Zondag 05/04/2020

'Sid en Nancy werden vermoord'

punkn

biografie sex pistols-bassist sid vicious werpt ander licht op dood van nancy spungen

De Sex Pistols-bassist Sid Vicious heeft zijn vriendin Nancy Spungen niet vermoord. Sterker nog: Sid Vicious werd mogelijk vermoord door dezelfde man die vijf maanden eerder Nancy om het leven had gebracht. In het eind februari te verschijnen Vicious: Too fast to live vervangt biograaf Alan Parker een van de strafste verhalen uit de geschiedenis van de punk door een ander, niet minder straf verhaal.

Londen / Brussel

The Independent / Eigen berichtgeving

Jeroen de Preter

De literatuur heeft Tristan en Isolde, de punk Sid en Nancy. Het tragische liefdesverhaal van Sid Vicious, berucht bassist van de Sex Pistols, en zijn vriendin Nancy Spungen, is een van de meest tot de verbeelding sprekende episodes in de geschiedenis van de punk. Het is, wat had u gedacht, een intriest verhaal.

Het is 12 oktober 1978, de Sex Pistols zijn ruim een half jaar gesplit. Hun bassist, de 21-jarige Sid Vicious, John Simon Ritchie volgens de burgerlijke stand, logeert samen met zijn vriendin Nancy Spungen in kamer 100 van het roemruchte Chelsea-hotel, New York. Als Vicious kort na het ontwaken de badkamer betreedt, vindt hij daar Nancy's levenloze lichaam op de vloer. Hij vraagt een hotelbediende om een ambulance, maar de bediende belt de politie. Vrijwel onmiddellijk wordt Vicious in staat van beschuldiging gesteld. Vicious gaat ook al snel tot bekentenissen over. "Ik deed het omdat ik een smerige hond ben", verklaarde hij in een later beroemd geworden eerste reactie.

Als Vicious zich tien dagen later met een mes van het leven probeert te beroven, ontstaat het vermoeden dat de dood van Nancy deel uitmaakte van een groter, veel "romantischer" plan. Sid en Nancy zouden een zelfmoordpact hebben gesloten. Of dat inderdaad het geval was, viel nooit te achterhalen. Op 2 februari 1979, kort nadat het proces tegen hem was begonnen, stierf Sid Vicious in een flat in Greenwich Village aan een overdosis heroïne. Zijn moeder zou hem het geld voor de laatste shot hebben gegeven.

In Vicious: Too Fast to Live, een biografie die 25 jaar na Sid Vicious' dood zal verschijnen, werpt Alan Parker een heel nieuw licht op de laatste maanden van Vicious' leven. Voor het schrijven van zijn boek kon de biograaf gebruik maken van nieuwe informatie, hem verstrekt door New Yorkse onderzoeksrechters die zich eertijds met de zaak hadden beziggehouden. Daarnaast kon de auteur ook putten uit interviews die hij begin jaren negentig had afgenomen van Anne Beverley, Vicious' moeder.

Met behulp van die bronnen kon Parker achterhalen dat de chronologie van het verhaal zoals het tot dusver werd verteld niet strookt met de werkelijkheid, en dat het veel waarschijnlijker is dat het niet Vicious, maar de acteur en dealer Rockets Redglare was die Nancy Spungen over de kling heeft gejaagd.

Tijdens de fatale nacht van 12 oktober 1978 zou Nancy Spungen even na één uur naar Redglare gebeld hebben om in kamer 100 van het Chelsea-hotel een verse portie heroïne te bezorgen. "Redglare was in elk geval in het Chelsea tijdens de nacht dat Spungen stierf", schrijft Parker. "Hij werd er opgemerkt door twee tot drie mensen. En iemand zag hem rond vier uur het hotel verlaten." Volgens de autopsie gaf Spungen die ochtend tussen vijf en negen uur de geest. Een tot dusver onbekend politierapport leert dat Sid Vicious op dat ogenblik buiten bewustzijn was.

Parker verdenkt Redglare niet alleen van de moord op Spungen, hij suggereert ook dat de (drie jaar geleden overleden) acteur verantwoordelijk is voor de dood van Vicious. Op 2 februari 1979 viert de ex-Sex Pistol de verschijning van zijn eerste soloplaat met een feestje in zijn flat. Een van de genodigden is zijn moeder, die hem wat geld leent voor een shot. Rond middernacht neemt Vicious heroïne, hij raakt buiten bewustzijn, maar wordt drie kwartier later weer wakker om verder te feesten. De volgende morgen vindt zijn moeder hem dood op zijn bed. Volgens Parker bezorgde Redglare Vicious die nacht een uitzonderlijk zware dosis heroïne met de bedoeling de enige potentiële getuige van zijn moord op Spungen uit de weg te ruimen. Latere tests lijken dat vermoeden te bekrachtigen. Het fatale shot bevatte heroïne die voor 85 tot 90 procent puur was, meer dan dubbel zo veel als gebruikelijk was.

Parker staat met zijn vermoedens niet alleen. Een van de onderzoekers die destijds met de zaak belast was, vertelde de biograaf dat er al in de aanloop van het proces tegen Vicious heel wat geruchten circuleerden over de onschuld van de punker. Maar een proces is er nooit gekomen.

Dat de levensbeschrijving van Vicious nog los van Parkers onthullingen een spannend boek zal opleveren, lijdt geen twijfel. Het leven van de legendarische punker was kort maar spectaculair.

Begin 1977 werd hij gevraagd zich bij de toen al wereldberoemde populaire punkgroep The Sex Pistols te voegen. Bas spelen kon hij nauwelijks, maar dat was voor Pistols-manager Malcolm McLaren geen enkel probleem. De slungelachtige punk met zijn hakenkruis-T-shirts paste perfect in McLarens ongemeen populair gebleken concept. En Sid Vicious maakte de verwachtingen ook helemaal waar. Door te schelden op publiek en pers, door openlijk heroïne te gebruiken en zichzelf te verwonden, groeide hij uit tot de beruchtste aller punkartiesten. De mythe werd er niet kleiner op toen de Pistols in januari 1978 uit elkaar gingen en Vicious helemaal lossloeg.

Een week na Sid Vicious' crematie bracht platenmaatschappij Virgin de soundtrack uit van The Great Rock 'n' Roll Swindle, een documentaire verfilming van de geschiedenis van de Sex Pistols. In de film schreeuwt Sid Vicious zijn versie van Sinatra's 'My Way' uit. Het was zijn zwanenzang.

Theorie van zelfmoordpact wordt onderuitgehaald

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234