Zaterdag 16/11/2019

Oorlog in Syrië

Slachtpartij in Syrië wordt zelfs Trump te veel

Een luchtaanval op de stad Maaret al-Numan in de provincie Idlib heeft opnieuw veel slachtoffers gemaakt. Beeld AFP

In Syrië flakkert de oorlog al weer enkele weken op. Onder het mom van een strijd tegen terreur worden daar ook de laatste restanten van het gematigd verzet uitgeroeid. Dat het Syrische regime en bondgenoot Rusland daarbij verboden wapens gebruiken en ook systematisch ziekenhuizen bombarderen, doet zelfs Donald Trump nu roepen dat het genoeg is geweest.

“Ik verneem dat Rusland, Syrië en in mindere mate ook Iran de Syrische provincie Idlib naar de verdoemenis bombarderen”, zo tweette Trump. “Daarbij doden ze ook onschuldige burgers en de wereld kijkt toe op deze slachtpartij. Wat is het doel? Wat hopen jullie hiermee te bereiken? Stop!” Los van het feit dat hij zich gedraagt alsof hij slechts een machteloze toeschouwer is, heeft Trump wel een punt. Want terwijl de Syrische oorlog sinds de val van IS tot stilstand leek gekomen, neemt de gruwel daar nu opnieuw een hoge vlucht.

Verboden wapens

De mensenrechtenorganisatie Human Right Watch klaagde dat er weer op grote schaal verboden wapens worden gebruikt, zoals clusterbommen en witte fosfor – een goedje dat zware brandwonden veroorzaakt en volgens internationale verdragen niet mag worden ingezet op plaatsen waar ook burgers zijn. In de Britse krant The Guardian verscheen dan weer een open brief van zestig wetenschappers – onder wie verscheidene Nobelprijswinnaars – die het bombarderen van ziekenhuizen laakt. Zo zijn er in één maand tijd al 23 hospitalen buiten werking gesteld – en de ondertekenaars klagen dat dat systematisch vóór elk offensief gebeurt, opdat er geen hulp kan worden verleend.

Beeld AFP

Het Syrische regime en Rusland beweren dat ze strijden tegen terroristen. Dat is gedeeltelijk waar. In de regio rond Idlib, het laatste bolwerk van verzet tegen dictator Bashar al-Assad, is Hayat Tahrir As-Sham de dominante kracht. Ooit was dat de Syrische tak van Al Qaida – en hoewel het zich daarvan heeft afgescheurd, blijft het ook voor veel westerse landen gelden als een terroristische groep. Maar de bombardementen die eind april zijn hervat, belagen ook plaatsen waar het verzet de radicale moslimmilities altijd even hard bestreed als het regime – zoals het stadje Kafranbel, waar de bevolking beroemd is geworden door iedere week te poseren met spandoeken tegen de wreedheden van het bewind én van de jihadistische groepen.

Ideaal voorwendsel

In de regio verblijven er nog drie miljoen burgers, van wie ongeveer de helft uit andere oorlogszones weggevlucht is. Dat velen daar nu onder het juk van jihadisten moeten leven, heeft te maken met de strategie die het regime elders toegepast heeft. Telkens als dat gebieden veroverde, stond het jihadisten toe om te ontkomen naar de regio rond Idlib. Zo werkte het bewind dus mee aan hun dominantie daar en verschafte het zichzelf een ideaal voorwendsel om er nu meedogenloos toe te slaan. Specialisten geven toe dat er een gevaar uitgaat van de terroristenenclave die er zo in Idlib is ontstaan. “Maar dat gevaar zal juist vergroten wanneer een grootscheeps offensief de terroristen weer verspreidt”, zo waarschuwde een goed gedocumenteerd rapport van de International Crisis Group al in maart.

Volgens de recentste cijfers heeft de Syrische oorlog al 570.000 levens gekost, van wie er meer dan 220.000 burgers waren. Gegevens van het Syrische Netwerk voor de Mensenrechten wijzen uit dat het regime en bondgenoot Rusland verantwoordelijk zijn voor meer dan 90 procent van al die burgerdoden. Extremistische moslimmilities hebben er 2,4 procent op hun geweten (inclusief 2,2 procent door de terreurgroep Islamitische Staat) en het niet-religieus geïnspireerde verzet 1,9 procent. De door het Westen geleide coalitie volgt met 1,4 procent en de Koerdische milities met 0,5 procent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234