Zaterdag 24/08/2019

'Slager keurt zijn eigen vlees niet'

In Nederland zijn ze verbaasd over de wijze waarop euthanasiedossiers in België gecontroleerd worden. Dat een lid van onze commissie de euthanasie die hij of zij uitvoerde mee kan bespreken, begrijpen ze niet. Hetzelfde onbegrip klinkt als het gaat over covoorzitter Wim Distelmans.

Vijfenzestig proffen, psychiaters en psychologen vroegen eerder deze week om euthanasie op basis van louter psychisch lijden uit de wet te schrappen (DM 8/12). Hun brief werd niet alleen in België maar ook in Nederland veel gelezen. Onder meer door Theo Boer, hoogleraar ethiek. De man, die zelf bijna tien jaar lang euthanasiemeldingen in Nederland beoordeelde, was wel vooral verbolgen over de reactie op de brief van professor oncologie en palliatieve geneeskunde Wim Distelmans. Die stelde dat de schrijvers ongelijk hebben.

"Niet dat de mens, de burger en de oncoloog zich niet zou mogen profileren als voorvechter voor de strijd voor het recht op euthanasie", schrijft Boer in een opiniestuk in deze krant. Wat moeilijk ligt bij hem is dat Distelmans voorzitter is van de Federale Evaluatie- en Controlecommissie, de instantie die in ons land aangemelde en uitgevoerde euthanasiedossiers beoordeelt. Volgens Boer hoort iemand met zo'n bevoegdheid zich niet te mengen in debatten. "Bij ons zou dat onmogelijk zijn", zegt hij. "Euthanasie is een compromis tussen voor- en tegenstanders. Een voorzitter moet niet alleen de verdedigers, maar ook de sceptici voor zich weten te winnen."

De bedenkingen die Boer maakt, worden gedeeld door Nederlandse professoren rond het levenseinde als Bregje Onwuteaka-Philipsen (Vrije Universiteit Amsterdam). "Misschien gebeurt de uitvoering en de toetsing op een heel gedegen manier en kunnen de betrokkenen perfect het een van het ander scheiden. Maar ik vind het toch vreemd dat je - zeker bij zo'n gevoelig onderwerp - de schijn, dat het mogelijk niet zo is, niet probeert te vermijden. Zo bemoeilijk je het debat."

Distelmans betreurt de aanval op hemzelf. Hij benadrukt dat hij het covoorzitterschap deelt met een jurist (Gilles Genicot, red.). "Het klopt dat ik geen geheim maak van mijn standpunten omtrent euthanasie. Maar als ik mij in de media uitlaat, dan is dat nooit onder de titel van covoorzitter, maar wel als professor." Dat hij als voorzitter ook voorvechter is, vindt hij geen probleem. "De commissie die ik voorzit, is pluralistisch samengesteld. Alle ideologieën komen erin aan bod. Het is die commissie ook die mij inmiddels drie keer unaniem verkozen heeft."

Anonimiteit

Het is evenwel niet alleen de positie van Distelmans die vragen oproept. Ook naar de werkwijze van de commissie als geheel wordt door onze noorderburen met grote ogen gekeken. Ze vinden het vreemd dat leden van die commissie hun eigen, weliswaar geanonimiseerde, dossiers tijdens controles tegenkomen.

Volgens Boer staat dit elke objectieve beoordeling in de weg. De toetsing van euthanasie in België lijkt volgens hem op de slager die zijn eigen vlees keurt. "Dat België voor het eerst in dertien jaar een dossier naar het openbaar ministerie heeft gestuurd, doet vermoeden dat de toetsing niet optimaal is."

Ook de Nederlandse professor Agnes van der Heide (Erasmus MC) begrijpt het hanteren van de anonimiteit niet. Omdat je met naam en toenaam makkelijker belangenvermenging tegengaat. En ook: omdat je zo makkelijker patronen kunt herkennen. Er kan dan gezien wie bijvoorbeeld vaak slordig te werk gaat, of welke arts hoe vaak gecontacteerd wordt.

Distelmans ziet er geen graten in. "Tijdens de voorbereidende gesprekken, voor de wet, werd net overeengekomen dat de commissie ook mensen uit de praktijk zou betrekken." Over de anonimiteit kan gediscussieerd worden, zegt hij. Maar op dit moment doen de leden waarvoor ze bevoegd zijn, en dat is kijken of dossiers conform de wet zijn. "Als we meer moeten doen, dan moeten daarvoor wetten gemaakt worden."

Volgens hem is het appelen met peren vergelijken. "Er zijn grote procedurele verschillen tussen de Belgische en de Nederlandse euthanasiewet. Dat betekent ook dat er grote verschillen zijn als het gaat over de controle." De oncoloog meent dat de Nederlandse wettekst daardoor meer ruimte laat voor interpretatie. "Het is logisch dat er dan ook meer vragen zijn", zegt hij, verwijzend naar het verschil tussen "onzorgvuldige" gevallen in Nederland en België (zie kader).

Zaak naar parket

Dat die commissie in eer en geweten haar werk doet, en leden de evaluaties niet eigenhandig kunnen beïnvloeden, bewijst het feit dat eind oktober een eerste case naar het parket is doorgestuurd, meent Distelmans. Hij wordt daarin bijgestaan door Jean-Jacques De Gucht (Open Vld). Die benadrukt dat de commissieleden goed en objectief werk leveren.

Els Van Hoof (CD&V) vindt dat net dat ene dossier in dertien jaar tijd aantoont dat er een evaluatie moet komen. "Ik heb niet de indruk dat de commissie haar naam waar maakt. Ja, ze maken om de twee jaar cijfers en aanbevelingen over, maar daarin wordt de uitvoering van de wet nooit ten gronde in vraag gesteld." Ook N-VA denkt niet dat zo'n evaluatie kwaad kan. "Waarmee ik niet wil zeggen dat het nu niet goed gaat", aldus Valerie van Peel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden