Maandag 14/10/2019

Interview

Stephy Germano, de vrouw achter Anderlecht-manager Michaël Verschueren: ‘Ik ben niet de ideale schoondochter’

Hoewel de sportieve resultaten op het veld dit seizoen een tikkeltje tegenvallen, moet het toch niet onprettig zijn voor manager Michaël Verschueren (49) om de wedstrijden van Anderlecht bij te wonen. Naast hem in de tribune zit immers de ravissante Stephy – née Stefania – Germano (41), die hij zijn vrouw mag noemen.

Toen ik Michaël Verschueren vroeg of u Frans of Nederlands sprak, antwoordde hij grappend: ‘Italiaans!’

(lacht) Mijn vader was een Italiaanse ingenieur die in de jaren 60 in Brussel voor de Europese Commissie is komen werken, en die hier mijn moeder – een Vlaamse die in een Brusselse kledingwinkel werkte – heeft ontmoet.

“Een jaar na mijn geboorte kreeg mijn vader zijn eerste missie en zijn we met het gezin – ik heb een oudere zus – naar Syrië vertrokken. Daar zijn we niet lang gebleven: mijn ouders zijn kort daarna uit elkaar gegaan. Wij zijn met onze moeder naar België teruggekeerd, mijn vader is er nog acht jaar gebleven. Mijn zus en ik brachten wel onze vakanties bij hem door. Hij heeft in veel landen gewoond als ambassadeur voor de Europese Unie. Vooral in Afrika – de beste herinneringen bewaar ik aan Niger – maar ook in Albanië en Georgië. Na zijn pensionering is hij naar Italië teruggekeerd met mijn stiefmama en hun drie kinderen.”

Dat klinkt als een boeiende jeugd.

“Dat was het ook: één grote ontdekkingstocht. Onze ouders hebben ons altijd willen voeden met interessante dingen. Ik heb het leven in Afrika kunnen zien en meemaken: dat zet je eigen wereldje in perspectief. Reizen vergroot het relativeringsvermogen. Dat vind ik zo fijn: even uit je cocon stappen en terugkeren met het besef dat je problemen thuis niet altijd de grootste zijn.”

Heeft de scheiding van uw ouders u getekend?

“Ik heb geen herinneringen aan de tijd toen mijn ouders nog samen waren, maar ik heb niet het gevoel dat ik iets gemist heb. Mijn zus en ik waren in die tijd de enige kinderen van gescheiden ouders, en we kregen weleens plagerig te horen: ‘Jullie vader woont in Afrika!’ Maar het heeft ons niet getekend: mijn moeder heeft thuis een warm nest voor ons gebouwd. Mocht ik bij Freud op de bank liggen, zou hij waarschijnlijk wel wat bovenspitten – als puber verwijt je iedereen van alles. Maar als volwassen vrouw die de rekening maakt, hoef ik niets te dramatiseren: ik heb een keileuke jeugd gehad.

“Mijn mama is overleden een jaar voor de geboorte van onze jongste dochter Felicia. Drie jaar later stierf ook mijn papa. Na de scheiding was hij hertrouwd met een Australische vrouw, die nog altijd in Rome woont en bij wie ik nog een zusje en twee broers heb. Ons contact is hecht, wij spreken niet van halfbroers en halfzussen. Mijn stiefmoeder had kunnen zeggen: ‘Jouw vader is er niet meer, foert!’ Maar dat heeft ze niet gedaan: ze pakt haar rol van oma ten volle op, ook voor mijn kinderen. Daar ben ik haar enorm dankbaar voor.”

Is er behalve uw naam nog iets Italiaans aan u?

“Ik ben in Brussel geboren en voel me Belg, maar heb zeker Italiaanse trekjes: ik kan vrij luidruchtig en enthousiast zijn, en thuis wordt er meestal Italiaans gekookt. Hoewel ik in het Nederlands ben opgevoed, voel ik me meer Brusselse dan Vlaamse. Ik zat op de Europese school in Ukkel: daardoor is mijn vriendenkring altijd erg internationaal geweest. Ik heb er ook mijn Hollandse accent aan overgehouden.”

Hoe hebt u Michaël eigenlijk ontmoet?

“Via gemeenschappelijke vrienden. Na zijn studies aan de VUB heeft Michaël in een lange relatie gezeten. Toen die was afgelopen, is hij naar zijn jeugdvrienden teruggekeerd. In die kliek hing ik intussen rond. De vonk sloeg over, et voilà. Ik was 19, Michaël acht jaar ouder. Ik was een tienermeisje en zat nog op de humaniora, hij had zijn eigen zaak: import van meubelen. Dag en nacht was hij aan het werk, keihard. Hoewel ik nog studeerde, draaide ik ook al mee. Dan gingen we uit en laadden we bij het ochtendgloren eerst nog een paar vrachtwagens in voor we naar huis gingen. (lacht)

Waar bent u voor gevallen?

“Goh, wat een moeilijke vraag! Als 19-jarig meisje zocht ik waarschijnlijk niet hetzelfde in een man als nu. Weet je, our journey is te lang om het daar nog over te hebben. Ik vind hem een avontuurlijke man, misschien was het dat wel. Bij Michaël gebeurt er altijd iets.”

Hoe ging het verder?

“Ik ging aan de unief studeren, maar toen ik na vier jaar klaar was met mijn studie handelswetenschappen, vond ik gaan samenwonen nog iets te eng. Ik zocht een uitweg en ben zes maanden naar Barcelona gegaan om Spaans te leren. Na die zes maanden stond mijn besluit vast: nu gaan we ervoor!

“Ik ben beginnen te werken in de cosmetica, bij Yves Saint Laurent, als sales support. Dat heb ik tien jaar gedaan, tot we zijn overgekocht door L’Oréal. Daar heb ik ook nog eens drie jaar gewerkt. Ik zat thuis na de geboorte van onze tweede dochter toen één van de accountmanagers in Michaëls bedrijf met zwangerschapsverlof ging en hij me vroeg, heel typisch: ‘Hey schat, kom je niet effe helpen?’ En kijk, wat aanvankelijk een interim van vier maanden was, duurt nog altijd voort. Ik ben niet meer weggegaan, ook al is het bedrijf ondertussen verkocht en is Michaël er niet meer. Maar hij is wel vier jaar lang mijn baas geweest. Een góéie baas.”

Mister Michel, de legendarische manager van Anderlecht, is zijn vader. Wist u dat van in het begin?

“He-le-maal niet! Daar lachen we nog om, ik wist zelfs niet dat er een voetbalploeg genaamd ‘Anderlecht’ bestond. De enige voetballer die bij mij een belletje deed rinkelen, was Gilles De Bilde, omdat die wat kattenkwaad had uitgehaald.

“Nu, toen we begonnen te daten, was het van meet af aan duidelijk: de zaterdagavonden zijn voor het voetbal voorbehouden. Maar ik vond het meteen leuk. We stonden op de staanplaatsen, dicht bij de spelerstunnel. Van een vipbehandeling was nog geen sprake – daar wilde Michaël zijn papa niet van weten.”

Kunt u zich uw allereerste ontmoeting met zijn vader herinneren?

“Dat moet bij hem thuis zijn geweest. Maar weet je, die man was zo druk bezig. Volgens mij heeft het vijf jaar geduurd voor hij doorhad dat ik daar ook rondliep. (lacht)

Michaëls zus Nathalie vertelde ooit dat Mister Michel jongens die aanbelden voor zijn dochter zodanig intimideerde dat ze niet meer durfden terug te komen.

“Dat gold dan toch niet voor de vriendinnen van zijn zoon. (lacht) Ik heb me er altijd welkom gevoeld. Ik kwam in een warm gezin terecht, ook al was de vader vrij afwezig. Ik heb Michel leren kennen als uiterst gepassioneerd in alles wat hij doet, denkt en voelt. Maar ik heb hem ook altijd een warme familieman gevonden. Zeggen dat hij dat vroeger níét was, vind ik te hard. Hij had gewoon andere prioriteiten. Met het ouder worden heeft hij – vermoed ik – meer emotionele ruimte bij zichzelf kunnen vrijmaken."

Hebt u nooit met hem gebotst?

“Maar nee gij! Aan respect heeft het nooit ontbroken, maar ze hebben me wel lang ‘die rare Stephy’ gevonden, van wie ze ongetwijfeld dachten: ‘Kun jij niet wat normaler doen?’ Eerst trouwen, dan kinderen, weet je wel? Maar we zijn pas vijf jaar geleden getrouwd, in Spanje dan nog, met onze vijftig beste vrienden erbij, zonder priester. Mijn zus heeft ons getrouwd, Michaëls beste vriend heeft gespeecht en mijn vriendinnen hebben iets in elkaar gestoken. Daar hebben Michaëls ouders het moeilijk mee gehad. Ze zijn wél gekomen, en hebben er ook van genoten. Maar het paste niet helemáál in hun wereldbeeld: ‘Dan ben je toch niet getrouwd!?’ Nee, eigenlijk niet, maar wij vinden het leuker zo. Een papiertje bij de gemeente is bijzaak, dat komt nog wel. Wij wilden twee dagen feest in Spanje, met de voeten in de zee. Heerlijk.”

Wat heeft jullie overgehaald om, na al die jaren samen, toch nog te trouwen?

“Het verlies van mijn ouders. Dju, dacht ik, nu zijn mijn ouders er niet meer en zijn we toch niet getrouwd. Ik had het leuk gevonden om hun dat nog te geven. ‘Wees blij’, heb ik Michaël toen gezegd, ‘dat jij de jouwe nog hebt.’ ‘Je hebt gelijk’, zei hij, ‘laten we trouwen.’”

Hoe gaat het nu met Mister Michel?

“Goed, hij is intussen 88 jaar. Het tempo is minder hels, maar hij is nog steeds erg bij de pinken. Michaëls mama vraagt meer zorg. Zij heeft haar heup gebroken en heeft een tijdje in een revalidatiecentrum gewoond. Sinds kort is ze weer thuis, maar ze moet het rustig aan doen.”

Michaël groeide op met een vader die een erg traditionele rolverdeling tussen man en vrouw aanhing.

“En ik juist niet! Ik ben opgevoed door een vrijgevochten moeder die vooral niet wilde dat ik onder de sloef van een man terechtkwam. Ik denk in alle eerlijkheid dat ik niet altijd de ideale schoondochter ben geweest. Er was zoveel onconventioneels aan onze relatie – het leeftijdsverschil, kinderen voor het huwelijk... Zij hebben dat niet altijd makkelijk gevonden.”

Wie draagt er bij jullie thuis de broek?

“Michaël zal zeggen dat ik het ben, maar dat is zeker níét waar. De meeste beslissingen nemen we samen. Maar we kunnen ook tegen elkaar ingaan. Er zijn van die momenten dat ik zeg dat ik iets geen goed idee vind, en hij zegt: ‘Ik doe het tóch!’ Of andersom. (lacht)

Zijn vader had een patent op straffe uitspraken, zoals het fameuze ‘Stakers zijn luieriken!’ Of: ‘Twee mannen of twee vrouwen in één bed, dat is decadent.’

“Ach, ik heb dat altijd kunnen relativeren. Thuis werd er vooral mee gelachen: ‘Papa, je bent gek. Zulke dingen hoor je niet te zeggen. In welke wereld leef jij eigenlijk?’ Er is in ieder geval nooit ruzie over gemaakt aan de familietafel.”

Michaël is anders dan zijn vader.

“Sowieso! Hij zoekt nooit het conflict op, maar streeft altijd naar een compromis. Hij wil het goede voor iedereen. De tijden zijn ook veranderd: de moderne manager ziet er niet meer uit zoals zijn vader vroeger.”

Is hij ijdel?

“Michaël zal altijd netjes en verzorgd buitenkomen. Je zult hem nooit betrappen in zijn pyjama en op zijn sloefen. Onmogelijk! (lacht) Is hij dan ijdel? Ja. Is hij egocentrisch? Nee, hij gaat niet over lijken.”

Hij wordt weleens naïef genoemd. Of toch minstens te naïef voor de gehaaide voetbalwereld.

“Ieder zijn mening. Wat hem vooral siert, is dat Michaël trouw blijft aan zijn idealen. Ik hoef jou niet uit te leggen hoe de wereld van de voetbalmakelaars werkt. Wel, hij heeft zich voorgenomen om de witte ridder te zijn en níét te doen zoals algemeen aanvaard wordt. Is dat naïef? Ik noem dat ambitieus.”

Wat vond u van zijn beslissing om mee te stappen in het Anderlecht-verhaal van Marc Coucke?

“Die ambitie had hij vóór de overname al, toen hij een tiental jaar geleden de kans kreeg om aandeelhouder te worden. Daar is de kiem gelegd. Toen Marc de club twee jaar geleden overnam, was dat een mooie opportuniteit. Ze kenden elkaar en hadden al gesproken over hun visie op het voetbal van morgen.”

Stond u meteen achter zijn beslissing?

“Ja. Zulke beslissingen behoeven geen goedkeuring. Daarin moet Michaël gewoon zijn zin doen. Ik zal nooit mijn veto stellen, zo’n vrouw ben ik niet.”

Hij is nu een publiek figuur. En nu het sportieve succes uitblijft, staat hij in het schootsveld. Had u de gevolgen voor uw gezin goed ingeschat?

“Dat denk ik wel, maar ik had niet verwacht dat het zo snel zou gaan. Voor de kinderen was het het moeilijkst. Zij werden er op school over aangesproken, zonder dat ze goed en wel wisten wat er aan de hand was. De kleinste dacht zelfs dat papa voetballer was geworden, heel schattig. Voor hen is hun papa niet veranderd, maar mensen reageren wel anders, en dat is verwarrend. Op vakantie zijn er nu die een selfie komen vragen. Nu lachen we ermee, maar de eerste keer begreep Victoria, de oudste, er niets van: ‘Wie ben jij? Waarom wil jij een selfie met mijn papa?’ Misschien dat ik over een paar jaar anders spreek, maar voorlopig is het niet hinderlijk in ons leven.”

U moet een van de weinigen geweest zijn die van bij het begin wist dat er met Vincent Kompany werd onderhandeld.

(knikt) De deal met Vincent is bij ons thuis gesloten. Ook die fameuze foto van die werkvergadering (met Kompany, Coucke, Verschueren en Frank Arnesen, red.) is hier gemaakt. Heel spannend allemaal, ja. Ik leefde heel hard mee.”

Welke indruk maakte Kompany op u?

“Vincent is een megagoeie gast. Die man heeft een aura… Indrukwekkend! Maar dat zegt iedereen, zeker? (lacht)

Kende u Marc Coucke?

“We hebben gemeenschappelijke vrienden en hadden elkaar al ontmoet op feestjes. Ik vind Marc heel slim, positief en openhartig, net als zijn vrouw Nathalie.”

Voelt u meer affiniteit met hen dan met hun voorgangers, de familie Vanden Stock?

“Die kende ik helemaal niet. Ik kan alleen maar zeggen dat het contact met Marc en Nathalie meteen hartelijk was. Het zijn warme mensen.”

Is het nu prettiger toeven op Anderlecht dan voor hun komst?

“Dat vind ik wel. Ook al vallen de resultaten voorlopig tegen, de sfeer is anders. Sommigen zullen zeggen dat de grandeur weg is, maar het is fijner nu. Laten we een kat een kat noemen: wat was er vorig seizoen nog recht te trekken? Die tabula rasa was echt nodig. Nu moeten ze volhouden en bijsturen waar nodig. Ik weet zeker dat het gaat lukken.”

Wat vond u van de recente verwijten over en weer tussen Coucke en Vanden Stock?

“Erg jammer! Marc heeft emotioneel gereageerd, maar zo is hij. Kun je hem dat kwalijk nemen? Ik ken mezelf: ik zou het ook moeilijk hebben om niet emotioneel te reageren. Sommigen vinden dat hij het beter niet had gedaan. Djeezes, we’re all human! Maar het blijft spijtig: hier komt niemand goed uit.”

Mister Michel heeft al tweetend partij gekozen voor Coucke, terwijl altijd werd gedacht dat hij een trouwe soldaat van de Vanden Stocks was.

“Hij staat vooral achter zijn zoon. En hij weet ook hoeveel zaken níét draaiden op de club, en welke effort het nu kost om dat op te kuisen. Ja, er zijn lijken uit de kast gevallen. Maar het is niet omdat het nieuwe bestuur daar geen concrete voorbeelden van wenst te geven, dat je denigrerend moet doen en hun woorden in twijfel moet trekken. Laat de tijd zijn werk doen. Misschien komt er wel een moment dat iedereen zich weer welkom voelt.”

Legt Michaël zijn oor nog te luisteren bij zijn vader?

“Toch wel. Maar vaak zal Michel hem in snelheid pakken en al zeggen wat hij denkt voor hij het hem kan vragen. (lacht) Nu, Michaël vindt het wel leuk om te horen wat zijn papa vindt. Maar net als bij mij filtert hij alles, tot hij alleen overhoudt wat hij bruikbaar acht.”

Hij blokt de wijze adviezen van zijn vader niet af?

(schaterlacht) Je kúnt Michel niet afblokken, daar is geen beginnen aan! Hij stuurt Michaël misschien wel vijftig berichten per dag. Bon, ik overdrijf misschien een beetje, maar van één ding ben ik echt zeker: hij is heel erg fier op zijn zoon.

“Michaël heeft altijd geweten dat, zodra hij een uitdaging bij Anderlecht aanging, zijn achternaam zowel een nadeel als een voordeel zou zijn. De ene helft zou hem gek verklaren, de andere helft bejubelen. Voor Michaël was het belangrijk om eerst zijn eigen weg te gaan en zich te bewijzen. Dat heeft hij gedaan, in zijn bedrijven.”

Toetst hij dingen af bij u?

“Ja. Wij hebben nooit een onderscheid gemaakt tussen werk en thuis. ‘Schat, vanavond even niet over het werk’: dat hoor je niet bij ons. Wij nemen ons werk mee naar huis en praten erover, ook over Anderlecht. Ik weet nog dat ik tijdens onze eerste vakanties vaak heb gedacht, terwijl ik aan het zwembad lag: waar is Michaël nu? Dan stond hij aan de receptie faxen te versturen. Ik ben blij dat er vandaag zoiets als de iPhone bestaat, zodat hij zijn mails van aan het zwembad kan versturen. (lacht)

Neemt hij ook zijn zorgen mee naar huis?

“Ook daarin is hij een voorbeeld van de moderne manager: op zulke momenten probeert hij afstand te nemen en gewoon papa te zijn. Na de nederlaag in Genk en de blessure van Vincent was het niet makkelijk thuiskomen. Maar in plaats van het hele weekend te bokken, duurt dat een uur en gaat hij vervolgens met de kinderen spelen.”

Heeft hij meer stress dan vroeger?

“Ik zou liegen als ik zeg dat hij geen stress heeft. De transferperiode heeft een groter effect gehad op hem dan de tegenvallende resultaten. Wat ik hem vooral probeer te zeggen is dat hij zich niet onder druk mag laten zetten, en vooral: niet mag beginnen te twijfelen.

“De wil was erg groot om naar een ander soort voetbal te evolueren. Volgens mij wist iedereen ook heel goed dat daar een prijs voor betaald zou worden, al hadden ze zeker op meer punten gehoopt. Het moeilijkste is: blijven doen waarin je gelooft wanneer de resultaten achterwege blijven en de kritiek de kop opsteekt.”

Michaël heeft econometrie gestudeerd en is een man van cijfers. Haalt de ratio het bij hem van de emotie?

“Aan de basis van wat hij doet, ligt altijd rationaliteit. Maar hij is geen keiharde zakenman, hij laat zich ook leiden door zijn emoties. Dat siert hem. Nu, het is niet altijd slim. Zeker als je hem op stang jaagt, reageert hij emotioneel. Dan durf ik hem soms wel te zeggen: ‘Antwoord daar toch niet op!’”

Zal hij op een dag het voetbal makkelijker kunnen loslaten dan zijn vader?

“Zeker weten! Michaël is altijd een duizendpoot geweest. Voor het eerst in zijn carrière houdt hij zich nu al een jaar met één enkel ding bezig: Anderlecht. Maar hij heeft zó veel interesses.”

Wat ziet u hem nog doen?

“Iets in de bestuursorganen van de sport. Bij de UEFA misschien.”

Hij bekleedt nu al functies in werkgroepen van de UEFA. Dat aanzien, daar geniet hij toch van?

“Waarom zo kritisch? (lacht) Ik vind het getuigen van een gezonde ambitie, met daarbij ook een vleugje verlangen naar erkenning: hij vindt het belangrijk de credits te krijgen voor wat hij doet.”

Wil hij bewijzen dat hij minstens even goed is als zijn vader?

“Dat geloof ik niet. Hij is in dit verhaal gestapt door zijn passie voor het merk Anderlecht en de enorme potentie die hij erin ziet. Hij doet het voor de club, niet voor zichzelf: daar heeft hij te weinig ego voor.”

Hebt u door het voetbal dromen moeten opbergen?

“Ik móét niet mee naar het voetbal, hè: ik mág mee. Ik doe het met mijn volle goesting en geniet ervan.

“Voorts ben ik heel devoted aan mijn werk, ons gezin en de kinderen. Mis ik dan iets? Ik heb niet het gevoel dat ik me heb weggecijferd voor mijn man. Integendeel, Michaël heeft altijd heel veel dynamiek en energie in ons huishouden gebracht. Mocht je me vragen wat ons geheim is na 24 jaar samen, zou dat mijn antwoord zijn: het enthousiasme en de energie die er altijd zijn geweest.”

U bent nog lang niet halfweg, maar is er iets wat u nog graag zou willen doen in uw leven?

“Er zullen heus nog genoeg avonturen op ons afkomen. Het enige wat ik graag nog veel wil doen, is reizen, samen met ons gezin. Niet met de tent, dat zou voor Michaël iets te veel avontuur zijn. Maar mij zou het niet afschrikken, ik ben een nomade. Het liefst zou ik overal één keer geweest zijn. Latijns-Amerika bijvoorbeeld, is nog een blinde vlek. China ook. Dat wordt de grootste uitdaging de komende jaren: hoe gaan we voetbal en reizen met elkaar verzoenen?”

U lijkt me een gelukkige vrouw.

“Dat ben ik ook. Correctie: wé zijn zeer gelukkig. Ik weet dat het een cliché is, maar zo staan wij als gezin in het leven: positief én dankbaar. Samen met de familie, met wie we heel close zijn, en een klein groepje dichte vrienden. Mijn verhaal is er één van positiviteit, dat mag je vooral uit dit interview onthouden.”

© Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234