Dinsdag 02/03/2021

Straks gaan we rechtstreeks

Overleven als medium kan alleen door op te vallen, dag na dag, uur na uur. Vandaar de jacht op de persoon, gsm en BlackBerry van de politicus

naar het ziekbed van Yves Leterme

Luc Huyse over de veranderende mediavisie op politiek

@5 INFO Opinie:Luc Huyse is socioloog en auteur.@4 DROP 2 OPINIE:Hoe zie je of een land een ware democratie is? Een van de krachtigste tekenen is te vinden in wat politicologen de publieke sfeer noemen, het veld waarin politici, burgers en nog wat andere spelers heen en weer lopen en met elkaar communiceren.

Een uitbreiding van het stemrecht, een van de cruciale beslissingen in de vestiging van een democratisch bestel, heeft voor een aanzienlijke vergroting van die ruimte gezorgd. Zo zijn er nog stappen gezet: een ruimere rol in de politiek voor vakbonden en gelijkaardige belangengroepen, de ontkoppeling van de politieke partijen en de dagbladpers waardoor de ideologische vergrendeling van de berichtgeving grotendeels wegviel.

Onlangs stelde Anandam Kavoori in deze krant dat de gsm en de BlackBerry ook een groei van de publieke sfeer met zich meebrengen, door de lekken die ze opwekken (DM 16/2). Wat vroeger verborgen was, ligt nu op straat. "In dat opzicht is de BlackBerry een democratisch toestel", zegt Kavoori. Ik wou dat het waar was.

Twee jaar geleden publiceerde de Nederlandse krant NRC Handelsblad een artikel over de moeizame verhouding tussen Belgische politici en de media. Een Vlaamse journalist zei toen over Jean-Luc Dehaene: "Hij veegde zijn gat met ons af. Van hem hoorde je nooit wat. Hij hield vaak kabinetsvergaderingen op een kasteel buiten de stad, met het hek dicht. Wij stonden daar buiten uren te blauwbekken in de hoop dat iemand na afloop iets tegen ons zou zeggen. Maar meestal stoven ze in geblindeerde auto's het hek uit, langs ons heen, de straat op." Dehaene was inderdaad de laatste exponent van een politieke cultuur die, ter ondersteuning van de zogeheten overlegdemocratie, discretie erg waardeerde.

Die overlegdemocratie scoorde decennialang niet bijster hoog op het vlak van transparantie. In de aanloop naar weer een pact of een ultiem compromis werd de besluitvorming uit de openbaarheid gelicht. Dat vele van die akkoorden geboren zijn in goed afgeschermde kastelen is daar niet vreemd aan. Die locatie garandeerde dat de onderhandelaars niet blootstonden aan de blikken van kritische toeschouwers. Radiostilte was essentieel. De pers respecteerde dat meestal. De openbare omroep droeg de muilband van de opgelegde neutraliteit. Bijna alle kranten lagen via hun hoofdredactie vast aan een van de politieke families van die tijd. De burger keek lijdzaam toe, daarin aangemoedigd door de opperhoofden van de zuil waartoe hij behoorde.

De publieke sfeer, biotoop van de democratie, was bijgevolg sterk begrensd. Meteen ontbrak ook de mogelijkheid om de mens achter de politicus te belichten. De echte compromismakers waren schaduwplanten. Memoires van politici, als die al verschenen, waren nietszeggend want tegels lichten zat die mannen niet in de genen. Al met al was politiek dus iets wat als een ijsberg heel vaak aan het zicht van de burger onttrokken werd. En zo zijn de mijlpalen in de pacificatie van de tegenstellingen tussen arbeid en kapitaal, tussen katholieken en vrijzinnigen tot stand gekomen: het sociaal pact van 1945, het compromis over het lot van koning Leopold III in 1950, het schoolpact van 1958 en het cultuurpact van 1972. De altijd terugkerende verantwoording was dat het land op een kruitvat van gevaarlijke spanningen gebouwd was en dat ontmijning daarvan wat inbreuken op de democratiecode noodzakelijk maakte.

Ik weet het, het is een wat karikaturale schets. Nu en dan zaten er tijdelijk wat gaten in het scherm dat de toppolitici rond zichzelf hadden opgetrokken. Bovendien was, toen Dehaene afzwaaide, al een en ander aan het schuiven gegaan. In de vroege jaren tachtig brokkelde de omwalling snel af. Kiezers gingen zich nukkiger gedragen. De kranten rukten zich los uit de partijpolitieke bevoogding. En journalist Hugo De Ridder betrok in zijn spraakmakende boeken, vooral in Er zijn geen winnaars in de Wetstraat, de persoon en persoonlijkheid van de politicus volop in de politieke analyse betrokken.

Bij zijn aantreden in 1999 sloeg Verhofstadt resoluut een andere weg in. De dikke mist over het politieke landschap mocht optrekken. Terug naar de Vlaamse journalist uit het artikel in het NRC Handelsblad: "Verhofstadt communiceert. Ook zijn ministers mogen met ons praten zoveel ze willen." Alle deuren van de macht stonden nu ogenschijnlijk wagenwijd open. Het leek wel alsof de publieke sfeer plots erg expandeerde.

Maar was ook een keerzijde aan deze gang van zaken. Een premier kan de greep op de berichtgeving niet echt lossen. Spinning nam de controletaak gedeeltelijk over. Sturing van journalisten gebeurde ook almaar meer met behulp van een goed gemikte scoop. Persmensen denken in zo'n geval dat zij de politici verleiden om een primeur te leveren. Maar in het spel van de verleiding is de journalist het slachtoffer. Hij wordt misbruikt. Het doet me denken aan een Schotse limerick waarin een jongedame, aangezocht door een heer, gretig ingaat op de uitnodiging 'to dine and to wine' en, als de man handtastelijk wordt, 'starts to whine'. Eigen schuld, zegt de moraal van het verhaal.

Belangrijker dan de breuk met het verleden was en is de mutatie die de mediawereld al enige tijd ondergaat. Het is dringen geworden op de markt van de berichtgeving, ook die van politieke aard. De audiovisuele media zijn nu veel meer dan vroeger nieuwsleveranciers. Er zijn zelfs kanalen die 24 uur op 24 berichten de wereld insturen. Onlineberichtgeving, ook door kranten, neemt spectaculair toe. Je hebt de vele miljoenen blogs waarop ongeremd over politiek geschreven wordt. En dat alles in realtime.

Overleven als medium in zo'n drukke en drukkende commerciële omgeving kan alleen door op een of andere manier op te vallen, dag na dag, uur na uur. Nog sneller zijn dan de anderen, bijvoorbeeld, wat een bijna onstilbare nieuwshonger veroorzaakt. Vandaar de jacht op de persoon, gsm en BlackBerry van de politicus. Rapporteren in de vorm van een docudrama is een andere aanpassing, zoals De Standaard deed met de tiendelige serie over de formatiegesprekken van de laatste maanden. Radio en televisie doen dat ook. Met die techniek valt het volle licht op de persoon van de politicus.

Zo hoorde ik onlangs van Lode Roels in Vandaag (Radio 1) de volgende aankondiging: "Straks gaan we live naar het ziekbed van Yves Leterme." Een nieuwe vorm van embedded journalism? Als de vicepremier het ziekenhuis verlaat, ontaardt dat in een mediacircus, zo schreef De Standaard. Spektakel gegarandeerd. Opvallen kan ook door berichten te kruiden met instantcommentaar, het liefst zo krachtig mogelijk. 'Views' komt in de plaats van 'news', de 'viewspaper' verdringt de 'newspaper'. De woordspelingen zijn van Tony Blair, die in een ophefmakende toespraak in het kantoor van Reuters (12 juni 2007), de metamorfose van de media beschreven heeft.

De toenmalige Britse premier had het ook over de gevolgen voor de politieke klasse. "Omgaan met de media", zei hij, "slorpt nu een aanzienlijk deel van onze tijd op. Hun uitstraling en gewicht, hun reikwijdte en hyperactiviteit wegen almaar meer op onze job. Je moet bovendien op al hun verhalen reageren in realtime. Ondertussen moeten we de cruciale beslissingen op de wachtlijst zetten." Het is dat, neem ik aan, waarover Joëlle Milquet het had in het recente interview met De Morgen: "We zijn consumptieproducten geworden." Blair had het in dat verband ook nog over het groeiende cynisme bij de bevolking: "My view is that the real reason for the cynicism is precisely the way politics and the media today interact."

Komt de ijsberg dankzij al die openheid boven water? Soms lijkt het erop. Kavoori heeft gelijk: veel van wat voorheen verborgen bleef is nu dankzij lekken te lezen, te beluisteren en te bekijken. Maar de twijfel knaagt. De commentator van De Standaard schreef naar aanleiding van de tiendelige serie: "Hoe intenser en sneller de communicatie verloopt, hoe chaotischer en ongrijpbaarder het proces wordt."

Bovendien brengt de techniek van het docudrama, met zijn fixatie op de figuur van de politicus, met zich mee dat groepsbelangen en belangengroepen uit het beeld verdwijnen. Belangrijker nog is dat het overgrote deel van de berichtgeving het hart van de politieke besluitvorming, daar waar de cruciale beslissingen vallen, ongemoeid laat. De Europese dimensie van de politiek is daardoor voor zowat alle burgers terra incognita. Wat een groeiterrein zou moeten zijn in de ontwikkeling van de publieke sfeer is grotendeels ontoegankelijk.

Kortom, wie alles bijeenlegt en de hele mozaïek van politieke fora in rekening neemt, kan niet anders dan besluiten dat de publieke sfeer krimpt. Het democratische deficit vergroot nog, ook al blijven de Siegfried Brackes van deze wereld beweren dat zij de politiek dichter bij de burger brengen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234