Donderdag 13/05/2021

T.C. Matic

Naar goede jaarlijkse gewoonte gaan Radio 1 en De Morgen aan het eind van het jaar samen met u op zoek naar de mooiste popsongs uit onze vaderlandse geschiedenis. De ultieme 100 hoort u in een marathonuitzending op 23 december. Stemmen kan nog deze week op www.radio1.be. Om u te inspireren vertellen onze redacteuren u over hun favoriet. Vandaag muziekredacteur Dirk Steenhaut.

'O la la la (C'est magnifique)'

Verrek, een kwarteeuw geleden is het al. De eindstreep van mijn studentenleven aan de VUB was in zicht. Ik woonde in die dagen samen met Virginia Woolf, het onderwerp van wat dra een licentieverhandeling moest worden, in een onderkomen appartement op een steenworp van de kleurrijke Matongewijk en op spuugafstand van de drukste winkelstraat van Elsene. Vanuit het raam van mijn slaapkamer zag ik ooit, in volle avondspits, een auto in vlammen opgaan en een andere keer stond ik oog in oog met een kerel die een politieman met een metalen ketting te lijf ging. Zelf leverde ik vooral een uitputtingsslag met eindeloze kolonnes kakkerlakken die voortdurend uit het niets leken op te duiken en mijn recht op wonen betwistten om het hunne veilig te stellen. Yep, never a dull moment.

Op een avond stond ik aan het fornuis een karig studentenmaal bij elkaar te improviseren, toen uit mijn lampenradio een knarsende gitaarriff weerklonk die insloeg als een bliksemschicht. Er zat ook een baslijn onder die de borden in de kast deed rammelen. Maar hey... Die stem, die als een aangeschoten dier "I see lovers, I see losers" kermde, was dat niet die van Arno Hintjens? Arno kende ik. Enkele jaren eerder had ik hem met zijn groep Tjens Couter aan het werk gezien in een zaaltje in Keerbergen, vlak bij café Wollewei, waar ene Herman S. destijds zijn allereerste concertjes neerpootte. Tjens Couter was intussen T.C. Matic geworden en had nu net een lp uit waarvan 'O la la la', het nummer dat voor even mijn tijdsbesef leek te bevriezen, de eerste single was.

Die hakkerige, haast machinale riff van Jean-Marie Aerts blijft voor mij de memorabelste uit de Belgische rock, maar ook de mokerdrums van Rudy Cloet, de onder de gordel mikkende bas van Ferre Baelen en het weerbarstige toetsenwerk van Serge Feys duldden geen tegenspraak. Veel later zou Arno mij vertellen dat hem met T.C. Matic de muziek van James Brown voor ogen stond, maar dat uitgangspunt werd door zijn gezellen zo uiteenlopend geïnterpreteerd dat het resultaat, een borrelend mengsel van punkrock, r&b en hoekige funk, alle bestaande categorieën oversteeg. Zelf omschreef de groep haar unieke sound als White Rhythm, en 25 jaar later klinkt nog steeds geen enkele band ter wereld als T.C. Matic. "Ik zing niet, zingen is voor de vogeltjes", verklaarde de jonge Arno Hintjens ooit . Zijn urgente, snauwerige stijl had inderdaad meer weg van Kevin Coyne, Howlin' Wolf of Captain Beefheart dan van, pakweg, Frank Sinatra. Arno ontleende zijn patois aan de Oostendse havenkroegen: een onverstaanbaar brabbeltaaltje waarin Frans, Engels en West-Vlaams ongegeneerd met elkaar vreemdgingen. Tot op vandaag weet ik niet waar 'O la la la' precies over gaat. What the fuck? Het aanstekelijke primitivisme van T.C. Matic moet je niet begrijpen, maar voelen. Het is energie, rauwe seks, muziek die aan de lagere instincten appelleert. Er zit ook humor in. Want het is het enige nummer dat ik ken dat zichzelf beschrijft én evalueert. 'C'est magnifique': er is nog altijd geen woord van gelogen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234