Woensdag 16/10/2019

Subliem overzicht van Caravaggio's laatste levensjaren in de National Gallery in londen

De mens, daar gaat het Caravaggio altijd om. In al zijn schilderijen voel je het medeleven, het mededogen met de mens

De Scorsese van de zeventiende eeuw

Zestien. Zelden of nooit heeft de National Gallery in Londen zo weinig schilderijen in een tentoonstelling gehangen. Tegelijk is er zelden zoveel te zien geweest. Caravaggio: The Final Years brengt de stormachtige en tragische laatste vier levensjaren in beeld van Caravaggio - rebel, bandiet, moordenaar, geniaal schilder. De schilderijen die hij onderweg maakte, op de vlucht voor het gerecht, zijn overrompelend. Het is een oefening in traag kijken. Wat een ervaring: het wordt moeilijk deze expositie in 2005 te overtreffen.

Londen

Van onze verslaggever ter plaatse

Eric Rinckhout

Zes in het halfduister badende zalen, zestien monumentale werken die gevangenzitten in het licht van de schijnwerpers. Licht en schaduw, daarmee schilderde Caravaggio en boetseerde hij de lijven op zijn doeken. In dat heldere licht en dat soms diepe zwart zijn de zalen gedompeld om de schilderijen hun volle kracht en kleurenrijkdom te geven. Het is een meesterlijke enscenering met zinvolle confrontaties en subtiele doorkijkjes.

Het zijn de schilderijen, alleen de schilderijen die alle aandacht opeisen. Niet één tekstbord hangt in de zalen, het zou inderdaad alleen maar storen. De sfeer is die van de duistere Italiaanse kerken, waar de meeste schilderijen van Caravaggio hingen en waar ze vaak - in Rome en Napels - nog altijd hangen.Het zijn de plekken waarvoor ze bedoeld waren. Door de zestien werken te verdelen over zes zalen - twee zalen met maar twee werken en één zaal voor één absoluut topwerk - zit ook het ritme voortreffelijk. Eigenlijk heeft de National Gallery zes kapellen gemaakt waar Caravaggio gecontempleerd kan worden.

Caravaggio is eeuwenlang vergeten. In zijn tijd, hij leefde van 1571 tot 1610 en stierf voor zijn veertigste, was hij berucht en beroemd. Pas in 1951 bracht een tentoonstelling in Milaan hem weer voor het voetlicht. Zijn stijl was revolutionair. Hij koos voor expressiviteit en de fysieke, tastbare aanwezigheid van de personages. Compositie kwam op de tweede plaats, het was de levensechtheid, de overtuigingskracht van handen, koppen en lijven die hem fascineerde. Van Caravaggio zijn geen tekeningen, geen voorstudies bekend. Blijkbaar zit er onder zijn verf ook geen ondertekening in houtskool. Dat wijst erop dat hij meteen in verf aan de slag ging.

In Italië, waar men rond 1600 nog altijd koos voor de uitbeelding van het ideale menselijke lichaam, haalde Caravaggio het volk van de straat in zijn atelier en gebruikte het als model voor zijn waarzegsters en fruitverkopers, voor jonge mooie muzikantjes en cupido's allerhande. Dat kon nog net. Moeilijker werd het als hij die doodgewone mensen, met een kapotte mouw, vuile voeten, zwarte nagels, verweerde handen en verrimpelde gezichten liet poseren als Maria , Jozef en een resem heiligen. Bedelaars gebruikte hij voor pelgrims en herders in een Aanbidding, een zwangere hoer die in de Tiber verdronk, was zijn model voor de Dood van Maria. Dat schilderij werd geweigerd door een woedende kardinaal. De Madonna dei Palafrenieri werd na een maand uit het Vaticaan verwijderd wegens 'te afwijkend'.

De controversiële Caravaggio hield zich bovendien op met het tuig van de richel dat hij schilderde. Hij joeg zijn geld erdoor, liep in stinkende kleren, was een onmogelijke mens, een rebel en, veel erger in de tijd van de Contrareformatie, hij zou - zóú - homoseksueel zijn geweest. "Een doodzonde", bekende hijzelf. Wijwater kon die niet uitwissen.

Op 28 mei 1606 neemt zijn leven een tragische wending. Die dag doodt Michelangelo Merisi da Caravaggio een tegenstrever in een duel. De aanleiding zou een meningsverschil over een balspel zijn geweest. Hij wordt ter dood veroordeeld en vlucht uit Rome weg. Hij zou er nooit meer terugkeren. Hij verschuilt zich in de heuvels buiten Rome en buiten de jurisdictie van de paus, op het landgoed van de familie Colonna, heren van zijn geboortedorp Caravaggio in Lombardije en mecenassen die hem altijd al in bescherming hebben genomen. Daar schildert hij Het avondmaal in Emmaüs, een onderwerp dat hij vijf jaar vroeger ook al eens uitbeeldde.

Met die twee schilderijen opent de tentoonstelling in Londen. Meteen wordt duidelijk wat die vijf jaar, en vermoedelijk ook de recente gebeurtenissen, in het hoofd van Caravaggio hebben aangericht. In de vroege Emmaüs-versie zijn de personages levensgroot en levensecht, hun gebaren zijn weids, een arm en een elleboog lijken wel uit het doek te komen. Christus is een jonge, nauwelijks herkenbare man. Daar draait die hele bijbelse episode net om: het is een oefening in zorgvuldig kijken. Pas als Christus het brood zegent, herkennen de pelgrims hem. Hun verbazing is groot.

De tweede, jongere versie uit 1606 is veel somberder. Minder actie, meer reflectie. Christus lijkt te aarzelen, is in gedachten verzonken. Het is een emotioneler, intiemer doek dat ook met een andere hand is uitgevoerd: ingetogener, aarzelender bijna, met een palet waar de bruintinten overheersen. Er is ook minder bravoure. Is dit het werk van een twijfelend schilder? Zegt het iets over zijn gemoedstoestand? Over berouw? Het is in elk geval een weg die Caravaggio in zijn laatste levensjaren vaker zal bewandelen. Maar hij blijft ook zichzelf: we zitten met onze neus op het tafereel, de belichting is dramatisch, het lijkt om een gestold moment in de tijd te gaan. Alsof de regisseur net Cut! heeft geroepen.

Enkele maanden later is Caravaggio in Napels, een bruisende stad die op dat moment drie keer zo groot is als Rome. Daar zet hij een monumentale Geseling van Christus op, een werk van een schokkende brutaliteit. Christus wordt geschopt en aan de haren getrokken. Kijk vooral hoe de touwen in zijn armen snijden. Kijk naar de kracht die uitgaat van de schoppende man, de kreet die de man met de ingedeukte neus slaakt. Dat fysieke geweld, heeft Caravaggio dat leren kennen in zijn gevechten? Het schokkendst aan het tafereel is dat het uitzichtloos geweld is, gepleegd door doodgewone mensen. Hoewel het om Christus gaat, lijkt de redding niet nabij. Caravaggio heeft de bijbelse scène gereduceerd tot de menselijke - of beter de onmenselijke - essentie. De mens, daar gaat het Caravaggio altijd om. En in al zijn schilderijen voel je het medeleven, het mededogen met de mens.

Schuld, boete en geweld. Voeg daarbij de spanning tussen mens en ruimte, de zin voor drama en theatraliteit. Hoeft het ons dan te verbazen dat de Amerikaanse filmregisseur Martin Scorsese het oeuvre van Caravaggio prijst en over hem zegt dat hij, in de twintigste eeuw, geen schilder maar een vooraanstaand filmregisseur zou zijn geweest?

In juli 1607 is Caravaggio op Malta, waar hij hoopt deel te kunnen gaan uitmaken van de hospitaalridders. Als men hem tot ridder zou slaan, zou dat de pauselijke gratie vergemakkelijken. Hij schildert er een enorm werk, De onthoofding van Johannes de Doper (zie kader), een overtuigend portret van een Maltezer ridder en een vreemde, lelijke, dikbuikige cupido, die in slaap is gevallen op zijn vleugels. Het jongetje lijkt te kwijlen en te snurken. Zijn mond met vooruitstekende tandjes is een opmerkelijk detail. Een typische Caravaggio.

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. De schilder raakt weer betrokken in een vechtpartij, wordt opgesloten in het bastion Sant'Angelo maar slaagt erin te ontsnappen, vermoedelijk met hulp van de cipiers. Wat later is hij op Sicilië, waar hij in Syracuse, Messina en Palermo altaarstukken maakt die tot zijn allerbeste werk kunnen worden gerekend. In Londen hangt een monumentale Aanbidding van de herders, met een moeë Maria die op de grond ligt en vooral oog heeft voor haar pasgeboren kind, niet voor de haveloze herders. Er zijn geen geschenken, er is geen goddelijk licht, de wereld is duister.

Als een Klein Duimpje laat Caravaggio een spoor van meesterwerken achter. Overal waar hij komt, krijgt hij opdrachten. Hij mag dan op de vlucht zijn, men kent hem. Op dat moment is hij Italiës beroemdste en meest gevraagde schilder.

In oktober 1609 dan duikt hij weer op in Napels. In een herberg vlak bij de haven wordt hij verwond en krijgt hij messteken in zijn gezicht. Het zou gaan om een vendetta. De tentoonstelling eindigt dan ook, bijna toepasselijk, met een aantal onthoofdingen die hij rond die tijd geschilderd zou hebben, maar die chronologie is hoogst twijfelachtig. Dat doet uiteraard geen afbreuk aan de werken, waaronder twee keer een overrompelende Salome met het hoofd van Johannes de Doper.

In de laatste zaal hangt helemaal alleen het topwerk David met het hoofd van Goliath. Opmerkelijk is dat de afgehakte, nabloedende kop van de reus een zelfportret van Caravaggio is. Identificeerde hij zich met het kwaad? Vond hij dat hij gestraft moest worden voor zijn daden? De wandelbrochure suggereert dat Caravaggio het schilderij heeft gemaakt om opnieuw in de gratie van de paus te komen: hij gaf een schilderij in plaats van zijn eigen hoofd.

Misschien had hij het doek wel bij zich toen hij, begin juli 1610, terug wou keren naar Rome. Onderweg werd hij gearresteerd. Hij kocht zich vrij maar ontdekte dat het schip met zijn schilderijen al vertrokken was. Dol van woede ging hij het achterna, maar liep in de moerassen van de kuststreek vermoedelijk malaria op en stierf op 18 juli 1610 in Porto Ercole, ten noorden van Rome.

Het weinige dat we van Caravaggio's leven weten, komt uit politieverslagen en van jaloerse collega's. Wel beschikken we over tientallen magnifieke meesterwerken van een van de geniaalste schilders uit de geschiedenis.

Op 18 juli 1610 stierf Caravaggio en werd een mythe tot leven gewekt.

Caravaggio: The Final Years in de National Gallery, Trafalgar Square, Londen. Tot 22 mei. Dagelijks van 10 tot 18 uur, woensdag en zaterdag tot 21 uur. Info: www.nationalgallery.org.uk en 0044-20/77.47.28.85. Er is een tentoonstellingsbrochure, een audiogids en een catalogus beschikbaar.

Er rijden op weekdagen tien Eurostar-treinen tussen Brussel-Zuid en Londen-Waterloo. Info: 02/528.28.28 en www.eurostar.com.

Welke Caravaggio's zijn er niet in Londen?

Caravaggio: The Final Years was eerder in Napels te zien en helaas hebben drie schilderijen de overtocht niet gemaakt. De zeven werken van barmhartigheid hangt weer op zijn plaats achter het hoofdaltaar van de kerk van Pio Monte della Misericordia in Napels. Het is een merkwaardig altaarstuk, onder meer door de jonge vrouw die een oude man de borst geeft en een aantal engelen die aan luchtacrobatiek doen. De Schrijvende heilige Hiëronymus uit Valletta (Malta) heeft de reis naar Londen niet gemaakt. Dat geldt ook voor het enorm grote werk De onthoofding van Johannes de Doper, dat in een zijbeuk van Saint John's Co-Cathedral in Valletta hangt, en dat, gezien zijn afmetingen, nooit meer zal reizen.

Bijzonder jammer is het ontbreken van De begrafenis van de heilige Lucia uit Syracuse, een bevreemdend tafereel dat zich afspeelt in een bijna surreële crypte. Vier bij drie meter. Een sleutelwerk. (ER)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234