Woensdag 18/09/2019

Surrealisme

Dirk Van Saene en Walter Van Beirendonck doen 'Vreemde dingen' in Rotterdam

in een gewaagd kleedje

Om het kwartier vliegt een Boeing brullend over het Rotterdamse museum Boijmans Van Beuningen, een geluidsgrapje van Walter Van Beirendonck en Dirk Van Saene. Zij mochten zich uitleven bij de enscenering van de tentoonstelling Vreemde dingen. Surrealisme en design.

DOOR Agnes Goyvaerts

ROTTERDAm l 'Waar hebben jullie de mensen gevonden die zoiets konden bedenken?', riep de Engelse curator Ghislaine Wood bewonderend uit, toen ze de plannen van het Antwerpse modeduo onder ogen kreeg.

Terecht. Want hoewel een groot deel van de geëxposeerde stukken afkomstig zijn van het Londense Victoria & Albert Museum, zijn ze hier in een veel passender context te zien. Van Beirendonck en Van Saene baseerden zich op de etalagepop en losse lichaamsdelen, vaak terugkerende elementen in het surrealisme. Hun toonkasten zijn meterslange armen en benen, de juwelenkast is een hoofd van bijna vijf meter hoog en de meubelstukken staan gepresenteerd op witte borsten met felroze tepels.

"Ons eerste idee", zegt Van Saene wanneer ik met de twee door de expo in opbouw wandel, "was om met de objecten zelf oneerbiedig om te springen. Te stapelen of zo. Maar dat kon onmogelijk. Die dingen kosten fortuinen. Ze zijn stuk voor stuk overgevlogen met een bewakingskoerier. Van zodra ze hier in het museum aankwamen, mocht er niet meer aan geraakt worden."

De bezoeker raakt bij het binnenkomen meteen in een irreële greep : over een rode loper word je tussen vergulde touwen (die van worstjes gemaakt blijken) en draaiende, groene verticale borstels naar een van de bekendste objecten van het surrealisme toegezogen, de lippenfauteuil van Salvador Dalí. Hij staat hier niet, zoals in Londen, gewoon op een sokkel, maar voor een reusachtig scherm waarop het hoofd van Mae West wordt geprojecteerd, die een lome knipoog geeft. "We wilden van meet af aan een droomsfeer creëren", zegt Van Beirendonck.

De grote, heldere ruimte van het museum wordt door de reusachtige witte ledematen min of meer in kamers opgedeeld. Wie de winkel van WALTER in Antwerpen kent, kan er zich allicht iets bij voorstellen. We staan voor het schilderij La jeunesse illustrée van René Magritte. Door een eindeloos grasland kronkelt een weg waarop een stoet van objecten staat, van een regenton en een vrouwentorso tot een biljarttafel. "Toen Thimo te Duits van Boijmans Van Beuningen onze winkel zag, moest hij aan dit schilderij denken", vertelt Van Beirendonck. "Zo ontstond het idee om ons de opstelling hier te laten verzorgen."

Hoewel er veel (van foto's) bekende stukken staan, is het fascinerend om ze in werkelijkheid te zien, dat vinden ook Van Beirendonck en Van Saene. De korsetstoel van Leonor Fini, de met rode zijde beklede kruiwagen van Oscar Dominguez (1937), waar Man Ray in hetzelfde jaar een mannequin in avondjapon in fotografeerde, het met bont beklede kopje en het tafeltje op vogelpoten van Meret Oppenheim, de skeletjurk van Elsa Schiaparelli. "Wij waren echt geen specialisten van het surrealisme", zegt Van Beirendonck, "maar we zijn natuurlijk alles gaan lezen en bekijken wat we konden vinden. We ontdekten een fantastische periode, waar heel veel kon en waar ook veel controverse was." We staan voor een scherm en kijken naar scènes uit de film Un chien Andalou van Luis Bunuel. We zien echte balletkostuums ontworpen door Miro, en ernaast de film van het voor die tijd ongetwijfeld ophefmakende ballet. "Dat is pure Anne-Teresa!", roept Van Saene.

Door hun samenwerking met de toegepaste kunsten - mode, design, architectuur, grafiek, reclame - haalden de surrealisten zich vaak hoon en misprijzen op de hals van de 'echte artiesten' uit hun tijd. Nochtans zijn er pareltjes van gewaagde ontwerpen uit voortgekomen, die vandaag zelfs niet meer politiek correct geacht zouden worden. Denk maar aan een mantel van langharig zwart apenhaar (1938) in de etalage van Elsa Schiaparelli's winkel op de Place Vendôme, die hier is gereconstrueerd. Fashion victims gaan niettemin helemaal hyperventileren bij de kast met lange handschoenen, enkellaarsjes en handtas van zwart apenhaar van Schiaparelli, en de juwelen van Dalí, zoals de Zeester of de lippen van May West, bezet met vuurrode robijnen en witte parels.

Als toemaatje hebben Walter en Dirk in een aanpalende zaal een greep gedaan uit hedendaagse kunst, mode en fotografie, met onder meer een bultenjurk van Comme des Garçons, foto's van Inez van Lamsweerde en de Stockman van Martin Margiela. Genoeg bewijzen dat het surrealisme niet dood is. "Thimo te Duits wou dat de tentoonstelling minder calvinistisch zou zijn dan in Londen", lacht Van Saene, "een beetje katholieker". "Niet dat wij zo katholiek zijn", vult Van Beirendonck aan, "maar ze is wel sensueler en sexyer geworden."

Vreemde dingen, tot 13 januari 2008, Boijmans van Beuningen, Museumpark, Rotterdam. www.boijmans.nl.

Dirk Van Saene en Walter Van Beirendonck:

We wilden van meet af aan een droomsfeer creëren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234