Woensdag 25/11/2020

Sportsterren als Michael Jordan en Tiger Woods zijn wegbereiders voor de zwarte presidentskandidaat Barack Obama

Hoe een 'zwarte aap' een Amerikaans icoon werd

Een halve eeuw jaar nadat Jacky Robinson de rassenbarrière in de sport doorbrak, is de voormalige basketbalspeler Barry O'Bomber op weg naar het Witte Huis. Als Barack Obama volgende week president van de Verenigde Staten wordt, heeft hij dat in niet geringe mate te danken aan de strijd die de zwarte sporter heeft geleverd.

door Hans Vandeweghe

BRUSSEL l Op Punahou, een chique middelbare school midden in Honolulu en vorig jaar door Sports Illustrated als beste sportschool van heel de VS gekozen, is hij nog steeds bekend als Barry O'Bomber, lid van het lokale basketbalteam dat in 1979 kampioen werd van de staat Hawaï. Zijn specialiteit was de linkshandige double pump, een shot waarbij in de hangfase een verdedigende hand wordt vermeden door er als het ware onder te duiken. Vooral bedoeld als showelement en onbruikbaar bij de grote jongens.

De symboliek kan tellen: George W. Bush was een blanke baseballspeler en later eigenaar, zijn gedoodverfde opvolger Barack Obama is een voormalige zwarte basketbalspeler. Het idool van Obama was Dr. J., sterspeler van de Philadelphia 76'ers. De legendarische Julius Erving was de eerste zwarte basketbalspeler die zo hoog opveerde, dat hij leek te kunnen vliegen. Dr. J. zou later omarmd worden door corporate 'America' en president worden van Philadelphia Coca-Cola Bottling, maar was in zijn actieve periode een 'boze neger', één met een mening, geen Uncle Tom.

Die mening had (toen nog) 'Barry' Obama ook. Als zijn coach hem op high school verbiedt om te basketballen 'als een zwarte', protesteert hij. In plaats van op fysieke kracht en handigheid de kortste weg naar de ring te zoeken, moeten Obama en co. wachten tot de vijfde pass alvorens een shotpoging te ondernemen. Tegen mijn natuur, oppert hij.

Profspeler worden

Ooit wilde Obama profspeler worden, maar hij bleek een betere student dan een basketbalspeler. In 1991 studeerde hij af aan de prestigieuze Harvard Law School, als schoolvoorbeeld voor het nieuwe dogma onder de zwarte intellectuelen: zwarte studenten op high school hebben één kans op 54.000 om het tot het basketbalwalhalla van de NBA te schoppen, maar tien keer meer kans om dokter of advocaat te worden.

Desondanks bleef Obama's lichaamstaal één en al sport. De man is uit het basketbal maar het basketbal niet uit de man en elke ochtend van zijn campagne probeert Barack Obama een balletje te gooien of een one-on-one tegen één van zijn lijfwachten. In zijn boeken legt Obama het verband tussen de harde leerschool van de sport en zijn succes als politicus. Talrijk zijn tijdens zijn speeches de metaforen uit de sport, wellicht ook geïnstrueerd door zijn campagneleiders die hem profileren als de fitte ex-atleet, c.q. intellectueel tegenover de Vietnamveteraan., c.q. hoogbejaarde en af en toe zieke McCain.

Obama's achterban en zijn lijst van officiële donateurs leest als een who's who van de NBA. Zelfs de zelfverklaarde republikein Charles Barkley heeft zijn kap over de haag gegooid en is Obamafan geworden, samen met Magic Johnson, die overstapte van Hillary Clinton, en Michael Jordan, Dwayne Wade en LeBron James. Obama's grootste supporter en campagneactivist is een andere legende, ook van de zwarte ontvoogding: Kareem Abdul-Jabbar, geboren Lew Alcindor, was de illustere center van UCLA die in 1967 weigerde deel uit te maken van de olympische ploeg voor Mexico (zie verder). Later zou hij een absolute NBA-ster worden voor de Milwaukee Bucks en de Los Angeles Lakers.

Showtime

Kareem denkt dat Obama de politieke versie is van showtime, het flamboyante basketbal van de Lakers: "Obama heeft iets gepresteerd wat geen enkele zwarte voor mogelijk achtte: op basis van zijn wereldvisie de primary winnen in Iowa, een blanke staat. Daarna werd hij de eerste zwarte presidentskandidaat voor een grote partij en nu is hij zowaar de favoriet om president te worden. Obama vertegenwoordigt de droom van Martin Luther King en Malcolm X."

Charles Barkley, tegenwoordig een gewaardeerd en uitgesproken tv-analist, schreef het boek Who's Afraid of the Large Black Man?. Hij had Obama niet in gedachten, maar het had gekund: Obama is 1m85. Barkley: "Zwarte bekende Amerikanen en zwarte atleten worden niet als zwart gepercipieerd. Dat is een drama voor een groot deel van de zwarten, die wel met racistische vooroordelen af te rekenen hebben." Die aanvaarding heeft ook zijn voordelen, ook de halfbloed Obama lijkt minder zwart dan hij is.

Zwarte atleten hebben in de twintigste eeuw harder aan de weg getimmerd dan welke zwarte subcultuur in de VS, geeft ook Obama toe. De dagen zijn voorbij van Jack Johnson, die twee jaar lang moest wachten op zijn wereldtitel tot eindelijk een blanke tegen hem wilde vechten. Of van Jacky Robinson die in het Zuiden van de VS niet in hetzelfde restaurant mocht eten of in hetzelfde hotel slapen als zijn ploeggenoten.

Vietcong

De naoorlogse generatie zwarte atleten was militant. Jesse Owens zette zich in voor Harlem, Cassius Clay werd Ali en moslim, weigerde tegen de Vietcong te gaan vechten 'omdat die mij minder onrecht hebben gedaan dan de gemiddelde blanke in dit land'. Lew Alcindor werd Kareem en sprak daarna nog alleen met zwarte sportreporters.

De blanke Amerikaan zag de zwarte atleet als een zwarte aap met hersenen en een door god geschonken talent om de blanke fysiek te domineren. In 1995 verscheen een basiswerk dat meteen met de grond werd gelijk gemaakt: The Bell Curve 'bewees' de vermeende verschillen in intelligentie tussen zwart en blank en daaruit voortvloeiend de bewezen fysieke superioriteit van de zwarte tegenover de blanke. Dat laatste staat als een paal boven water - als het gaat om snelheid en kracht - maar geen enkele Amerikaan die de kwestie in het openbaar mag bespreken zonder voor racist te worden versleten. Er is geen bewijs voor dat fysieke superioriteit tegelijk intellectuele minderwaardigheid zou inhouden.

Zwarte versus redneck

De aanvaarding van de zwarte atleet als lid van het establishment van de amusementsindustrie, naar analogie met de filmacteurs, en daaruit voortvloeiend de aanvaarding van de zwarte als succesvol medespeler in de Amerikaanse droom, is iets van de jaren negentig en voor een groot deel de verdienste van de basketballende sterren van de NBA. De perfecte verstandhouding en gezonde rivaliteit tussen twee klasrijke zwarte spelers (Magic Johnson en Michael Jordan) en hun blanke antipode (de redneck Larry Bird) gaf een nieuwe dimensie aan de sport en toonde de VS de weg: raciale verschillen als rijkdom en zwarten als rolmodel.

Het was wachten op de zwarte populaire ster die kon verpakt en gemarket worden doorheen het hele landschap van de globale populaire cultuur. Die primeur was weggelegd voor Michael Jordan die vanaf 1992 het eerste wereldwijde sporticoon en de beste verdienende atleet aller tijden werd. Hij kreeg zelfs zijn eigen merk binnen marktleider Nike.

De laatste jaren bestaat de top twintig van de grootste verdieners in de sport uit zwarten, met daartussen een verloren gelopen blanke F1-rijder als uitzondering. Uit een enquête onder passanten in Amerikaanse steden bleek dat bij Michael Jordan werd getwijfeld toen de vraag werd gesteld tot welk ras hij behoorde. Of om het met Chicago Bullseigenaar Jerry Reinsdorf te zeggen, toen die het over Michael Jordan had: "Michael zwart? Michael heeft geen kleur." Jordan was en is nochtans honderd procent zwart.

Het nieuwste zwarte sporticoon dat de sport en de rassen overstijgt, heet Tiger Woods. Hij noemt zichzelf Cablinasian, een samentrekking van Caucasian (Europees blank), black of zwart, indiaans en asian of Aziatisch. Wat Tiger Woods aanraakt, verandert in goud. Obama is ooit de politieke versie van Woods genoemd. Het zit voorlopig wel snor voor de nieuwe president van de VS.

Kareem Abdul-Jabbar:

Obama heeft iets gepresteerd wat geen enkele zwarte voor mogelijk achtte, hij vertegenwoordigt de droom van Martin Luther King en Malcolm X

n De democratische presidentskandidaat Barack Obama tijdens een partijtje basketbal tegen de Universiteit van North-Carolina eerder dit jaar. Ooit wilde Obama profspeler worden, maar hij bleek een betere student dan basketbalspeler.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234