Vrijdag 18/10/2019

Deelfietsen

Strooifietsen zijn de toekomst: “De nieuwe stedeling wil fietsen delen”

Alexander De Bièvre en Pierre de Schaetzen Beeld Tim Dirven

Steeds meer gemeenten lonken naar deelfietsen. Deze twee ondernemers wijzen hen de weg. Ze hebben allebei een Frans klinkende naam, wonen allebei in Brussel en startten allebei een start-up waarbij fietsen delen centraal staat. Toch zijn Pierre de Schaetzen van Billy Bike en Alexander De Bièvre van Mobit geen concurrenten van elkaar. “We hebben elkaar nodig om gewoontes van burgers en overheden te veranderen.”

De eerste kennismaking van België met zogenaamde strooifietsen was er een om snel te vergeten. Bedrijven als oBike en GoBee.Bike plaatsten in 2017 uit het niets duizenden fietsen in de hoofdstad. Door de QR-code te scannen konden Brusselaars met de fietsen rijden door de hele stad. De bedrijven, met hoofdzetels in Singapore en Hongkong, beloofden het mobiliteitsprobleem in Europese steden op te lossen.

In plaats van een oplossing werd het een plaag. Overal in Brussel struikelden burgers over de gele en groene deelfietsen. Ze werden achteloos achtergelaten door gebruikers, of zelfs in bomen en bovenaan verkeersborden opgehangen. Uiteindelijk trokken oBike en GoBee.Bike, ondertussen failliet, zich na enkele maanden terug uit Brussel en de rest van Europa. Cynici zouden na die passage zeggen: mensen zijn niet gemaakt om te delen. Elk deelsysteem is gedoemd om te mislukken.

De Morgen bracht met Pierre de Schaetzen (29) van Billy Bike en Alexander De Bièvre (32) van Mobit twee jonge ondernemers samen die niet alleen het tegenovergestelde denken, ze willen Brussel en Vlaanderen tonen dat deelfietsen, die je niet per se in een aangewezen fietsenstalling moet achterlaten, een essentieel onderdeel zijn in de mobiliteitsoplossingen van de toekomst. Zowel voor steden, als voor gemeenten. Zowel voor particulieren, als voor bedrijven. 

Bedrijven met honderden miljoenen investeringen, zoals Didi, Uber en Bird, zetten hun geld in op deelfietsen en -steps. Maken jullie een kans tegen die spelers?

De Bièvre: “We zitten in de tweede golf van de deelsystemen. De eerste golf van Aziatische spelers, die met veel arrogantie en zonder veel overleg hun fietsen dropten in de stad, is voorbij. Ik zie in die tweede golf veel Europese initiatieven. Zulke lokale bedrijven, die meer geënt zijn op de Europese markt, hebben meer kans op slagen. Het is superbelangrijk dat je een goede relatie hebt met de stad of gemeente waar je fietsen hebt. Wij zijn altijd eerst met de overheid gaan onderhandelen om te kijken hoe we precies te werk kunnen gaan.”

“Nu zijn die Amerikaanse spelers met hun steps in Brussel en Antwerpen geland. Ik ben benieuwd hoe zij het zullen doen. Het is niet omdat je bedrijf oneindig diepe zakken heeft dat je slaagt in Europa. Geld is niet de doorslaggevende factor, maar de overheid. In Brussel zijn er nu zeven deelstepbedrijven actief. Hoe gaat het gewest daarop reageren?”

De Schaetzen: “Het kabinet van Brussels minister voor Mobiliteit Pascal Smet (sp.a) heeft dat wel slim aangepakt. Ze hebben ingezet op een Brusselse ordonnantie die regels voor alle deelbedrijven in het Brussels Gewest oplegt. Op die manier kan niet elke gemeente zijn eigen reglement uitschrijven. Brussel is al een moeilijke markt voor een Belgische speler zoals wij, laat staan dat een Europees of Amerikaans bedrijf een goeie mobiliteitsoplossing wil komen aanbieden. Als zij met 19 gemeentes zouden moeten onderhandelen, zou dat de boel enorm vertragen. Wij staan ook in nauw contact met de Brusselse overheden en staan achter die nieuwe regels.”

(Lees verder onder het kader)

Pierre de Schaetzen (29), oprichter van Billy Bike

“Toen ik mijn eigen marketingbureau had, wilde ik Scooty (een bedrijf dat elektrische deelscooters uitbaat in Brussel en Antwerpen, FE) binnenhalen als klant. Ik begreep al snel dat zij als start-up geen budget konden vrijmaken om mij te betalen als marketeer.” In zijn onderzoek naar het businessplan van Scooty, vond de Schaetzen één grote zwakte. “Ik ben een fan van Scooty, ik ben hier naartoe gekomen met zo’n scooter. Maar in Brussel heerst er geen scootercultuur. Eén: mensen kunnen er niet mee rijden, en twee: je hebt daar een rijbewijs voor nodig.” De Brusselaar verving in zijn plan de scooters door elektrische fietsen en begon zijn eigen start-up. Billy Bike werd opgericht in mei 2017 en in september 2017 liet De Schaetzen de eerste 150 fietsen los in de hoofdstad.

Hoe verlopen die gesprekken met overheden?

De Bièvre: “Ik ken vooral de Vlaamse kant van het verhaal. Er zijn zeer veel Vlaamse steden en gemeenten, zeker na de verkiezingen, die een deelfietssysteem willen. Ik ervaar een groot enthousiasme en krijg ook veel bestekken binnen. Dat is leuk, maar ik mis visie. Wie over deelfietsen praat, heeft het eigenlijk over mobiliteit. En die link zie ik te weinig. De macht van de lokale gemeenten om ervoor te zorgen dat mensen de auto laten staan is groot, maar de visie moet vanop Vlaams of federaal niveau komen. We zouden trein, tram, bus, deelfiets en step beter op elkaar moeten afstemmen in de bestaande vervoersregio’s. Die 15 vervoersregio’s zijn nog te weinig effectief omdat ze te weinig budget krijgen. Het zijn nu nog de gemeentes die het budget beheren.

Hoe gebruiken mensen jullie diensten dan wel?

De Schaetzen: “Er is een reden die eruit springt om deelfietsen te gebruiken: flexibiliteit. Een Billy Bike is op zich niet de goedkoopste (18 eurocent per minuut, FE), maar daar zijn mensen niet naar op zoek. Er is een nieuwe generatie stedeling die vrijheid en flexibiliteit wil. Die heeft geen eigen fiets of wagen nodig. Dat zijn mensen die ’s middags willen gaan lunchen en wanneer ze in de lift staan, checken ze Google Maps om te kijken hoe ze het snelst tot bij een restaurant geraken. Afhankelijk van de tijd, het weer en hun gemoedsgesteldheid kiezen ze een deelwagen, deelfiets, deelstep, scooter of het openbaar vervoer. Elke dag kunnen ze een nieuwe mix maken.”

“Dat is onze visie op multimobiliteit. Het is helemaal niet de ambitie van Billy Bike om alle trajecten van de Brusselaar te kunnen coveren. Neen, het is wanneer de elektrische oplossing de ideale oplossing is voor hun verplaatsing, dan kunnen ze op ons rekenen.”

De Bièvre: “Wat Pierre zegt klopt. Een deelfiets bevordert flexibiliteit. Die is er niet per se om je eigen fiets te vervangen. In de toekomst vervang je de wagen door een veelheid aan opties die mooi op elkaar aansluiten. Wie weet neem je de fiets naar het station, daar neem je de bus of de trein om uiteindelijk op een deelfiets of een gedeelde bedrijfsfiets te springen. Mobit werkt nu al samen met bedrijven die hun werknemers op die manier stimuleren om hun woon-werkverkeer te doen. En de reacties van die mensen zijn heel positief.”

Wie legt ons de hippe term ‘mobility as a service’ of het MaaS-systeem even uit?

De Bièvre: “‘Mobility as a service’ betekent dat je als eindgebruiker alle mobiliteitsdiensten in één app, in één oogopslag terugvindt. Stel het je voor alsof je Google Maps opent. Daar verschijnen bij de routebeschrijving meteen alle mogelijke verplaatsingsopties met tijd en prijs. Op die manier moet je geen tientallen apps downloaden, kan je een duidelijke keuze maken. In die MaaS-initiatieven zal je ook meteen kunnen betalen.”

“Ik kijk enorm uit naar de komst van die MaaS-spelers. Als je mensen uit de auto wil krijgen, heb je een grote mindshift nodig. Met de grote budgetten die zulke spelers voorhanden hebben, kunnen zij helpen om mensen te informeren en sensibiliseren. Wij kunnen dan als Mobit of Billy Bike deel uitmaken van het ecosysteem dat zij via een app zullen aanbieden.”

Waarom zouden wij daarin geïnteresseerd zijn?

De Schaetzen: “Dankzij die MaaS-spelers zal het aantal fietsen, steps en andere deelvoertuigen alleen maar toenemen. Wij zien nu al dat leasingmaatschappijen erop inspelen. Die stappen nu al naar bedrijven met een pakket waarin een vloot wagens en een vloot fietsen zit. Werknemers kunnen met een app zowel een wagen, bedrijfsfiets of openbare deelfiets reserveren. Op dit moment is dat meestal nog omslachtig, maar het duurt hopelijk niet lang vooraleer werknemers hun mobiliteitsbudget in dat soort apps zullen kunnen verbinden. Het zal zo eenvoudig zijn in gebruik, dat je niks anders meer wilt.”

Hoe kunnen jullie steden en gemeenten helpen om de mindshift te maken?

De Schaetzen: (resoluut) “Met data. Wij monitoren al bijna twee jaar waar fietsen worden opgepikt en waar ze worden afgezet. We zien ook waar mensen een noodstop moeten maken. Binnenkort kunnen we de kwaliteit van het wegdek in kaart brengen. Al die data kunnen steden helpen om hun stad beter af te stellen op de fiets. Voor ons is het belangrijk dat de infrastructuur verbetert. Daar wordt niet alleen Billy beter van, elke fietser in Brussel wordt daar beter van. Neem de Louisalaan bijvoorbeeld. Wij zien in onze data dat daar enorm veel over gefietst wordt, terwijl dat een van de gevaarlijkste fietsplekken is die ik ken.”

De Bièvre: “Overheden zijn inderdaad op zoek naar die informatie. Ze willen die data ook live, in een overzichtelijke en bruikbare interface. Dat is een uitstekende evolutie. Er wacht overheden een belangrijke taak wanneer die MaaS-spelers in onze steden landen. Zij zullen ervoor moeten zorgen dat alles transparant verloopt. Je wilt niet dat de algoritmes betere voorwaarden afsluiten met de ene burger dan met de andere. Overheden zullen de belangen van de burger en het algemeen belang moeten beschermen.”

(Lees verder onder het kader)

Alexander De Bièvre (32), medeoprichter van Mobit

“Ik heb negen jaar in China gewoond, voor studies en voor werk. Daar haalde ik de inspiratie voor een bike sharing-bedrijf.” Mobit werd opgericht in mei 2017 en heeft een kantoor in Evergem en in China. In België is het bedrijf vooral bekend door zijn groene deelfietsen die je onder andere vindt in Mechelen, Antwerpen, Kortrijk en Aalst. “Maar naast operator van deelfietsen concentreren wij ons ook op software- en hardware-ontwikkeling. We hebben een compact slim slot ontwikkeld dat je eenvoudig kan installeren op elk type fiets. Het slot kan gebruikt worden voor deelfietssystemen, maar vooral voor de beveiliging van je eigen fiets.”

Waar focussen jullie de komende maanden op?

De Schaetzen: “Tot 15 januari zat Billy Bike in een testfase. We hanteerden een limiet van 500 gebruikers op een beperkte oppervlakte van 12 vierkante kilometer. Nu heel onze operationele organisatie op punt staat en de tweede generatie Billy Bikes klaar zijn, willen we met 600 fietsen 50 vierkante kilometer dekken in Brussel. Mogelijk gaat het om tienduizenden gebruikers.”

De Bièvre: “Er rijden op dit moment 1.500 Mobit-fietsen rond in Vlaanderen. Maar naast operator zijn wij vooral een technologiebedrijf. We zijn een nieuw slim slot aan het ontwikkelen voor zowel de particuliere als de deelfietsenmarkt en bouwen voort aan software op maat van bedrijven die gebruiksvriendelijke bedrijfsfietsen willen introduceren. En we kijken ook naar de buurlanden. Met ons slim slot hebben wij een interessant stukje technologie in handen die iedereen gemakkelijk op zijn fiets kan installeren.”

Zijn jullie dan concurrenten van elkaar?

De Schaetzen: “Neen, Mobit gaat een heel andere richting uit. Ik ben misschien wel geïnteresseerd in dat slot. Maar de uitdaging in onze sector is niet elkaar beconcurreren op de bestaande markt. Er is namelijk een veel grotere markt die nog niet beseft dat wij diensten aan het uitbouwen zijn die ook voor hen interessant kunnen zijn. Ik werk liever samen met innovatieve bedrijven zoals Mobit, Troty en Scooty om de deelmarkt te vergroten.”

De Bièvre: “Ik kon het zelf niet beter zeggen. We moeten samen de mindset van burgers en politiek veranderen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234