Maandag 23/09/2019

Big tech

Silicon Valley komt niet meer overal mee weg

Een protest tegen nepaccounts op Facebook bij de Europese Commissie in Brussel, mei 2018. Beeld Stephanie Lecocq / EPA

Een recordboete van 5 miljard dollar voor Facebook vanwege privacyschendingen, Australië dat een speciale toezichthouder voor internetplatformen overweegt én een groot onderzoek van de Amerikaanse overheid naar de (over)macht van techgiganten: deze week werd wederom duidelijk dat Silicon Valley niet meer overal mee wegkomt. Wat betekent dat precies? En hoe nu verder? 

Tijd om de reuzen op te hakken?

De ‘Big Five’ is hun bijnaam, en dat is niet voor niets. Amazon, Google, Facebook, Apple en Microsoft zijn samen een onbevattelijke 4 biljoen dollar waard. En hun activiteiten schieten inmiddels alle kanten op. Facebook bezit ook Instagram en WhatsApp en wil een eigen cryptomunt. Amazon nam vorig jaar online-apotheek PillPack over voor een slordige 1 miljard dollar. En Google – begonnen als zoekdienst – staat met besturingssysteem Android op driekwart van de mobieltjes.

Overheersen deze techbedrijven zodanig dat ze concurrentie smoren en innovatie in de weg zitten? Dat gaat het Amerikaanse ministerie van Justitie onderzoeken. Brussel legde Google al drie keer een miljardenboete op vanwege machtsmisbruik, onder andere omdat besturingssysteem Android eigen apps zou voortrekken. En een Duitse mededingingsautoriteit verbood Facebook data van WhatsApp, Instagram en Facebook te koppelen zonder expliciete toestemming van de gebruiker.

Het is ‘een cruciale doorbraak’ dat big tech nu ook in thuisland de Verenigde Staten onder een vergrootglas ligt, zegt D66-Kamerlid Kees Verhoeven. ‘Dat laat zien dat ze ook daar niet meer zomaar wegkomen met hun praktijken.’

Met het aanpakken van de machtspositie van techbedrijven kunnen de autoriteiten volgens hem ‘de bijl aan de wortel’ zetten van de ongebreidelde dataverzameling van die bedrijven. Daardoor verkrijgen ze een nauwelijks in te halen voorsprong met het ontwikkelen van diensten en producten, die in toenemende mate zijn voorzien van kunstmatige intelligentie. Neem de spraakassistenten, waarvoor enorme hoeveelheden gesproken tekst nodig zijn als trainingsdata om ze gesproken taal te leren verstaan.

Mogelijke ingrepen zijn het opsplitsen van bedrijven, het uitdelen van hoge boetes of het verbieden van weer nieuwe overnames. Anders dreigt big tech een rupsje-nooitgenoeg te worden dat elke opkomende concurrent inlijft. Zoals Instagram en WhatsApp, die werden gekocht door Facebook.

Maar pas op met al te rigoureuze maatregelen, waarschuwt rechtsgeleerde Thibault Schrepel, verbonden aan de Universiteit Utrecht en Harvard. ‘Het ophakken van grote techbedrijven lijkt mij geen goed idee.’

Schrepel ziet veel risico’s, terwijl volgens hem onzeker is of de consument baat heeft bij een opsplitsing van grote techbedrijven. ‘Neem Google. Dat heeft een divisie die autonome voertuigen ontwikkelt, waarmee het geen enkele winst maakt. Splits je Google zomaar op, dan is het risico dat zo’n divisie de nek wordt omgedraaid. Dan vertraag je innovatie juist.’

Techbedrijven zijn niet langer een neutraal doorgeefluik

Gaat het niet om macht, dan krijgen internetplatformen als Facebook, YouTube (van Google) en Twitter kritiek te verduren op gebruikers die nepnieuws verspreiden of haatzaaien. In afwachting van Europese wetten verplicht Duitsland Facebook en consorten sinds dit jaar om haatdragende berichten binnen een dag te verwijderen, anders kan een hoge boete volgen.

Ook de platformen zelf hebben de laatste jaren een belangrijke verschuiving ingezet. Waar ze zich ooit verscholen achter het adagium ‘wij zijn slechts een neutraal doorgeefluik’, treden ze nu actief op met moderatieteams. Dat gaat gepaard met vallen en opstaan. En met ongemak.

David Kaye, VN-rapporteur over vrijheid van meningsuiting, formuleerde dit ongemak onlangs tijdens een debat in Amsterdam: ‘Facebook is een belangrijke plaats van meningsuiting, misschien wel de belangrijkste. Maar de mensen die daar de regels maken over wat je wel en niet mag zeggen, vallen niet onder enige democratische controle. Het is onwenselijk dat de platformen die macht krijgen.’

Hij is kritisch over de Duitse wet tegen haatzaaien op internetplatformen. ‘Het geeft de grote bedrijven nog meer marktmacht’, meent Kaye. Moderatie van platformen is immers extreem duur. Dus kunnen alleen die toch al machtige bedrijven het zich veroorloven.

Privacyschandalen monden uit in hervormingen

De kentering in de aanpak van techbedrijven is voor een belangrijk deel te danken aan één reusachtig privacyschandaal: Cambridge Analytica. In 2018 kwam naar buiten dat dit Britse databedrijf gegevens van 87 miljoen Facebookgebruikers kon verzamelen – deels zonder toestemming – om onder meer gericht campagne te voeren voor Donald Trump.

Er volgden kritische hoorzittingen in het Amerikaanse Congres en het Europees Parlement. Het Britse Lagerhuis bestempelde Facebook in een onderzoeksrapport als ‘digitale gangsters’. De Amerikaanse toezichthouder FTC stelde na het schandaal een onderzoek in naar privacyschendingen door Facebook.

Het leidde deze week tot een langverwachte schikking: Facebook betaalt 5 miljard dollar boete – een record voor privacygerelateerde overtredingen – en richt een onafhankelijk comité op dat toekomstige privacy-uitglijders moet voorkomen. 

Jeroen van den Hoven, hoogleraar ethiek en technologie aan de TU Delft, is niet onder de indruk. ‘Die 5 miljard dollar hebben ze zo weer terugverdiend. Dit is voor Facebook gewoon onderdeel van het businessmodel, een ingecalculeerd risico.’

Hij vervolgt: ‘Als je cynisch bent, kun je al die maatregelen en boetes zien als een bliksemafleider. Goed, je mag een keer geen overname doen en betaalt eens een paar miljard, maar ondertussen ga je als groot techbedrijf gewoon door met je grote plan: werelddominantie op het gebied van kunstmatige intelligentie.’

Ongevoelig voor publieke druk zijn de techbedrijven in elk geval niet. Mede hierdoor, en dankzij de vorig jaar ingevoerde Europese privacywet (de Algemene Verordening Gegevensbescherming), gaven vooral Google en Facebook gebruikers stapje voor stapje meer controle over hun gegevens. Zoals uitgebreidere mogelijkheden om aan te geven welke typen data bedrijven mogen verzamelen.

Leuk en aardig, vindt Van den Hoven, maar hij wacht nog altijd op de doorbraak van écht privacyvriendelijke alternatieven. ‘Zolang die er niet zijn, blijft het dweilen met de kraan open.’

Meer over macht en worstelingen bij grote techbedrijven

Van Europa tot de Verenigde Staten reageren politici en centrale bankiers als door een wesp gestoken op de plannen van Facebook voor een eigen munt, de Libra. Waarom?

Lange tijd konden grote techbedrijven hun gang gaan, met als gevolg de ontstellende rijkdom en macht van bedrijven als Google, Facebook en Apple. Maar het tij keert, ook in de VS zelf.

Twitter, Facebook en Google beloofden een offensief tegen nepnieuws. Wat komt daarvan terecht?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234