Dinsdag 21/05/2019

Column

Taalverruwing is een parasiet die je overal terugvindt

20171120 Antwerpen Belgie, Hugo Camps Beeld Bob Van Mol

Dissidentie mag ook. Onder die vlag vaart Hugo Camps.

Gwendolyn Rutten zat met de kinderen op de bank televisie te kijken. Trump kwam langs met een tirade tegen Mexicaanse asielzoekers. Grof gebekt haalde hij uit. De kinderen van Gwendolyn schrokken van zoveel vulgariteit. Ze vroegen mama of dat allemaal kon in de politiek. Gwendolyn zei: natuurlijk kan dat niet.

Taal is gansch het volk. We nemen vandaag meer aanstoot aan onverantwoordelijk taalgebruik dan aan de perverse ideeën die erachter schuilgaan. Het ideologische debat is taalcasuïstiek geworden. Het spreken overwoekert de gedachte. Trump en Francken zijn het prototype van zelfhaat die alle ethische grenzen oprekken, maar wat blijft hangen is hun taalguerrilla, minder de ethische lading.

Verbale fijnzinnigheid 

Sommigen koesteren heimwee naar de tijd toen er nog met twee woorden werd gesproken in het parlement. De politiek als herenclub. Het is selectieve memorie. Politiek is altijd een ruig vak geweest. Met insinuaties en scheldpartijen, met achterwaartse tackles en messen in de rug. In de hitte van de strijd wordt alle verbale fijnzinnigheid losgelaten.

In zijn eerste groot telvisiedebat noemde Pim Fortuyn PvdA-leider Ad Melkert een hypocriet. Dat was newspeak in de polder. Tot zijn laatste dag bedreef de populist politiek met de voet vooruit. Fortuyn was verbaal niet in te tomen. Hij bleef de gevestigde orde kapittelen als plebs van de macht, niet als elite van het volk. Kruipdieren.

In de schooloorlog, halverwege de vorige eeuw, moest de socialist Leo Collard het ontgelden met ongeziene vuilbekkerij van de clerus en de CVP. Kinderen werden ingehuurd als frontsoldaten. De Wetstraat was in die dagen een moeras van wraak. Uiteindelijk werd de schooloorlog in een compromis beslecht, maar Leo Collard heeft nooit verontschuldigingen gekregen. Hij, de fijnzinnige intellectueel, is de geschiedenis ingegaan als koopman met de ziel van het kind. De christenhonden van die tijd hadden geen enkel probleem met taalverruwing.

Knettergek

Geert Wilders noemde minister van Integratie Ella Vogelaar “knettergek”. Een onparlementair begrip, maar de Nederlandse Tweede Kamer struikelde er niet over. Taalverruwing in de politiek is mede het gevolg van het geërodeerde respect van de media en kiezers voor het politieke ambacht. Geen mens die er nog aan denkt ministers aan te spreken met excellentie. Ze mogen al blij zijn als het niet met Jan of Mieke is.

Sommige politici en partijen hebben van stoere en krasse taal hun handelsmerk gemaakt. De tijdgeest vergeeft hen bij voorbaat. Ook de burger is het omfloerste spreken voorbij en benoemt manco en weerzin, ja soms ook de handicap. Alle taalvoogdij is afgeschud. We beleven de hoogmis van de directe openheid, dan mag je die maatschappelijke trend ook politici niet ontzeggen. Het perverse gedachtegoed is van een andere orde.

Ik houd niet van vulgariteit, zal zelf niet gauw op schreeuwers en demagogen stemmen, maar het recht van spreken hebben ze wel. Voor de ethische kwalificatie moeten ze zelf opdraaien. Taalverruwing is een parasiet die je overal terugvindt. Op speelpleinen van scholen, in de sport, in amusementsprogramma’s op tv, in huiselijke kring. Dan is het vrij onzinnig te verwachten dat politici hun woorden eerst in wijwater dompelen. Voor evenveel fatsoen krijgen ze dan het verwijt van wereldvreemdheid.

Donald Trump is een barbaar, daar ga ik niet moeilijk over doen. Hij verruïneert de hoge eer van het presidentschap. Het is aan zijn kiezers om met hem af te rekenen, niet aan morele scherpslijpers of taalpuristen.          

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.