Dinsdag 31/01/2023

Slaap, dorpje, slaap

'Worden wij een slaapdorp?', vraagt men zich af in Klerken, nu het bibliotheekfiliaal er wordt opgedoekt. Slapen is niet hetzelfde als sterven, maar het komt wel in de buurt. 'Het echte dorp van vroeger is ten dode opgeschreven.'

Van een dorp kun je veel zeggen. Dat er soms een tractor door rijdt. Dat de sneeuw er in de winter langer blijft liggen dan in de stad. Dat iemand een bericht als dit kan sturen: 'Ik reed door je dorp vandaag, maar je was er niet. Donker daar, zo zonder jou.' Wat je ook kunt zeggen over een dorp: dat de rolluiken er best vroeg naar beneden gaan. Dat je de auto nodig hebt om naar een postkantoor te gaan. En dat de bibliotheken er verdwijnen. Haast even snel als de sneeuw in de stad.

"We gaan toch geen slaapdorp worden?", vragen de inwoners van het West-Vlaamse Klerken zich bezorgd af nu de uitleenpost in hun dorp dreigt te verdwijnen. Boeken roepen altijd vragen op. Zoals deze: als zij nu ook al moeten uitwijken naar de grotere gemeente of centrumstad - na het postkantoor, het treinstation, de fietsenwinkel en de kruidenier - is er dan nog toekomst voor het dorp? Of gaan dorpen stilaan oplossen in de slipstream van de stad?

"De kans op slaapdorpen neemt inderdaad toe", zegt Pascal De Decker, socioloog en stedenexpert. "Enerzijds is dat een marktmechanisme: als bakkers, slagers en kruideniers geen toekomst meer zien in een dorp, trekken ze er weg. Maar ook de overheid past die economische logica toe als ze bibliotheekfilialen of bushaltes opdoekt. In principe zou de overheid een andere kaart kunnen trekken. Als je wilt dat zowel het stedelijke milieu als de dorpen blijven bestaan, dan moet je daarin investeren."

Hoe aantrekkelijker het dorp, hoe groter de kans dat jonge mensen er willen komen wonen, legt De Decker uit. "Aantrekkelijk betekent bijvoorbeeld dat er vlakbij een oprit of een treinstation is. Of dat het er gewoon mooi wonen is, door een aangename dorpskern is, of een uitgebreid groengebied rondom. Maar dorpen die slecht gelegen en niet aanlokkelijk zijn, zullen blijvend volk verliezen."

Voor de oudere bevolking heeft een dorp dat indommelt kwalijke gevolgen. Pascal De Decker: "Zij moeten grotere afstanden gaan afleggen voor elementaire basisvoorzieningen en zorg, terwijl ze veel minder mobiel zijn. En dan zwijg ik nog over het sociale isolement waarin ze dreigen terecht te komen. Dat gaat over een grote groep mensen die met de toenemende vergrijzing alleen maar groter wordt. Voor ouderen is zo'n evolutie dus problematisch. Dat wordt zwaar onderschat."

Voor nieuwe inwoners, die vaak jong en mobiel zijn, is de slaapstand van een dorp minder een probleem. Omdat de prijzen van een huis met tuin te hoog liggen in de stad, of omdat ze heel bewust de rust en homogeniteit opzoeken, vinden jonge gezinnen nog steeds hun weg naar het dorp. Het gevolg van die keuze is wel dat die nieuwe dorpelingen zich stedelijk gaan gedragen: werk, winkelen, vrije tijd en onderwijs spelen zich niet in de eigen woonplaats af, maar in een nabijgelegen stad.

"De verstedelijking is een wereldwijd fenomeen", zegt Tom Coppens, docent ruimtelijke planning aan de Universiteit Antwerpen. "Overal groeien de grote steden, en zie je ze ook naar elkaar toe groeien. In Vlaanderen beschouwen we het gebied tussen Antwerpen, Gent, Brussel en Leuven bijvoorbeeld als één groot stedelijk gebied of stadsgewest. Dat betekent dat ook alle dorpen die in dat gebied liggen stedelijk functioneren. Nu al leeft meer dan de helft van de Belgische bevolking in een stadsgewest. Die gebieden beslaan ongeveer een kwart van de Belgische oppervlakte. Beide aantallen nemen geleidelijk toe."

Het echte dorp van vroeger, waar ook het sociaal-culturele en economische leven van de inwoners zich afspeelde, is dus ten dode opgeschreven, zegt Tom Coppens. Tenminste, zeker in het centrum van het land. "In Limburg en West-Vlaanderen vind je nog wel die 'echte' dorpen, omdat leven, werk en vrije tijd er ruimtelijk nog veel meer geconcentreerd zijn."

Ommekeer

Een dorp dat pruttelt hoeft niet leeg te lopen. Twee voorbeelden geeft Dieter Hoet, die zich bezighoudt met het dorpenbeleid in de Westhoek. "De dorpskern Lo in Lo-Reninge, die zo'n 1.000 inwoners telt, is enkele jaren geleden volledig heraangelegd. Het dorp werd weer aantrekkelijk, en dus duiken er sindsdien ook weer restaurantjes, bakkers en slagers op. Reninge, dat vlak bij Lo ligt, is dan weer problematisch als het gaat om uitstraling, en zou eenzelfde investering kunnen gebruiken. Helaas is dat niet realistisch."

Hoogstade, een dorpje in de gemeente Alveringem, heeft een soortgelijke hausse meegemaakt. "Tot tien jaar geleden was dat dorp ten dode opgeschreven. De gemiddelde leeftijd van de inwoners lag er ook erg hoog. Maar nadat men beslist had om de expresweg tussen Ieper en Veurne, die het dorp doormidden sneed, rond de woonkern te leiden, heeft dat een volledige ommekeer teweeggebracht: er is een ontmoetingscentrum gekomen, en er zijn zelfs enkele nieuwe bouwgronden verkaveld. Jonge mensen willen er weer komen wonen. En die expresweg is nu ook een extra troef: je bent heel snel in en uit het dorp."

Stadsproblemen

Van één ding is Hoet zeker: dorpen moeten absoluut blijven bestaan. "Iedereen naar de stad: dat is het discours van tegenwoordig. Ik ben het daar niet mee eens. Ik woon in Roeselare, een centrumstad waar de bevolking snel toeneemt. Dat brengt talrijke problemen met zich mee: te weinig huisvesting, te weinig opvang, te weinig scholen. Het schrijnende is dat de kinderopvang en de scholen in de omliggende dorpen verdwijnen, omdat de bevolking er wegtrekt. Als je dus een antwoord wilt bieden op de grotere verdichting in de stad, dan moet je ervoor zorgen dat het dorp ook een plaats van ontwikkeling wordt."

'Dat dorp van toen, het is voorbij. Dit is al wat er bleef voor mij: een ansicht en herinneringen', zong Wim Sonneveld in 1974. Misschien was hij een doemdenker. Misschien een ziener.

Onder de kerktoren

Wat is een dorp? Moeilijke vraag. Een exacte definitie vind je nergens. Ook niet bij de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG). Maar daar vertellen ze wel dit: gemeenten en steden hebben duidelijk afgebakende grenzen, en een eigen bestuur. Alle Belgische gemeenten en steden zijn terug te vinden op www.belgium.be. Een dorp kun je dus beschouwen als een onderdeel van een gemeente of stad, meestal met een eerder laag inwonerstal. Met andere woorden: het cliché van 'onder de kerktoren' is nog zo gek niet.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234