Maandag 30/11/2020

interview

"Soms moet je ongegeneerd bijten in wat je lekker vindt"

Gilles De CosterBeeld Karel Duerinckx

In de Tien Waarheden stelt Stef Selfslagh een interessante sterveling de vraag: 'Wat zijn de tien dingen die je in de loop van je leven hebt geleerd en die je als waarheden durft te verkondigen?' Het resultaat: bruikbare levenswijsheden, niet zelden verpakt in snedige oneliners. Vandaag: De Mol-presentator Gilles De Coster

Maandag vertelt Gilles De Coster (35) u wie De Mol is. In afwachting daarvan geeft de Woestijnvisser u een inkijk in zijn levensbeschouwelijke schatkist. 'Cynisme is het ergste wat een mens kan overkomen.'

Ik ontmoet Gilles De Coster in het lokaal waar hij vier jaar geleden in het gezelschap van Wouter Vandenhaute en Erik Watté zijn Woestijnvis-contract ondertekende. Dat was een tumultueuze dag, zegt hij. 's Ochtends had hij zijn VRT-pasje moeten inleveren: nadat hij zijn bazen over zijn vertrek had ingelicht, werd zijn e-mailadres afgesloten en zijn badge ongeldig verklaard. Op weg naar de kantoren van Woestijnvis luisterde hij op de radio naar extra nieuwsuitzendingen over de busramp in Sierre en sijpelde de deprimerende tol van het ongeval zijn hart binnen. En net toen hij op het punt stond om in Vilvoorde zijn handtekening naast die van Vandenhaute en Watté te krassen, ging zijn gsm af: Leo Hellemans, in een poging om alsnog de woorden uit te spreken die zijn getalenteerde radiomaker ervan zouden overtuigen om bij de VRT te blijven.

Vandaag weerklinkt de begintune van De mol wanneer de gsm van De Coster rinkelt. Na een aarzelende start genaamd De kruitfabriek en de heropstanding genaamd Karen & De Coster, heeft hij bij Woestijnvis helemaal zijn draai gevonden. Het reanimeren van De mol - zonder twijfel de hachelijkste tv-onderneming van de afgelopen jaren - levert hem behalve een chronisch gebrek aan slaap ook veel arbeidsvreugde op. "Ik ben dertig uur na de laatste opname van Karen & De Coster naar Argentinië gevlogen voor de eerste opname van De mol", zegt hij. "Sindsdien zit ik op een trein die maar blijft voortdenderen. Maar ik amuseer me te pletter."

Het bij elkaar harken van zijn tien waarheden verliep moeizamer dan gedacht. "Ik betwijfel sterk of ik het in me heb om een orakel te worden. Ik ben ocharme 35: hoeveel waarheden kan een mens op die leeftijd al ontsluierd hebben? Eigenlijk zou mijn tiende waarheid moeten luiden: Sorry Voor Alles. (lacht)
"Ik sta wel degelijk achter mijn tien stellingen, hoor. Maar niemand hoeft ze ernstiger te nemen dan nodig. Ze weerspiegelen hoogstens waar ik op dit moment in geloof. Over tien jaar heb ik gegarandeerd andere waarheden."

Ideologisch flipfloppen: in deze reeks mag het. Ik leg mijn bandopnemer intimiderend dicht bij De Coster en verklaar het nieuwe Tien Waarheden-seizoen voor geopend.

Iedereen Is Uitlachbaar

"'Iedereen is vervangbaar', hoor je weleens. Maar ik vind 'Iedereen is uitlachbaar' een betere oneliner. Ik vind het heerlijk om uitgelachen te worden door mijn lief, mijn vrienden of mijn collega's. En ik retourneer de geste met veel plezier. Iemand die niet om zichzelf kan lachen, vertrouw ik niet. 'Jij hebt iets te verbergen', denk ik dan. We zijn allemaal idioten. Niemand is zo bijzonder dat hij niet mag worden uitgelachen.

"Ik ben opgegroeid in een gezin waarin elkaar bespotten een geliefkoosd tijdverdrijf was. Aan tafel zaten we elkaar voortdurend op stang te jagen. En vandaag doen we dat nog altijd, maar dan in onze Whatsapp-groep. Zelfs mijn vader doet mee, hoewel zijn kennis van digitale media veeleer beperkt is. Al dat humoristisch bedoeld getreiter maakt mij goedgezind. Ik ga liever op een spottende dan op een overdreven respectvolle manier met mensen om. Spot is een sociaal glijmiddel."

Of hij tijdens het familiaal gejen dan nooit eens zijn trots moet opzijzetten, vraag ik. "Ik ben alleen maar trots op het feit dat ik op mijn 35ste gelukkig ben en een fijne job heb. Van zelftrots - dat hinderlijke gevoel van zelfbewustzijn dat o zo makkelijk gekrenkt kan worden - heb ik gelukkig weinig last."

Je Kunt Nooit Genoeg Relativeren

"Het is lang geleden dat ik van het leven nog eens een klets heb gekregen. En hoe langer het duurt, hoe meer ik erop moet letten dat mijn referentiekader intact blijft. Dat ik kleine problemen blijf zien als kleine problemen.

"Als ik een slechte dag heb gehad, stel ik mezelf weleens de vraag: 'Zou je hier nu ook over piekeren, mocht je in 1943 in een bezet land wonen? En bijna altijd is het antwoord: nee, natuurlijk niet. In oorlogstijd staat je leven in het teken van je basisbehoeften en maak je je niet druk om minor issues. Ik weet wel: vergeleken met oorlog is elk probleem futiel. Maar toch is de 1943-test een denkoefening die me helpt om te relativeren: 'De Coster, je bent in je geruisloze auto op weg naar je geweldig lief, je gaat vanavond met haar in een gezellig restaurant eten en daarna kruipen jullie samen in een warm bed. Cut the crap.'

"Natuurlijk moet je soms ook kunnen zeggen: 'Dit ga ik nu eens niét relativeren. Hier ga ik even helemaal kapot van zijn.' Wanneer je een geliefde verliest, moet je dúrven rouwen. Het is niet gezond om verdriet te verstoppen. Maar de alledaagse beslommeringen, die vaak zwaarder doorwegen omdat ze talrijker zijn dan die grote momenten van ongeluk, die kun je nooit genoeg relativeren."

Beeld Karel Duerinckx

Wie De Kepi-test Niet Doorstaat, Is Niet Te Vertrouwen.

"Hoe iemand met macht omgaat, zegt alles over die persoon. Je ziet sommige mensen voor je ogen veranderen zodra ze een kepi opzetten. Die kepi - het kan ook een armband of een functietitel zijn - plaatst hen in een machtspositie. Plots hebben ze iets te zeggen en moet iedereen naar hen luisteren. Veel mensen kunnen niet aan de verleiding weerstaan om daar misbruik van te maken. Je ziet het bij politieagenten, ambtenaren en leraars, maar ook bij vrijwilligers die tijdens de lokale wielerkoers het verkeer omleiden of buitenwippers die beslissen wie wel of niet de discotheek in mag.

"Het archetype van de gelegenheidsdespoot is natuurlijk de ambtenaar die je naar vier verschillende verdiepingen van het ministerie stuurt terwijl hij je ook zelf de nodige documenten had kunnen bezorgen. Verschrikkelijk. Hoe verzet je je het best tegen die kleine machtswellustelingen? Met stoïcisme of met een uitgekiende selectie van scheldwoorden? "Dat laatste zeker niet. Elke vorm van opwinding of boosheid maakt het probleem alleen maar erger. Berusting - eventueel aangelengd met binnensmonds uitgesproken verwensingen - is de enige optie die je hebt.

"Ik moet elke week bij de RTBF zijn. Daar onderga ik regelmatig het machtsmisbruik van de ambtenaar die aan de ingang staat. Die man ziet mij vanuit zijn glazen hok van ver aankomen, maar laat mij altijd vijf seconden voor een gesloten deur staan voor hij mij binnenlaat. Vervolgens vraagt hij mijn naam -die hij al lang kent - en staart hij twee volle minuten naar de lijst van genodigden om te checken of ik wel verwacht word. Pas dán doet hij de tweede deur van zijn hok open en mag ik van mijnheer mijn werk gaan doen.

"Die man is een schoolvoorbeeld van iemand die de kepi-test niet doorstaat. Hij misbruikt zijn macht - hoe onbeduidend ook - om mij duidelijk te maken dat het dankzij hem is dat ik naar binnen mag. Ik krijg het ervan. Maar: I won't show. Ik zeg nog liever drie keer 'Merci, monsieur' dan hem het plezier te doen van mij kwaad te zien." (lacht)

Empathie Is Alles

"Veel mensen verwarren empathie met vergiffenis, medelijden of begrip. Ten onrechte. Empathie is: willen begrijpen waarom iemand iets zegt, doet, denkt of voelt. Wat totaal niet hetzelfde is als het goedkeuren.

"Je moet proberen te begrijpen waarom zo veel Amerikanen op Donald Trump stemmen. Of waarom sommige mensen bereid zijn om vluchtelingen in huis te nemen. Maar bijna niemand doet die moeite nog. Het is veel gemakkelijker om te roepen dat Trump een clown is en dat alle vluchtelingen terroristen zijn.

"Zelfs journalisten tonen geen empathie. Het kan toch niet dat ik als lezer, luisteraar of kijker nog altijd niet overtuigend uitgelegd heb gekregen waarom Trump tijdens de Amerikaanse voorverkiezingen zo veel succes heeft. 'Ach, dat is gewoon een grilletje van die gekke, op spektakel beluste Amerikanen', hoor je vaak. Ik geloof daar niks van. De Amerikanen hebben vast veel betere redenen om voor Trump te kiezen. Alleen: niemand vertelt mij welke dat zijn.

"Je in iemand anders verplaatsen, is journalistiek gezien veel interessanter dan de pseudokritische, betweterige journalist uithangen. Ik vind bijvoorbeeld dat Bart Schols ex-Syrië-strijder Younes Delefortrie goed heeft geïnterviewd. Niemand heeft iets aan een gesprek waarin zo'n Younes verbaal wordt gevierendeeld. Je steekt alleen iets van hem op wanneer je hem zachtaardig toespreekt, en oprecht probeert te begrijpen waarmee hij bezig is. Daarna mag je het nog altijd hartsgrondig oneens zijn met alles wat die man zegt en doet. Maar je hebt tenminste wel geleerd waaróm hij het zegt en doet."

Het erover eens zijn dat je het ergens niet over eens bent: het is een sociale vaardigheid die aan het verdwijnen is, zeg ik. Op Facebook dumpen mensen vrienden die er andere opvattingen op nahouden over pakweg de vluchtelingencrisis of het begrotingsbeleid. "Dat is ook mijn grote probleem met de sociale media", zegt De Coster. "Veel mensen sluiten zich op in een onlineparochie van gelijkgestemden en verzwelgen in hun eigen grote gelijk. Terwijl niémand het grote gelijk kan claimen."

In de aanloop naar ons gesprek had ik Gilles De Coster-kenner Lisbeth Imbo - ze presenteerde samen met hem een aantal jaren De ochtend op Radio 1 - gevraagd om mij een insidervraag cadeau te doen: een vraag die alleen iemand die De Coster goed kent, zou kunnen bedenken. Haar antwoord: 'Vraag Gilles waarom hij het zo belangrijk vindt om de mensen uit zijn peergroup niet voor het hoofd te stoten, terwijl hij toch uitgesproken meningen heeft.' Ik leg hem de vraag voor en informeer of de hoofdredacteur van deze krant een punt heeft.

"Als ze bedoelt dat ik geneigd ben om conflicten te ontwijken wel, ja. Ik ga zelden de confrontatie aan. Harmonieus omgaan met wie mij lief is, is voor mij veel belangrijker dan voortdurend mijn mening te verkondigen. Ik cijfer mezelf liever wat weg dan in stormrammodus een verbaal gevecht aan te gaan. Veel meningsverschillen zijn ook geen ruzie waard. Als het echt belangrijk is, zal ik mijn gedacht wel zeggen. Maar als het even kan, drijf ik de dingen liever niet op de spits.

"Ik moet echte vriendschap voelen voor de mensen met wie ik samenwerk. Gewoon collega's zijn, is voor mij niet voldoende. Dat speelt wellicht ook mee."

Je Mag Jezelf Gerust Onbevoegd Verklaren

"We leven in een meningendemocratie: je wordt geacht over elk onderwerp een opinie te hebben. Wel, daar doe ik niet aan mee. Ik verklaar mezelf regelmatig onbevoegd. Over sommige onderwerpen weet ik te weinig om er een gefundeerde mening over te hebben. En dat zeg ik ook gewoon.

Noem eens een onderwerp waarover iedereen een opinie heeft, maar waarover jij je weigert uit te spreken, zeg ik. "De vluchtelingenproblematiek. Ik ben een humanist en dus vind ik het vreselijk wat die mensen moeten meemaken. Maar tegelijk zie ik ook wel dat het niet vanzelfsprekend is om met mensen uit andere culturen samen te leven, en dat de vluchtelingencrisis het gevolg is van een bijzonder ingewikkelde geopolitieke situatie.

"Alleen: ik beheers die materie niet. Ik verklaar mezelf onbevoegd, ik weet echt niet wat we moeten doen. En eerlijk gezegd vind ik dat meer mensen zich in dezen van een oordeel zouden moeten onthouden. Nu blaffen ze direct hun mening. En die is zwart of wit. In het beste geval donkergrijs. Wat schieten we daarmee op?"
Ik werp op dat 'jezelf onbevoegd verklaren' ook een teken van lafheid kan zijn. In plaats van geen mening te hebben, kun je ook zeggen: 'Momentje. Ik ga me over dit onderwerp uitgebreid informeren en kom te gepasten tijde bij u terug.'

Over belangrijke onderwerpen moet je jezelf toch tot een conclusie dwingen? "Uiteraard. Maar niet over elk onderwerp. Nu lijkt het wel alsof iedereen een expert is in álles. Wat absoluut niet zo is. Ik heb destijds in Antwerpen deelgenomen aan het referendum over de Lange Wapper-brug. Maar eigenlijk wist ik helemaal niet of ik nu voor of tegen die brug moest zijn. Ik dacht: 'Hallo, politici!? Ik betaal júllie om die beslissing te nemen. En nu moet ik het ineens zelf doen. Willen jullie eens jullie job doen, alsjeblieft?'"

Beeld Karel Duerinckx

Te Veel Mensen Lijden Aan Het Eerste-albumsyndroom

"Ken je het eerste-albumsyndroom? Het manifesteert zich wanneer mensen over een populaire groep zeggen: 'Pfff, die waren goed op hun eerste album. Maar daarna is het toch bergaf gegaan, zenne.' De mensen die zoiets zeggen, hebben ondertussen meestal een obscure, Turkmeense fluitspeler ontdekt waarover ze niet uitgepraat raken. Alleen maar om zichzelf te profileren: 'Kijk eens hoe speciaal ik ben!' Bijzonder vermoeiend is dat.

"Ik heb een hekel aan snobisme. Die obligate afkeer van alles wat succesvol is, jongens toch. Je mag Coldplay nog altijd goed vinden, hoor. Je mag ook een modetrend van twee jaar geleden nog altijd leuk vinden. Of een restaurant dat ondertussen door heel de wereld ontdekt is. Niks mis mee."

Cynisme Is Het Ergste Wat Je Kan Overkomen

Twee jaar geleden heb ik als journalist een aantal uitwedstrijden van de Rode Duivels gevolgd tijdens hun kwalificatiecampagne voor het WK in Brazilië. Ik reisde toen mee met de andere Belgische sportjournalisten. En het viel mij op hoe onvoorstelbaar cynisch sommige van die mannen zijn. 'We zullen nog wel eens zien of we ons gaan plaatsen', zeiden ze. En zodra de kwalificatie een feit was: 'Och ja, we zijn geplaatst. Niet meer dan normaal, toch?' Dat soort uitspraken. Maar dan non-stop. Ik werd er nerveus van. Als je geen plezier meer hebt in je job, moet je iets anders gaan doen. Echt.

"Cynisme is wellicht uitgevonden door iemand die net van tafel kwam. Alleen mensen die oververzadigd zijn en alles hebben wat ze willen, zijn cynisch. Mensen die honger hebben of zich onveilig voelen, hebben daar geen tijd voor."

Zijn er niettemin verzachtende omstandigheden voor cynisme? "Tuurlijk. Als je al tien keer door een lief bent verlaten, ga je de elfde keer niet huppelend in een relatie stappen. En ook als je Achmed heet en je krijgt na een sollicitatiegesprek voor de zoveelste keer te horen dat je weliswaar heel goed bent, maar dat ze toch voor iemand anders hebben gekozen, is enig cynisme je vergeven. Maar het mag je leven niet overnemen. En een sportjournalist die de Rode Duivels mag volgen, is door niemand bedrogen. Die heeft gewoon een fantastische job, punt.

"Eigenlijk is cynisme alleen waardevol als vorm van humor. Als er op het werk iets fout loopt en je maakt daar een gevatte, cynische opmerking over, kan dat heel bevrijdend werken."

Of hij in de goedheid van de mens gelooft, hoor ik mezelf plots vragen. "Absoluut. Ik ben liever naïef dan cynisch. Ik heb meer sympathie voor Angela Merkel die zegt: 'Wir schaffen das' en daar later voor wordt afgestraft, dan voor iemand die zegt: 'Onze grenzen gaan dicht, al die vluchtelingen kunnen de pot op.'"

Je Moet Zoveel Reizen Als Je Kunt

Ik vind reizen het meest verrijkende wat een mens kan doen. Als je er de middelen voor hebt - wat jammer genoeg niet voor iedereen geldt - doe het dan zo vaak mogelijk. Ga een jaar in het buitenland studeren. Ga met je lief op reis. Laat je kinderen de wereld zien. Het is natuurlijk niet al te best voor je ecologische voetafdruk, maar ik vind het enorm belangrijk.

"Ik ben een empirist: je begrijpt pas echt iets wanneer je het met al je zintuigen hebt waargenomen. Pas als je in Zuidoost-Azië bent geweest, besef je hoe overbevolkt de wereld is. Pas als je in Delhi hebt rondgelopen, zie je in wat armoede is. Pas als je in de zuidelijke staten van Amerika hebt vertoefd, begrijp je iets van die Biblebelt.

"Reizen helpt me om te relativeren en empathisch te zijn. De wereld is veel groter dan de plek waar wij dagelijks op rondhossen. Onze manier van leven is niet de enige. Als je al eens in een moslimland bent geweest, weet je dat de islam niet dat grote monster is dat sommigen in het Westen ervan maken. Het is gewoon een godsdienst. Die beleden wordt door fanatieke zotten, maar evengoed door fijne mensen."

Wat Je Niet Onder Controle Hebt, Is Je Aandacht Niet Waard

"Er zijn in mijn leven een aantal dingen waarover ik geen controle heb. Kijkcijfers die tegenvallen, mensen die mijn hoofd niet kunnen zien en de behoefte voelen om mij dat te laten weten: ik kan daar niks aan veranderen. En dus probeer ik me er ook niet over op te winden. Als je je ergens druk over wilt maken, maak je dan druk over iets waar je vat op hebt. Als je vindt dat je te dik bent, kun je op dieet gaan. Als je vindt dat je programma niet goed genoeg is, probeer het dan te verbeteren. Maar over iets wat buiten je invloedssfeer ligt, pijnig je beter je hersens niet."

Ik vraag of hij naar goeie Woestijnvis-traditie inmiddels een licht neurotische controlefreak is geworden. "De weg naar perfectie loopt over absurde discussies", lacht hij. "Wij discussiëren hier soms een uur over het lettertype van een woord dat we in het klein onder een grafiek gaan zetten. Maar ik vind dat heel waardevol. Het betekent dat we het allerbeste programma willen maken dat we op dat moment kunnen maken. En het verkleint de kans dat we achteraf tegen onszelf moet zeggen: 'Shit, dat had veel beter gekund.'"

Zie je wel, zeg ik: te veel relativeren is nergens goed voor. Als je iets wilt maken dat ertoe doet, moet je discussies over lettertypes belangrijk vinden. "Ik heb niet gezegd dat relativeren betekent dat je je job niet ernstig mag nemen. Terwijl je aan het werk bent, moet je de perfectie nastreven. Maar als je 's avonds naar je auto slentert, moet je beseffen dat het eigenlijk niet zo veel voorstelt."

Beeld Karel Duerinckx

Er Is Niet Zoiets Als 'Te Veel Saus'.

"Ik hou van mensen die gulzig durven te zijn. Die ongeremd liefhebben. Die met veel goesting eten. Die op een feest helemaal uit hun dak gaan. Die soms tot 's nachts doorwerken omdat ze vinden dat iets nog beter kan. Het leven is vrij kort, weet je wel. Soms moet je ongegeneerd bijten in wat je lekker vindt."

Een waarheid als een koe, zeg ik, alleen zit de tijdgeest niet echt mee. Er wordt ons voortdurend op het hart gedrukt dat we maat moeten houden: niet te veel eten, niet te veel drinken, niet te veel werken, niet te weinig slapen. Ik vraag of hij ontvankelijk is voor die onophoudelijke stroom van waarschuwingen. "Ik word er gestoord van", zegt hij. "En al die berichten spreken elkaar ook tegen. De ene dag is een glas wijn gezond, de andere dag ongezond. De ene keer moet je gluten eten, de andere keer niet. Niemand weet het nog. En dus denk ik: laten we op tijd en stond maar eens verschrikkelijk ongematigd leven en ordinair gulzig zijn."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234