen doe je vandaag via twee grote tenten van verhuurbedrijf De Boer. Feesttenten zijn dat, maar feestelijk is deze entree allesbehalve.

De enige passagier in deze tent ben ik zelf. Voor de 'sfeer' zorgt het veiligheidspersoneel, geflankeerd door agenten en gewapende soldaten. Ze leiden me tot twee keer toe door een metaaldetector, evenveel keer wordt mijn handbagage door de röntgenmachine gerold.

Het angstzweet begint over mijn rug te rollen als plotseling, bij de uitgang van tent nummer twee, de sfeer begint om te slaan. Daar zit een personeelslid van Brussels Airport, naast haar een veiligheidsagent. En warempel: ze lachen. Het personeelslid, een al wat oudere dame, vraagt me of ik blij ben dat ik eindelijk weer mag vliegen. Ik verzwijg haar dat ik vliegangst heb en zeg ja. Of, omgekeerd, is zij blij dat ze weer aan de slag kan? "Het is dubbel", zegt de dame. "Aan de ene kant ben ik nerveus, aan de andere kant vooral opgelucht. Maar eigenlijk toch vooral opgelucht. U moet weten: voor ons, het personeel, is Zaventem een tweede thuis. Een vriendenclub."

Beeld AP

De veiligheidsagent naast haar knikt. Hij vertelt me dat hij er bij was, die vreselijke dinsdagochtend. Dat hij dingen heeft gezien die hij niet wil en kan navertellen. Maar dat hij vandaag toch vooral opluchting voelt. "Als ik had mogen kiezen, ik was al de volgende dag opnieuw aan het werk gegaan. Ik denk dat er geen betere manier is om zo'n drama te verwerken."

De veiligheidsagent vertelt me nog dat vandaag een goede dag is. Dat alles op wieltjes loopt. "Morgen schakelen we nog een versnelling hoger, en binnenkort draait het hier weer op volle toeren."

Optimisme als een morele plicht. Beter valt de spirit van het luchthavenpersoneel vandaag niet samen te vatten. Wandelend langs de lange galerijen van gesloten boetieks en taxfreeshops kom ik af en toe een verdwaald personeelslid tegen. Zonder uitzondering lachen ze me toe, bijna allemaal danken ze me omdat ik voor Brussels Airport heb gekozen.

"Vanochtend zat het café bijna vol." Het zijn woorden van Amada, een vrouw die al meer dan twintig jaar op de luchtaven werkt. Amada staat achter de toog van de Beers and Cheers, de enige zaak hier die vandaag geopend heeft. Bepaald druk is het niet, maar ook Amada bekijkt het van de positieve kant. "Morgen wordt het beter, en straks, tegen de grote vakantie, zal alles weer in orde zijn."

Onbehaaglijk

Het is iets na twee als ik aan mijn gate ben gearriveerd. Ik tel er een tiental wachtenden, een van hen is Jean-Marc Lassoie, een veertiger uit Eigenbrakel. "Onwezenlijk en triest", zo noemt hij de sfeer in de immense, maar zogoed als verlaten vertrekhal.

Jean-Marc stelt me voor aan zijn vrouw en zoon, een student Romaanse filologie. "We reizen vooral voor hem naar Athene", vertelt de vader. "Mijn zoon is gefascineerd door de oudheid."

Het gezin-Lassoie had de reis naar het antieke Griekenland lang voor de aanslagen gepland. Annuleren is nooit een optie geweest. "Normaal gezien hadden we via Luik gevlogen. Maar gisteren kwam dan het bericht dat het via Zaventem zou zijn. We hebben ons een beetje moeten reorganiseren, maar bon, wij klagen niet. Ik denk dat we dadelijk de veiligste vlucht ooit gaan beleven. Oké, al die militairen hier geven je een onbehaaglijk gevoel. Maar zegt u nu zelf, is dat niet vooral een stukje absurd toneel?"

Het is halfvijf, samen met een dertigtal passagiers stap ik op mijn vlucht richting Athene. Als het vliegtuig zich in beweging zet, kijk ik door het raampje. Het tarmac ligt er compleet verlaten bij. Op twee wegvluchtende konijntjes na. De lockdown is ook voor hen voorbij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234