Zaterdag 10/04/2021

Snapshots in groot formaat

Tussen 2002 en 2006 fotografeerde Schnabel zijn directe omgeving met een zeldzame, handgemaakte polaroidcamera uit de jaren zeventig.

Het gevaarte heeft het formaat van een wasmachine, en produceert kant-en-klare foto’s van 50 bij 60 centimeter in zwart-wit, sepia en kleur. Aanvankelijk maakte Schnabel zijn foto’s voor eigen gebruik, vertelt hij in de mooi uitgevoerde catalogus bij de tentoonstelling. Maar hij werd al spoedig verliefd op het resultaat en besloot ze toch naar buiten te brengen. Daarmee is de in Brooklyn geboren Schnabel alweer aan zijn tweede metamorfose als kunstenaar toe. In de jaren tachtig brak het enfant terrible van de Amerikaanse kunstwereld in een klap door met zijn plate paintings: kleurrijke taferelen geschilderd op een ondergrond van gebroken serviesgoed. Later vond Schnabel zichzelf opnieuw uit als regisseur. In 1996 debuteerde hij met een veelgeprezen verfilming van het leven van kunstenaar Jean-Michel Basquiat. In 2007 deed hij het succes nog eens dunnetjes over met The Diving Bell and the Butterfly, over de verlamd geraakte Franse journalist Jean-Dominique Bauby. De film sleepte vier Oscarnominaties in de wacht. Schnabel zelf won de prijs voor beste regie op het filmfestival van Cannes.

Macho en antiheld

In Den Haag wordt al snel duidelijk dat we Schnabels polaroids niet moeten gaan vergelijken met dat eerdere werk. Daarvoor zijn veel van de beelden gewoonweg niet aansprekend genoeg. Vooral de foto’s die Schnabel maakte van zijn eigen atelier en van het Palazzo Chupi, het Italiaans geïnspireerde huis dat hij zelf ontwierp en inrichtte aan de Lower West Side van Manhattan, zullen vermoedelijk alleen hardcore Schnabelfans kunnen bekoren.

Wel de moeite waard zijn de sfeervolle portretten die Schnabel schoot van zijn familie en vrienden. Daarop zijn bijvoorbeeld Schnabels vader en kinderen te zien (zijn zoon Olmo staart de camera in van onder een hoofddoek), en bevriende kunstenaars als operazanger Placido Domingo, de Japanse schilder Takashi Murakami, zanger Lou Reed en de acteurs Mickey Rourke, Christopher Walken en Max von Sydow. Reed is afgebeeld in een zwarte pij en met een zilveren zwaard in zijn handen, als een mystieke monnik in een Tarkovskifilm. Domingo staat erbij als een Romeinse gladiator. Rourke, een goede vriend, komt meerdere keren terug in als stoere macho en kwetsbare antiheld. Een dubbelportret van Schnabel en Rourke, waarop Schnabel zichzelf satanrood heeft geschilderd, werd op het laatste moment teruggetrokken. Verschillende andere foto’s op de expo zijn door Schnabel deels overschilderd.

De laatste serie foto’s op de expo toont een aantal geesteszieke mensen uit een 19de-eeuws ziekenhuis. Schnabel maakte hier gebruik van bestaande foto’s, die hij met zijn polaroidcamera opblies tot een groter formaat. Ook hiervoor geldt weer: het zijn aardige foto’s, maar de magie die Schnabel zelf in zijn werk zegt te bespeuren, die zien we er echt niet in.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234