Woensdag 12/05/2021

Strijd tegen armoede werd opgevoerd

Luc Martens (CVP) poogde welzijnswerk meer te structureren

Tegen het einde van de regering-Dehaene I werd een groots verslag over de armoede in België gepresenteerd. Het thema haalde de afgelopen vier jaar nooit de voorpagina's maar er werd wel gestaag voortgewerkt. De welzijnswerkers kijken gematigd positief terug op zowel de federale als de Vlaamse regering.

Een van de belangrijkste gevolgen van het Algemeen verslag over de armoede is dat de gezondheidszorg toegankelijker is gemaakt voor zwakkere groepen. Door opeenvolgende besparingsmaatregelen was medische zorg voor sommigen te duur geworden. De afgelopen jaren is dat ingrijpend bijgestuurd, via een aantal maatregelen die plafonds aanbrengen op de eigen bijdragen van de patiënten.

De rusthuizen blijven wel een probleem. De ziekteverzekering blijft te kleine budgetten opleggen, waardoor de financiële problemen blijven. Via de Vlaamse 'zorgverzekering' zou er beterschap moeten komen. Die verzekering zou een subsidie uitkeren aan mensen die zorg (niet-medische hulp) nodig hebben. De maatregel is wel snel, snel door het Vlaams Parlement gejaagd en het gebrek aan onderbouw zal nog tot veel discussies aanleiding geven.

Een andere ingreep voortvloeiend uit het armoedeverslag is de steun aan de steden, via het Sociaal Impulsfonds (SIF), waarmee de federale overheid geld ter beschikking stelt. Frans De Stoop, voorzitter van de koepelvereniging van Vlaamse OCMW's (Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn), vindt de SIF-acties een succes. Administratief is het te complex, maar gezamenlijk mikken op stadsontwikkeling en armoedebestrijding werpt vruchten af. Bovendien verbetert het de samenwerking tussen OCMW's en gemeenten.

De federale regering krijgt van De Stoop wel slechte punten voor het asielbeleid. "Wij mogen de illegalen niet helpen, terwijl ze ook niet worden verwijderd." Dat leidt soms tot schrijnende situaties. Ofwel moet er een gedoogstatuut komen, zodat die mensen kunnen worden opgevangen in menswaardige omstandigheden. Ofwel moeten ze snel het land uitgezet worden.

Over de Vlaamse regering zijn de OCMW's nog genuanceerder, vooral op organisatorisch vlak. Minister van Welzijn Luc Martens (CVP) heeft het voor OCMW-ziekenhuizen mogelijk gemaakt om met privé-ziekenhuizen samen te werken of te fuseren. Door meteen ook een soepeler statuut aan te nemen, kunnen de openbare ziekenhuizen voortaan beter hun mannetje staan. Vroeger werden de OCMW's en hun diensten verstikt in de administratieve lasten en beperkingen.

Tegenover die positieve ingreep staan er echter ook heel wat negatieve evoluties. Zo lijkt de Vlaamse regering een stevige voorkeur te hebben voor vzw's. Voor nieuwe initiatieven in bijvoorbeeld de thuiszorg en de sociale werkplaatsen is voor dit statuut gekozen. De OCMW's kunnen evenwel geen vzw-statuut aannemen. "Wij mogen de sociale rol die de wet voor ons heeft uitgestippeld, niet vervullen", zo luidt de klacht. In het pact dat de Vlaamse regering met de lokale besturen sloot op het einde de legislatuur, is de rol van de OCMW's wel erkend. Toch blijven de OCMW's in een ondergeschikte rol steken.

"Ik begrijp dat niet. Eerst maakt de hogere overheid wetten om OCMW's op te richten, en kent ze die OCMW's initiatiefrecht toe. En vervolgens worden wetten gemaakt die de uitvoering van die eerste wetten onmogelijk maken, die ons hinderen in onze actie", aldus De Stoop. "Bovendien ontvangen we van die hogere overheid geen geld voor de taken die ze ons oplegt. Nu ons steeds meer taken worden opgelegd, wordt dat onhoudbaar."

Een steeds luider klinkende klacht in de sector is het gebrek aan coherentie in het beleid, aan samenhang tussen de maatregelen van de verschillende overheidsniveaus. De problemen doen zich niet enkel voor tussen de federale en de Vlaamse overheid, maar ook binnen de twee regeringen. Op Vlaams niveau bijvoorbeeld liggen de maatregelen van minister van Welzijn Martens niet altijd in dezelfde lijn als die van Vlaams minister van Gezondheidsbeleid Wivina Demeester (CVP). De bevoegdheden moeten gegroepeerd worden bij één minister, zo vraagt de sector.

Die sector is wel tevreden over de betere dialoog, zo stelt Frank Cuyt van de koepelorganisatie van christelijke jeugd- en gehandicapteninstellingen. Op Vlaams niveau is een 'gezins- en welzijnsraad' opgestart. Daardoor is een breder overleg mogelijk, sectoroverschrijdend.

Dat overleg maakt deel uit van een betere structurering van de welzijnssector. Nu bestaan er tientallen organisaties, met tientallen specialiteiten en tientallen vormen van subsidiëring. Via de centra voor algemeen welzijnswerk zou die versnippering moeten minderen. Iedereen geeft toe dat dat een moeizaam proces blijft.

Frank Cuyt wijst ook op de grotere inspraak en interesse van het Vlaams Parlement. De afgelopen legislatuur werden grote debatten georganiseerd over onder meer het jeugd- en gehandicaptenbeleid.

Wie welzijnswerk zegt, spreekt meteen over personeelsproblemen. De afgelopen legislatuur ging er opnieuw een golf van witte woede door het land. De eisen van de vakbonden handelden vooral over de personeelsomkadering. De werkdruk in de sector is te hoog. De lonen waren al opgetrokken, maar de werkomstandigheden bleven te slecht. Zowel de Vlaamse als de federale regering hebben extra middelen, voor extra personeel, ter beschikking gesteld. De sector dringt nu aan op aandacht voor het leidinggevend personeel. Er moet meer aandacht gaan naar het management, en meer geld naar de managers. Dirk De Wilde

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234