Maandag 18/01/2021

' Tegenwind krijgen is altijd beter'

Megahits. Gouden platen. Elke avond duizenden mensen voor het podium. Lange rijen met handtekeningenjagers. Het is doorgaans enkel voor grote internationale sterren weggelegd. Milow - uit Flanders, Belgium - is er zo een. Dat wordt duidelijk wanneer we hem vergezellen tijdens zijn Europese tournee die straks ook twee keer halt houdt in Brussel. 'Revanchisme blijft mijn belangrijkste drijfveer.'

aterdagmiddag in Stuttgart. Terwijl de tourbus van Milow de voorbije nacht van Kopenhagen naar hier is gereden, zijn fotograaf Alex Vanhee en ikzelf klokslag middernacht uit Heverlee met een tweede nightliner vertrokken. In Scandinavië vult Jonathan Vandenbroeck, zoals hij eigenlijk heet, voorlopig nog maar bescheiden zaaltjes van een paar honderd man, maar in Duitsland is hij de voorbije jaren uitgegroeid tot een echte ster. En dus wordt er bij dit deel van de tournee, net als in Nederland, Frankrijk en België nog een tandje bijgestoken, met een grotere productie, en dus ook extra mankracht om een handje toe te steken achter de schermen. De crew is al sinds vanmorgen vroeg bezig met het podium te bouwen en er wordt met kisten, koffers en instrumenten gesleurd alsof het sherpa's zijn die met heel hun hebben en houden de Himalaya beklimmen.

De tournee is vorige week in Parijs met een uitverkochte Olympia begonnen, heeft dan een ommetje via Scandinavië gemaakt en eindigt half december met twee concerten in Istanbul. In totaal goed voor bijna vijftig concerten in twaalf landen. Weinig Belgische acts hebben het hem op dit niveau voorgedaan. Het succes is opmerkelijk, maar nog opvallender is het feit dat Milow zijn huidige populariteit in belangrijke mate aan zichzelf heeft te danken. Hij schrijft zijn eigen nummers, is coproducer van zijn eigen platen, en dubbelt op de koop toe ook nog eens als platenbaas van zijn eigen Homerun Records. Dat de singer-songwriter ook de zakelijke kant onder controle heeft, heeft hem de voorbije jaren niet alleen bewonderaars, maar ook flink wat vijanden opgeleverd.

Vooral in Vlaanderen wordt vaak wat smalend gedaan over zijn status als internationale popster. We hebben het erover wanneer hij even later de cateringruimte binnenloopt. "Ik stel net als jij vast dat ik heel extreme reacties losweek, maar eerlijk gezegd: I don't get it. Pas op: ik kan me perfect inbeelden dat mensen me beu worden wanneer ze acht keer per dag mijn nieuwe single op de radio horen. Schakel dan over naar een andere zender. Of zet dat ding gewoon af. Misschien dat mijn bezetenheid, mijn drive mensen tegen de borst stuit. Dat zou kunnen. Alleen: die heb je nodig als je tot op dit niveau wilt geraken. Ik kan ook niet anders dan vaststellen dat die negativiteit vooral vanuit Vlaanderen komt overgewaaid. En ik kan vergelijken: Duitsland, Nederland, Frankrijk en Zwitserland zijn voor mij grotere markten dan België, dus logischerwijs zou je denken dat ik in die landen veel meer onder vuur lig. Maar het overgrote deel van de 'forumkakkers' komt uit Vlaanderen. Anoniem, uiteraard. Want niemand heeft het lef om me recht in mijn gezicht te zeggen waar het op staat. Tegelijk kan ik die kleinburgerlijke reacties perfect plaatsen. De meeste mensen die me de grond in boren hebben nog nooit een plaat van me gehoord en hebben me de laatste jaren ook niet live gezien.

Onbescheiden tournee

Vandaag stond in een Vlaamse krant dat ik op een onbescheiden manier op tournee ben, omdat mijn naam in grote letters op onze trucks staat. Dat is een typisch Vlaamse reactie. Eigenlijk zou ik moeten zeggen dat mijn succes er per ongeluk is gekomen; dat ik dit helemaal niet gewild heb. En dat ik me doodschaam omdat mijn naam zo groot op die vrachtwagens staat. "Ik heb ze nog proberen weg te wissen": dat zou in de smaak vallen in Vlaanderen. Vlamingen voelen heel erg de drang om je tot de orde te roepen als je wat populair begint te worden. Wel: fuck it. Natuurlijk zou ik met anonieme trucks kunnen rondrijden. Maar waarom zou ik dat doen? Ik heb er tien jaar keihard voor gewerkt."

En inderdaad: ook op tournee is Jonathan voortdurend met tien dingen tegelijk bezig. Hij controleert de foto's voor zijn website, tikt berichten in op Facebook, en regelt van alles en nog wat. Elke dag wordt er uitgebreid gesoundcheckt, en vandaag is bovendien de Amerikaanse zangeres Priscilla Ahn aangekomen. Ahn stond twee jaar geleden nog op Rock Werchter, maar haar nieuwe cd werd in België niet eens uitgebracht. Milow toerde onlangs in Amerika als haar supportact, en de volgende dagen zijn de rollen omgekeerd. De zangeres komt van Los Angeles en staat stijf van de jetlag, maar toch stelt Milow voor om tijdens het concert van vanavond samen al een duet te zingen, een nummer van The Beatles. Dat moet dus ook nog gerepeteerd worden. En niet veel later staan de twee in de gang de tekst en de akkoorden door te nemen. Maar ook als er geen gitaar in de buurt is zit hij niet lang stil.

Milow gelooft heel erg in communicatie met zijn publiek, en post om de paar uur een bericht op Facebook en Twitter. Op de koop toe heeft hij deze tournee Arnaut mee, een jongeman die een videodagboek bijhoudt en om de zoveel dagen een prachtig afgewerkt filmpje op Milows website zet, iets dat zowel voor de groep als het publiek een mooi aandenken blijkt. "Ik geloof heel erg in wederkerigheid", zegt Milow wanneer we even later wat zitten bij te praten. "Als je het publiek laat zien dat je echt alles geeft, krijg je daar ook wat voor terug. Ik zit niet alleen op Twitter als ik een nieuwe plaat te promoten heb. Ik haat het principe van bands die zich, net als politici vlak voor de verkiezingen, plots herinneren dat ze het publiek moeten soigneren als ze iets uitbrengen. Ik snap dat niet. Als je een muzikant bent, ben je dat elke dag van het jaar. Ik wil dat het supernijg is om fan te zijn van mijn muziek, dus wie daar interesse in heeft krijgt dagelijks foto's, video's of nieuws toegestuurd, zodat ze alles kunnen volgen.

"Iedereen klaagt steen en been over de muziekindustrie, maar tegelijkertijd stel ik vast dat veel muzikanten daar niks tegenover stellen. Ik leg gewoon aan mijn fans uit dat er misschien maar 36 minuten muziek op de cd staan, maar dat daar wel negen maanden heel hard aan gewerkt is. Of dat het logistiek niet altijd mogelijk is om volgende week in die stad of dat dorp te komen spelen."

Wie denkt dat een tournee als deze één groot feest is, met veel drank en drugs en blote vrouwen: think again. De dagen dat we met de band op tournee zijn, gedragen ze zich buitengewoon gedisciplineerd, en wordt er bovendien opvallend gezond gegeten. Zelfs de rokers zijn in de minderheid. Pas vlak voor het optreden wordt er in de kleedkamer een wijntje gedronken. Om wat los te komen. Maar ook daar blijven de excessen uit. In plaats daarvan gaat gitarist Tom Vanstiphout achter de piano zitten, drumt Laurens Smagghe de sofa murw, en zingen zowel Milow als de prettig gestoorde Britse zangeres Nina Babet hun stemmen warm. De 3.200 kaartjes voor de rustieke Beethoven Saal zijn allemaal de deur uit, en de verwachtingen zijn hooggespannen. De voorbije uren stond het publiek - heel divers, maar wel opvallend veel jonge meisjes - met die kenmerkende Duitse discipline in een rij van honderden meters lang geduldig te wachten voor de deuren opengingen. Nu het zover is stormen ze naar binnen om een zo goed mogelijk plekje op de eerste rij te kunnen bemachtigen.

Even groot als Jamie Cullum

In Vlaanderen zal Milow altijd Jonathan Vandenbroeck blijven, maar in Duitsland is hij een internationale ster van het kaliber Jamie Cullum of Bruno Mars. Van de vorige cd werden er liefst 350.000 verkocht. De nieuwe North and South, die eerder dit jaar verscheen, zit inmiddels ook al aan 150.000. Mooie cijfers, en tijdens het concert blijkt dat het publiek niet alleen 'Ayo Technology' en 'You Don't Know' kent, de twee singles waarmee hij hier drie jaar geleden doorbrak, maar misschien nog wel heftiger meezingt met het nieuwe werk. 'You And Me', 'Little in the Middle' en de kersverse single 'She Might She Might' worden opgepikt alsof ze al jaren meegaan, en de sfeer in de zaal is ronduit uitgelaten. Ook Milow zelf ontpopt zich als een gedreven frontman. Hij vertelt een hilarisch verhaal over Lady Gaga, duikt het publiek in, gunt ook de rest van de band een moment de gloire, en maakt zoals elke avond een foto van het publiek die meteen na het concert op de website wordt gepost. 'Two of Us', het duet met Priscilla Ahn, gaat een beetje de mist in omdat de zangeres haar tekst vergeet, maar de respons van het publiek is er niet minder om. Meteen na het concert signeert Milow in de hal ernaast, en het is een overrompeling. Er komt een veiligheidsagent aan te pas om de menigte in bedwang te houden. De meeste fans willen een handtekening of vragen of ze - iets tijdrovender - met hun held op de foto mogen. Een lesbisch koppel heeft een geboortekaartje mee van hun kersverse baby die ze Milow hebben genoemd. Een ander paar moet even kwijt dat ze onlangs 'You and Me' als openingsdans op hun huwelijk hebben gedraaid, maar de meesten willen hem gewoon even bedanken voor de fijne avond.

Milow zelf neemt ruim de tijd, en polst bij fans die al vaker zijn komen kijken wat ze ervan vonden, al spreken hun fonkelende ogen meestal boekdelen. "De meeste mensen bereiden van tevoren goed voor wat ze gaan zeggen. Die weten dat ze maar een half minuutje hebben, en daar willen ze zoveel mogelijk in kwijt. Eigenlijk is het simpel: de concertmarkt is de laatste jaren oververzadigd geraakt, en bands die vroeger maar één keer om de drie jaar kwamen, staan hier nu elke zes maanden.

"Ik moet dus niet alleen met de lokale maar ook met internationale sterren concurreren wier ticketprijzen vergelijkbaar zijn met de mijne. Dus ik wil mijn publiek wel een concert geven waar ze straks tijdens het kerstdiner nog over zullen praten. En wil ik ze na het optreden ook nog een aandenken geven. Door handtekeningen te geven, of te poseren voor een foto die ze achteraf misschien een paar weken als hun Facebookprofiel zullen gebruiken.

"Ik ben ook een muziekfan, heb vroeger ook posters en concerttickets van Pink Floyd aan de muur gehangen. Eerlijk gezegd: de reacties van het publiek maken me vooral heel nederig."

Milow signeert zowat alles wat hem onder de neus wordt geduwd: cd's, tickets, posters en T-shirts uiteraard, maar net zo goed servietten, mobiele telefoons, pakjes sigaretten, brillendozen, sleutelhangers, cd's van Priscilla Ahn, iPod's. Kortom: alles wat mensen in hun broekzak hebben zitten. En hij zet zijn krabbel met de glimlach. "Ik heb in het verleden ook wel eens borsten gesigneerd. Daar stond het lief van dat meisje dan gewoon op te kijken. Raar, maar ook dat hoort erbij. De verhalen van de mensen zijn natuurlijk het leukst. Ik hoop dat dat nooit went. Elk verhaal is anders."

Het is al na middernacht wanneer we de rest van de band vervoegen in de backstage. Op het salontafeltje staan aangebroken flessen wijn en champagne, en in de ijsbak drijven blikjes ijsgekoeld bier. De stereo spuwt reggaeversies van rock-'n-rollhits, en de sfeer zit erin. Maar niemand hoeft achteraf stomdronken de bus op te worden gehesen. Milow checkt nog even zijn Facebookpagina. Op de publieksfoto die hij gepost heeft, zijn inmiddels al vijfhonderd reacties binnengelopen. Milow is big, ook op het internet.

Geen party's onderweg

De rit in de nightliner gaat vannacht naar Frankfurt, maar voor we ons terugtrekken in onze bunks wordt nog even de balans van de dag opgemaakt. En in één moeite door: van het leven on the road. "De voorbije week is - ondanks acht concerten in elf dagen - tamelijk rustig geweest. Voor mezelf weet ik dat uitspattingen met drank of wat dan ook me nadien drie dagen stress opleveren, omdat ik bang ben dat mijn stem het zal begeven. Dat lesje heb ik inmiddels wel geleerd. Het komt erop aan de momenten om te feesten uit te kiezen, en verder de krachten goed te doseren. Ik heb bij andere muzikanten gemerkt dat ze de party's op tournee vaak iets te stevig omarmen. Terwijl ik altijd denk: we beginnen pas. Als je maar één keer per week optreedt kan je achteraf vijf dagen in de drank drijven. Maar als je, zoals wij nu, zes dagen per week speelt, is dat uitgesloten. Ik wil niet dat we een kutoptreden geven op tournee, en dan als excuus moeten gebruiken dat het in Frankfurt toch écht wel geweldig was. Nu, met een kater gitaar spelen kan misschien nog net. Maar bij ons staan de stemmen heel centraal en dat is om problemen vragen."

Slapen in een tourbus is een bijzondere ervaring. De bunks zijn verrassend ruim en comfortabel, en ook het gezoem van de motor heeft iets rustgevends. Het is niet alleen een kostenbesparende manier van reizen, maar ook een erg romantische. Er is een goed gevulde bar, een keukentje, een zithoek waar de band PlayStation-toernooitjes houdt, en vaste chauffeur Helmut zorgt ervoor dat alles kraaknet blijft. Je moet in je bed ook met de benen naar de chauffeur toe slapen, om geen hoofdletsels op te lopen als er bruusk geremd moet worden. Verder zijn er weinig regels op tournee.

Behalve, zoals Jonathan het de dag nadien bondig samenvat: "No kids, no wives, no girlfriends". Dit soort tournee is ook heel anders dan een optreden in België. "Dan komt iedereen pas aan om vier uur en heeft iedereen de dag voordien al zijn eigen leven gehad. Sommigen hebben een gezin, of kampen met een turbulente relatie. En dat brengen ze allemaal mee. Terwijl ik enkel denk aan de show, aan de muziek. "Op een tournee als deze staat elke dag in het teken van het concert. We zien iedereen de hele dag keihard werken: de crew, de catering, de mensen van de veiligheid. Iedereen die vandaag aan de slag was in de zaal, was daar voor ons. Allemaal met hetzelfde doel: de juiste omstandigheden creëren om ons 's avonds een zo goed mogelijk optreden te laten geven. Dat brengt - voor mij en de band - een enorme verantwoordelijkheid met zich mee."

De ochtend nadien worden we we wakker voor de Jahrhunderthalle, een enorm complex dat een onwaarschijnlijke geschiedenis heeft. Jimi Hendrix heeft hier gestaan. Maar ook Janis Joplin, The Doors, Fleetwood Mac, Oasis en Coldplay. "Het zou fantastisch zijn om op de volgende gedenkplaat tussen al die namen te staan", hoor ik Milow tegen Priscilla Ahn zeggen.

Zelf ontbijt ik met Brian Schwartz van Red Light Management, een Amerikaan met een indrukwekkende staat van dienst. Hij was tour accountant van Limp Bizkit ("echte varkens") op het toppunt van hun succes, behartigt nu de belangen van Henry Rollins, en werkt voor het managementbedrijf dat instaat voor ondermeer Alicia Keys en Ben Harper. Hij heeft in september Milow vergezeld tijdens diens Amerikaans tourneetje, en ziet ook daar kansen liggen. "In de Verenigde Staten is er alleszins vraag naar het soort muziek dat hij maakt. De kwaliteit van zijn songs spreekt voor zich, maar dat hij perfect Engels spreekt is ook een troef. Plus: hij wil er echt voor gaan, ziet er niet tegenop om desnoods met de auto door de States te rijden en elke avond in schurftige clubs met onvriendelijk personeel op te treden. Hij heeft wat je nodig hebt om het ginds te maken. Zopas zijn trouwens zowel 'Ayo Technology' als 'You Don't Know' er opgepikt door een belangrijk lokaal radiostation. Dat is al een belangrijke eerste stap. Alleen: doordat hij erop staat alle beslissingen zelf te nemen, ben ik niet écht zijn manager. Ik weet eigenlijk ook niet hoe ik mijn functie bij Milow moet omschrijven. Co-manager, misschien? Maar alleszins. Ik ben er vast van overtuigd dat hij het in Amerika even ver kan schoppen als in Europa."

Controlefreak

Dat Milow een controlefreak is, behoort intussen tot de gekende leerstof. "Uit noodzaak" , zo zegt hij zelf. "Toen ik begon, hoopte ik net als elke muzikant om bij een grote platenfirma te kunnen tekenen en met een team rondom mij te kunnen werken. Alleen is het anders uitgedraaid. Zes jaar geleden had ik er geen benul van hoe de muziekindustrie in elkaar zat. En geloof me: voor alles wat me sindsdien gelukt is, ben ik ook tien keer de mist in gegaan." Revanchisme is een woord dat regelmatig valt als je met Milow praat. Het is, zo blijkt, een drijfveer die hem tot vandaag gaande houdt. "Kijk: ik heb 'You Don't Know' destijds op de Rock Rally gespeeld. Elk label zat in de zaal, en niemand hoorde er een hit in. De weken nadien heb ik iedereen mails gestuurd, met wat recensies uit Humo en De Morgen erbij. Maar opnieuw: niemand gaf een kik. Zelfs de independents moesten me niet hebben.

"Ik heb jarenlang geteerd op al die keren nee: ik zal die motherfuckers wel eens bewijzen dat ik gelijk heb. Toen we de nieuwe plaat opnamen had ik dat ook. Ik heb twee hits gehad, maar nu denkt iedereen dat ik dat niet nog een keer kan. Zo laad ik me op. Alleen: op de duur nam die verbetenheid zodanige vormen aan dat ik me een beetje moest intomen. Ik denk dat ik mijn gelijk wel bewezen heb inmiddels. Ja, nu willen ze allemaal wel met me aan de tafel zitten, natuurlijk. Maar nu hoeft het voor mij ook niet meer.

"Je eerste cd in eigen beheer uitbrengen is honderd keer moeilijker dan de tweede. Conclusie? Tegenwind krijgen is altijd beter. In België worden de meeste bands meteen op een voetstuk geplaatst. Met als gevolg dat ze op de duur zelf beginnen te geloven dat ze geweldig en great zijn. Maar dat volstaat niet. Het moet briljant zijn. Ik heb zo veel Belgische bands gezien die het zogezegd allemaal zouden gaan maken in het buitenland, maar de meesten hebben hun zogenaamde potentieel niet ingelost. Waarom? Omdat ze te snel goed werden gevonden. Dat is mij nooit overkomen, en dat speelt in mijn voordeel, nu. Daarom ben ik ook ontzettend trots op deze tournee. Ik heb het letterlijk op mijn eigen merites gedaan."

De show in Frankfurt is na een kleine aanpassing in de set nog beter dan die in Stuttgart, en ook het duet met Ahn wordt dit keer tot een goed einde gebracht. Sjang Coenen, de man die het stereotype van de stille bassist op onnavolgbare wijze belichaamt, is vandaag jarig en krijgt applaus van het publiek. De rij handtekeningenjagers na de show neemt zo'n enorme afmetingen aan, dat er vandaag geen tijd is voor foto's. Maar ook nu praat hij uitgebreid na met de fans. Sommigen zien hem al voor de vierde keer, en hun enthousiasme wordt er niet minder om. Backstage is er taart om de onwennige Sjang te vieren, en Mario Mendrzycki, de Duitse promotor, heeft de beste Italiaan van de stad laten aanrukken voor een copieus buffet. Er wordt gespeecht, geklonken en gelachen. Even later raken Schwartz en Mendrzycki in een druk gesprek verwikkeld. "Ik wil Milow in arena's laten spelen", zegt de ene. "Ik denk dat we over een paar jaar aan stadions kunnen beginnen te denken", poneert de andere.

Spelen, spelen, spelen

Als ik het er de dag nadien - de eerste vrije dag sinds lang - met Milow zelf over heb tijdens een lunch in het stadscentrum van Frankfurt, blijkt hij dat zelf geen optie te vinden. "Af en toe moet ik hun enthousiasme een beetje afremmen. Ik ben mijn eigen baas, dus we zouden perfect minder kunnen spelen in grotere zalen. Maar het is gewoon te plezierig zo. Ik heb mijn verhaal stapsgewijs opgebouwd, en als je fases overslaat verlies je mensen. Ik wil gewoon veel spelen. Voortdurend blijven gaan. En de rest van de groep denkt er net zo over. De ploeg en de crew die ik nu heb zijn onwaarschijnlijk getalenteerd. Mensen die je moet verdienen. En de beste manier om die bij elkaar te houden is door veel op het podium te staan. Dus die arena's en die stadions, dat hoeft niet voor mij. Zo'n vrije dag is wel eens leuk, het is fijn om even in een hotelbed te kunnen slapen, maar uiteindelijk zit je achteraf toch vooral aan te modderen in de lobby. Ik wil spelen, spelen, spelen. Ik heb de voorbije jaren zoveel offers moeten brengen om te geraken waar ik vandaag sta. Dus nu komt het erop aan om van elk moment te genieten. Ik besef heel goed dat het morgen alweer gedaan kan zijn."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234