Vrijdag 03/07/2020
Techniekfilosoof Mark Coeckelbergh: ‘Je ziet plots overal initiatieven opduiken die beloven hoe big data en artificiële intelligentie zullen helpen deze crisis op te lossen.’

InterviewMark Coeckelbergh

Techniekfilosoof: ‘Ik had niet verwacht dat we zo snel zouden afglijden naar totalitaire praktijken’

Techniekfilosoof Mark Coeckelbergh: ‘Je ziet plots overal initiatieven opduiken die beloven hoe big data en artificiële intelligentie zullen helpen deze crisis op te lossen.’Beeld Martin Jordan

Digitale technologie bepaalt sinds de corona-uitbraak ons leven meer dan ooit. Een ongekend sociaal experiment, volgens Mark Coeckelbergh. De techniekfilosoof waarschuwt: ‘Een crisis is het ideale moment om een optimistisch verhaal over technologie te verkopen.’

Google Hangouts? Skype? Of toch maar Zoom? Zou een technologiefilosoof bepaalde applicaties voor videogesprekken uit principe afwijzen? Zijn bepaalde apps ethisch meer of minder verantwoord dan anderen? En zal de keuze van de applicatie ons gesprek met Mark Coeckelbergh, professor aan de universiteit van Wenen, enigszins beïnvloeden? Uiteindelijk vertelt hij in een video-interview via Whereby hoe de coronamaatregelen ons met de neus op de digitale feiten drukken. 

“Deze crisis toont niet alleen hoe handig digitale technologie kan zijn, ze toont ons ook hoe afhankelijk we zijn van grote spelers zoals Microsoft, Google, Facebook en Amazon. Zelfs de keuze voor de app waarin je met elkaar spreekt, is bij wijze van spreken politiek.”

Coeckelbergh verdiept zich al jaren in de politieke en sociale impact van technologie in het algemeen en artificiële intelligentie in het bijzonder. De uitgeverij MIT Press, verbonden aan het prestigieuze Massachusetts Institute of Technology, nodigde de filosoof uit om zijn visie op ethiek in artificieel intelligente software te delen in haar prestigieuze serie Essential Knowledge. In dat boek beschrijft Coeckelbergh onder andere een vervelende paradox die de ontwikkeling van artificieel intelligente producten parten speelt.

“Artificiële intelligentie is vandaag al volop aanwezig in ons dagelijks leven. Denk aan de zoekmachine van Google, die in enkele seconden het internet doorzoekt om je de meest relevante zoekresultaten aan te bieden. Of aan Amazon, dat algoritmes gebruikt om te voorspellen wat we volgende week nodig zullen hebben. We gebruiken dit soort toepassingen zonder erbij stil te staan hoezeer zij ons leven bepalen.

“Aan de andere kant zie je geregeld tekenen van angst voor artificiële intelligentie. Die angst gaat meestal over een specifieke vorm van kunstmatige intelligentie: een computer die slimmer is dan de mens, waarover we geen controle meer hebben. De grondleggers van de term ‘artificiële intelligentie’ hebben daar zelf deels schuld aan. Wetenschappers en wiskundigen kwamen in 1955 samen aan de universiteit van Darthmouth om menselijke intelligentie na te bootsen. Die benadering heeft de deur opengezet voor sciencefiction om te fantaseren over denkende machines. Dat heeft de kijk van de publieke opinie op artificiële intelligentie stevig beïnvloed.”

Wat was volgens u de heersende de publieke opinie over artificiële intelligentie toen een virusuitbraak zoals we vandaag zien nog sciencefiction leek?

“Pakweg vijf tot tien jaar geleden was men daar helemaal niet mee bezig. Slimme computers waren voor de verre toekomst, daar moest niemand zich zorgen over maken. Zelfs toen steeds meer algoritmes in ons dagelijks leven opdoken, stelden we ons daar relatief weinig vragen over. Algoritmes en artificiële intelligentie maakten geen deel uit van het maatschappelijke debat.

“Dat debat raakte intussen stilaan op gang. De uitbraak van het coronavirus heeft het in een stroomversnelling gebracht. Je ziet plots overal initiatieven opduiken die beloven hoe big data en artificiële intelligentie zullen helpen deze crisis op te lossen. Dat is begrijpelijk. Tijdens een crisis is de neiging groot alle middelen in te zetten die ter beschikking zijn. En ik begrijp dat. We moeten naar de mogelijkheden van artificiële intelligentie kijken.”

Maar?

“We mogen ook niet verblind raken door de mogelijkheden. Bij technisch aangelegde mensen is er altijd een groot enthousiasme. Maar hoe gaan we in deze crisis om met fundamentele rechten van mensen? Wanneer beleidsmakers zich over een crisis buigen, ontstaat de verleiding een situatie te creëren waarin alles moet kunnen. Alles voor de goede zaak. Iedereen wil mensenlevens redden. 

“Als ik met een ethische bril naar deze crisis kijk, ben ik toch bezorgd. Er zijn – buiten het coronavirus – nog wel andere problemen in de wereld die mensenlevens kosten. In die zogenaamde normale omstandigheden houden we ons ethisch en politiek wel aan een aantal principes. Ik maak me erg zorgen over hoe makkelijk het is autoritaire oplossingen te introduceren in onze Europese samenleving. En dat gaat niet enkel over technologie. Het feit dat de politie burgers kan beboeten als ze met te veel mensen op een plek zijn: voor dat soort maatregelen moeten we heel waakzaam zijn.”

Techniekfilosoof Mark Coeckelbergh: ‘De coronacrisis is een kans om druk uit te oefenen op de technologiesector.’Beeld Martin Jordan

Terug naar die technologie. Kleine en grote spelers zijn er rotsvast van overtuigd dat artificiële intelligentie en andere digitale toepassingen kunnen helpen bij de triage van patiënten, om het virus in kaart te brengen en om de samenleving weer op gang te trekken. Daar kunnen we toch niet tegen zijn?

“Een crisis is het ideale moment om een optimistisch verhaal over technologie te verkopen. Maar wat is de echte opzet? Is dit oprecht? Of is het de bedoeling extra geld in de ontwikkeling van technologie te pompen, deze keer met behulp van publieke middelen? Er moet een democratisch debat gevoerd worden over welke technologie we precies willen in Europa. Het verhaal mag niet enkel geschreven worden door de industrie.”

Het duidelijkste voorbeeld van technologie als extra wapen in strijd tegen Covid-19 zijn de zogenaamde tracing-apps. Europa is daarover verdeeld. In België zijn ze ondertussen op de lange baan geschoven. Hoe kijkt u naar die apps?

“Vergelijk de vragen over zulke apps met de ethische vragen die rijzen bij zelfrijdende auto’s. In die vraagstukken gaat het telkens om leven en dood. Welke beslissing zal een zelfrijdende auto maken wanneer een dodelijk ongeval onvermijdelijk is? Mag je software überhaupt zo’n beslissing laten maken? Wat als het verkeer er veiliger door wordt? Die tracing-apps doen een gelijkaardig dilemma rijzen: kies je ervoor het collectief te beschermen of de individuele rechten van burgers?

“Ik denk dat we eerst en vooral moeten kijken of zo’n app echt nodig is om het probleem aan te pakken. Is het wel effectief? Mocht dat zo zijn, dan is het aan de overheid om goed uit te leggen hoe die app werkt. Het zal heel duidelijk moeten zijn wat precies met de data gebeurt, of we als individuele gebruiker enige controle hebben, en we weten best ook al wat er na de crisis met die app en gegevens gebeurt. Er zijn veel vragen. Ik vind het een goede zaak dat er nu uitstel of afstel is.

“Ethische voorwaarden bestaan niet om innovatie tegen te houden. Integendeel. We zijn het veel te gewoon geworden dat de digitale producten die ons in de handen gedrukt worden, helemaal af zijn. Take it or leave it. Dit is een kans om druk uit te oefenen op de technologiesector. Om bedrijven zoals Google, maar ook kleinere technologiebedrijven, te laten weten dat niet zij alleen de toekomst van technologie en dus de samenleving mogen bepalen. We moeten daar als samenleving een actievere rol in spelen.”

Dat is niet vanzelfsprekend. Een andere nieuwe technologie die in de marge van het coronavirus veel in het nieuws komt, is 5G. In onder meer het Verenigd Koninkrijk en in het Limburgse Pelt staken burgers gsm-masten in brand, mogelijk omdat ze denken dat 5G het coronavirus veroorzaakt.

“We zijn eraan gewend geraakt dat technologie uitgerold wordt zonder dat ons iets gevraagd wordt. Er heeft ons nooit iemand gevraagd of we effectief nucleaire technologie wilden. Er was toen haast geen debat over wetenschap en technologie. Dankzij de nieuwe media zijn we beter geïnformeerd dan ooit. We weten nu dat er een nieuwe technologie aankomt en het is goed dat er reactie is.

“Voor het 5G-debat is het vooral nodig dat er meer duidelijkheid gebracht wordt. Eerst door experts. We hebben meer informatie nodig. Het gevaar bestaat dat mensen zonder enige wetenschappelijke achtergrond allerlei absurde claims doen. Maar mensen die protesteren, moet je niet veroordelen. Overheden en technologiespelers zouden moeten nadenken over de oorsprong van die angst en hoe ze met die mensen in contact kunnen komen. Je kunt niet klagen over te weinig betrokkenheid van de burger en tegelijkertijd betrokkenheid wegzetten als extremisme. Je moet dat serieus nemen.”

Technologie met respect voor de burger, daarvoor pleit de Europese Commissie in haar plan rond artificiële intelligentie. U maakte deel uit van de expertengroep die aanbevelingen deed voor Europa. Hoe ziet u de rol van de EU?

“Europa heeft tot vandaag vooral de juridische kaart gespeeld. Denk aan de rechtszaken en de boetes voor de grote techbedrijven. Voor alle duidelijkheid, dat vind ik niet verkeerd. Maar ik mis nog steeds een grote strategie, een visie als het op artificiële intelligentie aankomt. Deze crisis toont nog maar eens aan dat je niet afhankelijk wil zijn van China en de Verenigde Staten. Op pure financiële kracht kunnen we China en de VS niet de baas op vlak van artificiële intelligentie. Dan moet je het slim spelen. Europa zou zich kunnen onderscheiden door in te zetten op ethische AI.”

Dat klinkt mooi. Maar wij hebben nog nooit een scheidsrechter een wedstrijd zien winnen.

“En toch zie ik veel potentieel in die strategie. Ethiek kan de basis zijn voor een duidelijke Europese strategie. Je moet ethiek niet gebruiken als protectionisme of om op te treden als politieman. Ethiek gaat niet alleen maar over verbodsregels. Het kan voor ondernemers en onderzoekers duidelijk maken welk soort AI-toepassingen wij in Europa wél willen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234