Dinsdag 06/12/2022

Stefaan Obreno werkt hard aan innovaties in het vlaamse zwemmen

Obreno: 'In 2012 zullen we er weer staan. Maar krijgen we zoveel tijd?'

Weg met de patattenzakken in het zwembad

Het Belgische zwemmen zit nog steeds in een dal en daar kon de eerst toptrainer in Vlaanderen, Stefaan Obreno, nog geen verandering in brengen. Aan zijn ambitie zal het niet liggen. Obreno voerde een aantal veranderingen door maar vraagt vooral tijd om de scheefgegroeide situatie recht te trekken. Van de Belgische zwemkampioenschappen dit weekend in Bastenaken moeten we dus niet veel verwachten. Maar Obreno kijkt al verder vooruit.

Moerkerke/Berchem

Van onze medewerker

Marcel Coppens

Het was even slikken voor Stefaan Obreno toen hij begin begin augustus de resultaten van de Belgische seniores- en jeugdkampioenschappen onder ogen kreeg. "Waar ben ik aan begonnen", vroeg de eerste topsporttrainer van Vlaanderen zich af. Enkele weken later had hij een handleiding klaar waarin hij klaar en duidelijk stond hoe onze zwemmers opnieuw de top konen bereiken. "Er moest één bepaalde weg, één bepaalde visie gevolgd worden die verschillend was met het verleden. Ik zie de zaken intussen veel positiever in. Het feit dat er topsportscholen bestaan, is het grote pluspunt op langere termijn en op dat gebied zijn de violen met Lode Grossen (directeur van de Vlaamse Zwemliga) goed op mekaar afgestemd."

Voor Obreno moet het allemaal veel professioneler. Zwemmers die de top willen bereiken moeten zich maar met één ding bezig houden en dat is...zwemmen natuurlijk. "In de selectie die ik begeleid aanvaard ik alleen nog kernleden die alles op het zwemmen zetten." Dat betekent concreet dat Obreno enkele combinaties die tot nu toe nog door de beugel konden niet meer zal aanvaarden. "Studenten moeten een sabbatjaar nemen zoals Stefan Verachtert. Willen ze toch combineren dan moet ze ofwel studeren aan de VUB topsport en zwemmen volgen onder leiding van een trainer die door de Vlaamse Zwemliga (VZL) betaald wordt ofwel beroepsmilitair zijn zoals Brian Ryckeman, die het in open water wil proberen. Niemand anders. De structuren zijn er."

Dat die structuren er kwamen, is grotendeels te danken aan de noeste arbeid van Lode Grossen. In zijn eerste jaar moest die ook even naar adem snakken, maar vrij snel begreep hij waar het naartoe moest met de topsportschool. "Nu zijn we zo ver, dat alleen de besten uit elke leeftijdscategorie mogen komen."

Zowel Obreno als Grossen leggen de lat voor hun selectie bijzonder hoog. "Bij de beste twaalf van de wereld horen. Wie daar wil bij zijn, moet een Belgisch record halen. Van de huidige zwemmers haalt niemand de gevraagde limiet. Toch denken wij dat er een ploeg op de 4x100m of 4x200m zeker bij de mannen een finaleplaats kan halen op het EK in 2006. Dan ben je met vijf, zes goed werkende jongeren bezig aan de basis, die mekaar een beetje oppeppen om tot een groepsresultaat te komen. Dat is uitzonderlijk, want elke zwemmer is in feite een egoïstische Einzelganger. Door te mikken op de estafette zit de kans erin dat er één of twee individuele talenten doorgroeien."

Om zwemtalent zo goed mogelijk te ondersteunen is er een goed begeleidingskader nodig en ook dat krijgt stilaan vorm. Naast een zestal trainers in vast dienstverband, wordt voor de mentale begeleiding een beroep gedaan op Paul Wylleman, Bert Van Poucke en ex-atleet Nathan Kahan. Voor de lichaamsscholing en de conditietraining wordt Stefan Deckx als deeltijdse kracht gedeeld met de judofederatie. "Zwemmen en judo zijn beide even ambitieus," zegt Grossen. De VUB houdt zich ook nog bezig met talentdetectie, de voedingsanalyse gebeurt in samenwerking met profs uit de KUL.

En dan heeft Obreno nog een primeur. Hij wil namelijk iets doen aan de gebrekkige opwarming van de zwemmers voor een wedstrijd. Daarvoor zoekt hij zijn heil bij de trilpaat, de nieuwe hype in het fitness. "In samenwerking met KULeuven beginnen we met vibratietrainingen, zoals dat in het skiën, het wielrennen en bij de sprinters in atletiek al ingeburgerd is. Bij een tijdrit in de Tour rijden de renners zich drie kwartier vooraf in het zweet op een home-trainer. Wat gebeurt er in het zwemmen? Opwarming tot 9 uur 'sochtends en dan gaan we twee uur in de tribune zitten komen we als een 'patattenzak' naar de start. We zwaaien enkele keren met de armen en dat is het. Daar kan heel wat aan verbeterd worden door kort voor het zwemnummer even op die trilplaats te staan om alle spieren op te warmen.

Obreno kiest dus voor een wetenschappelijkere weg. maar dat kost geld. Geld dat er in het verleden niet was. Al lijkt het er op dat gebied verbetering op komst. Obreno zit het dan ook helemaal zitten "Er is absoluut beterschap. We hebben geen toptalenten, maar we gaan er voor 300 procent voor. Er mag nog iets meer sturing komen, maar ik ben er echt van overtuigd dat we er in 2012 zullen staan met verschillende finaleplaatsen. Mijn grootste zorg is echter dat we niet genoeg krediet en tijd krijgen, omdat Peking 2008 al binnen 32 maanden is."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234