Dinsdag 02/03/2021

InterviewFamilieklap

Stefaan Degand en broer Peter: ‘Er is weinig dat ons bindt, maar dat geeft niet’

De broers Stefaan (l) en Peter Degand. Beeld Bob Van Mol
De broers Stefaan (l) en Peter Degand.Beeld Bob Van Mol

De jongste is 42 jaar, acteur en schreef ­onlangs een boek waarin hij zijn hele leven verhaalt. De oudste is 45 jaar, psychiatrisch verpleegkundige en verbonden aan PVDA. Stefaan en Peter Degand, broers. We laten ze elk om beurt aan het woord.

Stefaan

“Peter en ik zijn absolute tegenpolen, maar respecteren elkaar wel. Onze karakters liggen erg ver uiteen. Mocht hij mijn broer niet zijn, dan is Peter niet het soort man met wie ik aan een cafétoog zou belanden. We hebben gewoon weinig gemeenschappelijk, er is weinig dat ons bindt, maar dat is – voor alle duidelijkheid – geen probleem. Je hoeft niet innig met elkaar verbonden te zijn. Het is wat het is. Ik vind het engagement van Peter, zowel op politiek als op maatschappelijk vlak, wel knap, maar ik houd me dus met andere dingen bezig.

“Wij zijn opgegroeid in West-Vlaanderen, in Wevelgem, in een archetypisch gezin: vader, moeder en twee broers. Vader werkte bij Bekaert (bekende staaldraadproducent, red.), moeder een tijdje in kledingwinkel C&A in Kortrijk, tot ik geboren werd, en ze voor het gezin zorgde. Onze moeder is in 2016 gestorven. Meer dan dertig jaar was ze ziek: nierproblemen, nierdialyse, niertransplantaties, het ene volgde het andere op. Ik heb zelfs geen herinneringen aan periodes waarin onze moeder níét ziek was. Maar ze ging daar moedig mee om. Nooit klagen of zagen. Ze was een échte moeder, en een kind stelt zich geen vragen bij de gezondheid. Pas later besef je dat je moeder wellicht nooit grootmoeder zal worden.

“Uiteindelijk werd ze nog 65, wat best acceptabel is, gezien haar ziektebeeld. Veel van haar medepatiënten in het ziekenhuis hebben die grens niet gehaald.

“Al gauw werd duidelijk dat Peter en ik erg verschillen. Terwijl ik opging in klassieke muziek en met vader in de woonkamer naar Brahms en Mozart luisterde, trok Peter zich terug in onze slaapkamer – we sliepen in een stapelbed – en zette Nirvana op. Peter ging naar festivals, naar massa-evenementen, terwijl ik daar van gruwde. Nog steeds overigens. Mijn blik is meer naar binnen gekeerd. Ik ben meer met mezelf bezig, met de verbeelding. Ik heb ook opera gestudeerd. Peter is naar buiten gericht. Hij was en is meer betrokken op de wereld om hem heen. Dat leidde tot discussies, als hij weer eens met Fidel Castro afkwam. Zelf vereenzelvig ik mij met geen enkele politieke partij, noch met een kleur, noch met een vlag. Maar ik snap zijn drive wel.

“Nu is dat discussiëren voorbij, maar de verschillen zijn er niet minder om. Zo bewaar ik haast niks in het leven. Wat is geweest, dat is voorbij. Ik vind dat een bevrijdende gedachte. Peter houdt juist heel veel bij. Ooit gaf hij me een map met interviews, foto’s, recensies, enzovoort, van films en theaterstukken waarin ik meespeelde. Ik heb die map binnen tien minuten gewoon in de vuilbak gegooid. (lacht)

“Het is niet zo dat ik vaak met Peter over emotionele dingen praat, of met andere leden van de familie. Ook niet over wat de voorbije jaren gebeurd is. (Julie, de op dat ogenblik zwangere partner van Stefaan Degand stierf in 2017 aan een acute bacteriële hersenvliesontsteking, red.) Het is wel zo dat ik bepaalde vrienden, mensen die hetzelfde wereldbeeld delen, wel tot familie reken, maar dan nog krijg ik bepaalde zorgen, of gedachten of wat dan ook, op een podium makkelijker van mij af. Dat is mijn domein. Misschien behoort het schrijven daar ook toe. Dit eerste boek – Dag liefje, met Mila gaat het goed en ik klungel lekker verder – is het meest compromisloze werk dat ik ooit heb kunnen maken. Ik had de volledige controle, over alles. Schrijven, ­gewoon schrijven. Het was fantastisch.”

Peter: ‘Ik mis het wel dat we geen diepe gesprekken voeren.’ Beeld Bob Van Mol
Peter: ‘Ik mis het wel dat we geen diepe gesprekken voeren.’Beeld Bob Van Mol

Peter

“Hij naar binnen, ik naar buiten. Dat vat het goed samen. Ik ken de grote lijnen wel van wat zich in het leven van mijn broer afspeelt, maar daarom weet ik nog niet waar hij aan denkt, wat hem bezighoudt. Dat zie ik dan in Die Huis (documentaire tv-reeks van Eric Goens, toen in Zuid-Afrika, red.) of lees ik in het boek. Veel intense momenten hebben we wel enigszins samen beleefd, zoals het afscheid van onze moeder, en van Julie. Dat was heftig. Stefaan verloor zijn vrouw en een kind, en een paar jaar later heb ik getuigd over een onvervulde kinderwens. Dat is heel dubbel. Dat we daar geen lange, diepe gesprekken over voeren, is nu eenmaal zo. Het is wat het is, zoals Stefaan aangeeft, al mis ik dat wel.

“In tegenstelling tot Stefaan, ben ik wel een familieman. Ik breng de familie graag samen, en zie dan wel of mijn broer en Mila (zijn dochter, red.) naar West-Vlaanderen komen. Het is altijd zo geweest: ik ben diegene die heel graag dingen op poten zet, acties voorbereidt, mensen samenbrengt. Onze ouders organiseerden vroeger de wijkfeesten in onze buurt. Het boeide mij om aan tafel al die verschillende personages te zien: de boekhouder, de technicus, de man die alleen pinten komt drinken, enzovoort. Al die koppen rond de tafel, het ‘debat’. Het leidde ertoe dat ik zelf ook in gang schoot, vooral op humanitair vlak. Broederlijk Delen, 11.11.11, Geneeskunde voor de Derde Wereld, de vakbond (ACV), en uiteindelijk dus ook politiek engagement bij PVDA.

Gekke gewoontes

Stefaan over Peter: “Als kind vroeg hij altijd: mama, vanwaar komt dat brood?”

Peter over Stefaan: “Hij draaide altijd met zijn vingers in zijn haar, tot er een knobbel in lag.”

“Als kind al wilde ik uitbreken, de wereld zien, reizen. Terwijl Stefaan voor het podium koos. Ik wilde de wereld intrekken, Stefaan wilde die als het ware verbeelden. Ik heb het geluk gehad dat ik kon meedraaien in een leprakamp in Egypte, als psychiatrisch verpleegkundige. Ik ben ook naar Honduras gereisd om containers te lossen, ging op inleefreis naar psychiatrische ziekenhuizen in Benin, en toen Stefaan in Cuba zat voor de opnames van Koning van de wereld (miniserie uit 2007-2008, red.), trok ik in dat land rond met studenten, en heb er Fidel Castro gezien. Engagement maakt deel uit van mijn karakter, de actie. Of het nu om de Witte Woede gaat, betogingen tegen de globalisering of het mee organiseren van de Vredesloop. Intussen ben ik al zeventien jaar vakbondsafgevaardigde, en werk ik nog altijd als psychiatrisch verpleegkundige. Stefaan respecteert dat, wat fijn is, terwijl ik ook naar zijn voorstellingen of films ga kijken. Als hij me tenminste laat weten wanneer er iets verschijnt.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234