Vrijdag 15/01/2021

Steve Wynn'Daar sta je en niets verandert'

Volgens mensen die het kunnen weten was het concert van The Dream Syndicate tien jaar geleden in de ballroom van de Ancienne Belgique ronduit memorabel. Dát herinnert Steve Wynn zich niet meer. "Het optreden was uitverkocht en het beeld dat me bijblijft, zijn enkele fans die langs buiten de muur beklommen om toch maar een glimp van ons op te vangen. Tja, The Dream Syndicate heeft België verwaarloosd. Maar toen ik solo ging, heb ik dat proberen goed te maken. Soms lijkt het wel of ik hier woon, hahaha."

Steve Wynn speelde hier niet alleen onder eigen naam, ook als lid van Gutterball, het uit de hand gelopen hobbyproject met het creatieve duo van The House of Freaks (Bryan Harvey, Johnny Hott), en ex-leden van de Silos (Bob Rupe) en The Long Ryders (Stephen McCarthy). Van de week is Steve Wynn voor enkele optredens in het land naar aanleiding van zijn jongste cd, Sweetness and Light. Sommige songs zijn voor Wynns doen opvallend poppy, maar de aard van het beestje drijft boven in enkele snoeiharde songs die aan The Dream Syndicate herinneren. Daarnaast bevat de cd twee opvallende covers: 'This Strange Effect' van Ray Davies (The Kinks), maar ooit een hit dankzij Dave Berry. Wynn neemt ook 'That's the Way Love Is' onder handen, bekend in de uitvoering van Marvin Gaye. Sweetness and Light is zeker geen doorslagje van Wynns vorige cd, Melting in the Dark, waarvoor hij een alliantie aanging met het treurnoisegezelschap Come, een groep die op de nieuwe cd niet van de partij is.

Steve Wynn: "Oh, maar dat was een eenmalig project. Het is niet zo dat Come nu plots mijn nieuwe band is. Dit gezegd zijnde, het project was zo fijn dat we in de toekomst wellicht nog zullen samenwerken. Hou er wel rekening mee dat het nog een tijdje kan duren eer het zover is, want pas drie jaar nadat we het plan hadden opgevat om de handen in elkaar te slaan, hebben we Melting in the Dark gemaakt. Nu ik eraan denk: ik heb nooit twee platen na elkaar met dezelfde muzikanten opgenomen. Waarom? Ik moet een vreselijke kerel zijn. Grapje! Als soloartiest ben je nu eenmaal afhankelijk van de beschikbaarheid van andere muzikanten. Soms zitten ze met een collega in de studio of zijn ze op tournee. Daarenboven is elke groep songs die ik schrijf verschillend, waarna ik op zoek ga naar de juiste mensen. De liedjes van Melting in the Dark bleken op de maat van Come gesneden: erg donker, veelgelaagd, meestal in mineur geschreven. De liedjes van Sweetness and Light zijn poppier van aard, met meer hooks. Die zoektocht naar muzikanten is trouwens niet zo moeilijk. Toegegeven, Elton John vragen om op mijn volgende plaat piano te spelen, zou wel eens kunnen tegenvallen. Maar de mensen van mijn leeftijd, ik ben 37, en met mijn muzikale achtergrond willen maar een ding: muziek spelen. Daarenboven heb ik de meesten sowieso al eens ontmoet bij concerten of hebben we gemeenschappelijke vrienden. Je zou verbaasd zijn hoe makkelijk het soms gaat. Althans voor studiowerk, want samen op tournee gaan, is een ander paar mouwen."

Hoe ben je bij je coproducer John Agnello terecht gekomen?

Wynn: "Al zo'n vier, vijf jaar produce ik mijn platen zelf. Ik weet ondertussen waar ik goed in ben: de arrangementen, de selectie van de muzikanten, het concept van de langspeler. Ik wou dat Sweetness and Light erg vol en opwindend klonk. Ik ben gewoon in mijn platencollectie gaan snuffelen en kwam bij het werk van Dinosaur Jr terecht. Niet dat het mijn favoriete cd's zijn, maar ze klinken prachtig. John Agnello was daarvoor verantwoordelijk. Toen ik hem opzocht, bleek hij daarenboven een toffe gast te zijn. Niet dat dit een noodzakelijke voorwaarde is om een goeie plaat te maken. Neen nu Medicine Show, een van de platen van The Dream Syndicate: daar ben ik nog altijd erg trots op, ik denk dat het een van de beste dingen is die ik ooit gedaan heb. Maar de opname was een hel, onze producer was een vreselijke kerel. Conflicten leiden soms naar creativiteit. Wat niet betekent dat je moet liggen ruziën om een goeie plaat te maken. Ik heb in het verleden nooit zelf bewust spanningen gecreëerd, ik denk trouwens dat niemand dat doet. Maar ik ben wel tien jaar lang een vervelende alcoholicus geweest en ik vermoed dat het een onbewuste vorm van twist zaaien was. Dat heb ik echter niet meer nodig, ik heb ondertussen genoeg zelfvertrouwen. Trouwens: wie echt problemen wil, hoeft nooit lang te zoeken. In zeker zin handelen de eerste twee songs van de nieuwe plaat, 'Silver Lining' en 'Black Magic', daarover."

In 'Silver Lining' zing je ook "Nothing's ever gonna save me / Nothing's ever gonna change", een idee dat eveneens 'The Great Divide' zit.

Wynn: "(peinzend:) En ook in 'If My Life Was an Open Book'. Ik had er nog niet bij stilgestaan, maar die idee loopt inderdaad als een rode draad door deze plaat. Als je eenmaal de probleemzone van je leven uit bent en je denkt je plaats te hebben gevonden, je eigen beschermde zone, dan blijkt dat je nog immer dezelfde fouten maakt, dat je je nog steeds niet goed in je vel voelt. Daardoor is het inderdaad niet zo'n happy cd, hoewel de muziek natuurlijk wel nogal opgewekt klinkt. Het begint al met de kleurige hoes en de titel, Sweetness and Light. Ik vond het contrast met de vorige titel, Melting in the Dark, wel grappig. Die plaat handelde over hoe het aanvoelde om in het midden van een stormachtig conflict te zitten. De nieuwe cd gaat meer over het achter je laten van die problemen en toch niet meteen in een situatie vol rozengeur en maneschijn belanden. Neem nu het personage uit 'Sweetness and Light': de enige manier waarop ze enige rust kan vinden, is niets doen, alle contact vermijden, de telefoon laten rinkelen, kortom alles mijden wat haar een slecht gevoel bezorgt. Voor deze plaat geldt: the bad times are over, but the problem is: have the good times begun?"

Kan ik stellen dat net als op de vorige, je op deze plaat de vallen van de liefde bekijkt, alleen vanuit een ander gezichtspunt?

Wynn: "Mm, dat klink aannemelijk. Melting in the Dark ging over de desintegratie van liefde. Het nieuwe perspectief is inderdaad anders, alleen kan ik het niet goed beschrijven."

Misschien is het wel wat je in 'Blood From a Stone' zingt: "the final curtain revealed nothing at all".

Wynn: "Ja, het duikt op in elk liedje: daar sta je nu en niets verandert. Als je in de put zit, dan kan je altijd tegen jezelf zeggen: ooit wordt het beter en zal dit een les blijken. Maar stel dat je niets leert, dát is pas een zware slag. 'Ghosts' handelt daarover: alles is beter, je voelt je sterker, je verleden achtervolgt je niet meer, kortom, je zou je gelukkig moeten voelen, maar toch is er iets mis zodat je zelfs gaat hopen dat alles weer zou zijn zoals het vroeger was. Iedereen heeft wel een verlangen - veel geld, een huwelijk, kinderen - en eenmaal dat bereikt, blijkt het toch niet het gewenste geluk te brengen. Het enige wat je dan kan doen is, denk ik, opnieuw beginnen. Zo ontstaan midlifecrises."

Nu we het toch over 'Ghosts' hebben. De repetitieve structuur van die song maakt er bijna een mantra van.

Wynn: "Dat was bedoeld. Ik put mijn inspiratie vaak uit bestaande liedjes en 'Ghosts' is gebaseerd op 'I believe' van The Buzzcocks. Een nummer waarin tijdens de laatste minuten voortdurend gezongen wordt "There is no love in this world anymore". Het resultaat is krachtig, angstaanjagend en ik wou iets gelijkaardigs doen. Bon, mijn song is behoorlijk verschillend, want meer hypnotisch dan vreeswekkend. Er is nog een andere bron, namelijk de eerste plaat van John Lennon met de Plastic Ono Band, waarin hij geregeld één zin voortdurend herhaalt als een vorm van primal screaming. In 'Ghosts' zegt het personage "It's only ghosts and ghosts can't touch me now", wat een leugen is. De song sluit eigenlijk naadloos aan bij de thematiek waarover we het eerder hadden. Pas maanden nadat een plaat af is, besef ik vaak dat de songs thematisch verwant zijn, wat mij aan het denken zet. Als je mij op de man af zou vragen of deze liedjes over mij handelen, antwoord ik meteen: in geen geval. Anderzijds spreekt de eenheid die zo'n plaat bevat, die stelling tegen. Nu ja, zo leer ik nog eens iets over mezelf. Want ik zeg wel eens al lachend: het achteraf analyseren van mijn songs is voor mij een vorm van therapie, maar in feite is het geen grap. Let wel, het schrijven zelf beschouw ik niet als een therapeutisch proces."

Zijn er nog songs waarvoor je elders je inspiratie zocht?

Wynn: "Ja, maar de eventuele gelijkenis zit meer in mijn hoofd tijdens het schrijven. Op het moment dat een song is opgenomen, valt daar zelden nog wat van te merken. Dit gezegd zijnde, je zou verbaasd zijn. Neem nu de pianopartij in 'If My Life Was an Open Book': er is een lichte gelijkenis met 'Can't Reach You' van The Who, slechts enkele noten hoor. Maar het is een vertrekpunt en ook wel een manier om te communiceren met muzikanten en producers. Stel dat ik tegen mijn gitarist vertel: speel de solo uitermate sexy, dan zegt dat weinig omdat we beiden een andere inhoud aan het begrip 'sexy' geven. Als ik daarentegen vertel: herinner je die solo van Neil Young in dat liedje, wel zoiets wil ik, gecombineerd met nog wat anders, dan is de kans groter dat die gitarist mij begrijpt. Zulke dingen zijn niet noodzakelijk een gebrek aan inspiratie of een vorm van plagiaat, in de jazzwereld komt dit trouwens vaak voor. Ik beschouw mijn platencollectie als een bibliotheek aan ideeën. Noem het mijn vorm van sampling, al wil ik erop wijzen dat het nooit de bedoeling is om een heel liedje te kopiëren."

Je hebt in het verleden zelden covers opgenomen en plots duiken er op deze nieuwe plaat twee op.

Wynn: "Het waren twee nummers die ik met mijn liveband had geleerd en ze leken naadloos aan te sluiten bij mijn songs, zowel muzikaal als tekstueel. Het grappige is dat die twee covers, meer dan alle andere songs, klinken alsof ze door The Dream Syndicate zijn uitgevoerd."

Ik ken niet veel rockzangers die zich aan een nummer wagen dat gezongen werd door Marvin Gaye.

Wynn: "Daar ben ik mij van bewust. (lachend:) Voor een blanke jongen uit California is dat nogal gewaagd. Ik heb de song natuurlijk wel op een heel andere manier aangepakt. Vergelijk het met de wijze waarop Creedence Clearwater Revival 'I Heard It Through the Grapevine' coverde. Het resultaat is niet identiek, maar onze aanpak wel denk ik. Eigenlijk is 'That's the Way Love Is' gewoon een prima rocksong. En de tekst is zó wreed, de gal spuit eruit. De wijze waarop er zo onbewogen gezegd wordt dat het hele liefdesgedoe zwaar overschat is en dat we daar maar beter aan wennen, nou man. Het is de tekst die me tot de cover heeft bewogen."

Kunnen we in de toekomst een nieuwe cd van Gutterball verwachten?

Wynn: "Ja, maar niet te snel. Het probleem is om ons allemaal samen te krijgen. Zelf ben ik bijvoorbeeld op tournee tot juni en ondertussen werk ik al aan mijn volgende soloplaat, dus zal het nog wel even duren eer Gutterball opnieuw de studio ingaat. Wellicht binnen de twee jaar. Een nieuwe tournee is echter twijfelachtig. De anderen blijven het liefst thuis bij hun honden en familie - in die volgorde (lacht) . Ik heb hen ooit bijna twee jaar lang meegesleurd langs concertzalen, wat ze op zich niet vervelend vonden, maar ze waren nadien wel dolgelukkig weer thuis te zijn."

Christophe Verbiest

Sweetness and Light en de cd-single 'How's My Little Girl' (met drie akoestische bonustracks) zijn uit op B-track en worden verspreid door BMG.

Steve Wynn speelt vanavond in de AB-Club in Brussel, vrijdag in De Kreun in Bissegem en zaterdag in De Velinx in Tongeren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234