Vrijdag 07/10/2022

Sofia-Brussel, 56 euro. Nu instappen

Met zijn krukken kan de kleine oude man over kortere afstanden zelfstandig stappen. Zij - half tandeloos, zoals vele Romavrouwen - sjokt achter hem aan met de rolstoel. Die moet mee, onder in de bus. “Accident”, zegt hij. Iets met een kar en een paard, heel lang geleden, en er hebben nooit dokters naar gekeken. Dus sleept zijn lichaam de nutteloze benen met behulp van een paar krukken met zich mee. Iemand heeft op hun ticket een Belgisch 0487-nummer neergekrabbeld. Bij hun aankomst moeten ze een goede ziel zien te vinden die voor hen dat nummer wil vormen, waarna hun nieuwe leven in de hoofdstad van Europa kan beginnen. “Brussels”, zegt de Romaman met een tinteling in de ogen. “Me job, me work.”

Het is donderdagmiddag, centraal busstation Sofia. In de reisbureautjes afficheren bedrijfjes de bestemmingen waarvoor ze tickets tegen de beste prijzen aanbieden. Eén lettercombinatie prijkt op nagenoeg alle ramen: ‘bEЛгия’, België. Tickets zijn er vanaf 110 lev, dat is 56 euro. “Er is elke dag een bus, behalve op dinsdag en vrijdag”, zegt de dame in het reiskantoortje Mar-2006. “Vandaag is hij maar voor de helft gevuld. Meestal is het veel drukker. Als daar vraag naar is, stopt de bus ook in Frankfurt en Keulen. De meeste mensen willen naar Brussel of Antwerpen. De meesten boeken een heenticket.”

RACISME IS HIP

We zien het sjofele koppel helemaal naar achteren doorschuiven, om met de drie andere Roma de achterste banken te delen. De andere reizigers, Eurolinespubliek, neemt vooraan plaats. In Bulgarije wil de sociale code nog altijd dat Roma achter in de bus gaan zitten en desgevallend spontaan hun plaats afstaan. Er is geen wet of regel die dat oplegt en het is ook niet zo dat er scènes ontstaan als een zigeuner ze overtreedt. Gaan ze tussen de andere reizigers staan, dan beginnen die naar elkaar te sissen en te wijzen: “Gevaar, zakkenrollers in de bus.”

Net voor de bus vertrekt, sleept de kreupele man zich terug naar buiten voor een laatste sigaret. “People nice in Belgium”, zegt hij. Hij oogt monter en neemt een grote hap uit een van de twee stokbroden die hij heeft meegebracht als proviand voor de komende twee dagen. De Brusselse uitzendsector weze bij deze gewaarschuwd: een ongeveer 50 jaar oude, zogoed als ongeletterde en ernstig gehandicapte Romazigeuner komt zijn kansen wagen op onze arbeidsmarkt.

Op een terrasje kijken vier jonge skinheads toe. Ze komen hier regelmatig hun espressootje drinken, als de bussen naar Brussel of Athene vertrekken. “Weer vijf minder”, wijst een van hen. “You Belgian, you stupid. Ze komen bij jullie aan en ze krijgen geld en een dak boven hun hoofd. En wat doen ze? Niets. Het zijn parasieten. Echt, julie mogen ze allemaal hebben.”

Afgaand op de letters op de etalageruiten is België een bovengemiddeld populaire bestemming. Ook Athene, Madrid en Istanbul duiken vaak op. Promotie voor pakweg een enkeltje Parijs zie je niet. “Dat komt door president Sarkozy”, legt Yordan uit, een van de vier. “Hij stuurt ze gewoon terug. Net voor ze op het vliegtuig stappen, krijgen ze ook nog eens 200 euro. Als het bejaarde Roma zijn, is het zelfs 300 euro. Er zijn Roma die puur voor de terugkeerpremie naar Frankrijk zijn gestuurd, maar als ze in Frankrijk een tweede keer worden opgepakt, krijgen ze niets meer.” Het geld, weet de andere skinhead, “gaat naar de chef van hun clan, want ze leven in een soort kastesysteem”.

De vier jongens hebben eerder in de week via een tv-debat vernomen dat van de huidige 7 miljoen Bulgaren er over vijf jaar nog maar 1 miljoen zullen overblijven. “De vandaag 700.000 à 800.000 Roma zullen tegen die tijd met 5 miljoen zijn, want ze kweken als konijnen. Daar komen ook nog eens miljoenen Turken bij. Wij zullen moeten vechten voor het overleven van het Bulgaarse volk.”

Buitengewoon wetenschappelijk kan de berekening niet worden genoemd. Ze komt van een voorman van de extreem rechtse partij Ataka, de ‘Nationale Aanvalsunie’ van de voormalige talkshowpresentator Volen Siderov. De populistische leider stootte in 2006 tot verbijstering van de hele internationale gemeenschap door naar de tweede ronde van de Bulgaarse presidentsverkiezingen en kreeg 24 procent van de bevolking achter zich. De partij is inmiddels aan het verbrokkelen door interne vetes, maar behaalde vorig jaar met 9,4 procent toch nog 21 van de 240 zetels in het Bulgaarse parlement.

De partij heeft ook twee zitjes in het Europees Parlement, waar de 27-jarige Dimitar Stojanov de voorpagina’s van de media haalde met een e-mail naar al zijn medeverkozenen. Hij wou het in de e-mail met iedereen even hebben over een Hongaars europarlementslid van wie hij had vernomen dat ze een Roma-achtergrond heeft: “In mijn land zijn er tienduizenden zigeunermeisjes die mooier zijn. Je kunt er eentje kopen vanaf 12 à 13 jaar.”

Volen Siderov beloofde dat hij, als hij aan de macht kwam, de Roma massaal richting buurlanden zou verdrijven. Open grenzen, vond hij, vormden het voornaamste goede randverschijnsel van de toetreding van Bulgarije tot de EU in 2007. Hij zou wetten uitvaardigen om hen te verbieden meer dan twee kinderen te baren.

“Siderov beloofde ook dat hij de sloppenwijken van Orlandovski en Filipovtsi zou wegvegen”, zegt Yordan. “Hij beloofde van alles, maar heeft vooral zijn vrouw en zijn kinderen aan goedbetaalde jobs geholpen in de partij en het parlement. En als er Roma vertrekken, dan is dat door toedoen van jullie domme regering, niet door Siderov.”

De vier jongens dwepen nu met een nieuwe partij, Vamero, die nog duidelijker zegt waar het op staat. “Alle Roma uit Bulgarije verdrijven.”

GOEDE VOORNEMENS

Toen de Bulgaarse krant Standart vorige week berichtte over een actieplan van de Belgische regering “om de integratie van Bulgaarse Romaminderheden aan te moedigen” kon je in dezelfde editie ook lezen over twee Romamannen die het ziekenhuis in waren geslagen door een groep skinheads. Het gebeurde, zoals zo vaak, op een bus. Zoals zo vaak kon geen van de aanwezige medereizigers de politie helpen met een bruikbare persoonsbeschrijving. Een van de slachtoffers zweefde een tijdlang tussen leven en dood met een gebroken schedel.

“Dit soort geweld is alledaags geworden”, zegt Krassimir Kanev van mensenrechtengroep Helsinki Comité. “Daders worden nagenoeg nooit voor de rechtbank gebracht. Bulgarije werd al een paar keer veroordeeld door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens voor de wijze waarop het omgaat met klachten die betrekking hebben op racisme of geweld tegen Roma.”

In de gevangenis van Sofia zit de Australische rugzaktoerist Jock Palfreeman (23) momenteel een straf van 20 jaar uit omdat hij vorig jaar schuldig werd bevonden aan de moord op de Bulgaarse student Andrei Monov. Het gebeurde tijdens een nachtje stappen in Sofia in 2007. Palfreeman heeft nooit betwist dat hij uithaalde met zijn zakmes, maar pleitte wettige zelfverdediging. De vechtpartij, zei hij, was een uitloper van een vorige, waarbij hij had gezien hoe Monov en dertien à veertien andere rechtenstudenten van de universiteit van Sofia in groep twee weerloze Romazigeuners verrot stonden te schoppen. Palfreeman kon de twee uit het gewoel bevrijden, maar de studenten keerden zich tegen hem. Hij had heel veel spijt, zei hij, maar dit was wel het hele verhaal. Niets van, zeiden politie en openbaar ministerie.

Na een langdurig en grondig onderzoek was er geen enkele aanwijzing te vinden voor voorafgaandelijk geweld tegen Roma. Hij werd niet alleen schuldig bevonden aan moord, maar ook nog eens aan moord met voorbedachten rade.

Pas sinds vorige maand, na een door zijn ouders vanuit Australië opgezette campagne, lijkt er dan toch een kans op een nieuw proces in te zitten. Een van de die avond aanwezige politiemensen kreeg berouw en erkende dat het precies was gegaan zoals Palfreeman had gezegd. Volgens de agent waren er ook beelden geweest van het molesteren van de Roma, gemaakt door een beveiligingscamera, maar die had de politie gewist. “Men stelde het in de rechtszaal voor alsof één buitenlandse jongeman zonder aanleiding in zijn eentje een groep van veertien aangevallen had”, zegt Kanev. “De zaak illustreert hoe Bulgaren zijn in het de andere kant op kijken bij geweld tegen Roma. Jonge neonazi’s die in groep Romazigeuners aanvallen, voelen zich straffeloos, en worden elke dag meer gesterkt in die overtuiging.”

In 2005, toen het zaak was een goede indruk na te laten op de EU, ondertekende de Bulgaarse regering met acht andere Balkanstaten het manifest ‘Decade of Roma Inclusion: 2005-2015’. In de tien jaren die volgden, zou Bulgarije onder zachte druk van de internationale gemeenschap alle vormen van discriminatie tegen Roma wegwerken en “de kloof tussen Roma en de rest van de samenleving dichten”.

Met zes van de eerste tien jaren verstreken, lijkt het in Bulgarije allemaal te moeten gaan gebeuren in de laatste vier. Volgens een onderzoek van de Wereldbank heeft één Bulgaarse Roma op de acht een diploma middelbaar onderwijs. Slechts 41 procent van de Romabevolking op beroepsactieve leeftijd heeft een baan. Als een Romazigeuner een baan heeft, verdient hij gemiddeld 31 procent minder dan een andere Bulgaar.

Met de cijfers is één klein probleem. Ze zijn gebaseerd op de officiële telling van de regering (370.000), die het aantal Roma al decennia consequent onderschat. Ongeveer één op de twee leeft simpelweg naast de statistieken. Hun geboorte is nooit gerapporteerd, ze zijn nooit ingeschreven in een school en ze hebben nooit een dokter gezien. De reële cijfers over scholing en tewerkstelling zijn vermoedelijk dubbel zo zorgwekkend. En dat, terwijl de bevolking inderdaad in sneltempo aan het vergrijzen is.

Simpele economische en demografische logica zegt dat Bulgarije zijn kinderen moet omarmen en zwaar moet inzetten op onderwijs, ook voor kinderen met een andere huidskleur. De eer en het genoegen voor het proefproject met de eerste evenwichtig gemengde school viel de stad Pazardjik te beurt. Alle niet-Roma-ouders haalden onmiddellijk, zonder uitzondering, hun kinderen weg uit de school. Hoe de meeste Bulgaren over Roma denken, kun je nalezen in de teksten van Kalin Rumenov, een columnist voor de krant Novinar: “Ze leven als vee en kweken als schapen.” Rumenov werd in 2008 voor onder meer dit stuk gelauwerd met een nationale persprijs.

BELGIË IS HOT, EN GOD

België mag dan een vlammende rechtzetting naar Sofia hebben gestuurd, in nagenoeg alle Engelstalige media leeft de mythe van de Belgische invitatie voort. ‘Flemish Civic Integration minister’ Geert Bourgeois wordt nog altijd luid en duidelijk geciteerd als: “Wij willen een duidelijke boodschap uitsturen: Romaburgers uit Bulgarije en Roemenië die naar België komen, moeten bereid zijn te werken.”

Reclameman Wim Schamp reageerde ontstemd op de rechtzetting. Hij is medestichter van de Bulgaars-Belgische Vereniging, brengt meermaals per jaar een dag of vier door in Bulgarije en heeft er een uitgebreide vriendenkring. “Er valt niets recht te zetten, het bericht in Standart - een zeer gerespecteerde krant trouwens - was correct”, zegt hij. “Het verschil zit hem in het perspectief. Roma en andere Bulgaren leven naast elkaar. Roma zonderen zich af. Ze leven in aparte dorpen, je krijgt heel moeilijk contact met hen. Als iemand in een ander land zegt ‘U mag naar hier komen, op voorwaarde dat u werkt’, dan is dat een vorm van gastvrijheid. En als je dan de cijfers hoort: 5.000 Bulgaren in Gent, op goed een jaar tijd. Een leefloon van 900 euro. De Bulgaren kénnen de verhalen over hotelasiel, over leeflonen. Ze snappen er totaal niks van en lachen ons uit. De ondergrondse netwerken draaien al enkele jaren op volle toeren. Bustickets, huisvesting, hoe ze het moeten aanpakken om OCMW-steun te krijgen: het wordt hen allemaal aangeboden in één pakket. Er wordt grof geld mee verdiend. Een telefoontje van minister Bourgeois naar de Belgische ambassade in Sofia zal daar weinig aan veranderen, vrees ik. Het zijn echt niet alleen de Roma die naar hier komen.”

Onlangs kreeg de Bulgaarse illustrator Yanko Tsvetkov de opdracht om in een reeks van zeven tekeningen de visie van zijn landgenoten op de rest van de wereld te verbeelden. Hij gaf alle landen een metafoor. Rusland werd ‘Big Brother’, Italië werd ‘Spaghettia’, Duitsland ‘Bondsrepubliek Volkswagen’, Ierland ‘Pub’ en Zweden ‘Nokia 1100’. België werd kort en bondig ‘God’.

OVERAL BRANDJES

Orlandovski, donderdagnamiddag. Taxichauffeur Nikolay gaat ons “tot dicht bij de sloppenwijk brengen, maar ook niet te dichtbij”. Hij vindt het wel spannend, want hij komt anders nooit in deze wijk. Aan de afstand kan het niet liggen, we bevinden ons op amper vijf kilometer van het historische centrum van Sofia. Hier zou ergens een ‘bekende illegale sloppenwijk’ moeten zijn, één die Volen Siderov met bulldozers wou laten wegvegen.

Nikolay is even zoekende. “Ik ken deze buurt ook niet.” Zijn oog valt op een Romavrouw met een kind aan de hand aan de overkant van de straat. Hij stopt en toetert. En toetert nog eens. De dame reageert niet, ze loopt verder. Ze lijkt niet in de gaten te hebben dat de toeterende taxichauffeur van haar verwacht dat ze met haar kind de straat oversteekt om hem te woord te staan. De tot dan toe best minzame Nikolay begint opeens te roepen: “Dat is toch niet te geloven! Heb je dat gezien?! Ze negeerde me gewoon! Nu zie je het zelf, zo zijn ze, de Roma. Stom, en onbeleefd.”

Anders dan Volen Siderov zijn kiezers deed geloven, is er in Orlandovski niet zoiets als één blok of één wijk die met één spectaculaire actie kan worden schoongeveegd en eventueel leuke plaatjes kan opleveren. Aan de tristesse in de zijstraten van de kilometers lange Mara Buneva komt geen einde. Smog, modder, straathonden, afval dat zich op straathoeken opstapelt. De stank kruipt in je, neemt bezit van je. Overal brandt er wel wat. Autobanden, hout, afval. De vuilniskar komt hier niet. Nikolay vindt dat de meest logische zaak van de wereld. “Het is hier veel te vuil. Het heeft ook geen zin om door Roma achtergelaten vuilnis te ruimen.”

Een groepje Romamannen op straat wil geld. Ze zijn België-experts. “Een kop koffie kost in België 3 euro. Dat weet ik van mijn neef. Als u zoveel kunt betalen voor een koffie, dan kunt u ons net zo goed geld geven.” Geen van de mannen heeft een baan, tenzij het opvissen van blikjes uit vuilnisbakken meetelt. “Onze kinderen gaan naar school, da’s al een verbetering. Maar het zijn aparte scholen, hier in Orlandovski. Met alleen Romakinderen en Romaleerkrachten. En klasjes waar het binnenregent.”

“De agressie neemt echt toe”, zegt Sasho, een jonge dertiger. “Mensen beschouwden ons vroeger ook als minderwaardig, maar ze liepen in een boog om ons heen. Nu is het al gebeurd dat ik op een bus stond te wachten en een voorbijganger me in mijn gezicht spuwde. Politici worden in dit land machtiger door te roepen dat alles de schuld is van de Roma. Laatst raapte ik twee stukken ijzer op, die daar gewoon op straat lagen. Want dat is wat ik nu doe, metaal oprapen en doorverkopen. Iemand riep: ‘Hé, zigeuner, laten liggen!’ Ik ben moeten gaan lopen. Je vóélt de agressie toenemen, en er circuleren nu ook al wapens in de wijk. Velen vrezen daarvoor, dat er echt zal worden gevochten. We weten aan wiens kant de politie zal staan.”

In het busstation stapt de laatste van de vijf Roma in de bus. De man, achter in de veertig, vindt het maar niks, het gestaar van de vier op het terras, de mannen van de security in het busstation die hem wel drie keer op agressieve toon zijn komen vragen om in de bus te gaan zitten en niet te blijven staan waar hij stond. Hij ziet er niet berooid uit, hij voelt er niets voor om vragen over zijn reisbestemming te beantwoorden. Hij wil er wel zelf één stellen. Of we Boris Georgiev kennen. Niet dus. “Hij is een bokser, een Roma. Men heeft daar lang moeilijk over gedaan, een Roma die het in de ring opnam tegen Bulgaren. Maar ja, hij was goed en hij mocht naar de Olympische Spelen in Athene 2004. Hij behaalde brons. Dat was nogal wat. Alle Bulgaarse Roma vierden feest. Het was een historische gebeurtenis. Maar weet u wat er die dag vooral is gebeurd? Hij was niet langer een Roma, vanaf toen was hij een Bulgaar.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234