Maandag 14/06/2021

Spionnen van het Blok

Het was jarenlang het best bewaarde geheim van het Vlaams Blok: het bestaan van zijn eigen spionagedienst Kosmos. Die beschikte over honderden agenten, die overal in Vlaanderen politici, vakbondsmensen, journalisten en derdewereldactivisten bespioneerden. Na een klacht wegens inbreuken op de privacywet kondigde het Blok in 1998 aan dat Kosmos was opgedoekt. Maar Kosmos bestaat nog steeds, meldt Douglas De Coninck.

Een klein berichtje in 't Pallieterke en ook eentje in het partijblad van het Vlaams Blok. Voor het overige werd eind 1998 geen ruchtbaarheid gegeven aan het opdoeken van - haal even diep adem - de Kring voor het Onderzoek naar Socialistische en Mulitikulturele Ondermijning van onze Samenleving. Af te korten als Kosmos.

De postbussen werden opgezegd en bankrekeningen afgesloten. De website ging dicht en het tijdschrift Doorzicht verscheen niet meer. Als we de partijleiding mochten geloven, was het hele archief, vermoedelijk ettelijke tonnen papier, door de papierversnipperaar gejaagd.

Over de aanleiding daartoe kon geen twijfel bestaan. Het centrum-Leman had klacht ingediend bij de Commissie voor de Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer (CBPL) wegens manifeste schending van artikel 6 van de privacywet van 1992: 'Verboden is de verwerking van gegevens m.b.t. ras, etnische afstamming, sexueel gedrag of de overtuiging op politiek, levensbeschouwelijk of godsdienstig gebied, het lidmaatschap van een vakbond of een ziekenfonds.'

Mocht u in uw jeugd ooit hebben deelgenomen aan een vredesbetoging, een benefietactie voor de derde wereld of de redactie van een als 'links' te bestempelen studentenblad, dan de kans groot dat Kosmos een dossiertje over u had aangelegd. Met foto's van uw punk- of hippiekapsel, uw kotadres, uw medebewoners van toen en wie weet wat nog meer.

In zijn gloriejaren, tussen 1985 en 1998, kon Kosmos rekenen over honderden amateur-detectives die incognito 'progressieve' kringen infiltreerden en alle mogelijke inlichtingen doorspeelden aan het hoofdkwartier, via Postbus 69, te 2140 Borgerhout. Kosmos opereerde discreet, op het paranoïde af. Elke agent had een geheime code met drie cijfers en moest die op de binnenkant van de envelop noteren alvorens die - zonder vermelding van afzender - op te sturen naar een agent van de 'buitendienst', die op zijn beurt ook een code had en de gegevens via hetzelfde procédé doorstuurde naar Borgerhout. De kans dat een verloren poststuk kon leiden tot de ontmaskering van de geheime dienst was zo goed als onbestaande.

Je werd niet zomaar agent bij Kosmos. De meeste spionnen werden vanaf 1998 gerekruteerd bij de Nationalistische Studenten Vereniging (NSV), de jongerenorganisatie van het Blok. Alvorens te worden toegelaten tot de selecte club moest minstens één peter je 'Vlaams-nationalistische overtuiging' garanderen. Kosmos vond zichzelf nooit omvangrijk genoeg en publiceerde in zijn tijdschrift Doorzicht geregeld oproepen zoals deze, kort voor de gemeenteraadsverkiezingen van 1994: 'Wij zijn op zoek naar vrijwilligers die linkse manifestaties willen bezoeken om er voor Kosmos documentatie en informatie te sprokkelen. Dit gebeurt uiteraard steeds in overleg met een verantwoordelijke van de buitendienst en houdt geen enkel risico in voor verstandige mensen.'

Het was nooit de bedoeling dat niet-leden dat soort oproepen ooit onder ogen zouden krijgen. Je abonneren op Doorzicht kon je enkel als lid van de vereniging 'Vrienden van Kosmos' en ook dat kon je enkel worden op voordracht van een 'peter'.

Kosmos is ooit klein begonnen, in 1980, na de eerste rechtszaken tegen de Vlaamse Militanten Orde (VMO), een fascistische groep die ettelijke terreuraanslagen pleegde en er op zeker ogenblik maar nipt van kon worden weerhouden om in Voeren José Happart te gaan vermoorden. Luc Dieudonné, een Antwerpse VMO'er die later zou worden veroordeeld voor deelname aan een aanslag op een boekhandel in Mechelen, zag in lijm en schaar een nieuw wapen waarmee 'de vijand' bestreden kon worden. Hij abonneerde zich op alles wat hij aan 'progressieve' lectuur kon vinden en begon verwoed te knippen en te ficheren.

Zijn organisatie heette toen nog Aldegonde, een naam die verwees naar een adres op de Antwerpse Sint-Aldegondekaai, waar de kring Vrij Historisch Onderzoek boeken verspreidde waarin het bestaan van de holocaust werd betwist. De dienst zou meer dan eens verhuizen, want altijd weer was er een ontevreden medewerker die eruit stapte en in Antwerpse cafés sterke verhalen opdiste over de langzaam maar zeker van knipsel- naar geheime dienst evoluerende organisatie.

Verhuizen vormde meer een praktisch dan een financieel probleem. Geld zat. Dieudonné kon rekenen op financiële en logistieke steun van oud-SS'er André Van Hecke, die na zijn veroordeling voor nazi-collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog een succesvolle handel in financiële informatie had opgezet via zijn bedrijf Eurinform.

Dieudonné had al ettelijke dossierkasten vol toen in 1985 het voorstel kwam van het Blok om zijn kennis ten dienste te stellen van de partij. Dieudonné kreeg een functie op de studiedienst van het Vlaams Blok. In 1988 verhuisde Kosmos naar het Antwerpse Blok-hoofdkwartier in de Van Maerlandtstraat, en werd het een onderdeel van de partijwerking. Als NSV-leider was Philip Dewinter erg onder de indruk geraakt van het speurwerk van Dieudonné. Die kreeg nu hulp van een tiental vrijwilligers uit de partij en werd ook een rechterhand ter beschikking gesteld. Eerst was dat Jan Van Dijck, later ene Joris Van Overzee.

Wat precies de bedoeling was, werd duidelijk in 1989. Dewinter startte met een verklikkingscampagne naar ouders en leerlingen in het middelbaar onderwijs. Zij werden gevraagd om mee te werken aan het aanleggen van zwarte lijsten van leerkrachten die het bestonden om het in hun lessen te hebben over vrije seks, de derde wereld of de multiculturele samenleving. Kosmos zou de informatie beheren en bewaren, met het oog op de dag - wie weet - waarop het Blok ooit de macht zou grijpen in Vlaanderen.

De campagne werd een flop, maar Kosmos zag zijn netwerk verder uitbreiden. Elk nummer van Doorzicht puilde nu uit van de stiekem genomen foto's en verslagjes van besloten bijeenkomsten. Correct was de informatie niet altijd, maar dat gaf niet. Kosmos was ook bedoeld als hint: wat u ook doet en waar u ook bent, wij zien u.

Kosmos kon zijn bevindingen ook elders kwijt, zoals in Alarm, het blad van de vroegere VMO, of Revolte van Voorpost. Of in een of ander partijblad van het Blok zelf, dat aan de hand van namen en data meermaals de halve redactie van de vroegere BRT-nieuwsdienst 'ontmaskerde' op grond van deelname aan studentenmanifestaties in de jaren zestig of zeventig.

Het kwam de partijleiding van het Blok niet zo slecht uit dat de Commissie voor de Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer in 1988 een onderzoek wou openen. Frank Vanhecke had de macht gegrepen en maakte van het doorbreken van het cordon sanitaire zijn voornaamste politieke doelstelling. Het onderhouden van een eigen spionagenetwerk is nu niet echt iets wat bijdraagt tot salonfähigheid. De regelrechte neonazi's met wie Kosmos in naam van de goede zaak samenwerkte ook niet.

Het waren slechts enkele geïsoleerde sceptici die in 1998 durfden te betwijfelen of het Blok werkelijk de vruchten van achttien jaar spionage zomaar door de papierversnipperaar had gejaagd. Er waren vermoedens dat alles ergens veilig en wel opgeborgen lag. Vermoedens, geen bewijzen en ook nauwelijks aanwijzingen.

Kosmos werd vergeten, precies zoals Vanhecke het wou.

De Vlaams Blok-fractie in Hemiksem stelt niet zoveel voor. Sinds de partij in 1994 haar intrede deed in de gemeenteraad, is het één lang verhaal van absenteïsme en intern geruzie. "Je kunt niet zeggen dat er redenen zijn om die lui ernstig te nemen", zegt SP.A-raadslid Paul Busschots. "Ze zeggen ook haast nooit wat."

Groot was de verbazing toen Blok-raadslid Willy De Cleene op de zitting van 13 maart 2003 plots het woord nam. Hij deelde mee dat zijn fractie haar goedkeuring zou weigeren aan een financiële bijdrage aan een ontwikkelingsproject van Oxfam in Mozambique. "Nu, een paar neestemmen, dat maakte niks uit", zegt Paul Busschots. "Na de zitting was er wel discussie. Iemand vroeg: 'Allez, Willy wat was dat nu voor iets?' De Cleene kondigde toen aan dat hij op de volgende zitting hét bewijs zou leveren dat Oxfam een staatsgevaarlijke organisatie is."

Het Blok-raadslid hield woord. Op de volgende zitting, op 15 april, bezorgde hij alle collega-raadsleden fotokopieën van een drie pagina's tellend document getiteld 'Oxfam-Wereldwinkels'. Iets als een hoofding droeg het document niet. Het was niet duidelijk wie de auteurs zijn, of waar het vandaan kwam. Enkele zinnen in het rapportje geven wel een impressie van de bezigheden van de auteur(s): 'Wij hebben de ontstaansgeschiedenis van de Vlaamse Oxfam nog niet volledig kunnen reconstrueren, maar...'

Grosso modo luidt de stelling dat Oxfam fungeert als het charmante uitstalraam voor wat in werkelijkheid het internationale extreem-linkse terrorisme is. Bij wijze van bewijsvoering wordt een eindeloze rij namen opgesomd, te beginnen met Paul Janssens, die wordt omschreven als een van de initiatiefnemers van de eerste Oxfam-Wereldwinkels in Antwerpen: 'Paul Janssens. In 1971 was deze tegelijkertijd contactpersoon van drie organisaties die op dit ogenblik schijnbaar niet met elkaar te maken hebben: de Aktiegroep Kritisch Onderwijs (...), de Studie- en Aktiegroep Oosterveld (...) en de Werkgroep Portugese Kolonies.'

Er worden nog tal van namen en organisaties opgesomd, ook van Agalev, waarvan Paul Janssens in 1993 nationaal secretaris was, wat meteen grond geeft aan de stelling dat ook Agalev deel uitmaakt van de mondiale extreem-linkse terreur. Maar de informatie klopt niet, zo leert een kleine verificatie.

Ludo Janssens, coördinator van Oxfam-Wereldwinkel Antwerpen: "De Janssens op wie in die tekst wordt gedoeld, dat ben ik. En mijn naam is Ludo, niet Paul. Paul Janssens heeft hier eind jaren zeventig gewerkt, dat wel, niet in 1971. Ik heb nooit enige binding gehad met Agalev, AKO, SAGO of de werkgroep Portugese Kolonies."

Paul Janssens: "Van AKZA ben ik lid geweest, dat klopt, maar met AKO heb ik nooit iets te maken gehad. Het enige wat ik daarvan afweet, is dat daar in het bestuur iemand zat die net als ik Paul Janssens heette. Ja, er lopen in Vlaanderen nu eenmaal veel Paul Janssens' rond."

Paul, Ludo en Paul Janssens zijn helemaal niet verrast door het feit dat zij in een rapport komende van het Vlaams Blok, worden gezien als één persoon. Dat is namelijk al eens eerder gebeurd, in publicaties van de Vlaams Blok Jongeren, in 't Pallieterke en ook in Alarm. "Ik fax u even wat", zegt Ludo Janssens. Wanneer de fax even later aankomt wordt een en ander duidelijk. Een fragment uit het artikel dat in januari 1988 in Alarm verscheen: 'Deze drie linkse organisaties, Oxfam, AKZA en SAGO hebben ogenschijnlijk niets met elkaar gemeen, doch schijn bedriegt (...). Een van de sleutelfiguren is Paul Janssens, die tegelijkertijd contactpersoon was voor de eerste kernen van AKZA en SAGO en die tevens één van de oprichters blijkt te zijn van de eerste Oxfam-Wereldwinkel te Antwerpen.'

De gelijkenis met het document van raadslid Willy De Cleene is treffend. En niet alleen met betrekking tot de drie Janssens'. Ook de overige 'links' die worden gelegd zijn - soms woordelijk - identiek an die in het document van De Cleene. Het artikel in Alarm blijkt ondertekend door Joris van Overzee, de rechterhand van Luc Dieudonné bij Kosmos. Achteraan in het artikel staat ook nog: 'Wij doen een oproep aan alle lezers om zoveel mogelijk informatie en documentatie te bezorgen over linkse organisaties en personen. Gaande van het ABVV over de SP en extreem-links tot de groenen, de wereldwinkels, 11.11.11, kortom over alles waarvan je instinctief aanvoelt dat het links is.'

Bij Oxfam is deze week niemand bezweken aan een hartaanval. "Het gaat hier om hoogbejaarde koeien, die bovendien uit de verkeerde gracht zijn gehaald", zegt Ludo Janssens. "Eigenlijk is het om te lachen."

Er is wel dat ene detail. De drie pagina's die De Cleene uitdeelde, vermelden een datum, zijnde het tijdstip waarop ze van een databestand zijn afgeprint: 6 april 2003. De gemeenteraadszitting in Hemiksem vond plaats op 18 maart, de zitting waarop De Cleene de papieren te voorschijn toverde op 15 april. Het document lijkt dus met het oog op die zitting uit de computer gehaald. De vraag is: welke computer?

We namen contact op met Willy De Cleene en stelden ons voor als een laatstejaarsstudent, belast met het maken van een kritisch eindwerk over de roots van een aantal Vlaamse niet-gouvernementele organisaties.

Interessant rapport, waar hebt u het eigenlijk vandaan?

Willy De Cleene: "Van een vriend die zich in deze materie heeft gespecialiseerd."

Hebt u nog meer van die rapporten?

"Ja, ik heb er zo ook nog eentje over 11.11.11."

Ook van die vriend?

"Hmm, eigenlijk van de partij. Ik kan u wel in contact brengen met die vriend van mij hoor, hij zal u zeker kunnen helpen met uw eindwerk. Misschien hebt u al van hem gehoord. Hij heet Luc Dieudonné."

Nadat hij op het nationale partijsecretariaat jarenlang verantwoordelijk was geweest voor 'vorming' van en de eindredactie van het kaderblad voor Blok-mandatarissen, werkte Luc Dieudonné de afgelopen jaren voltijds op het fractiesecretariaat van de Blok-fractie in de Senaat. In tegenstelling tot bij alle andere parlementaire medewerkers hangt er aan de deur van zijn kantoor geen naamplaatje.

"Het was puur toeval", zegt Patrick Coeman, die in zijn laatste weken zit als chauffeur van staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking Eddy Boutmans (Agalev) en in zijn vrije tijd de webmaster is van de antifascistische website www.antifa.be. Dat laatste heeft Coeman altijd doen vermoeden dat er ook over hem een 'dossiertje' werd aangelegd bij Kosmos. Daarom sloot Coeman zich in 1998 aan bij de klacht van het centrum-Leman. "Het was echt puur toeval", zegt hij nog eens. Coeman is aangetrouwde familie van Blok-voorman Rob Verreyken, de zoon van senator Rob Verreycken. Coemans dochter, nu dertien, kon het goed vinden met 'nonkel'.

Patrick Coeman: "Het gebeurde twee jaar geleden. Ik zat op Boutmans te wachten in de Senaat. Mijn dochter was bij me en verveelde zich. Ze wou goeiedag gaan zeggen aan nonkel, die toen in de Senaat werkte. Ik trof hem daar in het kantoor van de Blok-fractie, en wie zie ik daar zitten? Luc Dieudonné. Ik keek naar het kantoor en zag muren vol mappen, met op de ruggen namen van progressieve organisaties. Zo veel en zo gek als je maar kon bedenken."

Het Kosmos-archief?

"Inderdaad. Ik heb nooit geloofd dat ze het zouden vernietigen. En na dat bezoek aan de Blok-fractie zeker niet. Wat ik denk, is dat het Blok dat hele archief naar de Senaat heeft overgebracht, waar het in alle opzichten veilig zit. Die kantoren zijn net zo goed parlementair onschendbaar als de parlementairen zelf. Volgens mij zitten ze dat Kosmos-archief daar nu al vijf jaar lang te digitaliseren, want geen mens is nog zo stom om tientallen kasten vol dossiers mee te slepen, zeker als die illegaal zijn."

Waarom hebt u dat toen niet bekendgemaakt?

"Eddy Boutmans voelde er weinig voor, hij lag in het parlement al permanent onder vuur vanwege kabinetsmedewerker Peter Terryn. Het zou lijken alsof we onze positie binnen de regering misbruikten om oude vetes te beslechten. Trouwens, het zou toch neerkomen op: mijn woord tegen het hunne. Als je de historiek van Kosmos een beetje kent, dan weet je dat ze zich altijd op het paniekerige af hebben verstopt. Het had alleen zin als er extra bewijzen zouden zijn."

Die lijken er nu te zijn, want ook Coeman kwam inmiddels in het bezit van de drie pagina's van De Cleene. "Ik zie niet goed in", zegt hij, "hoe je dit anders kunt zien dan als een bevestiging dat Kosmos altijd operationeel is gebleven, zij het dan nu in de fraaiere vermomming van 'vorming van kaderleden'. Ik weet zeker dat het een vergissing is geweest van die De Cleene om die documenten in het openbaar te verspreiden. Men heeft hem vast onvoldoende op het hart gedrukt dat dat niet mocht."

Patrick Coeman stapte op 23 april 2003 opnieuw naar de Commissie voor de Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer, die na lezing van de drie pagina's wartaal over Oxfam niet meteen een inbreuk op de privacywet kon ontwaren, maar wel een onderzoek heeft geopend.

"Nee, het dossier is hier zeker niet afgesloten", zegt dossierbeheerder Elly Corten. "Wij moeten de zaak nog verder onderzoeken. Als zou blijken dat het Vlaams Blok werkelijk gebruikmaakt van gegevens uit de persoonlijke levenssfeer die destijds op illegale wijze zijn verworven, dan maakt het zich uiteraard schuldig aan een inbreuk op de privacywet. Maar het is geen simpel dossier."

Dat is het zeker niet. Volgens de laatste berichten is het Kosmos-archief (inmiddels gereduceerd tot een megacomputerbestand en een paar archiefkasten) binnen de gebouwen van de Senaat alweer naar een ander lokaal verhuisd. Nu zou het zich in de kantoren van de Vereniging van Vlaams Blok Mandatarissen in de Senaat bevinden. Dat is in elk geval de werkplek van Dieudonné, zij het eens te meer zonder naamplaatje voor de deur.

Misschien kan iemand van de PS eens gaan loeren. De fractie van de Franstalige socialisten zit in dezelfde vleugel. PS-minister José Happart blijft er wellicht toch maar beter weg.

Op 15 april 2003 stond Blok-verkozene Willy De Cleene in de gemeenteraad van Hemiksem te zwaaien met een ophefmakend rapport over Oxfam. 'Gekregen van een vriend', zegt hij ons. 'Misschien kent u hem, Luc Dieudonné.' We kennen hem, inderdaad. Luc Dieudonné was vanaf 1980 de leider van Kosmos, de spionagedienst van het Vlaams BlokHet waren slechts enkele geïsoleerde sceptici die durfden te betwijfelen dat het Blok in 1998 de vrucht van achttien jaar spionage zomaar

door de papierversnipperaar had gejaagd. 'Nu hebben we het bewijs', zegt de indiener van

de klacht bij de Commissie voor de Bescherming

van de Persoonlijke Levenssfeer. 'Kosmos

is altijd operationeel gebleven'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234