Maandag 16/09/2019
Nick van Rooien is al negen jaar actief als boomverzorger.

Reportage Boomverzorging

Steeds meer mensen willen boomverzorger worden - en ze hebben de handen vol

Nick van Rooien is al negen jaar actief als boomverzorger. Beeld Wouter Maeckelberghe

Steeds meer mensen volgen een opleiding tot boomverzorger. De agenda’s van de groene hulpverleners zitten dan ook goed vol, door droogtestress en parasieten bij de bomen. ‘Maar velen onderschatten het fysieke aspect.’

“Deze boom moet ongeveer 20 meter hoog zijn, dat is vrij gemiddeld. Hoogtevrees? Dat mag je niet hebben als boomverzorger.” Nick van Rooien (29) grijnst breed en slingert dan met kracht en precisie de werplijn richting de bovenste takken van de kastanjeboom in de buurt van Holsbeek (Vlaams-Brabant). De eerste is mis, de tweede is wel raak, al merk je als leek niet veel verschil. “Je moet goed lezen: welke tak kan mijn gewicht dragen? Pas als je die raakt, kun je verder gaan.”

Even later trippelt Van Rooien – met zijn 1 meter 94 zelf een boom van een vent – via het klimtouw naar boven. Een half minuutje, meer is het niet. Zoals hij in zijn natuurlijke habitat van stronk naar stronk springt, af en toe een twijgje afzagend, ziet het er kinderspel uit. “Maar fysiek is het erg zwaar. Velen onderschatten dat aspect, zeker als je elke dag moet klimmen. Op je dertigste moet je er niet meer aan beginnen als je nooit fysieke inspanningen hebt geleverd.”

Prijzig

Toch zitten de opleidingen tot boomverzorger dezer dagen propvol. “Om je een idee te geven: terwijl we in 2008 ongeveer 24 startende cursisten hadden, zijn dat er vandaag 49", zegt Yves de Roder, die lesgeeft bij Inverde, het kennis- en opleidingscentrum over groenbeheer van het Agentschap voor Natuur en Bos. 

Zo’n opleiding, één of twee jaar, is best prijzig: circa 4.000 euro, plus duur klimmateriaal. “Het gaat vaak om mensen die het vak al beoefenen, omdat het beleid steeds striktere voorwaarden oplegt. Maar er zijn ook nogal wat mensen die een carrièreswitch willen maken, van een kantoorbaan naar iets praktischer en avontuurlijker.” Het gaat – niet verrassend, gezien het fysieke aspect – bijna uitsluitend om mannen.

Nick van Rooien slingert de werplijn naar omhoog. Beeld Wouter Maeckelberghe

De gehele boom

Het beroep heeft de voorbije decennia een serieuze facelift gekregen. In de jaren 90 was ‘boomchirurgie’ het modewoord, nu is de focus verlegd naar ‘verzorging’. “Vroeger kon iedereen met een aanhangwagen en een kettingzaag zich boomverzorger noemen”, zegt De Roder. “Die bestaan nog, maar nu gaat de aandacht veel minder naar rot hout wegsnijden en meer naar de vitaliteit van de boom als geheel. We hebben nieuwe inzichten gekregen. Door een goede inplanting en groeiplaats geef je een boom de middelen om zichzelf te verdedigen.”

Vanuit de European Arboricultural Council zijn een tiental jaar geleden ook kwaliteitscertificaten gecreëerd. Vandaag wordt gesproken over ‘tree workers’ en ‘tree technicians’ die een kwaliteitsvol boombeheer moeten garanderen. 

“De instroom bij die lange, professionele opleidingen is inderdaad gestaag gegroeid”, beaamt Kim Jacobs, oprichter van de privéschool Belgische School voor Boomverzorging en Boombeheer (BSBB), die jaarlijks 15 à 20 mensen opleidt. “Behalve voor goede klim- en snoeitechnieken is er nu ook veel oog voor onderhoud, advies en waardebepaling.”

Op dit moment beschikken 183 Belgen over een diploma van boomverzorger. “Dat moet ook. Steden en gemeenten vragen erom, en ook particulieren willen steeds vaker zeker weten dat hun bomen in goede handen zijn”, zegt Jan Leuridan, die in Gent en omgeving als zelfstandige aan de slag is en de opleiding volgde. 

Of zoals Bruno Lambrechts, boomverzorger in Holsbeek, zegt: “Bij gebouwen van 100 jaar oud vinden we het doodnormaal dat ze beschermd worden. Bij bomen ligt dat nog steeds moeilijk, hoewel die meestal ook 60 à 80 jaar nodig hebben om volwassen te worden. Die langetermijnvisie sijpelt langzaamaan binnen.”

Droogtestress

De agenda van veel zelfstandige bedrijfjes raakt dan ook snel gevuld. “We zijn nu een viertal maanden op voorhand aan het inplannen, echt wel uitzonderlijk”, vertelt Lambrechts. Die drukte kaartten een aantal boomverzorgers eerder aan in Het Belang van Limburg. De toenemende verstedelijking heeft daar een rol in: het is in de context van parkjes, lanen en achtertuintjes dat de boomverzorger te werk gaat, niet in de grote natuurbossen.

Maar er zijn ook andere redenen: twee jaren van extreme droogte hebben van veel bomen kwetsbare beestjes gemaakt. “Die droogtestress merk je bijvoorbeeld goed bij beuken, die hun eigen takken niet meer kunnen dragen”, zegt Van Rooien. “Wat kansen geeft aan agressieve schimmels en parasieten.” 

Zo is de letterzetter, een soort boomkever, de laatste twee jaar verantwoordelijk voor heel wat aftakelende fijnsparren. Maar ook eikenprocessierupsen en kastanjemineermotten veroorzaken miserie.

Bruno Lambrechts merkt de toenemende interesse aan zijn agenda: die is helemaal volgepland met opdrachten. Beeld Wouter Maeckelberghe

Stormschade

Het zijn stressfactoren die niet altijd zichtbaar zijn, maar die Van Rooien wel voelt met zijn grove werkershanden. “Ik zou het geen wetenschap noemen, eerder ervaring. Na jaren klimmen kun je hout vastnemen dat een tikkeltje stugger is, en proef je de aftakeling meteen. Elke boom heeft zijn eigen uitdagingen.”

Zien we de boom vandaag meer als levend creatuur dan als groen decorstuk? “Voor een stuk speelt dat zeker mee”, zegt Lambrechts. Maar er is ook menselijk eigenbelang. “Bij stormschade gaan verzekeringsmaatschappijen steeds vaker kijken. ‘Ben jij wel een goede huisvader voor die boom geweest?’, horen mensen dan. Ik merk dat velen vooral daardoor sneller ingrijpen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234