Dinsdag 03/08/2021

staat een art-decohuis...

En wat voor een! De burgerwoning die architect Jules Brunfaut in 1903 voor Edouard Hannon liet bouwen en die nog altijd geldt als een van de mooiste panden in art nouveau die uit de klauwen van de hoofdstedelijke slopershamer zijn gered, viert zijn honderdste verjaardag met een sobere tentoonstelling en de uitgave van een boek. Een omweg meer dan waard.

Brussel

van onze medewerker

Eric Min

Wie vandaag door de wervelende traphal, de wintertuin en de statige kamers van het Hotel Hannon schrijdt, ervaart hoe goed het leven kon zijn voor een verlicht en schatrijk intellectueel in de belle époque. Ingenieur Edouard Hannon was de zoon van een hoogleraar aan de ULB en de broer van schilder, kunstcriticus en dichter Théo, die bevriend was met Rops en Ensor. Als briljant technicus en zakenman dweilde Edouard voor chemiereus Solvay de wereld af: hij leidde de sodafabriek nabij Nancy, de stad die samen met Brussel, Glasgow en Parijs zowat gold als de bakermat van de art nouveau, en ging op handelsmissie naar Syracuse, Detroit, Canada en het Rusland van de tsaren.

Als gevierd fotoamateur bracht hij van overal opnamen mee, klassieke pictoralistische landschappen en getuigenissen over het leven op straat, in de nog jonge traditie van de fotoreportage. Vooral in die laatste categorie was hij een bescheiden meester. Hannons onbevangen blik en zijn fascinatie voor het exotische leverden sterke beelden op. Intuïtief tast hij de mogelijkheden van het medium af: hij vindt al eens een nieuwe, expressieve invalshoek of laat het toeval de compositie bepalen. In de jaren zeventig heeft collega-fotograaf Gilbert De Keyzer zijn werk herontdekt. Meer dan tweeduizend glasnegatieven belandden in het Provinciaal Museum voor Fotografie in Antwerpen en in de Espace Photographique Contretype, die sinds 1988 in het Hotel Hannon een onderkomen heeft gevonden voor haar kantoren, wisselende tentoonstellingen en een archief. Een interessante maar beperkte selectie uit de fotoreportages van de heer des huizes is tot eind september te zien in het stadspaleis waar al wie een naam had ooit met een bel cognac in de hand onder de kroonluchters flaneerde.

Het is ooit anders geweest. Na het overlijden van de enige dochter Hannon in 1965 werd het gebouw verkocht en stond het jarenlang leeg. Tijden van plundering en verwaarlozing braken aan; er waren plannen om op het onbetaalbare perceel een huizenblok met honderd flats op te trekken - in die dagen ging ook Horta's Volkshuis tegen de vlakte, samen met een hele waslijst aan wonderlijke realisaties in art nouveau of neogotiek. Maar de dochter van de architect alarmeerde Monumentenzorg, en na vijftien lange jaren van ambtelijk en speculatief getouwtrek zou de gemeente Sint-Gillis het pand in zijn oorspronkelijke grandeur proberen te herstellen.

Zowat het gehele interieur was intussen vernield of verdwenen, tot schoorsteenmantels, deuren en glasramen toe. Marcel M. Celis heeft de geschiedenis van het huis nauwkeurig gereconstrueerd in een boeiend stuk voor het tijdschrift Monumenten en Landschappen. Die bijdrage uit 1990 was het uitgangspunt voor de fraaie, drietalige publicatie die onlangs werd gepresenteerd.

Wat er van het Hotel Hannon is overgebleven of met liefde, geduld en (handenvol) geld werd gereconstrueerd, is slechts het topje van de ijsberg. Voor de ingenieur-estheet was alleen het beste goed genoeg, en het waren zijn vrijzinnige vrienden uit de kunstwereld die de inrichting van de woning op zich namen. Architect Jules Brunfaut had tot dan toe vooral historiserende stijlen als de neorenaissance bedreven, maar inspireerde zich op huizen van Blérot en Horta om de vormentaal van de art nouveau, de stijl die de bouwheer zo na aan het hart lag, onder de knie te krijgen.

De grootse muurschildering in de trapzaal, die de bezoeker letterlijk het huis in zuigt, is een werk van Paul Albert Baudouin, dat gelukkig nog gerestaureerd kon worden. Glaskunstenaar Evaldre, die ook voor Horta werkte, leverde het glas-in-lood. Voor het meubilair, de verlichting en het glaswerk wendde Hannon zich tot de absolute top: de ateliers van Emilé Gallé en Louis Majorelle uit Nancy.

Haast alle meesterwerken van de kunstnijverheid die ooit dit paleisje sierden en die we terugvinden op foto's in kunsttijdschriften uit Hannons tijd maken vandaag deel uit van privé-verzamelingen. Ook de collectie impressionisten die de man bijeen had gespaard, is verdwenen. De erfgenamen en de boefjes die het pand deskundig leeg hebben geroofd, wisten wel wat hun klanten wilden.

Wat: Honderd jaar Hotel Hannon 1903-2003 Waar en wanneer: Tot 28 september in het Hotel Hannon, Verbindingslaan 1 (hoek Brugmannlaan), Sint-Gillis. Tot 19 augustus geldt de zomeruurregeling: open van woensdag tot vrijdag, van 13 tot 18 uur. Na 20 augustus: open van woensdag tot vrijdag, van 11 tot 18 uur; zaterdag en zondag van 13 tot 18 uur. Toegangsprijs: 2,5 euro. Het boek is een uitgave van Contretype en kost 14 euro Ons oordeel: Het huis is een ommetje meer dan waard, maar de fototentoonstelling valt wat schraal uit.

Wat er van het Hotel Hannon is overgebleven of met liefde gerestaureerd, is slechts het topje van de ijsberg

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234