Woensdag 28/10/2020

STIJN VAN DE VOORDE

Ik ben een grote fan van het Cactusfestival. Op zaterdag 11 juli 1998 zag ik er bijvoorbeeld een van de beste concerten ooit. Paul Weller sloot het festival af met een perfecte setlist in de gietende regen. Dankzij de energie van de Modfather en een park vol enthousiaste West-Vlamingen kon geen enkel meteorologisch ongemak het festivalplezier vergallen. Ook dit jaar staan er met Wilco, Kurt Vile en Air een hoop artiesten op de affiche die het de moeite waard maken om naar Brugge te bollen. Wie op tijd vertrekt kan 's ochtends zelfs nog even het bloed van Jezus checken in de Heilige Bloedbasiliek of wat selfies nemen voor de witte gevels in het Begijnhof. Al is dat geen absolute must.

Cactus is meer dan meters bier drinken en goeie bands zien. Het festival heeft een ecologisch en kindvriendelijk imago. Alsof dat nog niet genoeg is, doet de organisatie ook nog eens haar best om de grenzen tussen genres, continenten en mensen te doen vervagen. Daar ben ik persoonlijk heel hard voor. Al moet ik toegeven dat de festival-linkiewinkie in mezelf niet altijd groot genoeg is om bepaalde cynische opmerkingen - die ik voel opborrelen als ik iemand pompoenpittenballen of boekweitpannenkoeken zie eten van een bord dat gemaakt is van gerecycleerd karton en houtschilfers - in te slikken. Let op, multiculturalisme en globalisering zijn de max, maar op een festival eet ik pizza en frieten. Liefst samen. En daar hoort een frisdrank bij van een grote Amerikaanse multinational. Dat flesje gooi ik daarna op de grond, net als de overschot van het eten. De meeste festivalbezoekers zijn op dat gebied even vadsig als ikzelf. Op gewone weekdagen ben ik de eerste die staat aan te schuiven voor een veganistisch standje dat zijn ingrediënten wereldwijd tegen een eerlijke prijs heeft aangekocht. Ik zou nooit zomaar afval op de grond gooien. Nooit. Behalve op een festival. Daar neem ik afstand van mijn principes. Het lijkt alsof mijn geweten even op vakantie gaat.

Ik moet daarbij wel opletten dat ik niet té zuur wordt. Vorig jaar vond ik de kinderen op het familievriendelijke festival plots heel storend. Het is leuk dat onze kleine tweevoeters zich tijdelijk amuseren in een circusatelier of een schminkstand, maar na een uur zijn ze dat beu. Dan beginnen ze te jengelen en uiteindelijk storten ze zich op de plastic bekers en flesjes die vervuilers als ik achteloos op de grond gooien. Deze kunnen ingeruild worden voor een petje of een frisbee. De kans dat er tijdens een onoplettend moment een klein, graaiend kinderhandje onder je voet terechtkomt, is zeer groot. Dan loop je voor de rest van de avond met een schuldgevoel rond.

Ik noem mezelf graag een ruimdenkend mens, maar op een festival ben ik dat eventjes niet. Ik las op de website dat 'de milieucrew op het terrein herbruikbare peukentasjes zal uitdelen aan de rokers'. Als milieubewuste niet-roker ben ik daar voor, maar tijdens een festival wil ik mijn assen liever in de vier windstreken blazen. Het is vakantie voor iedereen.

Sorry daarvoor. Over een paar jaar is mijn midlifecrisis voorbij. Dan verkoop ik zelf bakbananen op het festivalterrein terwijl ik tussendoor diaboloworkshops geef aan de allerkleinsten.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234