Dinsdag 24/11/2020

Tante van vermoorde Malinese kinderoppas woedend over weigeren schadevergoeding

'Dit is een tweede misdaad tegen Oulematou en de familie'

Oulematou Niangadou (foto links) had de oversteek gemaakt van Mali naar België om haar dochtertje Bintou een betere toekomst te kunnen geven. Die droom werd kapotgeschoten door Hans Van Themsche. Weg moeder, weg levensonderhoud. Oulematou beschikte niet over een geldige verblijfsvergunning toen ze werd vermoord en dan is de wet onverbiddelijk, kreeg de familie Niangadou zopas te horen van justitie. Geen papieren? Dan geen cent schadevergoeding. Van Themsche sloeg, zonder het zelf te weten, twee keer ongenadig toe. DOOR JEROEN VERELST

Oulematou hield niet echt van België", getuigde haar oom Demba anderhalf jaar geleden op het assisenproces van haar moordenaar Hans Van Themsche. "Ze hield niet van de kilte en de afstandelijkheid. Ze miste de warmte en de sfeer van Afrika, ze mist haar dochtertje Bintou. Ze was van plan om nog in Antwerpen te blijven tot na de zomer van 2007. Daarna zou ze terugkeren naar Mali, om daar werk te zoeken en voor Bintou te zorgen."

Bintou was de reden waarom Oulematou naar België was gekomen. Ze was een gastarbeidster. Haar plan was eenvoudig: ze zou bij familie in Antwerpen logeren, hier een job zoeken en zoveel mogelijk geld richting Mali sturen. Richting Bintou, die was achtergebleven bij haar grootmoeder. Zo geschiedde. Oulematou vond werk als inwonende oppas bij de familie Drowart. In geen tijd vormde ze een onafscheidelijke tandem met het jongste dochtertje Luna. Een siamese tweeling, lachten ze bij de familie Niangadou.

Hoe gelukkig ze ook was bij Luna en de familie Drowart, de heimwee naar Mali bleef volgens oom Demba voortdurend ongemeen hard knagen. België was een tijdelijk verhaal, daar bleef Oulematou van overtuigd. Haar toekomst lag in Mali. Daarom had ze zich ook nooit echt druk gemaakt over haar verblijfsstatuut. Ze was in Antwerpen gearriveerd met een Malinees visum, maar toen dat verstreken was, liet ze het blauwblauw. En werd ze dus een sans-papier. Dat zou haar familie nog zuur opbreken.

Fonds voor slachtofferhulp

Na een ophefmakend assisenproces werd Hans Van Themsche veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf voor de moorden op Oulemata en Luna, en de moordpoging op Songul Koç. Het hof benadrukte ook nog eens expliciet dat zijn strafexpeditie was ingegeven door racisme. Oulematou en Songul, een Antwerpse van Turkse afkomst, moesten sterven omdat ze respectievelijk zwart waren en een hoofddoek droegen.

Luna was collateral damage. Van Themsche had in een natuurdocumentaire gezien hoe de moord op oudere soortgenoten baby-olifantjes met een levenslang trauma opzadelt, dat wilde hij de blanke Luna naar eigen zeggen besparen. Zijn uitleg maakte bitter weinig indruk op de jury, die het maximumverdict velde. Van Themsche zit vandaag in de gevangenis van Oudenaarde en gedraagt zich volgens cipiers als een modelgevangene.

In de nasleep van het assisenproces werd ook het burgerlijke luik afgehandeld. Van Themsche moest forse schadevergoedingen ophoesten aan Koç en aan de nabestaanden van zijn andere twee slachtoffers. In totaal kende de rechtbank bijna 200.000 euro toe, waarvan 71.500 euro voor de familie van Oulematou, maar dat bedrag is slechts provisoir en kan nog hoger oplopen.

recordaantal dossiers

Eén probleem: Van Themsche heeft geen geld. Nooit gehad ook. Hij was nog een middelbareschooljongen toen hij aan het moorden sloeg. De occasionele zakcent of een zeldzame vakantiejob even buiten beschouwing gelaten, had hij had geen inkomen. Maar hij was wel meerderjarig, dus kunnen de slachtoffers en hun nabestaanden de geleden schade ook niet verhalen op zijn ouders. Iets waar ze trouwens ook absoluut niet om zaten te springen.

Net voor deze gevallen bestaat de 'commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden'. Die werd opgericht in 1985 om de slachtoffers van de Bende van Nijvel te vergoeden. Omdat het tot vandaag een raadsel blijft wie achter die bende schuil ging, besloot de federale overheid om voortaan zelf financieel tussenbeide te komen als de daders van opzettelijke gewelddaden onbekend zijn. Of 'onvermogend', zoals Van Themsche.

Het fonds waar de commissie uit put, wordt gespijsd door iedereen die in een Belgische rechtbank veroordeeld wordt. Boven op de uitgesproken straf moet de veroordeelde 137,5 euro in het fonds voor slachtofferhulp storten. Slachtoffers of hun nabestaanden kunnen elk tot 62.000 euro krijgen van de commissie. Al wordt dat maximumbedrag zelden toegekend. Hoeveel de commissie aan de slachtoffers toekent, staat in principe los van de schadevergoeding die de rechter vastlegde. De commissie kan beslissen om meer geld of minder geld toe te kennen, afhankelijk van elk individueel dossier.

Het systeem draait op volle toeren. De eerste jaren werden hoogstens een paar tientallen dossiers behandeld. Maar de regels werden aanzienlijk versoepeld en de categorieën van mensen die in aanmerking komen voor een schadevergoeding uit het fonds voor slachtofferhulp werden behoorlijk uitgebreid. Het aantal dossiers nam exponentieel toe. In 2007 verwerkte de commissie 1.525 dossiers, een absoluut record. In ongeveer drie op de vier dossiers kwam het daadwerkelijk tot het uitbetalen van een schadevergoeding, goed voor een totaalbedrag van 12,5 miljoen euro. Bronnen bij justitie benadrukken dat de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden de toename van het aantal schuldeisers voorlopig nog altijd relatief vlot kan bolwerken. Het fonds heeft genoeg geld in kas om de toegekende schadevergoedingen uit te keren.

De familie van Songul Koç en de nabestaanden van Luna Drowart kregen zonder problemen een positief advies van de commissie voor slachtofferhulp. Het verzoek van de nabestaanden van Oulematou stuitte op een njet. Het ministerie van Justitie meldde de advocaat van de familie Niangadou per brief dat het verzoek om een schadevergoeding niet aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden voldoet.

De commissie erkent, net als bij de families Koç en Drowart, dat de morele schade van de familie Niangadou niet via een andere weg dan die van de commissie afdoende kan worden vergoed. De meerderjarige Van Themsche heeft immers geen geld. Maar de wet van 1985 stelt nog een tweede voorwaarde: "Het slachtoffer bezit op het moment van de gewelddaad de Belgische nationaliteit, is gerechtigd het Rijk binnen te komen, er te verblijven of er zich te vestigen." De wet werd in 2003 aangepast om ook toe te laten dat slachtoffers van mensenhandel, die haast per definitie geen verblijfsstatuut hebben, een morele schadevergoeding kunnen eisen: "Het slachtoffer heeft naderhand van de Dienst Vreemdelingenzaken een verblijfsvergunning van onbepaalde duur verkregen in het kader van een onderzoek wegens mensenhandel."

Oulematou Niangadou voldoet niet aan die verblijfsvoorwaarde, oordeelde de commissie. Het is zonneklaar dat de moord zware morele schade heeft aangericht bij de nabestaanden en het lijdt ook geen enkele twijfel dat dochter Bintou door de moord een cruciaal deel van haar levensonderhoud verliest. Maar wet is wet, aldus de commissie. Ze houdt de vinger op de knip. Oulematou had geen geldige verblijfsvergunning toen ze vermoord werd, ze verbleef op dat moment illegaal in ons land. En dus krijgen haar veertien familieleden die een verzoek tot schadevergoeding hadden ingediend geen cent van de Belgische staat.

Dat de familieleden van Oulematou die al jaren in België wonen allemaal de Belgische nationaliteit hebben, speelt voor het ministerie van Justitie geen enkele rol. De wet bepaalt dat de commissie alleen naar het statuut van het slachtoffer kijkt. Is het slachtoffer een sans-papier, dan hebben de nabestaanden geen recht op schadevergoeding. Los van waar ze wonen, los van welke nationaliteit ze hebben, los van welk verblijfsstatuut ze zelf hebben.

Die onheilstijding kwam bijzonder hard aan bij de familie van Oulematou. "Dit is ongelooflijk", zucht tante Fatoumata. "Een tweede misdaad. Eerst zijn we het slachtoffer van een racistische moordenaar, nu zijn we ook nog eens het slachtoffer van een racistische staat en een racistische wet. Dit valt op geen enkele manier uit te leggen, dit is zuivere onrechtvaardigheid. Wie geen papieren heeft, is in dit land letterlijk niéts waard."

Fatoumata maakt zich vooral zorgen om de moeder en het dochtertje van Oulematou. "Wie gaat er nu voor Bintou zorgen? Oulematou was naar België gekomen om te werken en geld te verdienen om haar dochtertje te onderhouden. Om Bintou het fatsoenlijke leven te kunnen geven dat ze zelf nooit heeft gehad."

"Eerlijk, ik weet echt niet hoe ik Bintou en haar grootmoeder dit moet vertellen. Toen Oulematou werd doodgeschoten door een racist, enkel en alleen omdat ze zwart is, begrepen ze daar niets van. Racisme kennen we niet in Mali. En nu moet ik het hen nóg eens uitleggen. Toen Oulematou vermoord werd, stond het hele land op zijn kop. In de hele wereld ging het op televisie over de racistische moorden in Antwerpen. Nog geen drie jaar later zegt België gewoon: 'Je m'en fous'. Dat kan ik niet accepteren."

De commissie laat de deur op een heel klein kiertje. De gemachtigde ambtenaar vraagt in zijn brief namens de minister van Justitie nogmaals expliciet naar het verblijfsstatuut van Oulematou, "alsook naar eventuele initiatieven die zij in voorkomend geval had genomen om haar situatie te regulariseren". Maar die piste is een doodlopend spoor. De familie Niangadou maakt er geen geheim van dat Oulematou na het verlopen van haar visum geen verdere stappen ondernam om Belgische te worden of tenminste een of andere permanentere vorm van een verblijfsstatuut in de wacht probeerde te slepen.

Nog een uitweg

De advocaat van de familie van Oulematou ziet nog een uitweg. "We vragen ons af of het wel wettelijk is om een onderscheid te maken tussen verschillende categorieën illegalen", verduidelijkt advocaat Kris Luyckx. "In 2003 is de wet gewijzigd om ervoor te zorgen dat slachtoffers van mensenhandel wel aanspraak kunnen maken op een schadevergoeding, dat voor hen de vereiste om Belg te zijn of over een geldige verblijfsvergunning te beschikken niét geldt. Oulematou is het slachtoffer van racisme, dat heeft het hof van assisen expliciet benadrukt. Worden slachtoffers van opzettelijke racistische gewelddaden op die manier niet opnieuw gediscrimineerd? De commissie zal met onze vraag naar het Grondwettelijk Hof moeten trekken, dat dan een uitspraak moet doen."

Het Grondwettelijk Hof moet de commissie voor financiële hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, en dus in de feiten de minister van Justitie, terugfluiten. Als ze dat niet doet, rest alleen nog de politieke reddingsboei. Dan moet er vanuit het parlement een wetgevend initiatief komen om de wet te wijzigen en om ervoor te zorgen dat ook sans-papiers en/of hun nabestaanden recht hebben op een morele schadevergoeding als ze het slachtoffer worden van geweld.

"De huidige wettelijke voorwaarden zijn simpelweg niet te verdedigen", vindt Luyckx. "Stel je even voor: twee mannen zitten samen aan de cafétoog, de ene heeft wel papieren en de andere niet. Een andere man wandelt het café binnen en schiet de mannen dood. Voor de nabestaanden van het slachtoffer mét papieren zal de Belgische staat financieel zorgen, de nabestaanden van het slachtoffer zonder papieren blijven in de kou staan. Hoewel er geld genoeg is, dat is het probleem absoluut niet. Die mannen kunnen zelfs tweelingen zijn, dat maakt niet uit. Alleen hun verblijfsstatuut bepaalt of hun families kunnen rekenen op financiële steun."

"De ongelijkheid en de onrechtvaardigheid zitten in de wet ingebakken. Als een illegaal veroordeeld wordt in de rechtbank, moet hij net als iedereen 137,5 betalen aan het fonds voor slachtofferhulp. Doet hij dat niet, dan houden ze hem gewoon vast tot hij wel betaalt. Zo simpel is dat. Maar als het gaat over het uitkeren van schadevergoedingen heeft diezelfde illegaal plots geen recht op een compensatie. Alleen maar plichten, geen rechten. Sorry, maar zo werkt het niet."

FatoumataNiangadou:

Eerlijk, ik weet echt niet hoe ik dit aan Oulematous dochtertje Bintou en aan haar grootmoeder moet vertellen. Ongelooflijk! België zegt gewoon: 'Je m'en fous'

Advocaat Kris Luyckx van de familie:

Oulematou was het slachtoffer van racisme. Worden slachtoffers van zulke gewelddaden zo niet opnieuw gediscrimineerd?

n 12 mei 2006. Familie, vrienden en kennissen van Oulematou lopen mee in een manifestatie ter nagedachtenis van de vermoorde Malinese oppas en het tweejarige meisje waarvoor ze zorgde, Luna.

n Fatoumata Niangadou, tante van Oulematou: 'Eerst zijn we het slachtoffer van een racistische moordenaar, nu zijn we ook nog eens het slachtoffer van een racistische staat en een racistische wet.'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234