Maandag 20/01/2020

women of syria

Syrische vrouwen getuigen: "Kinderen spreken hier de taal van de oorlog"

Syrische vluchtelingen in een vluchtelingenkamp in Griekenland. Beeld EPA

Een soort Humans of New York, maar met een erg rauw randje. Op de website Women of Syria vertellen Syrische vrouwen over hun dagelijkse leven. "We willen de wereld laten weten dat we bestaan."

Het is druk in de winkel van Mira. Vijf mannen van het Syrische leger houden de versleten stoelen bezet en eten een broodje gezond. Geweren hangen over hun schouders. Een kleine jongen telt zijn geld. Dan stapt een man binnen met een mondharmonica. Het jongetje kijkt op en vraagt: "Kun je daar ook mee schieten?"

Het is een van de verhalen die Mira, de schuilnaam van een vijftigjarige vrouw uit Damascus, vertelt via Skype. Een kindertijd bestaat niet meer in Syrië, stelt ze. Kinderen spreken de taal van de oorlog.

Mira vertelt op harde toon. Het vuur in haar wakkert. Vrouwen zoals zij worden nooit gehoord, zegt ze fel, niet in Syrië en niet in de internationale media. Daarom deelt ze haar verhaal via Women of Syria.

Dertien verhalen

Die website werd in november gelanceerd door twee Nederlanders: Eline Wijnen en Wennie Waeijen (beiden 26). Eline: "Ooit zal de oorlog stoppen en moet de Syrische samenleving worden herbouwd. Verhalen delen is belangrijk voor de sociale wederopbouw en verwerking."

Inmiddels staan er dertien verhalen online. Het verhaal van Mira, wier sleutelbos steeds groter wordt: telkens als een vriend uit Syrië vertrekt, krijgt ze een sleutel met de vraag of ze de planten water wil geven. Het verhaal van de christelijke Laya, die uit Raqqa is gevlucht omdat ze bang was dat IS-strijders haar zouden onthoofden als ze haar geheim zouden ontdekken. Het verhaal van Amal uit Salamiyaa, provincie Hama, die haar naam koos omdat het 'hoop' betekent, maar het steeds moeilijker vindt om die niet te laten varen.

Niet zonder gevaar

Wat beweegt deze vrouwen om hun verhaal te delen met een Nederlands publiek? "Soms lijkt de wereld de Syrische burgers te vergeten. Wij proberen het contact te herstellen", zegt Wejdan. Ze vluchtte in 2014 van Damascus naar Parijs en verzamelt vanuit daar verhalen voor het project. Eline heeft haar benaderd via het Syrian Women's Network (zie kader).

'Europeanen weten maar weinig over ons', zegt Media AlAwak, die op de website Laya wordt genoemd. 'Op mijn Facebookfoto's krijg ik verbaasde reacties. Ze denken dat alle Syrische vrouwen een hoofddoek dragen, maar voor IS kwam had ik nooit een sluier om.'

Zodra Europeanen zich realiseren dat Syriërs ook mensen zijn, en geen terroristen, zullen ze wellicht iets doen aan hun benarde situatie, zo is de redenering. Amal: 'Jullie bestrijden nu de consequenties, maar laten de oorzaak - Assad - ongemoeid zitten.'

Deelname aan het project is niet zonder gevaar. Zowel IS als het regime kijkt mee op internet. Dat is het hun waard, zeggen Amal en Mira. Deze vrouwen nemen vaker risico's. Door te demonstreren tegen het regime of medicijnen uit te delen in door de oppositie gedomineerde steden zoals al-Tal.

Women of Syria

Nieuwsgierig geworden? Lees de verhalen van Media, Mira, Amal en nog tien Syrische vrouwen op de website van Women of Syria.

Eline en Wennie hebben Women of Syria opgezet tijdens een masterclass over vrouwen en veiligheid, met hulp van projectgenoten Sanne de Boer en Elisa Asscheman. Via haar werk kent Eline het Syrian Women’s Network (SWN), een organisatie die de positie van vrouwen in Syrië wil verstevigen. Drie vrouwen van SWN verzamelen verhalen voor het project vanuit Parijs, Gaziantep en Damascus. Een van hen is Wejdan.

Een vriendin van Wennie, Ted Struwer, maakt tekeningen van de vrouwen. Vanwege hun veiligheid kunnen ze niet herkenbaar op de foto. Een vriendin van Eline, Dhabia al Samarrai, vertaalt de teksten uit het Arabisch.

"Vanzelfsprekend steunen we Assad"

Vooraf stelde Eline een voorwaarde aan de verhalen: die mogen de vrouwen niet in een slachtofferrol duwen. "Hun leven is onlosmakelijk verbonden met de ellende van de oorlog, natuurlijk. Maar dat is niet ons uitgangspunt, wij richten ons op hun doorzettingsvermogen. Welke manieren bedenken ze om zich te redden?"

Als voorbeeld noemt Eline het verhaal van Ola. Met haar man en zoontje rijdt ze op een dag naar hun woonplaats Damascus. Bij het checkpoint vraagt een militair haar zoon of hij van president Assad houdt. Ola heeft hem geleerd die vraag - bedoeld om de politieke achtergrond van het gezin te achterhalen - bevestigend te beantwoorden, maar haar zoontje zwijgt. Verlegen kijkt hij omhoog naar de man en knikt dan voorzichtig. Ola is bang, ze trilt. Als de soldaat zijn vraag herhaalt, grijpt ze in. "Mijn zoon is te jong voor dit soort vragen. Vanzelfsprekend steunen we Assad, hij is de leider van onze natie." Ze mogen door.

Once upon a time..

Het is onmogelijk het leed, en dus het slachtofferschap, weg te laten uit de verhalen. Dat merk ik ook als ik ze via Skype spreek. Als Mira, die al haar verhalen begint met 'once upon a time..', vertelt over een jongen die haar ten einde raad om eten vraagt, wegloopt zonder iets te zeggen, maar dan toch terugkeert om haar te bedanken. Halverwege staakt ze het verhaal; haar tranen zijn te dik om verder te vertellen.

Of als ik Media vraag of ze terug wil naar Raqqa als IS daar vertrekt. "Nee, nee!" Haar stem verschiet. "Misschien komen ze terug en pakken ze me alsnog op. Ik kan nooit meer terug. Ik beef, alleen al omdat je dit oppert."

De moed van de vrouwen maakt indruk. Op de vraag hoeveel verhalen ze nog wil publiceren, antwoordt Wejdan resoluut. "We gaan door tot de oorlog stopt. Of tot de bombardementen alle Syrische burgers hebben gedood. Zolang we leven, blijven we verhalen vertellen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234