Dinsdag 22/06/2021

Spelen alsof je haar in brand staat

We hebben er lang op moeten wachten, maar zes jaar na The Black Rider, de macabere musical die hij samen met wijlen William Burroughs en theatermaker Robert Wilson op de planken bracht, heeft Tom Waits eindelijk een nieuwe cd gemaakt. Op Mule Variations, verschenen bij punklabel Epitaph, put hij rijkelijk uit tradities als blues en gospel. Alleen geeft Waits er, zoals gewoonlijk, een excentrieke draai aan. Zelf noemt hij zijn muziek dan ook surrural: ruraal en surrealistisch tegelijk.

In december wordt hij vijftig. Toch is de rusteloosheid die hem drie decennia geleden het podium op dreef nog steeds niet verdwenen. De stilten tussen zijn platen mogen dan al wat langer duren dan voorheen, Tom Waits zit zelden stil. Hij acteerde in films van Jarmusch en Altman, schreef muziek voor Dead Man Walking, stak een handje toe op de cd Extremely Cool van oude vriend Chuck E. Weiss, werkte mee aan platen ter ere van Kinky Friedman en Ramblin' Jack Elliott en schreef, na The Black Rider, nog een tweede libretto voor Bob Wilson: het door het Thalia Theater in Hamburg opgevoerde Alice in Wonderland. Helaas had zijn vorige platenmaatschappij toen al een punt gezet achter de samenwerking, waardoor die songcyclus nooit op plaat verscheen.

Maar gelukkig oordeelde Waits inmiddels dat het weer tijd werd "to get behind the mule"; te doen wat gedaan moest worden. Mule Variations kwam tot stand in een omgebouwde kippenkwekerij en een deel van de songs werd zelfs gewoon in de open lucht opgenomen, met enkele op de vlooienmarkt gekochte richtmicrofoons van het type dat vroeger voor field recordings werd gebruikt. "De meeste artiesten proberen de wereld zoveel mogelijk buiten de studio te sluiten", zegt Waits. "Maar als je je omgeving je werk binnenlaat, merk je dat er doorgaans heel goed mee samen te werken valt." Een bewijs hiervan is de kraaiende haan in 'Chocolate Jesus'; een hilarisch bluesnummer waarin een banjo en de rauwe harmonica van Charlie Musselwhite de toon aangeven.

Aan songmateriaal was er alvast geen gebrek. In totaal werden 25 songs opgenomen, waarvan er slechts 14 de nieuwe cd hebben gehaald. "Ach, soms moet je dingen weggooien, opdat de rest nadrukkelijker zou kunnen schitteren", stelt de zanger filosofisch.

Tom Waits staat al 25 jaar buiten de popcultuur. Hij identificeert zich met geen enkele scene en schrikt er niet voor terug tegen de stroom op te roeien. Zo greep hij al in het begin van zijn carrière terug op de beatnikjazz uit de jaren veertig en vijftig en was hij sterker beïnvloed door schrijvers als Kerouac, Burroughs en Bukowski of een subversieve komiek als Lenny Bruce dan door collega's muzikanten. Waits staat met een been in het kamp van de singer-songwriters en met het andere in dat van excentriekelingen als Harry Partch en Captain Beefheart. Maar belangrijker nog is dat de man zich vooral laat leiden door zijn eigen instincten. Mule Variations, zijn zestiende langspeler sinds hij in 1973 debuteerde, is een plaat waarop zowat alle stilistische draden uit zijn carrière samenkomen. De personages die zijn liedjes bevolken zijn nog altijd ontheemde zwervers, drop outs, have nots en andere randfiguren uit de Amerikaanse Nachtmerrie. Een sobere pianoballad als 'House Where Nobody Lives' had destijds probleemloos op Closing Time kunnen staan en ook de uitgebluste, door heimwee en verlangen geteisterde verteller uit 'Pony' zijn we in Waits' universum al vaker tegengekomen. 'Hold On', een fraaie song die herinnert aan 'Downtown Train', zou in de handen van iemand als Springsteen tot een hit kunnen uitgroeien, maar naar de inhoud van de rustiger tracks te oordelen voelt Tom Waits zich dezer dagen sterker aangetrokken tot het huiselijke gezinsleven. Luister bijvoorbeeld eens naar 'Take It With Me': een en al eenvoud en tederheid; het testament van een ouder wordende man die zich maar al te zeer bewust is van zijn sterfelijkheid.

De titel Mule Variations verwijst naar Waits' artistieke koppigheid en de uitspraak van zijn vrouw, film- en televisiescenariste Kathleen Brennan, dat ze "niet met een man maar met een muilezel" getrouwd is. Een grapje wellicht, want tien van de veertien nummers op de nieuwe cd werden door beide echtelieden samen geschreven. Tom Waits omschrijft hun werkrelatie, die in 1983 begon met Swordfishtrombones, lachend als "our little mom-and-pop-business".

"We scherpen elkaar als messen", vertelde hij onlangs aan het Britse blad Mojo. "Kathleen houdt er niet van in het middelpunt van de belangstelling te staan, maar haar aandeel in mijn werk valt nauwelijks te overschatten. We doen alles samen: de een houdt de spijker vast, de ander hanteert de hamer. Mijn vrouw heeft een grenzeloze verbeelding. Zij schrijft vooral vanuit haar dromen, terwijl ik meer uit de werkelijkheid put. Ik ben de prospector, zij de kok. Ik schiet de flamingo, zij snijdt zijn kop eraf. Ik gooi hem in het water, zij pluimt hem... En uiteindelijk wil geen mens er van proeven, haha."

Waits maakt er geen geheim van dat zowel zijn muziek als zijn wereldbeeld sinds Swordfishtrombones en Rain Dogs extremer is geworden. "Veel van de ritmische ideeën en exotische instrumentaties werden me ingefluisterd door Kathleen. Zij confronteerde me met uiteenlopende soorten muziek, bracht ideeën aan en gaf me voldoende zelfvertrouwen om grillige zijpaadjes in te slaan. De ideale coproducer, kortom."

In thematisch opzicht voelen Waits en Brennan zich, net als de schrijfster Flannery O' Connor, aangetrokken door de donkere, bizarre en gewelddadige trekjes in hun medemens. Veel van hun songs zijn geïnspireerd door de faits divers die ze dagelijks uit de Noord-Californische kranten plukken. De aangrijpende murder ballad 'Georgia Lee' is er slechts een van.

Waits zingt op Mule Variations nog altijd alsof zijn keel vol steengruis zit, maar dat heeft allerminst met een liederlijke levensstijl te maken. De artiest, die nu al jaren met zijn vrouw en drie kinderen in Santa Rosa woont, heeft in geen tijden meer een druppel alcohol aangeraakt. Zelfs het roken heeft hij afgeleerd. De enige verslaving waar hij nog regelmatig aan toegeeft is de blues, en die heeft in zijn werk ditkeer wel heel diepe sporen nagelaten.

De biografie van Leadbelly vindt haar neerslag in het broeierige 'Lowside of the Road'; een regel van Blind Lemon Jefferson vormde het vertrekpunt voor de lovesong 'Picture in a Frame'. Elders hoor je vooral de invloeden van Howlin' Wolf en Captain Beefheart. De geest van de laatstgenoemde tref je bijvoorbeeld aan in het surrealistische, gedementeerde 'Eyeball Kid', genoemd naar een stripfiguur. Of in het al even hoekige 'Filipino Box Spring Hog', een overblijfsel uit de Bone Machine-sessies, dat in 1993 al in een embryonale versie voorkwam op de liefdadigheidscompilatie Born to Choose.

'Cold Water' en afsluiter 'Come On Up To The House' zijn dan weer gebouwd op klassieke gospelstructuren, met veel herhalingen en ruwe, grofkorrelige gitaargrooves. Behalve door Waits zelf worden die aangedragen door oude, gederailleerde getrouwen als Marc Ribot en Joe Gore of de van Beck en The Blasters bekende Smokey Hormel, die occasioneel ook dobro speelt. Behalve door vaste begeleiders als saxofonist Ralph carney, bassist Greg Cohen en drummer Stephen Hodges, laat de meester zich ditkeer ook assisteren door onder anderen Primus en bluesman John Hammond: muzikanten die meteen begrijpen wat Tom Waits bedoelt als hij hen vraagt te spelen "alsof hun haar in brand staat."

De gemutileerde, struikelende ritmen van Bone Machine komen op Mule Variations slechts mondjesmaat aan bod. Op sommige nummers worden zelfs helemaal geen drums of percussie gebruikt. Wie van gerammel op potten en pannen houdt kan echter zijn hart ophalen aan 'Black Market Baby' of het furieuze 'Big in Japan', waarin je de zanger een ladenkast in een hotelkamer kunt horen slopen. Occasioneel werkt Tom Waits op zijn nieuwe plaat ook samen met een DJ, zoals in het opmerkelijke 'What's He Building?', dat het midden houdt tussen een hoorspel en een paranoïde monoloog. Het is een parodie op de kleinburgerlijke achterdocht jegens nieuwe buren die niet in de pas lijken te lopen en dus meteen van de verschrikkelijkste dingen worden verdacht. Waits' sympathie gaat duidelijk uit naar het slachtoffer van de roddels. Geen wonder: ook hij zal altijd een outsider blijven.

Dirk Steenhaut

De cd Mule Variations van Tom Waits is uit op Epitaph en wordt verspreid door Play It Again Sam.

Waits zingt op 'Mule Variations' nog altijd alsof zijn keel vol steengruis zit

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234