Zaterdag 19/06/2021

Straks ontdekt iemand dat ik in feite niks kan

Succesvolle mensen mogen ogenschijnlijk blaken van zelfvertrouwen, vanbinnen leeft de angst om door de mand te vallen. Het maakt niet uit hoe ver ze het hebben geschopt, velen blijven denken dat ze incompetent zijn en de boel belazeren. Herkenbaar? Maak kennis met het impostor- of bedriegers-syndroom.

'Vandaag of morgen komen ze erachter dat ik deze baan eigenlijk niet aankan.'

'Ik heb mijn positie alleen maar gekregen omdat de directie me sympathiek vindt.'

'Ze hadden me nooit gekozen als ik niet simpelweg op het juiste moment op de juiste plek was.'

Het lijken onzinnige gedachten voor capabele mensen met een curriculum om U tegen te zeggen. Toch heeft een flink deel van alle uitblinkers het gevoel dat ze iedereen voor de gek houden, of ze nu CEO, professor of gevierd acteur zijn. In 1978 al gaven psychologen Pauline Clance en Suzanne Imes een naam aan de angsten: het impostor syndrome ofwel bedriegerssyndroom. Mensen die er last van hebben, twijfelen doorlopend aan hun intelligentie en competenties. Maken ze promotie of een goede deal, dan schrijven ze dat toe aan externe factoren, niet aan zichzelf.

Nu steeds meer vrouwen doorstoten tot de top van de politieke en economische wereld, neemt het fenomeen nog grotere dimensies aan. Schijnbaar voelen vrouwen zich namelijk vaker dan mannen een 'impostor'.

Voor iemand die er niet door geplaagd wordt, is het moeilijk zich erin te verplaatsen. Waarom zou iemand in godsnaam denken dat zijn of haar topbaan alleen te danken is aan toeval of een leuk smoelwerk? Een bedrijf zou wel gek zijn om een hoogst verantwoordelijke job op grond daarvan weg te geven.

Maar voor anderen zal het bedriegerssyndroom pijnlijk herkenbaar zijn. Voor véél anderen, zelfs. Schattingen uit onderzoeken lopen uiteen, maar zo'n veertig tot zeventig procent van alle succesvolle mensen zou er last van hebben. Het is alleen niet iets waarover makkelijk gepraat wordt. Iemand die denkt dat-ie stiekem de zaak bedriegt, wil immers geen slapende honden wakker maken.

Waarom doe ik dit?

Een aantal mensen heeft het aangedurfd om over die angsten te praten. Veel van hen zijn acteurs, die toch al gewend om hun ziel bloot te leggen. Don Cheadle, Will Smith en Kate Winslet vrezen geregeld ondermaats te zijn. Mike Myers is zelfs bang dat de no-talent police hem elk moment kan arresteren. Meryl Streep zegt over haar twijfels: "Je denkt: 'Waarom zou iemand mij nog eens in een film willen zien? En ik kan toch niet acteren, dus waarom doe ik het?'"

In andere beroepsgroepen wordt minder uit de school geklapt, maar overal kampen hoogvliegers met gevoelens van tekortschieten. Volgens Piet Depuydt, die een boek schreef over Maurice Lippens (De kloof), vertelde de Fortis-topman zijn omgeving herhaaldelijk dat hij vreesde ontmaskerd te worden als een matig leider. Of zijn gevoelens terecht waren, daarover zullen de meningen verdeeld zijn.

Het ironische is dat mensen die daadwerkelijk niet veel in hun mars hebben, daar vaak blind voor zijn. Presteren ze belabberd, dan ligt dat niet aan henzelf. Nee, dan is dat aan anderen of de omstandigheden te wijten. Maar als zij eens een succesje behalen, is dat volgens hen omdat ze zo getalenteerd zijn. Precies de tegenovergestelde redenering dus, in vergelijking met degenen die aan het bedriegerssyndroom lijden.

Onder hen die zichzelf overschatten, bevinden zich meer mannen dan vrouwen. In de groep mensen die zichzelf onderschatten, zijn vrouwen oververtegenwoordigd. Het is een beeld dat voldoet aan de stereotypen. Mannen bluffen een eind weg, terwijl vrouwen zich bescheiden opstellen. Zo zwart-wit is het natuurlijk niet; ook veel mannen kampen met het bedriegerssyndroom. Maar het staat vast dat vrouwen er vaker last van hebben.

Daar zijn een aantal verklaringen voor. Zo moeten vrouwen het dikwijls maken in werelden waarin mannen nog altijd de meeste posities bekleden. Dan is het lastiger om zich thuis te voelen.

Anna (43) heeft een hoge functie bij een groot advocatenkantoor. "Al tijdens mijn studie had ik vaak het idee dat ik elk moment ontmaskerd kon worden. Maar op mijn werk is het erger. De cultuur van de werkvloer wordt bepaald door de mannen, ik val er soms echt buiten. Als er dan weer eens een opmerking wordt gemaakt die ik niet begrijp, denk ik: zie je wel, ik hoor hier niet. Het is gewoon een kwestie van tijd voor ze erachter komen en ik eruit vlieg. En dat terwijl ik er al vele jaren werk."

De resultaten die ze behaalt, vormen niet het probleem. "Op zich doe ik het oké, ik maak goede deals. Maar ik ben altijd bang dat het een kwestie van geluk was en dat de volgende totaal mislukt."

Vooroordelen

Een andere reden waarom het bedriegerssyndroom vaker opduikt bij vrouwen is een lelijke: ze worden wérkelijk als minder competent dan mannen gezien. Óók door vrouwen. Er mag dan een flinke inhaalslag zijn gemaakt, oude vooroordelen blijven spelen.

Onderzoeken hebben veelzeggende resultaten opgeleverd. Toen aan professoren identieke cv's werden voorgelegd, waardeerden ze die waar een mannennaam boven stond hoger. Dat gold voor zowel mannelijke als vrouwelijke professoren. Bij een andere test werden musici bij audities door een scherm aan het oog onttrokken, zodat men niet kon zien of het om een man of een vrouw ging. Wat bleek: vrouwen maakten op die manier twee keer zoveel kans om door de eerste ronde te komen dan wanneer de jury kon zien dat ze met een vrouw van doen hadden. In latere rondes namen de kansen nog meer toe.

Ergens speelt dus nog altijd in het collectieve achterhoofd dat vrouwen iets minder goed zijn. Of het nu aankomt op musiceren, wetenschappelijk onderzoek verrichten, belangwekkende kunstwerken maken of multinationals runnen, veel mannen én vrouwen blijven stiekem verbaasd als vrouwen dat net zo goed blijken te kunnen als mannen. Probeer er als vrouw dan maar eens werkelijk van overtuigd te raken dat je uitblinkt in wat je doet.

Nu hebben uiteraard lang niet alle vrouwen aan de top last van het bedriegerssyndroom. Iemand die er bijvoorbeeld hoogstwaarschijnlijk niet door gehinderd werd, was Margaret Thatcher. Toen zij op negenjarige leeftijd een prijs won, zei ze: "I wasn't lucky. I deserved it."

Maar het zijn niet alleen ijzeren dames als Thatcher die hun succes zien als het gevolg van talent en hard werken - en niet van mazzel. Vooraanstaand wetenschapper Christine Van Broeckhoven zegt zich niet te herkennen in het bedriegerssyndroom en het ook nauwelijks bij de vrouwen in haar werkomgeving waar te nemen. "Eigenlijk zie ik alleen bij jonge mensen die onzekerheid."

Iemand die wel worstelde, is zakenvrouw Sheryl Sandberg. Zij woonde tijdens haar studie een speech bij met de titel 'Feeling like a fraud'. In The New Yorker zei ze erover: "Zo voelde ik me al mijn hele leven". Sandberg heeft inmiddels een toppositie bij Google bekleed, en schopte het tot chief operating officer bij Facebook. Haar gevoelens van minderwaardigheid heeft ze naar eigen zeggen verslagen.

Maar veel anderen die lijden aan het bedriegerssyndroom lukt dat niet. Hoeveel successen zij ook behalen, ze slagen er niet in om ze aan hun eigen kunde toe te schrijven. Hoe verder ze komen, hoe moeilijker het juist wordt. De gevolgen van hun zogenaamde ontmaskering worden in hun gedachten steeds desastreuzer.

Tot die zo gevreesde ontmaskering zal het juist bij degenen die last hebben van het bedriegerssyndroom niet komen. Hun onkunde bestaat alleen in hun beleving, en daarbij zijn ze vaak perfectionistisch. Ze zullen zich eindeloos voorbereiden, alles meerdere keren nalopen en zich blijven bijscholen.

Het tegengestelde komt ook voor, er zijn impostors die juist níét hun best doen omdat ze denken toch te falen. De kans dat ze de boel echt bedriegen is echter klein: uit onderzoek blijkt dat mensen met het bedriegerssyndroom zich in academische kringen minder schuldig maken aan plagiaat en oplichterij.

Ideale werknemers

De zogenaamde impostor begint zo langzamerhand als de ideale werknemer te klinken. Zeker met de crisis in gedachten. Want is die niet het werk van échte bedriegers, hooggeplaatsten die deden alsof ze alles wisten maar in feite maar wat aan rotzooiden? Die, met dollartekens in de ogen, keuzes maakten waarvan de gevolgen niet te overzien waren? En, het moet gezegd worden, die voor het overgrote deel van het mannelijke geslacht waren?

In veel artikelen is de vraag gesteld of het ooit zover was gekomen als vrouwen meer macht hadden in de financiële wereld. Een vrouwelijke bankier wil er wel het volgende over kwijt: "Als er tijdens een vergadering heel complexe financiële producten werden behandeld, waren een vrouwelijke collega en ik de enigen die weleens durfden te zeggen dat we iets niet begrepen. Als we dan doorvroegen, bleek dat ook geen van de mannen het werkelijk snapte."

Loopbaancoach

De meeste mensen die worden geplaagd door het bedriegerssyndroom, zullen in het bijzijn van collega's niet snel een vraag stellen. Want wat als het een domme vraag is? Dat zou weer een bewijs zijn dat zij niets te zoeken hebben op hun werk. Maar met werkelijk bluffen heeft dat weinig te maken. Achter de schermen gaan ze waarschijnlijk hard studeren om hun kennis op te poetsen.

De mensen die worden gekweld door het bedriegerssyndroom functioneren in realiteit dus vaak prima. Het zijn meestal harde werkers die het gevoel hebben dat ze zich steeds opnieuw moeten bewijzen. Wat wil je nog meer als werkgever?

Hun angsten kunnen echter in de weg staan van een optimale ontplooiing. Eind vorig jaar werd er een verrassend sociologisch onderzoek gepubliceerd. Onderwerp waren Amerikaanse doctorandi die ervoor kozen een stapje terug te doen op hun carrièrepad. Toen naar de redenen werd gekeken, bleek dat de vrouwen zich vooral druk maakten over de combinatie van werk en familieleven. Dat was echter niet doorslaggevend bij hun beslissing om de toekomstplannen bij te stellen. De angst eigenlijk niet goed genoeg te zijn, was dat vaak wel.

Het bedriegerssyndroom zorgt er zo voor dat veel talent verloren gaat. De sociologen die het onderzoek uitvoerden, raden leidinggevenden aan meer over hun eigen twijfels te praten. Als anderen zien dat het normaal is dat succesvolle mensen worstelen, zullen ze hun eigen twijfels in een realistischer licht zien.

Caroline Ven, gedelegeerd bestuurder van ondernemersplatform VKW, ziet meer mogelijkheden. "Ik denk dat je als leidinggevende moet motiveren, en oog moet hebben voor degenen die zich niet spontaan melden voor bijvoorbeeld een promotie. Bij het aantrekken van nieuwe directeurs hebben we ook vrouwen gevraagd die zich níét kandidaat hadden gesteld."

Wat zouden de twijfelaars zelf kunnen doen? Ven ziet de laatste jaren veel mensen in leidinggevende posities coaches in de arm nemen. "Dat is me echt opgevallen. Ik denk dat het een goede manier is om met twijfels om te gaan. Het is niet makkelijk om er met collega's over te praten, en een coach biedt dan een oplossing. De beste managers zijn zij die op gepaste momenten advies vragen."

Barbara De Jonghe is zo'n loopbaancoach, en begeleidt mensen die worstelen met hun werk. Evenveel vrouwen als mannen, overigens. "Ik zie vaak dat mensen aan hun competenties twijfelen omdat ze hun baan niet leuk vinden. Iemand is dan bijvoorbeeld een goede salesmanager, maar omdat hij dat niet graag doet, denkt hij dat hij er eigenlijk niet goed in is. Ik probeer dan met iemand uit te zoeken van wat voor werk hij wel energie krijgt."

Die energie is van groot belang. Komt iemand op het werk in de befaamde flow, waarbij de uren ongemerkt voorbijvliegen, dan wordt hij zelfverzekerder.

Omgevingsfactoren

Els Vanbelle, doctorandus arbeidspsychologie aan de KU Leuven, vult aan: "Of mensen hun competenties goed inschatten, wordt niet alleen beïnvloed door persoonsfactoren, maar zeker ook door omgevingsfactoren. Zo kunnen goede feedback en de mogelijkheid om vaardigheden te ontplooien, bijdragen tot een sterker geloof in het eigen kunnen."

De Jonghe ziet naast de ongeliefde banen nog andere jobs die problemen kunnen opleveren. "Als mensen een baan hebben die heel algemene vaardigheden vraagt, zoals bepaalde managementjobs, voelen ze vaker dat ze tekortschieten. Vooral experts hebben het moeilijk als zij manager worden. Zij willen hun competenties meten op basis van hun expertise. Maar managementskills zijn moeilijk tastbaar en subjectief. Zij moeten durven hun zelfvertrouwen te verschuiven naar de kunst van een team te kunnen aansturen."

Een dergelijke verandering is niet een-twee-drie voor elkaar gebokst. Maar opener zijn over je twijfels, zoals de Amerikaanse sociologen aanraden, dat kan iedereen. De Jonghe was zo dapper ermee te beginnen. "Ik vind het bedriegerssyndroom wel herkenbaar. De baan van carrièrecoach is er ook gevoelig voor. De jobbeschrijving is weinig eenduidig, de concrete uitwerking is afhankelijk van de coach. Maar wat maakt mij nu een goede loopbaancoach? Er is niet één bepaalde opleiding; zelf heb ik een opleiding als maatschappelijk assistent. Maar volgens mij zijn de persoonlijke vaardigheden van een coach belangrijker dan de scholing. Ik denk dat mijn mensenkennis en vermogen om te analyseren me een goede coach maken."

Zo. Wie volgt?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234