Dinsdag 11/05/2021

Survival of the hippest

New England is het domein van ongerepte natuur en van no-nonsense mannen die weten hoe ze er moeten overleven. Maar ook van hippe koffiebars, fixies en authentiek vakmanschap. Het merk Timberland nodigde ons uit om de bakermat van de hipsters te bezoeken: 'New England is niet zomaar een plek. Het is een lifestyle.'

New England: een hoopje ministaatjes in het uiterste noordoosten van Amerika. Daar liggen Connecticut, Rhode Island, Massachusetts, New Hampshire, Vermont en Maine gepropt tussen New York en Canada. Maar liefst 80 procent van deze staten bestaat uit bossen en wouden. Hier dicteert de natuur het leven. Al een paar honderd jaar lang.

Ook vandaag nog dragen de mannen er baarden, houthakkershemden en bottines. Zelfs nu ze niet langer met zaag en touw het bos in trekken, blijven ze trouw aan hun pure levensstijl. Anno 2014 fabriceren deze stoere kerels houten surfboards, telen ze biologische groenten, brouwen ze hun eigen bier en maken ze drukwerk met een originele letterpers.

Hip, zegt u? Dat is dan puur toeval. New Englanders leven al jarenlang op deze manier. Hun authentieke levensstijl is sinds kort gewoon geadopteerd door menig hipster aan de andere kant van de wereld. Hoe kan zo'n gure plek - waar het acht maanden per jaar wintert - plots zo hip worden?

Barbecuesaus met colasmaak

Ligt de bakermat van de hip misschien in Boston? De hoofdstad van Massachusetts is vooral bekend van haar universiteiten, zoals Harvard en MIT. En van Aerosmith en de Pixies natuurlijk.

Aan cool volk en stoere gebouwen alvast geen gebrek. De universiteitswijk Cambridge bulkt van de originele adresjes vol hippe vogels. Zoals de tabakswinkel van Leavitt & Peirce uit 1883 en de old school barbier La Flamme uit 1898. Ook het koffiehuis Pamplona is een curiosum: een fifties souterrain inclusief zwart-wit geblokte vinylvloer. Toch wringt het ergens. Waar zitten de echte mannen?

"Alleszins niet in Boston", countert Jack, een knaap uit Portsmouth die in Boston werkt. "De authentieke New England-spirit vind je hier zeker níét. De Bostonians zijn veel te materialistisch. Je voelt de invloed van het naburige New York. En ook de 250.000 studenten nemen hun gewoontes mee van thuis. Het is te veel stad geworden. Ze zijn hun New England-spirit verloren. Kom eens naar Portsmouth. Tenminste, als je de real stuff wilt zien."

Portsmouth in New Hampshire is een stadje met dorpsallures. Denk: plein, kerk, wat cafés en een vissershaven. Het leven schakelt hier een versnelling lager. Portsmouth ligt aan de rivier Piscataqua, die even verder uitmondt in de oceaan. We trakteren onszelf op een kom chowder: een dikke soep met venusschelpen en andere zeevruchten. De versie van familierestaurant River House - een restaurant dat uitkijkt over de vissershaven - heeft "de beste Sea Chowder van heel New England". Ook een topper: de frietjes van zoete aardappel met huisgemaakte barbecuesaus die naar gerookte Coca-Cola smaakt. De inrichting is eenvoudig, maar het eten is fantastisch. Lees: bereid met lokale producten.

Met hernieuwde kracht beginnen we aan een stadswandeling. Aan de haven vinden we Old As Adam, waar uitbater Adam Irish vintage mannenkleren en antiek slijt. "Mijn specialiteit zijn stropdassen uit de forties en fifties. Ik wil een lans breken voor de aloude gentleman. Mijn winkel is open in het weekend en often by chance", aldus Irish. "Om de verhalen achter de objecten uit mijn winkel tot leven te wekken, organiseer ik regelmatig een literaire wedstrijd. De opdracht is eenvoudig: schrijf een kort fictieverhaal rond antieke objecten uit mijn winkel. De laatste editie draaide rond een medisch model van een hart."

Ruw, ruig en sterk

Aan de overkant van de grote weg komen we langs Moxy, een restaurant met tapas op z'n New Englands. Op de kaart staat onder meer het in New York zo populaire kale: de groente die wij kennen als boerenkool. Verder veel lokale producten zoals geiten- en schimmelkaas uit de naburige staten Vermont en Massachusetts, plaatselijk geteelde radijs, inktvis uit Rhode Island en Boston bibb lettuce: een zachte slasoort. Om de hoek is er een klein steegje - zelfs zonder straatnaam - vol kleine boetiekjes. Naast de kerk vind je Book & Bar: een café annex tweedehandsboekenwinkel. Hier zit het vol jong hip volk dat zo lijkt weggelopen uit het trendy magazine Kinfolk.

Opvallend: op nagenoeg alle winkelruiten prijkt de sticker 'Buy local'. Deze sensibiliseringscampagne is opgezet door een organisatie die lokaal, ecologisch en fair ondernemerschap wil promoten én de lokale bevolking wil aansporen om bij onafhankelijke plaatselijke winkels te kopen. Met succes. Er zijn amper grote ketens te vinden in Portsmouth, op een goed vermomde Starbucks na.

We vinden de sticker ook bij Pickwick's Mercantile, een originele cadeauwinkel. "De walmartization van Amerika is verschrikkelijk", vertelt verkoopster Jody. "Grote ketens à la Walmart slokken alle kleine winkeltjes op. Gelukkig is Portsmouth, en dan vooral downtown, voorlopig gevrijwaard. De financiële crisis is een van de grootste boosdoeners. Mensen zijn voorzichtiger met hun uitgaven en zoeken hun toevlucht in grote ketens met stuntprijzen. Dat Walmart slechte producten verkoopt en onethisch handelt, deert hen niet.

"Het leven is hier hard. We hebben sneeuw tot eind april. Jaarlijks valt er zo'n 2,5 meter. De lente is hier een 'modderseizoen' met veel regen. Heel even hebben we zomer en eind augustus is er alweer nachtvorst. Daardoor zijn de New Englanders rugged: ruw, ruig en sterk. Wij zijn - uitgezonderd de Bostonians - gewend om sober te leven. We trekken ons plan. We branden onze eigen koffie, bakken ons eigen brood en kweken onze eigen groenten in de mate van het mogelijke. Er zijn hier ook altijd al veel ambachtslui geweest. Dat zie je vandaag nog steeds. We zijn minder gefocust op winkels, waardoor de crisis ons iets minder hard raakt."

Inwoners van New Hampshire zijn duidelijk gesteld op hun onafhankelijkheid. Dat bewijst ook hun slogan die op alle nummerplaten prijkt: 'Live free or die'. Het officiële motto van de staat.

Het bos in

Voordat we de kust achter ons laten, rijden we nog even langs het Rye Harbour State Park. In dat natuurgebied heb je een prachtig zicht op de Atlantische Oceaan en de typische witte vuurtorens. Daarna zetten we koers naar Stratham in New Hampshire.

Tussen de besneeuwde bossen ligt het hoofdkwartier van Timberland. Het merk is, samen met Converse, New Balance en Ben & Jerry's, een van de belangrijkste exportproducten van New England. De Yellow Boot van Timberland staat meteen ook symbool voor de lokale levensstijl. "In New England maken we iets om een praktisch probleem op te lossen, niet om trendy te zijn", zegt Chris Pawlus, de creatief directeur bij Timberland die we hier ontmoeten. "Neem nu onze houten huizen. Die zijn in de eerste plaats bedoeld om ons te beschermen tegen de extreme weerscondities. Niet om hippe architectuurmagazines te halen."

Houthakkers en boswachters droegen vroeger rubberlaarzen om hun voeten droog te houden, maar die waren te koud. Dus bedacht de Amerikaanse schoenmakerszoon Sidney Swartz begin jaren '70 de allereerste waterdichte leren schoen. Een hoog model dat de houthakkersvoeten droog én warm hield. Maar waarom geel? "Dat was de goedkoopste kleur", weet Chris Pawlus. "De schoenen zijn niet ontworpen om mooi te zijn, maar om mensen te helpen overleven in de ruige natuur van New Hampshire. New England is niet gewoon een streek. Het is een cultuur, een manier van denken. Het landschap mag dan prachtig zijn, het is een continue queeste om in deze extreme seizoenen te overleven."

Dat was al zo voor de Pilgrim Fathers: de allereerste Engelse kolonisten die hier in 1620 aan land kwamen. Met hun schip de Mayflower verlieten ze hun thuisland op de vlucht voor de Engelse staatskerk die alle katholieken, puriteinen en andere niet-anglicanen de nek om wilde draaien.

"De clevere, probleemoplossende spirit van de Pilgrim Fathers zit nog altijd in onze cultuur", zegt Pawlus. "Wij zijn makers. Ambacht en vakmanschap zijn heel belangrijk voor ons. Wij maken producten die zo goed mogelijk onze eigen problemen oplossen. En vaak blijken die ook voor anderen heel nuttig. Denk aan de Yellow Boot voor houthakkers. Zowel New Yorkse fietskoeriers als preppy Harvardstudenten profiteren daarvan."

Timberland dankt zijn filosofie aan de New Englandse filosoof Henry David Thoreau. Die schreef in de 19de eeuw over natuurbehoud, recyclage en leven in harmonie met de natuur. Voor zijn bekendste boek Walden verbleef hij zelfs enkele jaren in een afgelegen, zelfgetimmerd boshutje in Massachusetts. Pawlus: "De spirit van Thoreau ligt ons na aan het hart. Hergebruik is de toekomst. Bij Timberland hebben we een volledige afdeling die enkel bezig is met nieuwe ecologische materialen te ontwikkelen. Naast biokatoen gebruiken we zolen van gerecycleerde autobanden, nylon van afgedankte vissersnetten en veters van herbruikte pet-flessen. Verder runt Timberland sinds 2010 een ambitieus project: 5 miljoen bomen planten in 5 jaar tijd. We zitten al ruim over de helft."

Uitstervend ras

Op onze route noordwaarts komen we in Newmarket langs een 19de-eeuwse katoenmolen. Hier huisde in de jaren '70 de allereerste Timberland-fabriek. Vandaag zit hier BaileyWorks: een onafhankelijk label dat sinds '93 oersterke messenger bags maakt, speciaal voor fietsers.

Enkele dorpjes verderop vinden we een ander oud industrieel pand. Hier zitten een tiental kleine creatieve bedrijfjes waaronder Gus & Ruby: een letterpress service van de vriendinnen Whitney Swaffield en Samantha Finigan. Op de 19de-eeuwse drukpers van Whitneys grootvader drukken ze vooral huwelijksinvitaties, geboorteannonces en chique adreskaartjes. Whitney: "Er stroomt inkt door mijn aderen. Ik ben de derde generatie drukkers. Ik hou van het ambacht, maar wel op een 21ste-eeuwse manier. Al onze ontwerpen maken we op de computer. En in plaats van houten of metalen letters werken we met drukplaten in fotopolymeer: een recycleerbaar plastic waarop we naast typografie ook illustraties kunnen zetten. Jaren geleden raakte de oude drukpers uit de mode, omdat het veel te arbeidsintensief was en dus te duur. Maar dat tij is nu helemaal aan het keren. Mensen zijn de anonimiteit van digitaal drukwerk beu. Ons product is 100 procent handwerk, gemaakt met liefde en passie. Dat voel je. Internationaal is er een echte community van letterpersers. Er zijn allerhande fora, blogs en meetings van drukkers. Wij geloven er heilig in: papier heeft toekomst. Drukkers zijn geen uitstervend ras."

Samantha: "Aanvankelijk dachten we om te starten in New York, maar we verloren ons hart aan New Hampshire. De architectuur is prachtig en de bevolking steunt hier veel meer kleine artisanale ondernemers."

Een mooi voorbeeld daarvan is Grain Surfboards, vlak bij de York Beach aan de kust in Maine. Een bedrijf dat milieuvriendelijke surfboards maakt. Ze gebruiken lokaal gekapt hout en veel recyclagemateriaal.

Belgisch bier

's Avonds gaan we naar Kittery, een dorpje aan de Piscataqua. Her en der zien we houten huisjes gebouwd in het water. Ze hangen vol boeien in de meest uiteenlopende kleuren en strepen, bedoeld voor de vangst van kreeft, de lokale specialiteit. Vanavond is er een vernissage in Buoy Gallery (Engels voor boei). Alex Mead startte de galerie voor lokale artiesten in 2008. "Omdat ik een lage drempel wil, organiseer ik één keer per jaar een open podium", zegt hij. "Iedereen die iets heeft gemaakt, mag het hier komen ophangen en verkopen. Dit is een non-curated selection. Dat de kwaliteit wisselend is, stoort me niet. Creatief bezig zijn, geeft mensen een boost. Dat vind ik belangrijk."

In de galerie speelt een lokaal bandje dat het midden houdt tussen hippie en hipster. Die mix geldt voor al het volk dat hier rondhangt: een kruising van Bent Van Looy en Mumford and Sons. Toch is de sfeer heel ongedwongen. De bezoekers zijn misschien hip en zelfbewust, maar vooral low profile en sympathiek.

Alex runt niet alleen de galerie, hij werkt ook in het café-restaurant naast de deur, genaamd Black Birch: "De inwoners van Kittery vormen een hechte community. Iedereen kent elkaar. Er wonen hier veel artiesten en muzikanten. In de galerie krijgen ze een podium en bij Black Birch komen ze er eentje drinken. Seizoensproducten, bio en from farm to table dicteren de menukaart van Black Birch. De chefs doen al hun boodschappen bij boeren en vissers uit Maine."

Plots valt ons oog op de eindeloze rij tapkranen op de toog. Alex: "Bier is hier mateloos populair. Er zijn talloze onafhankelijke producenten. Alleen al in New Hampshire zijn er al dik dertig microbrouwerijen, waarvan velen werken volgens de Belgische traditie. Bij Black Birch hebben we steevast 24 soorten op de tap, een selectie die regelmatig wisselt."

Tot de selectie van vanavond behoren onder meer Petrus, Piraat, Ommegang en Gaspar. Wie had ooit kunnen denken dat we onze zoektocht naar de bakermat van de hipheid zou eindigen met enkele glazen vergeten Belgische bieren.

In New England maken de mensen alles zelf: muziek, outdoorkleding, houten surfboarden en authentiek drukwerk. 'De crisis raakt ons niet zo hard.'

Uit de ludieke

tapkranen van de Black Birch vloeit

ook Belgisch bier.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234