Donderdag 21/10/2021

ReportageTerug naar Parijs

Terug naar Parijs, bij de start van het proces over de aanslagen: ‘We hebben ons niet door de terroristen laten intimideren’

Bier en rosé, luide lachsalvo’s en uitbundige gesprekken op de terrassen van Le Carillon en Le petit Cambodge. Dat hier bijna zes jaar geleden vijftien mensen werden neergemaaid, lijkt een vage herinnering.

 Beeld Franky Verdickt
Bier en rosé, luide lachsalvo’s en uitbundige gesprekken op de terrassen van Le Carillon en Le petit Cambodge. Dat hier bijna zes jaar geleden vijftien mensen werden neergemaaid, lijkt een vage herinnering.Beeld Franky Verdickt

Hoezeer zijn Parijs en Frankrijk sinds de aanslagen van 2015 veranderd? Wij spraken met slachtoffers, getuigen en experts. Hoe kijken ze terug en hoe blikken ze vooruit op het proces dat volgende week start? ‘Salah Abdeslam is geen enkele emotie waard.’

“Dit is ons enige aandenken aan die zwarte dag. Ik heb het speciaal laten maken. Alle andere overblijfselen zijn verwijderd. Anders is het niet leefbaar om hier te werken.”

Grégory Reibenberg, eigenaar van brasserie La Belle Équipe in het hippe elfde arrondissement van Parijs, raakt de muur bijna strelend aan. De afbeelding van twee enorme klaprozen met daartussen de blauwe letters van de namen van de slachtoffers, is een eerbetoon aan de 21 mensen die hier omkwamen op die verdoemde vrijdag 13 november 2015.

Het was een zeldzaam zachte avond voor de tijd van het jaar, het terras stond tjokvol omdat er een verjaardagsfeestje aan de gang was van Hodda, een medewerkster van de brasserie. “Ze had een berichtje gestuurd met de vraag of ik ook wilde komen”, vertelt Reibenberg terwijl zijn hand op de muur blijft rusten. “Ze vond dat haar baas erbij moest zijn die avond. Toen ik arriveerde, zag ik dat Djamila er ook was, de moeder van mijn dochter Tess.”

Reibenberg wijst naar het meisje met de wilde krullenbos op het terras dat ons glimlachend toeknikt. “Dat is Tess. Veertien is ze nu. Ze was nog maar acht toen haar moeder overleed.”

Grégory Reibenberg, eigenaar van brasserie La Belle Équipe: ‘Een bloedbad, onwaarschijnlijk. Ik zag Djamila, de vrouw van mijn leven, liggen en ging naar haar toe. Ze stierf in mijn armen.’ Beeld Franky Verdickt
Grégory Reibenberg, eigenaar van brasserie La Belle Équipe: ‘Een bloedbad, onwaarschijnlijk. Ik zag Djamila, de vrouw van mijn leven, liggen en ging naar haar toe. Ze stierf in mijn armen.’Beeld Franky Verdickt

Djamila Houd, de vrouw met wie Reibenberg tien jaar samenleefde, was een van de 21 slachtoffers die de terreuraanslag niet overleefden. ‘De vrouw van mijn leven’, noemt de brasserie-uitbater haar in zijn boek Une belle équipe dat hij nadien schreef. Ook de manager van het café-restaurant kwam om. “Hij was moslim”, zegt Reibenberg. “Dat was en is de sterkte van deze zaak: ons gemengd publiek. Jong, oud, kunstenaars, arbeiders, atheïsten, moslims, iedereen kwam hier bijeen. Juist die kracht van onze diversiteit wilden de terroristen raken. Maar het is ze niet gelukt. We hebben ons niet laten intimideren. La Belle Équipe bruist weer.”

Op 13 november 2015 staat Parijs in brand. Op zes verschillende plaatsen plegen radicaal-islamitische terroristen in naam van IS aanslagen met kalajsnikovs en bomgordels. De eerste ontploffing weerklinkt aan het voetbalstadion Stade de France, vervolgens worden vijf horecazaken onder vuur genomen en de dodelijke tocht eindigt in concertzaal Le Bataclan. Honderddertig mensen komen om het leven, meer dan 350 anderen raken gewond.

De eerste ontploffing op die noodlottige 13de november weerklonk aan het Stade de France. Beeld Franky Verdickt
De eerste ontploffing op die noodlottige 13de november weerklonk aan het Stade de France.Beeld Franky Verdickt

Om 21.36 uur passeert een zwarte auto met Belgische nummerplaat het terras van La Belle Équipe. Onmiddellijk wordt het vuur geopend op het aanwezige publiek. Het geratel van kalasjnikovs doet de buurt op zijn grondvesten daveren. Lang duurt het niet, hooguit drie minuten. Dan scheurt de auto weg. Heel even blijft het stil. Het licht in de brasserie is uitgevallen, het plafond ingestort. Reibenberg roept dat iedereen op de grond moet blijven liggen. Niemand beweegt. Tot het doordringt dat de daders vertrokken zijn. De cafébaas staat op uit de hoek waar hij zich heeft schuilgehouden en overziet de ravage. “Een bloedbad, onwaarschijnlijk. Ik zag Djamila liggen en ging meteen naar haar toe. Ze is in mijn armen gestorven.”

Drie commando’s van negen mannen slaan die avond toe in de hoofdstad. Zeven van hen komen om. De uit Molenbeek afkomstige Abdelhamid Abaaoud wordt drie dagen later tijdens een politieactie gedood in de Parijse voorstad Saint-Denis. De enige overlevende van het commando is Salah Abdeslam, die ook wordt verdacht van betrokkenheid bij de aanslagen in Brussel op 22 maart 2016. Hij zit in een Franse gevangenis in afwachting van zijn proces.

Salah Abdeslam is de enige overlevende van het commando dat de Parijse aanslagen pleegde. ‘Hij is geen enkele emotie waard’, zegt oud-journalist Daniel Psenny. Beeld PN
Salah Abdeslam is de enige overlevende van het commando dat de Parijse aanslagen pleegde. ‘Hij is geen enkele emotie waard’, zegt oud-journalist Daniel Psenny.Beeld PN

Het grootscheepse terreurproces in Parijs gaat op 8 september van start en zal minstens zeven maanden duren. Van de twintig verdachten die terechtstaan, zitten er veertien vast in Frankrijk. Vijf anderen, onder wie Oussama Atar uit Laken die bekendstaat als de planner van alle IS-aanslagen in Europa, zijn naar alle waarschijnlijkheid overleden. De zesde verdachte, Ahmed Dahmani, is van Belgisch-Marokkaanse afkomst en zit gevangen in Turkije.

Er zijn heel wat Belgen onder de verdachten. De aanslagen in Parijs en Brussel werden door dezelfde terreurcel gepleegd en zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het terreurproces van de Brusselse aanslagen zal op zijn vroegst over een jaar plaatsvinden.

Grégory Reibenberg is een van de 1.800 slachtoffers die zich burgerlijke partij hebben gesteld. “Omdat ik erkenning wil als slachtoffer, net als mijn dochter. En omdat ik geloof in onze democratie en onze republiek.”

IJzingwekkende logica

Twee dagen na de aanslag besloot de cafébaas dat hij zijn zaak opnieuw zou openen. Niet meteen, dat was onmogelijk wegens de enorme schade. Maar wel na een paar maanden. Het is tekenend voor de Parijse mentaliteit. Vlak na de dodelijke raid op 13 november werd de hashtag ‘Je Suis En Terrasse’ gelanceerd, om duidelijk te maken dat de bewoners zich niet lieten afschrikken door een bende jihadisten die de Franse hoofdstad op de knieën wilde krijgen. Mooi niet. De getroffen horecazaken wasten het bloed weg, sleepten hun tafels naar buiten en pakten de draad weer op.

Binnen de kortste keren was het er even druk als vanouds en herwon het elfde arrondissement zijn flamboyante charme van weleer. Waarvan we deze vrijdagavond 27 augustus getuige zijn. Parijs zindert. De coronaperiode is eindelijk voorbij en de stad zal het geweten hebben. Op de terrassen van bar Le Carillon en restaurant Le Petit Cambodge wordt de hernieuwde vrijheid gevierd met liters bier en rosé, luide lachsalvo’s en uitbundige gesprekken. Dat hier bijna zes jaar geleden vijftien mensen werden neergemaaid door de bende van Salah Abdeslam lijkt een vage herinnering uit een ver verleden.

In Le Carillon werkt niemand meer die er bij was destijds, vertelt de jongen achter de bar. Bij Le Petit Cambodge hebben ze jaren geleden afgesproken dat er niet over de aanslag gesproken wordt met de pers. De ober draagt kleurige cocktails naar buiten en wijst naar de overkant. Daar hangt de gedenkplaat met de namen van de vijftien slachtoffers. Niemand kijkt er nog naar om, lijkt het. Maar wie iets langer blijft hangen, merkt ze op: de toeristen die de terreurlocaties afgaan en onwennig om zich heen kijken. Alsof ze ook niet kunnen geloven dat het echt is gebeurd. Ze maken foto’s van de gedenkplaat, van de mensenmassa op de terrassen en drentelen verder naar de volgende terreurspot. Die bevindt zich aan het einde van de straat, op de kruising van Rue de la Fontaine-au-Roi en Rue Faubourg du Temple.

Café A La Bonne Bière. De terroristen kozen zaken met een groot hoekterras uit, daar konden meer mensen worden gedood. Beeld Franky Verdickt
Café A La Bonne Bière. De terroristen kozen zaken met een groot hoekterras uit, daar konden meer mensen worden gedood.Beeld Franky Verdickt

De terroristen reden van Le Carillon naar A La Bonne Bière, eveneens een zaak met een groot terras op een hoek. Net als het volgende doelwit, de pizzeria aan de overkant van A La Bonne Bière. De logica erachter is ijzingwekkend eenvoudig: op een hoekterras zitten meer mensen dus konden er meer gedood worden. Bij A La Bonne Bière kwamen vijf mensen om, bij pizzeria Casa Nostra vielen geen doden.

De gedenksteen aan La Belle Equipe vermeldt de namen van de slachtoffers. Beeld Franky Verdickt
De gedenksteen aan La Belle Equipe vermeldt de namen van de slachtoffers.Beeld Franky Verdickt

De pizzeria is het enige etablissement dat de deuren gesloten hield na 13 november. De eigenaar kwam in opspraak toen bleek dat hij de beelden van zijn bewakingscamera’s voor 50.000 euro aan de Britse krant Daily Mail had verkocht. “Daarna maakte hij het nog bonter”, vertelt buurvrouw Marie Minnazolli hoofdschuddend. “Hij probeerde aanspraak te maken op verzekeringsgeld waar hij totaal geen recht op had. Tijdens de schietpartij is hij zijn kelder ingedoken en keek hij naar niemand om. Toen uitkwam dat hij de boel bedroog, werd hij meteen gearresteerd en opgesloten. Ik heb geen idee waar hij nu zit.”

Dat ze nog vaak aan die treize novembre denkt, klinkt het. “Zoiets vergeet je niet. We waren allemaal in shock.” Ze wijst naar de lantaarnpaal voor haar deur: “Ik weet nog dat de lamp kapot ging en knalde. Iedereen op straat dook prompt op de grond, de paniek was groot.” Ze vertelt over de bakkerij aan de overkant van A La Bonne Bière waar een verdwaalde kogel binnen vloog. De bakker werd niet geraakt omdat hij zich net achter zijn frisdrankautomaat bevond. Toen hij een man op de stoep voor zijn winkel zag liggen, haastte hij zich naar buiten om de gewonde te helpen. “Helaas stierf de man later in het ziekenhuis”, weet de buurvrouw.

De plek waar verreweg de meeste doden vielen, is concertzaal Le Bataclan. Het optreden van de Amerikaanse band Eagles of Death Metal eindigde in een immens drama. Zodra de jihadisten binnen waren, openden ze het vuur op de concertgangers. Negentig mensen lieten het leven. De rest van de aanwezigen werd urenlang gegijzeld. Toen de politie rond middernacht de zaal binnendrong, bliezen drie terroristen zich op. De vierde werd door de politie doodgeschoten.

Concertzaal Bataclan. Matthieu Suc, journalist bij het online platform Mediapart: 'Door de vele aanslagen in Frankrijk is de samenleving verhard. Voor veel mensen zijn het migratieprobleem en terrorisme nu één pot nat.'  Beeld Franky Verdickt
Concertzaal Bataclan. Matthieu Suc, journalist bij het online platform Mediapart: 'Door de vele aanslagen in Frankrijk is de samenleving verhard. Voor veel mensen zijn het migratieprobleem en terrorisme nu één pot nat.'Beeld Franky Verdickt

Als we voor de gesloten deuren staan – de zaal gaat op 21 september open voor het nieuwe seizoen – volgen we de ronde gedenkplaatjes op de stoep en de straat. ‘Bataclan 13 novembre 2015’ staat erop. De ijzeren plaatjes brengen ons tot het parkje aan de overkant. Na wat zoeken vinden we de gedenksteen; een wat triestige marmeren plaat met de namen van de 90 slachtoffers, een beetje weggemoffeld in een armetierig parkje waar de daklozen hun wel en wee wegspoelen met de lokale variant van Cara Pils. Vanaf de straat is de gedenksteen nauwelijks te zien.

Marionet

In de Passage Saint-Pierre Amelot staan we voor de nooduitgang van de Bataclan. Voor de deur heeft een dakloze zijn intrek genomen, met een heus bed, netjes opgemaakt. Tegen dat het nieuwe concertseizoen begint, zal hij ongetwijfeld moeten opkrassen.

De beelden van de ontsnappingspogingen van de radeloze concertbezoekers in de smalle straat gingen destijds de wereld rond. Journalist Daniel Psenny filmde de chaos en paniek vanuit zijn appartement. Tot hij een gewonde man op straat zag liggen. Psenny kon niet werkloos blijven toekijken en haastte zich naar buiten om de man te helpen. Tijdens zijn reddingspoging werd hij zelf in de arm geschoten. Maar het lukte hem om Matthew, de Amerikaan die zich voor dood had gehouden en zichzelf intussen langzaam naar de uitgang had gesleept, van de straat te halen en in veiligheid te brengen. “Daniel Psenny is verhuisd”, weet een buurvrouw ons te vertellen. Geen idee waar naartoe, klinkt het.

Naar Boedapest, zo blijkt als we Psenny later aan de telefoon krijgen. Sinds twee jaar is hij met pensioen en werkt hij niet meer voor de krant Le Monde: “Door te verhuizen heb ik de bladzijde van de gebeurtenis in de Bataclan eindelijk kunnen omslaan. Ik ben een geboren Parijzenaar maar mijn vrouw is Hongaarse. Het werd tijd voor een ander leven.”

Enkele sobere gedenktekens in een parkje bij Le Bataclan herinneren aan het drama van treize novembre. Beeld Franky Verdickt
Enkele sobere gedenktekens in een parkje bij Le Bataclan herinneren aan het drama van treize novembre.Beeld Franky Verdickt

Door het schot in zijn linkerarm is zijn hand nog altijd half verlamd, klinkt het. “Gitaar spelen lukt me niet meer. Maar dat is niets vergeleken met wat anderen hebben meegemaakt. Ik leef nog en ik heb iemand kunnen redden, ik heb veel om dankbaar voor te zijn.” Hij vertelt hoe hij Matthew de Amerikaan meesleurde tot bij zijn buren en hoe ze uren hebben gewacht op hulp. “Wij waren niet de zwaarst gewonden. Matthew was in zijn been geraakt, ik in mijn arm. De kogel was er recht doorgegaan en in de muur terechtgekomen. Ik heb veel bloed verloren die avond. Pas ver na middernacht konden we naar het ziekenhuis. Maar we hebben het gered, allebei.”

De twee horen elkaar nog regelmatig, zegt de voormalige journalist. “Wat we hebben meegemaakt, schept een band voor het leven.”

Ook Psenny heeft zich burgerlijke partij gesteld tijdens het komende proces. “Iedereen krijgt de kans om zijn verhaal te doen. Ik hoop dat we de waarheid te weten komen, wat die ook mag zijn. Ik hoop ook dat Salah Abdeslam zal luisteren, maar dat zal een ijdele hoop zijn, vrees ik. Waarschijnlijk sluit hij zich compleet af. Hij heeft tot nu toe twee woorden gezegd tegen zijn advocaten, veel kunnen we niet verwachten van die nietsnut.”

Een zielig geval. Zo denkt de oud-journalist over Abdeslam. “Hij was slechts een pion, een marionet die zichzelf niet durfde op te offeren, de lafaard. Haten doe ik hem niet, dat is te veel emotie voor zo’n sukkel. Salah Abdeslam is geen enkele emotie waard.”

Een van de verdachten op het Franse proces is Ali El Haddad Asufi, die ook een rol zou hebben gespeeld in de Brusselse aanslagen. In 2019 werd hij aan Frankrijk uitgeleverd. Hij wordt verdacht van het leveren van logistieke steun aan de terroristen, onder andere het zoeken naar huurpanden en de levering van wapens. In ons land kreeg hij elektronisch toezicht maar bleef hij toch achter de tralies omdat Frankrijk een Europees aanhoudingsbevel tegen hem had uitgevaardigd. Asufi’s advocaat klaagde de verlenging van zijn voorlopige hechtenis aan bij het Hof van Cassatie maar dat mocht niet baten, de man werd niet vrijgelaten. “We gaan pleiten voor zijn vrijspraak”, zegt advocaat Jonathan De Taye uit Brussel aan de telefoon. “In België was de bewijsvoering tegen hem weerlegbaar, daarom gaan we nu voor volledige vrijspraak.” Zelf ontkent Asufi alle feiten.

Veerkracht

Het Franse proces van de eeuw zal de komende maanden heel wat emoties doen oplaaien. Frankrijk heeft sinds 2015 zwaar te lijden gehad onder verschillende aanslagen. De meest recente dateert van 23 april dit jaar toen de 21-jarige Tunesiër Brahim A. bij een mesaanval drie mensen doodde in de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek in Nice. Hij werd doodgeschoten door de politie.

“De aanslagen van 2015 waren een heel traumatische ervaring maar de Franse samenleving heeft op een opmerkelijke manier blijk gegeven van haar veerkracht en weerstandsvermogen”, zegt Alain Bauer, professor criminologie aan het Conservatoire National des Arts et Métiers en co-auteur van het boek Comment vivre au temps du terrorisme. “De aanslagen zitten inmiddels wat verder weg in ons collectieve geheugen maar we herinneren ons nog wel heel scherp het plotse besef van kwetsbaarheid dat ze veroorzaakten.”

Op het terras van Le Petit Cambodge. Professor criminologie Alain Bauer: 'Het risico is groot dat het proces veeleer uitgroeit tot een propagandaforum voor zowel terroristen als islamofoben.' Beeld Franky Verdickt
Op het terras van Le Petit Cambodge. Professor criminologie Alain Bauer: 'Het risico is groot dat het proces veeleer uitgroeit tot een propagandaforum voor zowel terroristen als islamofoben.'Beeld Franky Verdickt

De aanslagen betekenden ook het einde van een periode van zorgeloosheid die sinds de val van de Muur van Berlijn in 1989 was ontstaan, stelt de criminoloog. “Na een periode van opluchting is een gewelddadige en chaotische tijd aangebroken. Het gaat om een diep trauma dat te weinig tijd en aandacht krijgt in een samenleving die haar weg zoekt tussen gele hesjes, de pandemie en een algemene vertrouwenscrisis.”

Bauer spreekt overigens niet van het proces van de eeuw. “Omdat de meeste protagonisten afwezig zullen zijn. Alleen Abdeslam is in staat opheldering te geven. Al gaat het in zijn geval om een mislukte aanslag omdat hij zichzelf niet opblies.”

Voor het overige is alles over de aanslagen al bekend, denkt de criminoloog. “Het risico is groot dat het proces veeleer uitgroeit tot een propagandaforum voor zowel terroristen als islamofoben dan dat het een gelegenheid wordt waar de waarheid naar boven komt en de nabestaanden kunnen rouwen.”

Matthieu Suc, journalist bij het onlineplatform Mediapart en auteur van Les espions de la terreur is het daar mee eens: “De slachtoffers verwachten enerzijds dat de daders berecht worden en dat ze antwoorden krijgen op hun vragen tijdens het proces. Anderzijds vrezen ze dat de rechtszaak gebruikt zal worden als propagandamiddel, onder andere voor de stigmatisering van moslims en vluchtelingen. Door de vele aanslagen in Frankrijk is de samenleving verhard. Nu het debat over Afghanistan volop woedt, merk je dat veel mensen weinig onderscheid maken tussen het migratieprobleem en terrorisme. Voor hen is dat één pot nat.”

Suc noemt de rechtszaal wél het proces van de eeuw: “Het proces rond de aanslag op Charlie Hebdo (op 7 januari 2015, red.) was heel emotioneel maar vanuit juridisch oogpunt was het een frustrerende zaak omdat alle hoofdrolspelers dood waren. Op het komende proces zal dat anders zijn. Naast Salah Abdeslam zullen ook andere hoofdrolspelers aanwezig zijn. Zoals Mohamed Abrini en Mohammed Bakkali.”

Abrini kennen we als de ‘man met het hoedje’ van de Brusselse aanslagen, Bakkali staat terecht voor logistieke steun aan de daders van de aanslagen in Parijs. Later staat hij in Brussel terecht omdat hij van dezelfde feiten wordt verdacht met betrekking op de aanslagen op de luchthaven van Zaventem en in Maalbeek.

Ook Suc denkt niet dat er nieuwe onthullingen zullen worden gedaan op het proces. In tegenstelling tot de gaten in het onderzoek naar de aanslag op het satirisch tijdschrift Charlie Hebdo, heeft de politie de aanslagen van 13 november 2015 bijna van minuut tot minuut kunnen reconstrueren, zegt de onderzoeksjournalist. “Verrassingen zullen uitblijven. Maar als je het breder bekijkt, is het een belangrijk proces dat de geschiedenisboeken zal ingaan.”

Bladzijde omslaan

Ons hotel bevindt zich pal tegenover brasserie La Belle Équipe. Als we de volgende morgen koffie bestellen op het terras komt een van de medewerkers naar ons tafeltje. Hij heet Nicholas maar iedereen noemt hem Bart, zegt hij. Bart op zijn Nederlands, klinkt het lachend. De 32-jarige horecaman wil zijn verhaal vertellen. “Ik heb zes jaar lang nooit tegen de media gesproken. Maar nu mag het weleens. Ik heb intussen veel verwerkt, ik ben eraan toe.”

Bart stond binnen in de brasserie met zijn rug naar het terras toen de terroristen toesloegen. “Ik dacht dat het vuurwerk was. Toen ik me omdraaide en de ravage zag, ben ik naar de bar gerend en heb me verscholen. Ik voelde de hitte van de kogels langs mijn nek gaan, ik heb enorm veel geluk gehad dat ik niet geraakt werd.”

Bart , mede-eigenaar van Le Belle Equipe. Hij was aanwezig die nacht en heeft een vriendin verloren. 'Ik voelde hitte van de kogels langs mijn nek gaan. Ik heb enorm veel geluk gehad dat ik niet geraakt werd.' Beeld Franky Verdickt
Bart , mede-eigenaar van Le Belle Equipe. Hij was aanwezig die nacht en heeft een vriendin verloren. 'Ik voelde hitte van de kogels langs mijn nek gaan. Ik heb enorm veel geluk gehad dat ik niet geraakt werd.'Beeld Franky Verdickt

Bart dacht dat de terroristen nog altijd binnen waren toen het geratel van de machinegeweren stopte. Hij rende naar de keuken, klom over een muur op de binnenplaats en klopte aan bij een buurvrouw. Pas toen het hem echt duidelijk was dat de schutters waren vertrokken, ging hij terug naar La Belle Équipe: “Ik zal nooit vergeten wat ik daar zag. Al die lichamen, al dat bloed. Hodda, de vrouw die het feestje gaf en een goeie vriendin, lag middenin een plas bloed. Ze lag er zo mooi bij, helemaal onbeschadigd. Ik snapte niet waar al dat bloed rond haar vandaan kwam. Tot ik begreep dat ze een kogel dwars door haar hoofd had gekregen. Door haar lange bos haar was het gat niet direct te zien. Ze overleefde het niet.”

Hij bleef maandenlang thuis, zegt hij. “Na de eerste weken verdween de aandacht rond de aanslagen. Toen begon de stilte en kwam de pijn. Ik verbrak mijn relatie, ging elke avond tot een gat in de nacht uit, ik dronk en gebruikte drugs. Alles om er niet aan te hoeven denken.” Tot hij op een dag besloot dat het genoeg was. Bart stapte naar de psycholoog en zocht opnieuw contact met zijn vrienden. “Uiteindelijk ben ik teruggegaan naar de brasserie. Ik vond dat ik mijn angsten de baas moest worden. Zoals we hier zeggen: ‘als je van je paard valt, moet je er terug op kruipen.’

Op weg in de metro kreeg hij het steeds moeilijker. “Ik stond te trillen op mijn benen toen ik uitstapte. Op het moment dat ik de straat van La Belle Équipe wilde inslaan, ben ik ingestort. Ik huilde als een klein kind, ik kon niet stoppen. Een kennis zag me staan en heeft me opgevangen. Hij pakte me vast en zei dat ik me moest vermannen, dat het wel zou lukken. Dat hielp. Ik ben naar het terras gegaan en vanaf toen besloot ik opnieuw te gaan werken in de brasserie.”

Net als zijn baas heeft ook Bart zich burgerlijke partij gesteld, al gelooft ook hij niet dat Salah Abdeslam iets zal loslaten op het proces. “Maar als zijn straf wordt uitgesproken en ook zijn handlangers hun verdict te horen krijgen, hoop ik het eindelijk achter me te kunnen laten. Veel slachtoffers zijn nog altijd woedend op de daders. Voor hen zal het proces een manier zijn om een deel van die woede te kunnen ventileren, om hun angsten en verdriet toch op zijn minst ietwat te kunnen plaatsen. Ook ik voel dat zo. Als het voorbij is, kunnen we eindelijk de bladzijde omslaan en verdergaan met ons leven.”

Op maandag 6/9 in de krant: aflevering 1 van een 3-delige reconstructie van de aanslagen in Parijs.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234