Woensdag 25/11/2020

Tentoonstelling in het Paleis voor Schone Kunsten beschrijft geschiedenis turkije aan de hand van vrouwen

Vruchtbare moedergodinnen, stoere amazones, gelovige keizerinnen en mysterieuze sultanes drukten hun stempel op het huidige Turkije

Leeuwinnen van altaar, harem en haard

Net op het moment dat Turkije het jawoord krijgt van de Europese Commissie, start in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten het grote Turkije-festival. Centraal staat de tentoonstelling Moeders, Godinnen en Sultanes, die de bezoeker meevoert van de prehistorie, via het Grieks-Romeinse en Byzantijnse Rijk naar de Ottomaanse overheersing. Negenduizend jaar beschaving, verteld aan de hand van vrouwen.

Brussel

Eigen berichtgeving

Ayfer Erkul

Toen de Hettitische koning Hattushili III de hand van Puduhepa kwam vragen aan haar vader stelde de bevallige maagd haar eisen. "We zullen samen regeren", verklaarde ze resoluut. "Op muntstukken zal jouw afbeelding aan de ene kant staan en de mijne aan de andere. Alle staatsbeslissingen zullen ons beider handtekening dragen. Ik krijg de verantwoordelijkheid over het paleisbeleid en de provinciale besturen."

Het was te nemen of te laten voor koning Hattushili. De man, dodelijk verliefd, knikte ja. Puduhepa verhuisde van Zuid- naar Noord-Anatolië en bestuurde samen met haar man het Hettitische koninkrijk, dat toen, in de dertiende eeuw voor Christus, op zijn hoogtepunt was.

Puduhepa was niet machtsgeil. Althans, dat blijkt niet echt uit de overblijfselen van die periode. Voor haar was het doodnormaal dat vrouwen net zoals mannen actief waren in de politiek en op alle andere terreinen. Puduhepa, met andere woorden, was een feministe avant la lettre.

De Hettitische koningin is maar een van de sterke Anatolische vrouwen die centraal staan in de tentoonstelling Moeders, Godinnen en Sultanes, Vrouwen in Turkije van de prehistorie tot het einde van het Ottomaanse Rijk in het Paleis voor Schone Kunsten. De expositie beschrijft, aan de hand van vrouwen, de beschavingen die de afgelopen negenduizend jaar het huidige Turkije hebben gevormd. We zien de wulps gevormde moedergodinnen die aanbeden werden in de prehistorie, hoogopgeleide dichteressen en stoere amazones die hun stempel drukten op de Grieks-Romeinse tijd, de maagd Maria die werd vereerd in het Byzantijnse Rijk en mysterieuze sultanes en haremvrouwen in het Ottomaanse Rijk.

Onder de 350 stukken die het PSK kon bemachtigen, zijn een aantal echte pareltjes uit het befaamde Topkapi Paleis in Istanbul. Maar ook het Louvre in Parijs, het Kunsthistorisches Museum in Wenen, Berlijnse en andere Turkse musea waren bereid unieke kunstwerken af te staan. De tentoonstelling is chronologisch, maar niet op de klassieke manier. Negenduizend jaar worden in vier grote tijdsvakken verdeeld en elk met hun bekende en minder bekende vrouwen uit de doeken gedaan.

Het begon allemaal heel gunstig voor de vrouw in het prehistorische Anatolië, zien we in het PSK. De bevruchtende rol van de man was onbekend. Baby's, dacht men, waren het gevolg van een goddelijke ingreep. Vrouwen werden verafgood, vereerd, in de watten gelegd. De vrouw speelde zowel in de religie als in het alledaags leven een centrale rol. De beeldjes uit die periode tonen vrouwen met overdreven grote voortplantingsorganen. Grote borsten, brede heupen, zelfs een beeld van een barende godin.

Koningin Puduhepa was als feministe een kind van haar tijd. Ook de Hettieten, die vooral in het noorden van Anatolië woonden, hadden een opvallend grote eerbied voor de rechten van de vrouw. Die 'progressieve' maatschappijstructuur blijkt uit heel hun beschaving, die duurde van de zeventiende tot de twaalfde eeuw voor Christus. De Hettitische cultuur, die relatief onbekend is omdat ze pas heel laat werd ontdekt, was op haar hoogtepunt een even belangrijke politieke macht als pakweg Babylonië. Farao Ramses II van Egypte sprak koning Puduhepa zelfs aan met 'mijn zuster' en 'mijn verwante'. Dat blijkt uit een kleitablet, beschreven in het Akkadisch.

Als in het Anatolië van de vierde en derde eeuw voor Christus de eerste stadstaten ontstaan, krijgt de man het steeds meer voor het zeggen. De matriarchale maatschappij wordt patriarchaal en zal dat in de loop van de eeuwen hoofdzakelijk blijven.

Het traject van het PSK leidt verder naar de Grieks-Romeinse periode, waarin godinnen als Artemis en Afrodite ronddartelen en dichteres Sappho in de zevende eeuw voor Christus een meisjesschool opricht op het eiland Lesbos. In erotisch-romantische gedichten bezingt ze haar liefde voor haar leerlingen.

Uit het stuk marmeren torso, gevonden in het noorden van Turkije, blijkt dat de amazone als krijgster lang niet zo mythisch is als velen denken. Amazones waren een ras van krijgsvrouwen dat vermoedelijk aan de Zwarte Zee, rond het huidige Samsun, leefde en werd geregeerd door een koningin. Mannen waren slaaf of dienaar en enkel nuttig om de voortzetting van het ras te verzekeren. Werd er dan een meisje geboren, dan was het feest. Jongens werden gedood, verminkt of 'opgeleid' tot slaaf. De amazones lieten zich als krijgsvrouw vooral opmerken door Troje ter hulp te schieten indien nodig. Troje, in het noordwesten van Turkije, werd onsterfelijk gemaakt door de Ilias van Homeros, waarvan het PSK een fragment laat zien.

Terwijl de vrouw in het hellenistische Anatolië nog redelijk wat rechten had, werd ze in de Romeinse tijd volledige onderworpen aan de man. Of het nu de vader is of later de echtgenoot. Een vrouw, zo luidde het bij de Romeinen, kon niet tot een gefundeerde conclusie komen en stond op hetzelfde niveau als lichamelijk gehandicapten.

Dat verandert een beetje na de ondergang van het Grieks-Romeinse rijk. In het Byzantijnse Rijk blijven vrouwen afhankelijk van de man, maar ze hadden meer rechten wat bezit en huwelijk betrof. Toch bleef kinderen baren hun belangrijkste taak. Wie als getrouwde vrouw geen kinderen kreeg, werd geminacht.

Interessant om te weten is dat in deze periode het 'sluieren' van vrouwen opgang maakte. Zo goed als heel de Byzantijnse periode door dragen vrouwen lange kleren met lange mouwen en zijn hoofd en schouders bedekt. Vrouwen die met onbedekt hoofd werden afgebeeld waren ofwel vroedvrouw, of danseressen of hadden geen gerespecteerde status.

Niets beter kon de brug slaan van de tentoonstelling naar het huidige Turkije. Hoofdbedekkingen voor vrouwen zijn na het Byzantijnse Rijk nooit meer verdwenen. Later, in het islamitische Ottomaanse Rijk, werden het zelfs sluiers, al dan niet doorschijnend. Nu loopt 60 procent van de vrouwen in Turkije rond met de een of andere hoofddoek op. Nochtans had Atatürk, de stichter van de Turkse republiek, in de jaren twintig zijn best gedaan om vrouwen te overtuigen de hoofddoek af te zweren. Een revolutie die maar heel beperkt gelukt is.

Eén vrouw staat in het Byzantijnse Anatolië boven de anderen: Maria, wel nog maagd, maar getrouwd én met kind. Maria is een van de meest geportretteerde vrouwen uit die tijd. Ze is voor de Byzantijnen een sterke vrouw met beschermende krachten en had de bijnaam Meter Theou (moeder van god), Theotokos (zij die God baarde) en Heilige Maagd. Op de tentoongestelde iconen is Maria vooral iemand van vlees en bloed die rust uitstraalt.

De Byzantijnse overheersing van Anatolië liet prachtige kunstwerken en juwelen achter, zo blijkt uit de tentoonstelling. Maar in schittering verzinken die in het niet bij de pracht en praal van het Ottomaanse Rijk. Alles is uitbundiger, ronder, kleurrijker. Kunstige handspiegels zijn van goud, jade en robijn. Sultane-jurken zijn van zijde, geborduurd met gouddraad of bestempeld met bladzilver. Lieflijke miniaturen zijn uit goud en aquarel op papier.

Dit is het deel van de tentoonstelling waarin je ziet hoe een vrouw tot leven komt in een harem, koffie serveert in een huiskamer of een wandeling maakt aan de Gouden Hoorn. Ottomaanse vrouwen hadden rechten die werden bepaald door de sharia, de islamitische wetgeving. Ze had bijvoorbeeld het recht om te scheiden en kon als getuige voor een rechtbank worden geroepen. Maar tegelijk was volgens die sharia ook bepaald dat haar getuigenis maar de helft waard was dan die van een man. Vrijheid was afhankelijk van haar burgerlijke status: was ze getrouwd en had ze kinderen gebaard, dan kon ze zich meer veroorloven. Ook oude vrouwen hadden veel meer te zeggen. Niet enkel in harems werden vrouwen gescheiden in aparte kamers. Ook in gewone huizen was er een vrouwenvertrek en hadden vrouwen weinig bewegingsvrijheid. Als ze op straat kwam, moest dat gesluierd gebeuren.

Vrouwen waren in de bijna vijf eeuwen van Ottomaanse overheersing nooit gelijk aan mannen. Wat de zestiende eeuwse dichteres Mihri Hatun ooit eens wanhopig deed uitroepen: "Een intelligente vrouw is meer waard dan duizend hersenloze mannen." Woorden die begin twintigste eeuw werden overgenomen door volksdichteres Naciye Baci: "Heeft de Almachtige ons niet eveneens geschapen? Is een vrouwelijke leeuw niet eveneens een leeuw?"

Opvallend duidelijk in de tentoonstelling is hoe de Ottomaanse vrouw vanaf de helft van de negentiende eeuw steeds meer begint te lijken op de westerse vrouw. Dat was geen toeval: sultan Abdülmecid I voerde halverwege de negentiende eeuw de Tanzimat in, waardoor intensieve hervormingen werden doorgevoerd om de band met het Westen aan te halen. Je ziet die veranderingen portret na portret op het gebied van kleding. Sluiers worden doorzichtiger, jurken minder oosters. Een van de laatste beelden is een bruidsfoto van Adile Sultan, de zus van sultan Abdülaziz, uit het jaar 1917, enkele jaren voordat Atatürk aan de macht komt. Het trouwkleed en de bruidssluier zouden door om het even welke westerse vrouw gedragen kunnen worden. Maar Adile is lid van de sultanfamilie en daarmee geen westerse vrouw. Uit die ene foto blijkt wat de opzet van de tentoonstelling Moeders, Godinnen en Sultanes is: het huidige Turkije is ontstaan uit een opeenvolging van grote beschavingen die ieder hun stempel hebben achtergelaten en van de Turkse cultuur iets unieks maken.

Moeders, Godinnen en Sultanes, Vrouwen in Turkije van de prehistorie tot het einde van het Ottomaanse Rijk loopt nog tot 16 januari 2005 in het Paleis voor Schone Kunsten, van dinsdag tot zondag van 10 tot 18 uur, donderdag tot 21 uur, maandag op afspraak, gesloten op 25 december en 1 januari. Info: www.bozar.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234