Zaterdag 11/07/2020

Tegen de klassengezondheidszorg

Als ik vandaag zie wat onze noorderburen aan gezondheidszorg aanbieden, dan weet ik welk systeem ik verkies

Guy Peeters

vindt dat De Maeseneer en Annemans enkel theoretisch een punt hebben

Het wordt een hele uitdaging. Enerzijds moeten we onze gezondheidszorg aanpassen aan de nieuwe medische technologie en aan de vergrijzing. Anderzijds moeten we waken over de betaalbaarheid en de toegankelijkheid van het systeem. Vraag is hoe we die twee doelstellingen met elkaar kunnen verzoenen. Een pasklaar antwoord heb ik niet, een uitgangspunt wel. Ik zeg 'ja' tegen een doelmatige gezondheidszorg, 'neen' tegen een theoretische gezondheidszorg.

In hun opiniestuk van zaterdag 3 februari riepen Jan De Maeseneer en Lieven Annemans op tot een maatschappelijk debat dat moet leiden tot keuzes in de gezondheidszorg. Ik schaar mij graag achter hun oproep, maar wil toch enkele kanttekeningen plaatsen bij de uitgangspunten van beide professoren. De Maeseneer en Annemans menen dat de keuzes gebaseerd moeten worden op concrete gezondheidsdoelstellingen. Het beleid en het budget moeten vervolgens op die doelstellingen afgestemd worden. Mogelijke doelstellingen kunnen zijn: het terugdringen van het aantal kankerdoden met 30 procent, of het verminderen met 25 procent van de vroegtijdige sterfte ten gevolge van hartziekte.

Op zich is het goed dat een maatschappij gezondheidsdoelstellingen naar voren schuift. Die kunnen als leidraad fungeren, en preventie en curatieve zorg beter op elkaar afstemmen. Ik pas evenwel voor het scenario waarin die doelstellingen als ultieme toetssteen voor het beleid en de budgetopmaak gebruikt - of is het misbruikt - worden.

Laat mij met enkele voorbeelden het gevaarlijke kantje van zulke scenario's illustreren. Het risico bestaat dat de gezondheidsdoelstellingen gekozen worden op basis van de 'meest voorkomende' of 'meest mediatieke' ziektes. Hart- en vaatziektes of kanker zullen ongetwijfeld veel aandacht krijgen. Terecht, maar is dat voldoende? Wat met andere, soms zeldzame ziektes? Wat met mensen die met meerdere ziektes kampen? Gezondheidsdoelstellingen zullen goed zijn voor sommige patiënten, maar leiden tot schrijnende situaties voor anderen.

Het gevaar bestaat bovendien dat de gezondheidsdoelstellingen subtiel afgestemd zullen worden op de wensen van de farma- of implantatenindustrie. Dergelijke doelstellingen geven deze bedrijven het ideale alibi om hun onderzoek te concentreren op potentieel winstgevende geneesmiddelen en hun inspanningen voor zeldzame ziektes op een laag pitje te zetten.

Een reëel gevaar situeert zich bovendien op het ethische vlak. Gezondheidsdoelstellingen, zoals een vermindering van hart- en bloedvatenaandoeningen beginnen bij een gezonde levenswijze. Dit houdt het risico in dat de bevolking wordt opgedeeld in de groep met een correcte levensstijl en een andere groep wier 'gezondheidsincivisme' de maatschappij doet opdraaien voor 'onverantwoorde' medische kosten. Zo'n opdeling kan de solidariteit binnen de ziekteverzekering zwaar op de proef stellen. Mijn visie is nog altijd dat wie ziek is recht heeft op medische verzorging, zonder dat eerst aan een hele waslijst voorwaarden voldaan moet zijn.

De aanpak van De Maeseneer en Annemans is lovenswaardig vanuit theoretisch oogpunt, maar doorstaat de praktijktoets niet. Gezondheidszorg is niet in een theoretisch keurslijf te stoppen. Gezondheid is het hoogste goed van de mensen: zij zien keuzes in de ziekteverzekering vaak zeer emotioneel. Zij wegen een gewonnen levensjaar niet af tegen de kosten van een medische behandeling. Zij zetten de voordelen van een nieuw kankergeneesmiddel niet tegenover de verdiensten van kunstmatige bevruchting. Een goed beleid veronderstelt dat je hierop inspeelt.

Bovendien, wat is er fout met de huidige doelstelling van ons gezondheidsbeleid? België gaat voor een toegankelijke, betaalbare en kwalitatieve gezondheidszorg en slaagt tot nog toe relatief goed in die opdracht. Iedereen heeft recht op een goede medische behandeling tegen aanvaardbare prijzen, zonder dat er van noemenswaardige wachtlijsten sprake is. Om die doelstelling te realiseren besteedt België ongeveer 9 procent van zijn rijkdom aan gezondheidszorg. Ter vergelijking: de Verenigde Staten hebben al 15 procent van hun bbp veil voor de ziekteverzekering, en dan nog hebben 40 miljoen mensen geen recht op medische verzorging.

In bepaalde academische kringen staat het goed denigrerend te doen over het ogenschijnlijk gebrek aan visie binnen onze federale ziekteverzekering. De theoretisch-wetenschappelijke aanpak van landen als bijvoorbeeld Nederland wordt dan vaak als model naar voren geschoven. Als ik vandaag het resultaat zie van onze pragmatische aanpak versus wat onze noorderburen hun bevolking aan gezondheidszorg aanbieden, dan weet ik welk systeem ik verkies. En met mij het leeuwendeel van de 6 miljoen andere Vlamingen, denk ik.

Wil dit zeggen dat ik voor het status-quo pleit? Neen. We weten allemaal dat de technologische vernieuwingen, de vergrijzing en ook de tanende bereidheid om belastingen te betalen de financiering van onze ziekteverzekering onder druk zet. In zo'n context is budgetbeheersing, alhoewel dat niet op zichzelf mag staan, belangrijk. De bomen groeien ook bij ons niet tot aan de hemel.

Willen we onze troeven niet kwijtspelen, dan zullen we niet enkel moeten streven naar een betaalbare, toegankelijke en kwalitatieve, maar ook naar een doelmatige gezondheidszorg. We zullen veel meer dan in het verleden oog moeten hebben voor de prijs-kwaliteit-resultaatverhouding. Overconsumptie, nutteloze behandelingen, een onredelijke prijszetting, ongerechtvaardigde prijsverschillen en therapeutische hardnekkigheid horen in dit verhaal niet thuis. Evenmin als volgend onthutsend cijfer: 60 procent van de medicijnen die tussen 1930 en 1960 door het Amerikaanse geneesmiddelenagentschap zijn geregistreerd blijkt achteraf niet effectief te zijn. We moeten er zeker van zijn dat we met de nieuwe peperdure geneesmiddelen, die tot 30.000 à 50.000 euro per behandeling zullen kosten, na enkele jaren niet tot dezelfde ontnuchterende vaststelling komen.

We hebben de jongste jaren al stappen gezet in de richting van meer doelmatigheid. Het Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg en het Intermutualistisch Agentschap leverden hiertoe belangrijke bijdragen. Blijft de vraag of we met een doelmatiger aanpak genoeg geld vrijmaken om alle innovaties terug te betalen. Ik wil het hopen, maar vrees ervoor. Vroeg of laat zullen we als maatschappij de keuze moeten maken hoeveel we aan een solidaire gezondheidszorg willen besteden. Ik ben vragende partij voor zo'n debat, maar dan wel als het gevoerd wordt met de juiste argumenten en vanuit de juiste uitgangspositie. We moeten dit debat organiseren met in ons achterhoofd de ambitie een toegankelijke, kwalitatieve, doelmatige en betaalbare gezondheidszorg te realiseren. We moeten deze discussie niet voeren vanuit theoretische bespiegelingen over gezondheidsdoelstellingen. Enkel met de eerste aanpak vermijden we dat de meerverdieners zich een betere medische verzorging kunnen veroorloven dan de minder begoeden onder ons. Met de tweede aanpak zullen we daar veel minder zeker van zijn.

Dr. Guy Peeters is algemeen secretaris van het Nationaal Verbond Socialistische Mutualiteiten.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234