Zaterdag 16/10/2021

Stel dat wij, Europeanen, de asielzoekers waren

Asielzoekers afkomstig uit Vlaanderen of uit de krottenwijken van Zürich, die op het bijzonder welvarende Afrikaanse continent leven van de voedselhulp van Afghaanse of Haïtiaanse caritatieve organisaties. Confronterend, de wereld op zijn kop, in Aux Etats-Unis d'Afrique van de in Frankrijk wonende Djiboutiaanse schrijver Abdourahman Waberi (41).

Door Catherine Vuylsteke

Brussel l 'Ik geloof dat we vooral te weinig inzicht hebben in de kracht van de Eldoradomythe', zegt Waberi over het complexe migratiefenomeen. 'Zelfs diegene die alleen de luchthaven van Parijs aandeed en daarna meteen werd gedeporteerd geldt voortaan als iemand die 'er geweest is'.'

"Franse, Spaanse of Luxemburgse schoolkinderen worden geteisterd door kwashiorkor, lepra, glaucoom en polio, en overleven op de voedseloverschotten van de Noord-Vietnamese, Noord-Koreaanse of Ethiopische boeren. Ze behoren tot volkeren met oorlogszuchtige zeden en barbaarse gewoontes, die onafgebroken de verkoolde aarde van de Auvergne, van Toscane of van Vlaanderen plunderen."

In het bijwijlen hilarische universum dat schrijver Abdourahman Waberi evoqueert in Aux Etats-Unis d'Afrique eindigen "vaticaneske prostituees" op de stranden van Djerba, en bevindt de Wereldacademie van Culturen zich in het Senegalese Gorée, terwijl de Wereldgezondheidsorganisatie haar "vredige hoofdkwartier" heeft in de Gambiaanse hoofdstad Banjul.

Waberi, die hiermee zijn zesde boek schreef, ziet dit werk als een logisch vervolg. Zijn eerste boeken gingen over het Djibouti waar hij de eerste helft van zijn leven doorbracht, en dat hij literair op de kaart wilde zetten, zodat het "niet langer alleen een oord zou zijn dat voorkomt in koloniale literatuur of in de boeken van bijvoorbeeld Rimbaud. Maar dat is onderhand afgehandeld. Nu schrijf ik over het Westen".

Hoe kwam u op het idee een welvarend Afrika en een verpauperd Amerika en Europa te schetsen?

"Een Verenigde Staten van Afrika, dat geen haar beter is dan het Noorden dat we nu kennen, volstrekt geen geïdealiseerde plek dus.

"Ik wilde een boek schrijven over een geadopteerd Afrikaans meisje in Normandië, en over de invloed van globalisering op identiteit. Hoe ziet zo iemand zichzelf dan? Als een Française met een donkere huid, als een Angolese die hier is beland? Drie jaar lang heb ik daaraan gewerkt, maar de tekst begon maar niet te zingen. In diezelfde periode werd ik gevraagd door een gezelschap uit Bordeaux om iets te doen omtrent postkolonialisme. Toen heb ik alles dooreen gegooid, wat een rijk Afrika met arme blanke asielzoekers opleverde.

"Tegelijk had het ook met mijn laatste roman te maken, Transit (2003), over twee figuren die stranden op de luchthaven van Charles de Gaulle. Een verhaal over twintig minuten en over twintig jaar. De lezers, mensen uit het Noorden vooral, vonden het boek tragisch en dramatisch, maar tegelijk was er weinig empathie. Het lag immers allemaal in de lijn der verwachtingen: de asielzoeker die een moeilijk systeem ontvlucht - het tegendeel zou verwonderen. En dat is nu precies wat me vreselijk tegenstaat: dat het lijden 'natuurlijk' Afrikaans zou zijn, net zoals dat gezegd wordt van de warmte of de solidariteit."

Eigenlijk zegt u daarmee dat we ons alleen identificeren met wat op ons lijkt. Dan zijn we fundamenteel racistisch?

"Ja, maar de blanke niet meer dan de zwarte. Bovendien zou ik dat niet eens racisme noemen, maar veeleer egoïsme. In zeker opzicht begrijp ik het wel: we zijn nu eenmaal niet in staat om alle problemen in de wereld op te lossen en voelen ons dus genoodzaakt eerst te zorgen voor 'de onzen'. Maar het is niet erg politiek correct om dat te zeggen, vooral niet nu voortdurend de identiteit van het slachtoffer wordt gemobiliseerd, de Afrikaanse 'broeders' die hun lijden gemeen hebben, versus de 'westerse' boeman, (neo)-kolonisator. Ik weet wel waar het uit voortkomt: zo kun je meer eisen stellen, het creëert een goede onderhandelingspositie, maar fundamenteel heb ik er een hekel aan, evengoed als aan de engelachtige voorstelling van het slachtoffer.

Maar wat staat er ons, geconfronteerd met beelden van gammele schuiten vol mensen die meer dood zijn dan levend, te doen met dat complexe migratiefenomeen?

"Ik geloof dat we vooral te weinig inzicht hebben in de kracht van het imaginaire, van de Eldoradomythe. Zelfs diegene die alleen de luchthaven van Parijs aandeed en daarna meteen werd gedeporteerd, geldt voortaan als iemand die 'er geweest is'. De jongemannen in veel Afrikaanse landen vallen in twee categorieën uiteen: zij die 'het deden' en zij die zich onthielden. Soms heb ik het gevoel dat het een soort obsessie is, die alleen overgaat door ze te leven. En na 'l'aventure' vindt men dan de rust om aan de rest van het leven te beginnen, en bijvoorbeeld een winkeltje te openen in de eigen geboortestad.

"De teruggekeerden spelen uiteraard ook een rol in de ontkrachting van de mythe, maar het is veel ingewikkelder dan het lijkt. De aanvankelijk naar huis opgestuurde foto's, van zoonlief poserend bij 'zijn' chique auto van de buurman, hebben de verbeelding in werking gezet. Maar ondertussen zijn we al veel verder. De immigrant die nu zijn neven en nichten thuis gaat opzoeken en die uitlegt dat het echt niet makkelijk is in Frankrijk stoot op wantrouwen en ongeloof. Zijn familieleden verdenken er hem van de dingen moedwillig slecht voor te stellen, het Eldorado voor zichzelf te willen houden. En dus zwijgen de meesten uiteindelijk. Ze voelen zich niet opgewassen tegen de kracht van de verbeelding.

"Hoe je daarmee afrekent? Ik vraag het me ook af. Het is een van de redenen waarom ik schrijf, en tegelijk weet ik dat de lezers doorgaans westerlingen zijn. Ik merk het aan de immigrantenkinderen onder mijn leerlingen. Geef ik een jongen van Congolese afkomst een boek van een schrijver uit zijn land dan vindt hij het meer iets voor zijn vader. Hijzelf heeft er geen behoefte of boodschap aan. Hij voelt zich niet Congolees of Frans, maar 'black', wat dat ook moge zijn. En die vader, die leest evenmin verhalen over Congo. Als hij leest, dan is het de biografie van Chirac, of iets anders dat oer-Frans is. Zo gaat dat."

Vanavond heeft in PassaPorta, Dansertstraat, Brussel, om 20 uur een gesprek plaats tussen Abdourahman Waberi en Foulek Ringelheim, in het kader van Green Light van de KVS. Tel: 02/513.46.74 of info@entrezlire.be

Abdourahman Waberi

'Een blanke is niet egoïstischer dan een zwarte'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234