Dinsdag 12/11/2019

Temptation Island avant la lettre

KUNST. Nee, Jheronimus Bosch was geen visionair. Vijfhonderd jaar na zijn dood wordt duidelijk dat hij een man van zijn tijd was. En iedereen kon zich vinden in zijn kunst.

Gek, hoeveel geschreven kan worden over iemand over wie amper iets bekend is. De naam Jheronimus Bosch komt een paar keer terug in het stadsarchief van 's-Hertogenbosch, maar dat is het zowat: geen brieven, dagboeken, portretten. Niet alleen is er weinig over zijn leven bekend, er zijn ook maar zo'n 25 schilderijen overgeleverd. Een beetje mysterie is natuurlijk altijd goed om de legende te voeden.

De schilder van nachtmerrieachtige visioenen was lang iemand op wie Jan en alleman naar believen zijn denkbeelden kon projecteren. Bosch was een ketter, een genie, een visionair, een naaktloper, een alchemist. De surrealisten zagen in hem een voorloper. Sommige onderzoekers beweerden dat hij aan de drugs zat. Voor anderen was hij dan weer een schilderende rederijker wiens schilderijen op doek vertaalde spreekwoorden waren.

Stilaan is het beeld dat we van hem hebben scherper gesteld. Bosch was wellicht een goed geïntegreerd en vooraanstaand lid van zijn gemeenschap, een beetje een beroemdheid zelfs. Dat hij een man van zijn tijd was, is interessanter en vertelt ons meer dan als hij een alleenstaand genie zou zijn geweest.

Bosch moet geboren zijn rond 1450 in 's-Hertogenbosch. Grootvader, vader en de meesten van zijn broers schilderden. De familie had het goed. Ze woonden dan ook aan de grote markt, zowat het centrum van het leven in die tijd, waar de wekelijkse markten plaatsvonden. In de vroege ochtend gingen de stadspoorten open en kwamen de boeren binnen met hun houten karren vol kazen, groenten en fruit, kippen en konijnen, gevolgd door de vogelvangers met hun manden vol vogels. Het moet daar elke week een bont gezelschap geweest zijn, zoals we dat terugvinden op zijn doeken.

Fabriekje

De middeleeuwen worden vaak geduid als een donkere tijd, zeker in vergelijking met de daaropvolgende renaissance, maar dat is grotendeels ten onrechte. Bosch' leefwereld had veel meer gemeen met onze huidige maatschappij dan we zouden verwachten, en zijn manier van werken roept parallellen op met de werkwijze van een Jan Fabre of een Luc Tuymans.

Bosch was geen op een zolderkamer schilderende eenzaat of visionair. Hij had een goed georganiseerd atelier met veel assistenten. Het was een geolied fabriekje, waarin iedereen zijn specialiteit had. Er werden kwasten gemaakt, pigmenten bereid, lijm gekookt. Je kon in die tijd niet naar de winkel voor tubes verf. De verf voor de doeken werd ter plaatse gemaakt, vaak zelfs op basis van de aarde zelf die afgebeeld zou worden als landschap. Het huis moet voortdurend vol gehangen hebben met wellicht niet al te gezonde dampen.

Bij zo'n atelier met veel medewerkers en schilderende familieleden is het onmogelijk om te achterhalen welke penseelstreek van Bosch is en welke niet, welke voorstudie van hem is of van een ander, en welk motief hij heeft uitgevonden of geleend. We doen er dan ook beter aan Bosch als merk, als signatuur, als groep schilderijen te zien, dan letterlijk als één persoon of één kunstenaar die alles eigenhandig heeft gemaakt.

Ook wát Bosch heeft geschilderd, moeten we plaatsen in zijn context, eerder dan het te beschouwen als door één man bedacht. Schilders legden in die tijd een verzameling motieven aan, die ze in steeds andere combinaties inzetten. De motieven werden vaak gehaald van bladen en voorbeelden die in omloop waren, met tekeningen naar bekende ontwerpen en schilderijen. Ware originaliteit bestaat niet. Ook toen al niet.

Theaterstaat

Elke schilder had natuurlijk zijn specialiteiten. Bosch stond (en staat nog altijd) vooral bekend om zijn fantasierijke schepsels: de mengwezens, kopvoeters, fabeldieren. Bosch was de 'duivelmaker', zoals hij door een latere bewonderaar genoemd werd.

Maar ook die kenmerkende wezens heeft hij niet uitgevonden. Er bestond een rijke traditie van drolerie, een soort droedels eigenlijk, lage vormen van kunst die opdoken in de marges van teksten. Ze dienden als illustratie en ook als geheugensteuntje voor de lezer. Het waren samengestelde, memorabele beelden om bepaalde concepten vast te houden, erg verwant met de geheugentechnieken die je in veel moderne zelfhulpboeken over geheugentraining kunt vinden. Bosch was wel een van de eersten om dit soort motieven te gebruiken op grote doeken.

En om de mythe van de visionaire kunstenaar in de romantische zin helemaal te ontkrachten: veel van het ontwerp van een doek kwam tot stand in samenspraak met de opdrachtgever. Die koos doorgaans het onderwerp en vaak zelfs een deel van de motieven die te zien moesten zijn. In die zin zijn Bosch' schilderijen een perfecte weerspiegeling van wat de mensen, en dan vooral de elite, wilden zien en vertellen ze ons veel over de tijdgeest.

De late middeleeuwen waren een fascinerende tijd. 's-Hertogenbosch maakte deel uit van het hertogdom Bourgondië, waartoe ook Antwerpen, Brussel en Leuven behoorden. 'Bourgondisch' staat voor ons nog altijd voor het goede leven, weelde en overdaad, en dat is begrijpelijk. De Bourgondische staat was een theaterstaat, met veel aandacht voor spektakel en vertoon, net zoals het Versailles van Lodewijk XIV dat later zou zijn.

Zo waren er de blijde inkomsten, evenementen waaraan iedereen in de stad moest deelnemen. De straten werden versierd met tapijten, die de burgers uit hun ramen moesten hangen. Er werden triomfbogen gebouwd, decors voor toneelspelen gemaakt, tableaux vivants opgesteld. In Brugge spoot zelfs eens wijn uit de fonteinen. Een blijde inkomst was een werktuig in de handen van de machthebbers, als vertoon van macht, maar ook om de orde te vestigen, om iedereen zijn gepaste rol in het geheel toe te bedelen en natuurlijk ook als vorm van propaganda. Er werd niet zomaar wat spektakel opgevoerd, er zat een agenda achter.

Ingenieus tapijt

Bosch had toegang tot de hoogste kringen dankzij zijn lidmaatschap van de Illustre Lieve Vrouwe Broederschap, een religieus genootschap zoals er meerdere waren in die tijd. Die genootschappen hadden de bedoeling gelovigen nauwer te betrekken bij de kerk, maar vormden vooral een goede gelegenheid voor schranspartijen en networking. Essentieel voor een schilder, vroeger net zo goed als nu.

Die elite hield zich vooral bezig met fun and games, zij het met een stichtelijke ondertoon. In het kasteel van Engelbrecht II, vermoedelijk een van de opdrachtgevers van Bosch en ook een lid van de Lieve Vrouwe Broederschap, stond bijvoorbeeld een bed waarin vijftig al dan niet beschonken mannen en vrouwen konden slapen of andere zaken uitspoken. Vanachter de muren errond konden de gebeurtenissen geobserveerd en besproken worden.

De heersers hadden vaak enorme versierde tuinen, pretparken avant la lettre, waarin houten robots, lachspiegels en opgezette aapjes een bont geheel vormden. De mannen en vrouwen in het gezelschap moesten zich een weg door de tuin banen, waarbij verborgen sproeiers de dames natspoten en de mannen werden bekogeld met vuil, veren en roet. Het was een rollercoaster-rit met een stichtelijke boodschap aan het slot. Dat ze nederig hadden te zijn in het aanschijn van God, of zoiets.

Zo gelezen geeft een van Bosch' bekendste en meest gereproduceerde schilderijen, de Tuin der lusten, een heel andere aanblik. Wat voor ons een bevreemdende, moeilijk leesbare wereld is, moet voor de mensen van zijn tijd heel herkenbaar geweest zijn. Voor hen, of althans voor zij die zich schilderijen konden veroorloven, was dit zoals naar Temptation Island kijken, onder het mom van een zedenles.

Bosch speelt een in die tijd erg geliefd spel, namelijk een zo ingenieus mogelijk tapijt van betekenissen weven, 'ter lering ende vermaek'. Hij verwijst tegelijkertijd naar de actualiteit van toen, naar zijn hooggeplaatste opdrachtgevers en naar de christelijke symboliek, die ons veel minder vertrouwd is, maar die toen duidelijk herkend en begrepen werd.

Het is soms hallucinant om te lezen hoe betekenisvol elk handgebaar, elke houding en elke plaatsing op het doek zijn. Niets op de doeken is wat het lijkt. Bosch' schilderijen waren spiegels die de mensen werden voorgehouden. En iedereen, hoe divers ook, kon zichzelf erin vinden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234