Zaterdag 25/01/2020

Tati in korte broek

Welkom in het Frankrijk van de jaren 1960. Correctie: welkom in het Frankrijk van de jaren 1960 door de ogen van een 7-jarige deugniet. Als u bij Les vacances du petit Nicolas af en toe aan Matisse en Tati denkt, dan bent u al in de goede, zonnige sfeer.

De avonturen van de 7-jarige bengel Nicolas verschenen in 1955 voor het eerst in het Belgische weekblad Le Moustique, de voorloper van Télémoustique. De auteurs, René Goscinny en Jean-Jacques Sempé, waren toen nog nobele onbekenden. Goscinny zou later naam maken als schrijver van de stripreeksen Asterix en Lucky Luke.

Sempé groeide uit tot een van Frankrijks beroemdste tekenaars, onder meer door zijn illustraties en covers voor The New Yorker. En van zodra de belevenissen van de lagereschooljongen ook in de regionale Franse krant Sud Ouest Dimanche en het stripweekblad Pilote verschenen, was er geen houden meer aan: tot nu toe zijn er meer dan vijftien miljoen boeken van het geesteskind van Sempé & Goscinny verkocht.

Ook regisseur Laurent Tirard verslond als kind de serie met licht karikaturale tekeningen. "Ik dacht dat die serie over mij ging", zegt Tirard. Tirard mocht dan nog hetzelfde soort kattenkwaad uithalen als de jonge held van Sempé-Goscinny, toen hij zestien was trok hij ook met vrienden naar het bos van Fontainebleau om er avonturenfilms met een Super 8 mm-camera te draaien.

Toch is het nooit zelf bij hem opgekomen om de strips over het koppige broekventje naar het scherm te vertalen. "Dat was een idee van mijn producenten", zegt Tirard. "Maar eens dat ik er mee bezig was, vroeg ik me af waarom ik er zelf niet eerder aan gedacht had. Het leek me zo evident."

In 2009 volgde een eerste film van zijn hand, Le petit Nicolas. Sempé vond hem beter dan hij had verwacht. In Frankrijk was het een onverhoopt succes met meer dan 5.5 miljoen toeschouwers. Een vervolg kon moeilijk uitblijven. "Wat mij zo bevalt aan het universum van de kleine Nicolas is dat je naar de wereld kijkt door de ogen van een kind", legt Tirard uit. "Er zit ook een vorm van poëzie in die me doet denken aan de films van Jacques Tati."

Het woord is er uit: Tati. Wat Charlie Chaplin en Buster Keaton in Hollywood op gang trokken, zette Tati verder in Frankrijk: superieure komedies vol sublieme gags. In 1952 draaide Tati Les vacances de Monsieur Hulot, een van zijn meesterwerken rond de vrolijk onhandige brokkenpiloot mijnheer Hulot, Tati's komische alter ego.

De filmtitel verraadt al dat een vergelijking zich opdringt. Tirard: "Sempé en Goscinny hebben zich vooral door hun eigen jeugdherinneringen laten inspireren. Ik denk niet dat ze beïnvloed waren door Tati. Toen ik aan de filmadaptaties begon, kwam ik onmiddellijk bij Tati uit. Zijn Hulot is een kind in een volwassen lichaam. Daarom botst hij voortdurend met de wereld van de volwassenen. De films moesten een beetje op die van Tati lijken: grappig, poëtisch en in een scheve verhouding met de realiteit."

Modecatalogus

Behalve naar Tati keek Tirard ook naar de films van komiek Blake Edwards, Jacques Demy's Les demoiselles de Rochefort en L'Hôtel de la plage, een Franse komedie die zich afspeelt in een hotel aan de Bretoense kust. Kwestie van zich onder te dompelen in de kleuren, sfeer en zorgeloosheid van de jaren zestig en zeventig.

Die retrocontext is een van de charmes van de film. Les vacances du petit Nicolas lijkt op een mode- en designcatalogus in felle kleuren van wat er in zwang was in die jaren. En in een kustdorp op het eiland Noirmoutier in de Vendée werd een half achtergelaten hotel, de centrale locatie, overgeschilderd in geel en blauw.

"Ik ben geen voorstander van digitale effecten", zegt Tirard. "Ik probeer zo veel mogelijk echte decors te gebruiken of om een effect op een mechanische manier op te roepen, à l'ancienne. Het geeft meer ziel aan je beeld. Kijk naar The Grand Budapest Hotel van Wes Anderson, een cineast wiens werk ik enorm op prijs stel. Als je naar die film kijkt, heb je de indruk dat je een kind bezig ziet dat zijn eigen theater gefabriceerd heeft met decors, kostuums en rekwisieten.

"Hij roept de wereld op die hij wil zien. Vergelijk het met een kind dat stuk voor stuk zijn speelgoed uitkiest. Ik pak mijn films een beetje op die manier aan. Le petit Nicolas is ook een sprookje. En sprookjes spelen zich niet in de realiteit af."

Jaco Van Dormael

Op de generiek van Les vacances du petit Nicolas vind je ook een aantal Belgen terug. François Damiens heeft een kleine bijrol en Bouli Lanners mag nog eens zijn duivels ontbinden als mijnheer Bernique, een oude schoolmaat van Nicolas' vader. Maar het grootste aandeel komt op rekening van Jaco Van Dormael, sinds Toto le héros (1990) de fantasierijke peetvader van de volwassen Waalse jeugdfilm.

Van Dormael werkte mee aan het scenario. Meer nog: Tirard stelde hem zelfs voor om de film te regisseren. "Omwille van een slepende ziekte heb ik maanden in het ziekenhuis gelegen. Ik wist niet of ik voldoende kracht zou hebben om de film te regisseren. Toen heb ik Jaco gebeld met dat voorstel. Ik heb hem het scenario laten lezen. En hij had heel veel ideeën. Maar na enkele weken voelde ik me beter.

"Vervolgens heb ik Jaco opnieuw gecontacteerd en hebben we enkele werksessies gehad. Hij heeft links en rechts heel veel kleine dingen aangebracht, van dialogen tot beelden. Jaco heeft een ongelooflijke fantasie en poëzie en ik ben blij dat ik de deur voor hem heb opengezet. Hij heeft er echt iets extra aan toegevoegd."

Wie is Laurent Tirard?

Geboren in Roubaix, 1967

Studeerde film aan New York University

Scenariolezer voor Warner Bros. in Los Angeles

Redactielid van het filmtijdschrift Studio Magazine

Interviewboek Leçons de cinema met cineasten als Woody Allen, Scorsese, Godard, Lynch, Polanski en Wong Kar-Wai

Langspeelfilmdebuut met Mensonges et trahisons et plus si affinités... (2003), gevolgd door Molière en Astérix et Obélix: au service de sa Majesté

Vrolijke uitstap

LES VACANCES DU PETIT NICOLAS

FAMILIEFILM

Regie: Laurent Tirard

Met: Valérie Lemercier, Kad Merad, Mathéo Bosselier

Duur: 97 minuten

"De moderne wereld mist charme." Het is een uitspraak van tekenaar Sempé die regisseur Tirard ter harte heeft genomen, want Les vacances du petit Nicolas is als een vrolijke uitstap naar het strand van het provinciale Frankrijk van de jaren zestig. Wat Matisse deed aan de Côte d'Azur, doet Tirard aan de Atlantische Oceaan: de kleuren van de kust bezingen. Van parasols, kostuums, wagens en decors: alles baadt in een zonnige, levendige sfeer, een die weliswaar niet modernistisch is zoals bij Matisse maar harmonieus retro.

De film is opgevat als een onbekommerde reeks komische vignetten en gags met het accent op de apenkuren van Nicolas en zijn nieuwe vriendjes die hij tijdens de vakantie maakt. Al heeft de onruststoker zijn zorgen: hij denkt dat hij uitgehuwelijkt gaat worden aan een vreemd meisje met beangstigend grote ogen. Maar ook de beslommeringen van de ouders (Valérie Lemercier en Kad Merad) over werk, liefde en schoonouders komen speels karikaturaal aan bod. Tegelijk wordt subtiel de doos van filmreferenties opengetrokken met knipogen naar Tati, The Shining, Psycho en het flamboyante van de Italiaanse film. Tirard laat zo zien dat hij net als Sempé & Goscinny een jolig oog heeft voor zowel de naïeve, onschuldige wereld van kinderen als voor de gebreken van volwassenen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234