Maandag 19/04/2021

ReportageZiekenhuizen

‘Sommigen zeggen vlakaf: ‘Ik kom van een feestje’’: ziekenhuizen bereiden fase 1B voor

Urgentiearts Pieter Jan Van Asbroeck Beeld
Urgentiearts Pieter Jan Van Asbroeck

‘Ik dacht aan het virus ontsnapt te zijn... Maar zie, nu kreeg het me toch nog te pakken.’ Dat viel te horen bij patiënten in het Ziekenhuis Oost-Limburg, waar uw krant op bezoek ging tijdens de nodige reorganisatie van fase 1A naar 1B. Of de derde golf effectief begonnen is? De urgentiearts: ‘Niemand heeft een glazen bol. Maar ik denk het wel.’

Ziekenhuizen bereiden zich voor op fase 1B:

"Voilà zie!" Een verpleegster komt het middagmaal brengen op de kamer van Helena Steegen, die nog wat onwennig om zich heen kijkt. De 67-jarige Helena heeft twee weken intensive care in Genk achter de rug, maar is sinds dit weekend goed genoeg voor een normaal Covid-bed, met een slangetje zuurstof. Aangezien het besmettingsgevaar nog niet geweken is, draagt eenieder in haar buurt wel nog de volle uitrusting.

"Wil je eens kijken wat het eten is?", fluistert Helena. We zien onder de stolp een brij waar we geen herkomst op durven plakken. 'Romanesco-mix', zegt het papier. Ze knikt. "Gelukkig heb ik mijn eetlust terug. Belangrijk." Wel eet Helena nog gepureerd, aangezien ze nog wat zwak is en een paar kiezen in haar onderkaak mist.

"Ik was net in behandeling bij de tandarts", steekt ze van wal, "toen op 1 februari bleek dat mijn man besmet was met het virus. Even later kreeg ook ik hoge koorts, wat niet van mijn gewoonte is. Een test: positief. Schrikken? Het zal wel zijn. Ik voelde mij zeker niet onoverwinnelijk, maar na een jaar denk je toch: 'Ik ben nog altijd niet besmet, ik zal alles goed doen, zeker?' Kwam ik in het dorp iemand tegen, ging ik aan de overkant van de straat staan, voor een praatje. Reed ik met de buurvrouw naar Colruyt, dan zat zij rechtsachter in de auto en ik vooraan, allebei met masker. Tja. Mijn man moet een slecht lotje hebben getrokken, en ik kreeg het over."

Bekend scenario

Het scenario klinkt opvallend bekend. "Na een week voelde ik mij oké en leek het ergste voorbij. Maar toen kwam een enorme terugslag. Geen lucht meer, vreselijk benauwd, alle leven uit mij."

Normaal is Helena nooit ziek, zegt ze: "(fier) Ik doe thuis de was, de strijk en het eten volledig zelf. Tijdens de lockdowns hebben mijn man en ik gewandeld en gefietst als nooit tevoren. Geen obesitas. Dus ik snap het ook niet. Daarnet hebben ze mij gezegd: 'Voor elke dag dat je op intensieve hebt gelegen, moet je een week herstel voorzien.' Ik dacht direct: '14 weken? Zo lang gaat dat toch niet duren?' Maar tegelijk durf ik geen grote uitspraken meer doen, want ik had ook nooit verwacht hier te liggen... Al goed dat ik zo fantastisch verzorgd word, en als gepensioneerd verpleegster kan ik dat wel inschatten. Chapeau voor het personeel."

Reporter Nadine Van der Linden (links) mocht mee op ronde en kreeg daarvoor de juiste beschermkledij aangemeten. Beeld
Reporter Nadine Van der Linden (links) mocht mee op ronde en kreeg daarvoor de juiste beschermkledij aangemeten.

Glazen bol

Maar dat respect leeft niet overal, zegt urgentiearts Pieter Jan Van Asbroeck. "Ik kom op spoed mensen tegen met snijwondes of intoxicatie, die vlakaf zeggen: 'Ik kom van een feestje.' Ik merk een verslapping in het volgen van regels. Daarnaast zijn er de patiënten met de spreekwoordelijke buikpijn of zere vinger. In de eerste golf kwamen die niet naar spoed, nu wel, wat de drukte verhoogt."

Dan zijn er nog de patiënten met mentale gevolgen: "Vereenzaamd, suïcidepogingen, alcoholmisbruik, agressie binnen het gezin... Er gebeurt wat tussen vier muren. Al houden de meeste mensen zich heel moedig."

Wat de drukte op spoed dan weer vermindert, is de nieuwe teststrategie. Een patiënt met een hoestje die zich zorgen maakt en die voordien recht naar spoed reed, kan zich nu laten testen in een teststraat, wat toch 300-400 keer per dag gebeurt." Of de derde golf effectief begonnen is? De urgentiearts: "Niemand heeft een glazen bol. Maar ik denk het wel.”

Communicatiemanager Jurgen Ritzen haalt er even de cijfers bij: "Op het hoogtepunt van de eerste golf lagen op alle campussen samen (ZOL heeft er drie, red.) 138 patiënten, waarvan 38 op spoed. Op de meest rustige momenten is dat getal gezakt naar 22. Nu zitten we op 63, met 16 op intensieve." Kortom: ergens in het midden. Paramedisch manager Jan Van Hoecke: "Maar aangezien de besmettingen stijgen, moeten wij ons toch schrap zetten." Van Hoecke doelt op fase 1B die van kracht gaat: de helft van de intensieve bedden moet dan voor coronapatiënten zijn. "Voordeel is dat we intussen een zekere routine hebben, bij die hele puzzel: we wéten nu welke operatiezaal of recovery room we kunnen ombouwen."

Al gaat het niet alleen om materiaal, maar ook om mensen. "Daar is de grootste verandering dat binnen tien dagen het ganse personeel gevaccineerd zal zijn", aldus Van Hoecke. "Dat is natuurlijk positief wat betreft ziektegevallen. Anderzijds is bekend dat zo'n vaccinatie, hoewel ze volledig veilig is, ervoor kan zorgen dat de gevaccineerde zich een dagje grieperig voelt en dus mogelijks niet kan komen werken. Ik denk wel dat die bezorgdheid nu in alle ziekenhuizen leeft. Je hebt liever niet dat er ziektedagen vallen als de derde golf zou losbarsten, maar goed, dat valt allemaal nog af te wachten.”

Spaarzaam met coma

Of de behandeling anders zal zijn? Urgentiearts Van Asbroeck: "Neen. In dit ziekenhuis zijn we altijd zeer spaarzaam en voorzichtig geweest met het in coma brengen van mensen, en dat is achteraf een goede keuze gebleken. Ook bij de zieken zie ik geen grote verandering. Ik hoor elders dat de patiënten jonger worden, maar dat kan ik niet bevestigen: hier liggen vooral oudere mensen en als ze jong zijn, zijn er comorbiditeiten. Obesitas blijft een grote factor. Heel af en toe zien wij een jonge mens bij wie het virus overspringt naar het hart, met fatale gevolgen, maar dat vind ik niet nieuw: dat gebeurde vroeger ook al eens met de griep - alleen haalde dat toen de pers niet. Wat me wél blijft verbazen, is hoe snel het soms kan gaan. Patiënten komen hier nog wandelend binnen, maar zijn er even later ernstig aan toe."

Helena - intussen aan haar romanesco-mix begonnen - kan alleen maar bevestigen: "Mijn man en ik waren klaar om Valentijnsdag te vieren, want na 47 jaar hebben wij nog altijd een schoon huwelijk. Maar het werd het ziekenhuis. Tegelijk moet ik een heel goeie engelbewaarder hebben, want ik dacht op intensieve dat het voorbij was, maar ik mag nog verder. Ik heb al heel dikwijls 'dank u' gefezeld.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234