Vrijdag 22/11/2019

'Sinds wanneer is het de taak van de VN om voor 300.000 dollar wapens te kopen voor milities?'

De interne keuken van de UNDCP in Wenen: vriendjespolitiek, vervalste rapporten, zeiltochtjes onder het mom van 'drugsbestrijding', subsidies voor de Taliban

Van Nederland krijgen ze niks meer, België stortte dit jaar nog eens 25 miljoen frank. Sinds de Italiaan Pino Arlacchi in 1997 directeur-generaal werd van het VN-orgaan voor drugsbestrijding (UNDCP) stapelen de verhalen over corruptie, geldverspilling

en vervalste jaarrapporten zich op. Hans van Scharen sprak met verontruste ex-ambtenaren van het UNDCP.

Met gepaste trots meldde het United Nations International Drug Control Programme (UNDCP) in juli van vorig jaar dat Nederland 4,3 miljoen dollar zou bijdragen aan de strijd tegen drugs. Vreugde bij oud-senator en socioloog Pino Arlacchi, want uitgerekend "narcostaat Nederland" verdrievoudigde zo zijn bijdrage aan de VN-organisatie. De UNDCP is een relatief onbekende voorpost in de drugsoorlog, die altijd geld ontbeert. De vreugde was van korte duur. Onlangs liet de Nederlandse minister voor Ontwikkelingssamenwerking Eveline Herfkens weten dat de hele subsidie voor het UNDCP tot nader order wordt "bevroren". Geen cent krijgt het zenuwcentrum van de drugsoorlog in Wenen meer uit Den Haag.

Daar wist men namelijk niet waar men het had toen bleek dat het toegezegde geld voor heel andere doeleinden werd gebruikt dan waarvoor met Nederland was afgesproken. Precies omdat niet elk land inzake drugs eenzelfde beleid voert, belooft het UNDCP zijn donoren dat die zelf mogen bepalen - oormerken heet dat in het VN-jargon - voor wat voor soort projecten het geld zal worden gebruikt. In het geval van Nederland was dat "vraagvermindering". Preventie dus.

De Italiaanse directeur-generaal Pino Arlacchi van het UNDCP had andere plannen. Hij gebruikte minstens een miljoen Nederlandse gulden voor de oprichting van een 'Drug Control Agency' in Tadzjikistan, inclusief het financieren van paramilitaire eenheden die de grens met Afghanistan zouden gaan bewaken. Ongeveer driehonderd paramilitairen kregen daarom wapens. Het UNDCP beloofde hen ook salarissen.

Het doel van Arlacchi was op papier nogal ambitieus. Met zijn in totaal elf miljoen dollar kostende programma wil hij de handel in Afghaanse heroïne (80 procent van de wereldproductie) tegenhouden. En de geknipte man om dat project te gaan leiden, vond hij, was ene Roberto Abitrio, toevallig de zoon van een Italiaanse vriend. Abitrio heeft totaal geen ervaring inzake 'counter-narcotics' en die zal hij nu ook niet meer opdoen. Recentelijk verliet Abitrio zijn post, om onbekende redenen.

Tony White was dertig jaar actief als special agent in de strijd tegen de misdaad. Hij was lange tijd een van de hoogste ambtenaren bij het UNDCP en doet het hele programma in Tadzjikistan in een gesprek met De Morgen af als "gekkenwerk". Want, zegt hij, nu staat het programma compleet op instorten. De VN-functionaris nam een jaar geleden ontslag bij het UNDCP, naar eigen zeggen uit afschuw van wat hij zag gebeuren.

Tony White: "De door het UNDCP gefinancierde militaire eenheden in Tadzjikistan dreigen nu over te lopen naar de andere kant, naar de drugshandelaren dus. Arlacchi wilde per se mensen zonder ervaring en negeerde alle negatieve adviezen van 'law enforcement agencies'. Maar sinds wanneer is het de taak van een VN-orgaan om voor 300.000 dollar wapens te kopen voor milities? Arlacchi heeft enkele boeken geschreven over de maffia, waarin hij onder meer de managementstijl van misdaadorganisaties beschrijft. Het is heel vreemd, maar dat is nu precies de managementstijl van Arlacchi zelf. Hij benoemt totaal onervaren maar loyale Italianen, vaak voormalige medewerkers van hem. Hij neemt alle beslissingen zelf achter gesloten deuren, met een heel kleine kring van vertrouwelingen. Onder de rest van het UNDCP-personeel creëert hij een sfeer van intimidatie, angst en wantrouwen. Wie niet voor hem is, is tegen hem en wordt overgeplaatst of ontslagen."

White is niet de enige binnen de VN-organisatie die er zo over denkt. Het in Wenen gevestigde UNDCP staat binnenskamers al geruime tijd in rep en roer. Er vond sinds Arlacchi's aantreden een ware exodus plaats van ambtenaren - tot op het allerhoogste niveau. Zeven ambtenaren van het niveau D2, net onder Arlacchi, stapten op. Het is aan hun (in eerste instantie anonieme) maar inmiddels uitgelekte ontslagbrieven te danken dat het een en ander aan de oppervlakte komt.

Ook VN-secretaris-generaal Kofi Annan kreeg lucht van de zaak. Hoewel hij Arlacchi openlijk blijft steunen, werden er twee onderzoeken opgestart: een van het UN External board of auditors en een door het UN Office of Internal Oversight Services.

De ergste opdonder kreeg Arlacchi begin vorig jaar van Michael Schulenburg, de directeur Operations & Analysis van het UNDCP. De ervaren VN-ambtenaar maakte in een achttien pagina's tellende ontslagbrief gehakt van het beleid van Arlacchi. De brief eindigde met: "U bent de slechtste manager die ik ooit ben tegengekomen." Over het UNDCP schreef hij: "Ik zie een organisatie die haar internationale zichtbaarheid heeft verhoogd, en tegelijkertijd aan het bezwijken is onder het gewicht van beloften die ze niet kan waarmaken door een stijl van managen die het personeel demoraliseert, intimideert en verlamt. De interne managementproblemen hebben een punt bereikt waarop ze voor een lange termijn de geloofwaardigheid van het UNDCP ondermijnen."

De lijst van beschuldigingen door White, Schulenburg en anderen is intussen indrukwekkend. Naast het overtreden van allerlei bureaucratische VN-regels zijn er aanwijzingen over persoonlijke verrijking en manipulatie van informatie. Dat laatste om het beeld van succes in de mondiale strijd tegen drugs in stand te houden.

Tony White: "Ik had mij nooit openlijk uitgesproken over de interne keuken van het UNDCP. Ik wil wel de waarheid verdedigen, los van welke politiek of propaganda dan ook. Toen Schulenburgs ontslagbrief voor nogal wat consternatie zorgde, was het antwoord van Arlacchi dat het daar ging om geïsoleerde klachten van een gefrustreerd individu. Toen heb ik gereageerd door te zeggen dat wat Schulenburg schreef allemaal waar was en dat het compleet werd onderschreven door zowat alle ervaren ambtenaren bij het UNDCP."

In 1999 beschikte het UNDCP over een jaarbudget van 58 miljoen dollar. Het overgrote deel was 'geoormerkt', waardoor Arlacchi volgens Schulenburg maar drie miljoen dollar overhield voor zelfbedachte projecten. Hij moest het dus zuinig aan doen, maar dat deed hij niet. Een kleine greep uit de reeks van uitgaven die momenteel wordt onderzocht.

Arlacchi liet zijn kantoor in Wenen twee keer verbouwen voor in totaal 100.000 dollar. "Hij is hoogstens enkele weken per jaar in Wenen", merkt White op. "De rest van de tijd reist hij de wereld rond. Ik kreeg in Wenen welgeteld één keer de kans om hem persoonlijk te spreken."

Arlacchi vond zijn Audi 80 niet passen bij zijn functie en bestelde een Mercedes 300 (100.000 dollar). Een hoge VN-ambtenaar meldde ook nog "de aanschaf van verscheidene grote tv-toestellen, satellietschotels, Chinese vazen en dure zijden planten, waarvan op zijn kantoor geen spoor is te vinden". Arlacchi bestelde twintig mobiele telefoons, waaronder twee satelliettelefoons en bedacht een paar leuke UNDCP-relatiegeschenken: zijn eigen boeken over de maffia.

De UNDCP-chef keurde een preventieproject goed dat een miljoen dollar zou gaan kosten, maar dat ging wegens al te veel kritiek uiteindelijk niet door. Het project bestond erin dat ene Dennis Oren, een verwoed zeiler en een goede vriend van Arlacchi, een zeiltocht rond de wereld zou maken. Onderweg konden jongeren dan via internet "allerlei vragen stellen over de reis en het drugsprobleem". Hoewel deskundigen het verband tussen zeilen en drugspreventie niet meteen zagen, drong Arlacchi erop aan dat het preventieproject zou plaatsvinden. Het schip vertrok niet, maar enkele betalingen in dat verband worden onderzocht.

Arlacchi heeft niet alleen vrienden, maar ook vriendinnen, zoals de bevallige Lucy Hrbkova uit Praag. Ze heeft geen ervaring met drugsbestrijding, maar wordt wel gebombardeerd tot hoofd van het nieuwe UNDCP-kantoor in Bratislava. "Omdat ze geen enkele kennis had, kreeg ze gedurende zes maanden een speciale opleiding die ongeveer 16.000 dollar zou kosten", weet White. "De plaatsen waar die opleidingen plaatsvonden, kwamen toevallig altijd overeen met de plaatsen die Arlacchi in die periode bezocht."

In het onlangs gefinaliseerde rapport van de UN External board of auditors werd de zaak onderzocht. De rapporteurs stellen "geen rechtvaardiging voor deze uitgaven te kunnen detecteren". Hrbkova werkt nu als liaison officier in New York. Er rijzen ook minder triviale vragen. Arlacchi's hoofd protocollaire zaken, de Georgiër Boris Znamenski, wordt er door de autoriteiten in Oostenrijk van verdacht betrokken te zijn bij de Georgische georganiseerde misdaad. Daar waar andere bronnen spreken over zaken als "prostitutie en moord" stelt Arlacchi dat Znamenski "alleen een paar verkeersovertredingen" op zijn kerfstok heeft. Het was samen met Znamenski dat Arlacchi in 1999 ging onderhandelen over zijn project in Tadzjikistan.

Ondanks alles blijft Arlacchi er alles aan doen om de internationale gemeenschap te doen geloven dat hij de drugsproductie succesvol aan het bestrijden is. Ook de research-coördinator van UNDCP, Francisco Thoumi, nam ontslag. Hoewel hij verantwoordelijk was voor de publicatie van het World Drug Report - de mondiale staalkaart van hoe het met drugs gesteld is - eiste hij dat zijn naam werd geschrapt uit de editie 2000. Thoumi vond dat hij zich niet kon verantwoorden voor verscheidene hoofdstukken die uit het rapport werden geschrapt. "Er is enorm veel materiaal verspild", schreef Thoumi in een memo.

In een persbericht naar aanleiding van de publicatie van het rapport bezigde Arlacchi euforische taal: "Het VN-Drugrapport ziet hoop aan de horizon (...). De psychologie van de wanhoop moet stoppen. Met een langetermijnaanpak moet het aanbod en de vraagzijde van drugs verminderen." En, stelde hij nog, dankzij een 'get-serious'-benadering is het aanbod van opium en coca beperkt tot een aantal landen.

Professor Carla Rossi, als expert lid van het bestuur van het Europees Waarnemingscentrum voor Drugs en Verslaving (EMCDDA), is niet onder de indruk. Volgens hem staat het World Drug Report 2000 vol "verdraaide cijfers en grafieken". Rossi is van mening dat de reputatie en de geloofwaardigheid van de auteurs zodanig is geschaad "dat politieke autoriteiten daar geen beleid op kunnen baseren".

Arlacchi is creatief met cijfers. In september vorig jaar stelt hij in een persbericht dat het grensproject in Tadzjikistan succes had en "de inbeslagnames van heroïne met 400 procent zijn gestegen tot ongeveer zeshonderd kilo". Toen Michael Schulenburg tien dagen later een Russische collega ontmoette, wou hij hem feliciteren met die prestatie: "Hij reageerde heel verbaasd en kon die stijging op basis van zijn statistieken niet bevestigen."

Wat doet Arlacchi? Hij doet er nog een schep boven op. Op 19 november verklaart hij in de New York Times dat er in Tadzjikistan plots al 1,3 ton heroïne is onderschept. "Arlacchi schildert een zo succesvol mogelijk beeld van zijn organisatie", merkt Schulenburg op, "om zoveel mogelijk fondsen van donoren los te krijgen".

Talloos zijn volgens Schulenburg de financiële beloften die Arlacchi aan landen doet om hen te helpen in hun strijd tegen drugs. Om ze vervolgens gewoon niet na te komen. In 1999 beloofde hij toenmalig premier van Pakistan Sharif twee miljoen dollar voor de oprichting van tweehonderd behandelcentra voor heroïneverslaafden. Schulenburg: "Tot op heden heeft geen enkel centrum UNDCP-steun ontvangen."

In een overmoedige bui kondigde Arlacchi in 1997 aan dat hij het papaverprobleem in Afghanistan had opgelost. Hij had een deal met de Taliban, dat in ruil voor een programma van liefst 250 miljoen dollar voor alternatieve ontwikkeling de teelt van papaver zouden verbieden. In oktober vorig jaar moest Arlacchi dan aankondigen dat in Afghanistan alle UNDCP-activiteiten werden gestaakt wegens onvoldoende geld.

Een UNDCP-ambtenaar: "Er ging dus zeven miljoen dollar naar de Taliban, notoire mensenrechtenschenders. De export van illegale drugs uit Afghanistan is inmiddels gestegen met 300 procent",

De productie van ruwe opium in Afghanistan is in 2000 wel met een derde gedaald, stelt UNDCP. Dat cijfer klopt wel, zegt Tony White: "Maar dat is puur aan de extreme droogte te danken. Het is heus niet Arlacchi die de regen heeft gestopt."

Tony White heeft een punt. Het is niet eenvoudig om bij het UNDCP in Wenen een spoor terug te vinden van Pino Arlacchi. Na bijna twee weken bellen krijgen we uiteindelijk de woordvoerder van de directeur-generaal aan de lijn. Sandro Tucci kan bondig zijn: "Er is geen vuiltje aan de lucht. Alle beschuldigingen tegen mijnheer Arlacchi zijn intensief onderzocht door de Board of auditors en hij is totaal vrijgepleit van alle vormen van ongepast gedrag. Over drie weken verwachten we nog het onderzoek van het OIOS over de managementkant, maar voor ons is dat een gesloten zaak. Wij zijn weer aan het werk."

Uit het rapport blijkt nochtans dat Arlacchi geld heeft moeten terugbetalen en de kosten voor de "opleiding" van Lucy Hrbkova heeft moeten terugbetalen. "Je moet het zo zien", zegt Tony White. "Het onderzoek door de board was heel beperkt. Neemt u van mij aan dat het er niet al te best uitziet voor Arlacchi en de zijnen als het rapport van het OIOS uitkomt. Daarin worden drie onderzoeken behandeld: de stijl van managen, de uitvoering van projecten en het verhaal over de zeiljacht. Arlacchi's toekomst heeft nooit afgehangen van dat eerste rapport, wel van het tweede."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234