Zondag 27/09/2020

Crisis bij sp.a

Sp.a en PS: samen slapper?

In een gezamenlijke persconferentie uitten Di Rupo en Crombez in juni 2015 hun ongenoegen over de 'ondoordachte' pensioenmaatregelen.Beeld Tim Dirven

Wat moet sp.a aanvangen met de PS? Coming man Joris Vandenbroucke is de "walgelijke praktijken" beu. Maar voorgoed breken, dat ligt moeilijk binnen zijn partij. Oude kameraden laat je niet zomaar vallen. 

“We gaan samenwerken in de Wetstraat en op het terrein.” Het is 30 juni 2015. Amper twee weken staat John Crombez aan het hoofd van de sp.a en de banden met de PS worden al aangehaald met een gezamenlijke persconferentie over de pensioenen. Crombez en PS-voorzitter Di Rupo zitten er schouder aan schouder. Het is weer aan tussen sp.a en PS. En iedereen mag het weten.

Onder Bruno Tobback had sp.a afstand gehouden van de PS. Bewust. Na al het gebeuk van de N-VA, maar ook de wilde oppositie van Laurette Onkelinx tegen het "geluid van laarzen in de centrumrechtse regering" was de PS niet echt een partij waar veel Vlaamse socialisten graag mee werden geassocieerd. Bovendien: onder Caroline Gennez zag de PS er in 2007 ook geen graten in om, voor het eerst in decennia, zonder de Vlaamse kameraden in een federale regering te stappen.

Crombez maakt bij zijn aantreden een andere afweging. Hij wil de sp.a een duidelijker en radicaler profiel aanmeten, na de te grijze jaren onder Tobback en Gennez. Een betere samenwerking met de PS kan hem daarmee helpen. Op de vraag of hij geen te groot risico loopt door opnieuw te verbroederen met de PS, antwoordt Crombez op de persconferentie onverstoord: “Ik laat me niet doen door de framing van anderen. De Wever mag blijven kwaadspreken.”

Zusterpartij

Intussen, bijna dag op dag twee jaar later, is de PS doodziek. Door de opeenvolgende schandalen waarin haar mandatarissen een hoofdrol spelen, scoort de partij erbarmelijk slecht in de peilingen. Ook sp.a incasseert. In een peiling van de MR die dit weekend uitlekte, raken de Vlaamse socialisten amper aan 10 procent.

Parlementslid Joris Vandenbroucke reageerde gisteren in deze krant als door een wesp gestoken. Voor dat slechte resultaat is maar een verklaring volgens hem: de PS. “Het is frustrerend dat wij toch nog altijd gelinkt worden aan die walgelijke praktijken bij de PS (…) Noem de PS niet langer onze zusterpartij. We plegen nooit overleg met de PS en ik heb nooit contact met PS’ers.” Waarop hij vervolgde: “Als Di Rupo echt een signaal wou geven, had hij beter een stap opzijgezet.”

Een uitval die kan tellen – van de Vlaamse fractieleider, de coming man van de sp.a en ook de rechterhand van Crombez. Politicoloog Nicolas Bouteca (UGent): “Dit doet me denken aan de breuk tussen de CD&V en cdH tien jaar geleden. Toen Joëlle Milquet toen niet akkoord ging met een nieuwe staatshervorming, was het genoeg voor hun Vlaamse collega’s. De speciale relatie werd opgezegd.”

Gaat het deze kant op met sp.a en PS? Het was in 1978 dat de Belgische Socialistische Partij (BSP) zich als laatste traditionele partij opsplitste in de Vlaamse Socialistische Partij en de Parti Socialiste. De twee partijen zaten sindsdien lang niet altijd op dezelfde golflengte, maar de lijnen bleven wel altijd open. 39 jaar lang.

Vandenbroucke bleef gisteren alvast achter zijn harde verklaring staan. “Op het partijbureau vond een aantal collega’s dat ik me te hard en spitant heb uitgedrukt. Dat kan ik begrijpen. Maar iedereen was het wel eens met mijn punt. We worden veel te gemakkelijk geassocieerd met de PS. Dat hypothekeert de werking van onze partij.” De consequentie van zijn woorden, een definitieve scheiding van de PS, wil hij er echter niet aan verbinden. “Ik spreekt uit eigen naam. Hoe de partij hier verder mee aan de slag gaat, is aan de voorzitter.”

Dumpen

Crombez houdt zich voorlopig op de vlakte. “Joris geeft zijn eigen mening en hij vertolkt daarmee een zorg binnen de partij”, klinkt het diplomatisch via diens woordvoerder. Volgens zijn collega’s valt die houding te begrijpen: de voorzitter staat voor een moeilijke keuze. Crombez beseft hoe besmettelijk de scandalitis is die de PS verteert. Maar om de eigen kameraden daarom volledig te dumpen, dat gaat ver. Dat zou een persoonlijke afgang zijn. En zeker zo belangrijk: heel wat mandatarissen hechten nog altijd veel belang aan de band met de PS.

Tussen 1993 en 2007 zaten de sp.a en PS altijd samen in de meerderheid. In de regering-Di Rupo opnieuw vanaf 2012. Op rode kabinetten ontstond door de jaren heen de traditie om medewerkers uit te wisselen over de taalgrens heen. Zo had premier Di Rupo nog een Vlaamse kabinetschef: Yasmine Kherbache. In het zog van Johan Vande Lanotte liepen geregeld een paar PS’ers, die de politieke stiel kwamen leren. Op het Europees niveau zijn er dagelijks contacten en vergaderingen.

Vandenbroucke heeft daar als Vlaams Parlementslid misschien wat te weinig zicht op, reageert een aantal socialisten. Begrijp: hij heeft zich te snel laten opjutten. “Met 99 procent van wat de PS-collega’s in het parlement zeggen ben ik het eens. Maar dat wil niet zeggen dat je geen afstand moet nemen van bepaalde praktijken. Volgens mij is dat wat Joris wilde zeggen”, zegt een ervaren parlementair.

Voorzichtig afstand houden zonder te bruuskeren. Dat lijkt, tot nader order, hoe de sp.a nu zal omgaan met de PS. Bruno Tobback: “Ik heb ooit gezegd dat we af moesten van het imago van de PS, om zo weer stemmen te halen. Dat viel toen heel moeilijk. Er is nog een emotionele band. Je kan je familie ook niet verloochenen. Ik kan de frustratie van Joris begrijpen. Alleen ging hij wat te ver.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234