Vrijdag 15/10/2021

Steek mijn vrijheid waar de zon niet schijnt

Zij gooide haar liefdesrivale van een brug. Hij trok met blote handen de darmen uit de buik van de vrouw die geen seks met hem wou. Zij kreeg twintig jaar cel, hij dertig. In de gevangenis werden Caroline Van Bever en Dirk Van Malderen verliefd, heel verliefd. Ze werden zo verliefd dat met geen van beiden nog enig land te bezeilen valt. Zij kan sinds 1999 vrijkomen, maar weigert de gevangenis te verlaten zonder hem. ‘Het is vlug gezegd: och, mijn schatje, voor jou ga ik door vuur of voor jou wil ik sterven. Ik doe het.’

door Douglas De Coninck

Het huwelijk vond plaats in het kantoortje van de directeur in de Nieuwe Wandeling, de Gentse gevangenis. Hij droeg een vers gestreken cowboyhemd. Zij was in het wit en droeg glimmende nylons. Wie goed kijkt, ziet op de trouwfoto een stukje ketting ter hoogte van haar enkel. Misschien, suggereert Caroline Van Bever in de begeleidende brief aan onze redactie, kunnen we er een cirkeltje rond trekken en dat deel van het beeld uitvergroten? Enkele vrienden waren gekomen, en ook zijn moeder. Want het huwelijk, dat is binnen de muren van de penitentiaire instelling iets wat bij reglement nog altijd zekere privileges wettigt.

Caroline Van Bever: “Als je trouwt, zijn ze verplicht om de poorten open te zetten. Wettelijk! De meeste gedetineerden zijn zich daar niet van bewust, maar wij toen wel. Er stonden vijf combi’s aan de poort. Ik zei dan nog: ‘Schatje, vluchten we nu samen? Of blijven we staan, uit respect voor die ambtenaar van de gemeente? Ik kon mijn lach niet inhouden. Dirk bleef rustig, omdat hij zag dat ik met die boeien geen probleem had. Want mijn jeugddroom is altijd geweest: ‘Als ik ooit trouw, wil ik trouwen met handboeien.’ Mijn droom is dus ook nog uitgekomen, maar wel aan onze voeten.”

“Toen we getrouwd waren, mochten we van de hoofddirecteur een hele dag samen zijn. We zijn om elf uur getrouwd, we mochten tot vier uur met onze genodigden samen taart eten. Zoals u ziet op de foto, mochten we foto’s laten nemen. Daarna moest het bezoek weg, ik en Dirk kregen nog twee uur samen in de bezoekzaal. Dus, wij zijn getrouwd zonder seks voor het huwelijk. Fantastisch toch? Nochtans zijn we niet gelovig in God.”

PUBERENDE MOORDENAARS

Het op 27 april 1998 voltrokken huwelijk tussen Dirk Van Malderen (45) en Caroline Van Bever (45) was op zich misschien geen unicum, de twee uurtjes waarin ze achteraf met het fiat van de directie met elkaar in de koffer mochten duiken, waren dat wel. De late jaren negentig waren die van ethische doorbraken, nieuwe politieke cultuur. In oktober 1998 kregen alle Belgische gevangenissen ruimten voor ongestoord bezoek. De gevangenissenen moesten ook maar eens mee met hun tijd. Een uitzicht op seks zou de gedetineerden gelukkiger maken, en vast ook minder gefrustreerd. Vandaag, twaalf jaar later, zijn sommigen bij het Bestuur der Strafinrichtingen niet meer zo zeker of in het geval van de twee pioniers de juiste keuzes werden gemaakt.

Op zondagavond mogen gevangenen in Gent samen een film bekijken. Een van die groepen is gemengd: mannen vooraan en vrouwen achteraan. Caroline Van Bever schrijft ons over de beginjaren van haar huwelijk: “Sinds we getrouwd waren, hadden we drie keer per week intern bezoek van elkaar in de bezoekzaal. Telkens één uur lang. Dat vond plaats op maandag, woensdag en vrijdag. We kregen ook nog bezoek van Dirk zijn moeder. Dus kwam zij bij ons op dinsdag, donderdag en zaterdag, en op zondag zagen we elkaar in de cinemazaal. Met andere woorden: we zagen elkaar elke dag. Onze liefde werd steeds groter en passioneler. Wij hebben nooit een film gezien. Dirk zat omgekeerd naar mij te gluren, en ik zette me altijd waar Dirk me heel goed kon bewonderen. Echte liefde houdt passie in blijvende actie en houdt de vlinders in de buik. Nu, na 12,5 jaar huwelijk, is onze drang naar elkaar 1.000 keer erger, hechter en vaster geworden.”

Liefde is iets moois, maar daarbuiten zijn families die een geliefde verloren. Het idee achter detentie is dat er op zeker ogenblik ook stappen worden gezet naar zelfreflectie en sociale reïntegratie. De kerk moet een beetje in het midden blijven, vond toenmalig gevangenisdirecteur Hans Meurisse. Hij haalde Van Malderen weg uit de gemengde filmgroep. In haar brieven vertelt ze hoe haar liefhebbende echtgenoot erg snel een manier vond om tijdens de dagelijkse wandeling tot dicht bij het raam van haar cel te komen: “Dirk stond alle dagen anderhalf uur aan mijn venster te praten en zijn liefde te verklaren. ’s Winters hingen de ijspegels aan zijn neus, maar hij was niet weg te krijgen van aan mijn venster.”

De directie kwam het te weten en verplaatste Van Bever naar een andere vleugel. De geliefden kwamen erachter hoe in de gevangenis nu en dan avondlijke lezingen werden georganiseerd voor een gemengd publiek en vonden elkaar daar weer terug. Ze schreven zich in voor de wegens gebrek aan belangstelling voor beide geslachten toegankelijke workshop keramiek. Wat de directie ook probeerde, elke keer weer kwamen de tortelduifjes met een plan B.

“Hoe meer Meurisse mij van Dirk wou weghouden, hoe verliefder ik werd. Niets of niemand houdt ons van elkaar weg. Wij zijn stapelgek en smoorverliefd op elkaar en we zien elkaar doodgraag. Dirk is mijn obsessie, mijn grote liefde en passionele verslaving. Hij is de eerste echte man die mij zo zot heeft gekregen. Nooit eerder is dat een man gelukt.”

Passie is voor Caroline Van Bever geen vreemd concept. Het vervelende is dat het juist passie is die haar bracht waar ze is.

DE MOORD OP CATHY (1992)

Op de eerste dag van haar assisenproces, maandag 6 februari 1995, liet Caroline Van Bever haar advocaat een schriftelijke verklaring voorlezen die tegelijk kon worden beschouwd als bekentenis en verklaring voor haar daad. Haar grote liefde heette toen niet Dirk, hij heette Rudi: “Ik heb geprobeerd met allerlei middelen Rudi voor mij alleen te hebben. Hij zei mij dat hij Cathy beu was. Ondertussen vrijden we overal, in de jeep, bij mij thuis, op andere plaatsen. Wij waren verslaafd aan elkaar. Maar Rudi beloofde altijd dat Cathy zou weggaan.”

Rudi Spitaels, een gescheiden twintiger met een ruilhart, was al drie jaar samen met Cathy Demortier. Zij was op haar achttiende verliefd geworden op hem. Ze had hem leren kennen tijdens een benefietactie in een café, toen daar geld werd ingezameld voor zijn transplantatie. Begin 1992 was Cathy bevallen van hun dochtertje. Korte tijd later was Caroline in het leven van Rudi verschenen. Hij had, zei hij zelf, misschien een beetje lang gewacht om haar te vertellen over Cathy. Volgens het requisitoir was het Van Bever, toen 26 en schoonmaakster van beroep, die de deadline had uitgevaardigd. Uiterlijk op de tiende dag van de tiende maand moest Cathy verdwijnen. “Tomeloze passie, drift, het gevecht om het exclusieve bezit van de partner, de haat naar die onvermijdelijke derde toe, het moordplan, de ijskoude misdaad”, schreef verslaggever Lode Ramaekers in Het Belang van Limburg. “Dit huiveringwekkende verhaal kon een perfecte remake zijn van The Postman Always Rings Twice.”

In de nacht van 9 oktober 1992 pikt Rudi Spitaels met zijn Jeep Cathy op aan Villa Lorelei in Geraardsbergen, waar zij werkt als keukenhulp. Van Bever heeft zich achter in de auto verstopt, met een sjaal en een mengsel van ether en brandalcohol. Tijdens het proces vertelt Spitaels hoe zijn ene geliefde de andere naar achteren trok en hoe hij Caroline hoorde sissen: “Zijdt ge er nu nog niet aan?”

Samen gooien ze het lichaam van de 21-jarige moeder van een brug acht meter naar beneden. Het wordt de volgende ochtend opgemerkt door de machinist van de eerste trein op de lijn Gent-De Panne. Hij kan niet tijdig stoppen, maar raakt het tussen de rails liggende lichaam niet. Het maakte weinig uit. “De val, van een hoogte van acht meter, veroorzaakte zulke hersenletsels dat Demortier in het beste geval nog een tijd had kunnen leven als een plant”, aldus gerechtsarts Raoul Lauwaert tijdens het proces. “Ze zou nooit meer normaal hebben kunnen functioneren.” Op 11 december 1993 werd in een ziekenhuis in Aalst de stekker eruit getrokken.

Tegenover haar jury en haar rechters legde Caroline Van Bever uit dat ze tot haar ontmoeting met Rudi Spitaels nooit liefde of tederheid had gekend: “Hij was de liefde van mijn leven. Ik wilde Rudi voor mij alleen. Dat leek mij de oplossing.”

Op 9 februari 1995 werden hij en zij door het assisenhof veroordeeld tot twintig jaar dwangarbeid. Spitaels kwam vervroegd vrij in 2000 en begon een nieuw leven.

ONHANDELBAAR

Halverwege 1999 had ook Caroline Van Bever bijna een derde van haar straf uitgezeten. Nog even en ze zou in aanmerking komen voor een voorwaardelijke vrijlating. Ze mocht een eerste keer, op proef, een weekendje in vrijheid doorbrengen en keerde op zaterdag direct terug naar de gevangenis om Dirk te bezoeken. De directie trachtte tot afspraken te komen. Ze zou het volgende verlof alleen krijgen als ze zich niet meer in de gevangenis zou vertonen. “Ik lachte en zei: ‘Steek mijn verlof in je kloten.’ Spijt van? Neen, nog geen seconde. Dirk blijft mijn obsessie, mijn grote liefde en passionele verslaving. Ik heb een IQ van 125. Ik ben dus heel zeker geen achterlijk persoon. Zonder hem kan, wil en zal ik nooit verder willen leven. Hij is het bloed in mijn aderen. Ja, ik durf te zeggen: Hij is MIJN BEZIT en IK HET ZIJN!!! Geen sigarettenblaadje kan tussen ons komen.”

De gevangenisdirectie in Gent stelde Van Bever een opleiding ‘professionele schoonmaak’ voor in Wondelgem. Ze zou van maandag tot vrijdag overdag een opleiding volgen. ’s Avonds zou ze dan terugkeren naar de gevangenis. Ze weigerde, want zo zou ze Dirk enkel nog op zaterdag kunnen bezoeken. De directie deed een voorstel: in plaats van driemaal een uur per week zou ze haar man tweemaal twee uur mogen bezoeken, op woensdag en op zaterdag. “Ik overlegde met mijn man, en Dirk zei: ‘Meisje, doe wat je het beste lijkt, ik bel je wel elke dag op je gsm, maar het gemis zal verschrikkelijk worden voor ons allebei.’ De maandag startte ik. Het enige waar ik aan kon denken, was Dirk. Ik kon er gewoon mijn gedachten niet bij houden en was doodblij toen hij belde. Hij klonk eenzaam.”

Na twee weken weigerde Caroline Van Bever op maandagochtend haar cel te verlaten. Ze zei dat de directie haar deel van de afspraak niet nakwam en dat ze in die twee weken haar man niet te zien had gekregen. Volgens de directie was een ander deel van de afspraak evenmin nagekomen. Dat ze tijdens de opleiding tenminste blijk zou geven van een heel klein beetje interesse.

Het gevangeniswezen stuurde Dirk Van Malderen tijdelijk naar de gevangenis van Leuven voor psychologische tests. Hij en zij werden onmiddellijk onhandelbaar. Zij vertoefde een maand op ‘strikt’ - wat inhield dat ze een maand lang geen bezoek meer kon krijgen. Ze weigerde nog langer een hap te eten. Pas toen ze haar Ware aan de telefoon kreeg, at ze van de boterham. Enkele weken later zagen ze elkaar terug, tijdens het uurtje ongestoord bezoek.

“Ons terugzien was emotioneel, maar Dirk zijn zware armen om me heen gaven mij direct al mijn krachten terug. Onze band was nog sterker geworden. We houden onnoemelijk veel van elkaar. Maar hij weet het hoor, dat ik mijn leven voor hem zou geven. Zonder enige twijfel zelfs!!! Hij is een prachtige echtgenoot op alle gebieden, met een gouden hart tegenover mij.”

DE MOORD OP DIONYSIA (1996)

“Ik kan stoppen als ik wil”, sprak Dirk Van Malderen op 14 december 1998 in de assisenzaal van het Gentse justitiepaleis de rechters en de juryleden toe. “Na die verkrachting heb ik vijf jaar niet gedronken en ik ben er nu alweer twee jaar van af.” En dat klopte helemaal. Een jaar nadat hij in januari 1989 met twee vrienden een man halfdood had geslagen en diens vriendin meermaals had verkracht bij een gangbang, was hij veroordeeld tot dertien jaar effectieve gevangenisstraf. Daarvan had hij er vijf uitgezeten, en in die vijf jaar had hij inderdaad niet gedronken. Ook zijn laatste twee jaren zonder alcohol vielen te verklaren. Hij was op 10 mei 1996, de ochtend na de moord, gearresteerd en zat dus al twee jaar in voorarrest.

Het gebeurde in de Gentse volkswijk aan de Brugsepoort, tegen een decor waartegen dat van De Helaasheid der dingen saai zou afsteken. Het slachtoffer heette Dionysia Waegeneire, ze was door haar ouders genoemd naar de god van de wijn. Dirk Van Malderen verzette op een doordeweekse dag anderhalve bak tot twee bakken Tuborg. Vanaf zijn zesde had zijn vader hem leren drinken. Was het glas niet snel genoeg leeg, dan kreeg hij slaag. “De hoeveelheid bier die hij de volgende 25 jaar verzette, is niet op één vrachtwagen te laden”, zo berichtte een krant.

Dirk Van Malderen had de avond doorgebracht in café De Olijftak. (Op het proces getuigde de uitbater: “Dat is nu al de derde klant die een moord begaat.”) Hij had eerst geprobeerd een vrouw te versieren aan de toog, maar had niet gelet op haar partner, één kruk verder. Met een bloedneus was hij een frituur verderop in de straat binnen gesukkeld. Daar zat Dionysia Waegeneire (41). Met zelf 3,3 pro mille alcohol in het bloed bood ze aan om zijn gezicht te verzorgen. En als hij wou, kon hij op de sofa blijven maffen. Al wat Dirk Van Malderen bij het ochtendgloren nog wist, was dat hij niet op de sofa had gewild, maar bij haar in bed, en dat zij nee had gezegd: “Ik heb haar wat stampen op haar muil gegeven.”

Een politieman die die ochtend in de studio de eerste vaststellingen kwam doen, sprak op het proces van “het gruwelijkste uit mijn carrière”. Het was voor wetsdokter Michel Piëtte niet mogelijk om een doodsoorzaak vast te stellen. Gescheurde mond, gebroken neus, dichtgeknepen hals, uitgerukte haren, ingewanden die uit haar buik waren getrokken. Dirk Van Malderen werd gevraagd om naar de foto’s te kijken, en zei geen verklaring te hebben voor die twee meter dikke darm, uitgespreid op de vloer. “Je moet geen psychiater zijn om te zien dat Van Malderen een perverse lustmoordenaar en een vrouwenhater is”, betoogde advocaat Geert Waegebaert namens de burgerlijke partijen. “Met Dionysia Waegeneire wilde hij de vrouw in al haar facetten vernietigen. Hij heeft haar meer dan een half uur lang verkracht, ontmenselijkt, gefolterd en verscheurd.”

Caroline Van Bever kende Van Malderen nog van de tijd toen ze in de Koning Boudewijnstraat achter de toog stond in café The Moonlight. “Hij was meestal mijn laatste klant”, zegt ze. “Hij had mij al wel eens gevraagd: ‘Maak ik een kans?’ Toen niet, want toen had ik een ander. Maar nu we allebei in de gevangenis zaten, lag dat anders. Ik heb hem een brief geschreven en van het één kwam het ander.”

Dirk Van Malderen werd op 17 december veroordeeld tot 30 jaar cel, de maximumstraf. Daar kwamen ook nog de acht niet uitgezeten jaren van zijn vorige veroordeling bij. “Ik verwacht nu dat hij eind 2013 of begin 2014 vrijkomt”, zegt zij in een telefoongesprek. “Als hij zijn hele straf moest uitzitten, dan zou het duren tot 2026. Maar dat kan natuurlijk niet, dat is veel te lang.”

Tien jaar geleden kreeg Caroline Van Bever een tweede kans. Ze had zichzelf ertoe gebracht haar reclasseringsdossier in orde te brengen, ze had zich verzekerd van een adres en een baan. Ze werd bij directeur Meurisse geroepen. “Hij zei: ‘Ik wens je een mooie vrijheid, maar je komt nooit meer binnen voor bezoek!’ Ik dacht dat ik het verkeerd had begrepen, dus vroeg ik het opnieuw en hij herhaalde het. Ik antwoordde: ‘Steek mijn vrijheid waar de zon niet schijnt, je kunt de pot op, ik ga niet vrij.’ Ik ben terug naar de vrouwenafdeling gegaan en heb direct naar Brussel geschreven om te melden dat ik ‘einde straf’ deed. Ieder jaar krijg ik de kans om vrij te komen, maar ik laat me schriftelijk een jaar uitstellen.”

‘IN AANVALSPOSITIE’

Einde straf betekent dat het verdict van het assisenhof, 20 jaar gevangenisstraf, in de meest letterlijke zin wordt uitgevoerd. “Ik heb besloten om te blijven zitten tot de aller-allerlaatste dag”, zegt ze. “Op 26 oktober 2012 zal ik twintig jaar gezeten hebben. Dan zijn ze verplicht om mij te laten gaan en hebben ze geen poot meer om op te staan. Gedaan met voorwaarden. Een getrouwde vrouw kunnen ze onmogelijk verbieden om haar man in de gevangenis te bezoeken.”

Op 20 februari 2003 kwam het bericht dat Dirk Van Malderen zou worden overgeplaatst naar de gevangenis van Brugge. Een transfer gebeurt in Belgische gevangenissen met het obligate ‘bakje’. De gedetineerde mag een paar spulletjes, zoals sigaretten en een tandenborstel, meenemen tijdens het transport. De overige bezittingen volgen later. In een brief beschrijft Van Bever het verloop van haar gesprek met de directie: “Ik hier blijven? NOOIT. ‘Of je Dirk nu in Brugge of in een ander land steekt, ik ga godverdomme overal met hem mee. Je kunt zien dat ik morgen ook op de lijst sta voor transfer naar Brugge, want anders heb je morgen echte miserie met ons allebei!’ Ik belde naar mijn schoonmoeder om tegen Dirk te zeggen dat als ik er morgen niet bij stond met mijn bakje om op transfer te gaan, Dirk van mij de volledige toestemming kreeg om eens helemaal uit zijn bol te gaan en dat hij zonder mij niet mocht vertrekken.”

Van Malderen vermoordde Dionysia met zijn blote handen. Caroline Van Bever doet het voorkomen alsof ze hem in de gevangenis min of meer heeft afgericht als persoonlijke gevechtshond. Eén die ook indruk maakt, denkt ze: “Dirk stond zo wit als een lijk aan de deur van de vrouwenafdeling op mij op te wachten. Hij stond echt in aanvalspositie, maar wel degelijk in mijn opdracht. Hij zag me komen met mijn bakje. Toen we samen waren hebben we allebei ons bakje laten vallen en zijn we in elkaars armen gevlogen. Ik zei in zijn oor: ‘Ge dacht toch niet dat ik u alleen zou laten gaan?’ Toen werd Dirk weer kalm en keerde de kleur op zijn gezicht terug.”

In 2005 kwam ook hij, in theorie dan toch, in aanmerking voor voorwaardelijke invrijheidsstelling. Van Malderen deed niet eens moeite om te informeren naar de perspectieven op het bezoeken van de vrouwenafdeling. Hij stuurt elk jaar een kort briefje naar de strafuitvoeringsrechtbank: ‘Graag een jaar uitstel.’ Eerst wil zij de kaap van de 20 jaar ronden, pas daarna wil hij vrijkomen.

“Dirk is iemand met weinig woorden”, schrijft ze. “Maar maak hem a.u.b. niet kwaad, anders... Want hij luistert altijd naar mij, omdat hij weet dat ik hem altijd goeie raad geef.”

In verschillende telefoongesprekken met de redactie drong Caroline Van Bever erop aan dat we haar brieven zouden publiceren, als het even kon integraal. Ze is ervan overtuigd dat haar relaas de sympathie zal opwekken van veel mensen en dat er spontaan acties zullen worden ondernomen om het haar en haar man te beurt gevallen onrecht scherp te veroordelen. Ze gaat ervan uit dat er acties op het getouw zullen worden gezet om de strafuitvoeringsrechtbank en de gevangenisdirectie in Brugge op andere gedachten te brengen.

“We hebben gedaan wat we konden om deze mevrouw te motiveren om aan haar reclassering te werken”, zegt een woordvoerder van de gevangenis. “Het is correct dat zij, eens voorbij die twintig jaar, zonder enige voorwaarde terug naar de samenleving kan en dat wij haar als wettige echtgenote de toegang tot de bezoekersruimte niet kunnen ontzeggen. Wij blijven zoeken naar een manier om haar vatbaar te maken voor het idee van reclassering. Dat is altijd beter, voor elke gedetineerde. En voor elke samenleving.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234