Zondag 20/06/2021

NY Fashion Week

Selfies, streetstyle-mania en opzichtige sponsors op de modeweek in New York

Tommy Hilfiger neemt een selfie met zijn modellen. Beeld Getty Images for Tommy Hilfiger
Tommy Hilfiger neemt een selfie met zijn modellen.Beeld Getty Images for Tommy Hilfiger

Voor de New York Fashion Week moet mode zich nog directer tot de consument richten. Entertainment voor de massa, dat wil het zijn. Jana Antonissen dompelde zich in The Big Apple onder in de wereld van selfies, streetstyle-mania en opzichtige sponsors, en zag dat het misschien wel wat minder mag.

De menigte die bijeentroept op de hoek van Wall Street en Broadway kan gemakkelijk in twee opgedeeld worden: zij die fotograferen (te herkennen aan hun praktische outfits) en zij die gefotografeerd wórden (te herkennen aan hun minder praktische outfits). Het is dinsdag 15 september rond het middaguur en naar goede New York Fashion Week-gewoonte brandt de zon op de extravagant uitgedoste wachtenden.

Straks showt Diesel Black Gold hier zijn lente-zomercollectie voor volgend jaar, nu is er nog even tijd voor strategisch product placement. Een enthousiast meisje in een wit poloshirt met veel logo's erop deelt drankjes uit aan de bonte verzameling van journalisten, inkopers en socialmediasterren. Gesponsorde verfrissingen zijn welkom bij deze verschroeiende temperaturen, ware het niet dat gratis hier niet voor niets is: "Could you post a selfie with the drink on your Instagram, please? My boss wants to see fashionable people. No post, no freebie."

Ietwat geïntimideerd bedank ik vriendelijk. Misschien een volgende keer.

De New York Fashion Week, die erom bekendstaat veel commerciëler van opzet te zijn dan zijn Europese tegenhangers, kampt al een tijdje met een imagoprobleem: het evenement was te log en onoverzichtelijk geworden. Steeds meer ontwerpers gingen op eigen houtje downtown shows organiseren. In 2013 werd organisator IMG dan opgekocht door WME, wereldleider in de talenten- en entertainmentbusiness. De gevolgen daarvan lieten zich nu voor het eerst voelen.

De grote DvF-show

Zo waren er de nieuwe locaties: Skylight at Moynihan Station, in het historische James A. Farley-postkantoor in Midtown, en Skylight Clarkson Square in Tribeca. Maar de belangrijkste veranderingen waren niet geografisch, maar inhoudelijk van aard. Minder conventionele maar erg gewilde Amerikaanse ontwerpers zoals Public School, Derek Lam en Jeremy Scott maken nu opnieuw deel uit van het officiële NYFW-programma.

Groten als Diane von Furstenberg en Tommy Hilfiger blijven voorlopig onafhankelijk showen. Zij zijn niet van plan om zich in een keurslijf te laten dwingen door de organisatie.

Diane von Furstenberg, in Brussel geboren, huwde op jonge leeftijd een Duits-Oostenrijkse prins en volgde hem met een zak vol zelfgemaakte jerseyjurkjes naar The Big Apple, in de hoop zo haar eigen boterham te kunnen verdienen. Een halve eeuw later heeft elke Amerikaanse vrouw een van haar beroemde wrap dresses in de kast hangen, draagt Michelle Obama DvF op de presidentiële kerstkaart en noemt Forbes haar een van de twintig meest invloedrijke zakenvrouwen ter wereld.

Von Furstenberg is de American dream. Als geen ander weet ze dat een cultus rond je eigen persoon bouwen het best verkoopt. Zo is Diane von Furstenberg veel méér dan alleen een kledingmerk van sexy, maar elegante jurkjes. Uiteraard zijn er zoals bij de meeste luxemerken de handtassen, accessoires, parfums en zelfs keuken- en beddengoed. Maar DvF, zoals zelfs haar familie haar nu noemt, richtte daarnaast ook de DvF Awards op (om bewonderenswaardig werk van vrouwen in noodsituaties te ondersteunen), ze bracht boeken uit (onder andere over hoe de vrouw te worden die je wilt zijn) en heeft haar eigen realityprogramma.

Op de show van von Furstenberg ontdek ik zelf het verschil tussen de Europese en de Amerikaanse 'beleving'. Iedereen die er iets toe doet of denkt te doen in het wereldje, zowel op als naast de catwalk, tekent hier present. 's Werelds meest gewilde modellen, maar ook Belgische toppers als Yumi Lambert en Ine Neefs zien er met hun volumineuze krullen en rijkelijk blauwe oogschaduw allemaal een beetje uit als de ontwerpster in haar jonge jaren. Waarom zou je ook jezelf niet als inspiratiebron nemen als je DvF heet?

De voor een modeweek bijna verontrustend draagbare collectie van typische DvF-jurkjes, met veel vrolijke prints en roze, wordt door het daarnet nog zo coole publiek uitzinnig enthousiast onthaald. Alsof Von Furstenberg net wereldkampioen is geworden, struint ze haar catwalk af, gul kushandjes in het rond strooiend.

null Beeld © GETTY IMAGES
Beeld © GETTY IMAGES

Vaste waarden

Backstage verdringt jong en oud zich voor de 21ste-eeuwse variant van de handtekening; een selfie met DvF. Geduldig werkt ze de wachtrij af, niet te beroerd om haar fans dicht tegen zich aan te trekken of zelfs te kussen als dat een leuke foto oplevert. Ook haar man, mediamiljardair Barry Diller, en knappe kleindochter Talita poseren op verzoek geroutineerd voor het legertje camera's.

Ik zou Von Furstenberg graag ook even willen aanraken, al was het maar om me ervan te verzekeren dat ze echt is, maar zoals dat op modeweken gaat moet ik hollen naar de volgende show.

Op de metro annex sauna raak ik aan de praat met Danny, een van de make-upartiesten die verantwoordelijk is voor die glamoureuze blauwe oogschaduw. Hoewel Danny nog nooit een woord met Von Furstenberg gewisseld heeft, is hij vol lof over de ontwerpster. "Haar positieve levenslust, haar zelfvertrouwen, het volgen van haar eigen dromen; ik begrijp goed dat zij een rolmodel is voor veel vrouwen."

Von Furstenberg is een fenomeen dat trouw blijft aan haar vaste waarden. Dat haar nieuwe collecties vaak meer van hetzelfde zijn, is voor haar achterban eerder geruststellend dan een bezwaar.

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

All American man

Hetzelfde geldt voor dat andere Amerikaanse icoon, Tommy Hilfiger. In zijn modeshows, die bekendstaan om hun spectaculaire settings, komen de kleren letterlijk pas op de tweede plaats: slechts 40 procent van zijn catwalk-looks gaat ook echt in productie, zo berekende website The Business Of Fashion. Hilfiger verdient namelijk grof geld met zijn klassiekers; de all American huis-, tuin- en keukenoutfits. Het showen van nieuwe collecties, die met een wijde seventies-jurk of miniscule bikini soms wat frivoler maar nooit grensverleggend zijn, is dan ook exact dat: een show.

Neemt niet weg, uiteraard, dat zulke modespektakels de beste plekken zijn om te zien en gezien te worden.

Afgelopen maandag 14 september, iets over elven 's ochtends. De Caraïben hebben zich voor de gelegenheid even naar een gigantische hangar op Pier 26 aan de Hudson verplaatst. Wit palmbomenstrand, golvend waterbassin, kleurrijk roeibootje en rieten strandbar inclusief kokosnoten: Tommy Hilfiger noemt zijn nieuwe collectie niet zomaar Island Hopping.

Voor mij zit een Aziatische jongen met een rode vlinderdas en een zonnebril die driekwart van zijn gezicht in beslag neemt. Prima look, lijkt mij, maar zelf schijnt hij toch nog enige bevestiging te kunnen gebruiken. Elke pixel van zijn vers getrokken zelfportret in de Caraïbische setting wordt aan een minutieus onderzoek onderworpen. Zelfs wanneer hij eindelijk de juiste Instagram-filter gevonden heeft, kan de voorbijtrekkende stoet halfnaakte modellen met rastamutsjes niet tippen aan de verleiding van zijn smartphone. Met een geroutineerde beweging van zijn duim blijft hij naar beneden scrollen, opdat geen enkele like aan zijn aandacht zou ontsnappen.

Could you be loved?, vraagt Bob Marley zich ondertussen af. Vast wel, zolang die likes maar blijven komen.

Ondertussen valt er in The Standard Hotel in het hippe Meatpacking District ook van alles te zien. Op de MADE Fashion Week presenteren minder bekende, maar daarom zeker niet minder interessante ontwerpers hun werk. Zo ook de Canadese gewezen Academie-student Devon Halfnight Leflufy. Op de zeventiende verdieping van het hotel brengt hij een presentatie die tegelijk nostalgisch en futuristisch aanvoelt. Lange leren jassen, afgewassen denim, T-shirts met vervormde pixelprints, nerdy zonnebrilletjes: nineties raving meets digital dystopia.

Hoewel zijn studio in Antwerpen gevestigd is, showt Devon als een van de zeldzame Belgische ontwerpers, zoals hij zichzelf noemt, liever in New York dan in Parijs. Als reactie op de Belgische traditie om in Parijs te showen, maar ook omwille van de stad zelf. "De kleren die ik maak, komen beter tot hun recht in een echt urbane setting. De markt voor streetwear is hier ook gewoon groter; in New York leg je makkelijker contacten met de rest van de wereld dan in Parijs."

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images
Zelfverklaarde Z-list-celebrrity Josh Ostrovsky loopt enkele fans tegen het lijf. Beeld Getty Images
Zelfverklaarde Z-list-celebrrity Josh Ostrovsky loopt enkele fans tegen het lijf.Beeld Getty Images

Pijnpunt

In the city that never sleeps is genoeg ruimte en interesse voor zowel erg commerciële als experimentelere mode. De vraag is nu hoe modeweekorganisator WME/IMG dat diverse geheel overzichtelijk wil inrichten. Want gebrek aan focus en rode draad is een groot pijnpunt als je in één week tijd meer dan 200 collecties wilt presenteren met soms tot vijf verschillende labels in eenzelfde tijdslot.

Door zich in te laten met opzichtige sponsors die vaak niets met mode te maken hebben, maar wel graag een graantje mee pikken van de glamour en status van zo'n modeweek, is de New York Fashion Week volgens critici uitgegroeid tot een lege marketingmachine.

Ironisch genoeg legt dit een dieper probleem bloot dat de Amerikaanse mode-industrie vanaf haar ontstaan in de jaren zestig, zeventig heeft achtervolgd.

"Na jaren toonaangevende Europese mode te hebben gekopieerd moesten Amerikaanse ontwerpers de legitimiteit van hun eigen esthetiek bewijzen. Van dat juk hebben ze zich tot vandaag nog niet helemaal kunnen bevrijden", schrijft modecritica Robin Givhan in The Washington Post. Dat die commerciële reputatie van Amerikaanse ontwerpers, ondanks het harde werk van velen onder hen om het tegendeel te bewijzen, nu alsnog bevestigd zou worden door een totaal gecommercialiseerde modeweek, is pijnlijk.

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Mode als content

In deze digitale tijden van instantbevrediging lijkt het concept van een modeweek waar kleren getoond worden die pas over zes maanden in de winkel zullen liggen - als ze al gefabriceerd worden - voor velen een achterhaald gegeven. Sinds de overname van IMG door WME gaat het bestuur daarom steeds meer in de richting van entertainmentdenken: mode als content, een belevenis voor iedereen, niet enkel voor een select clubje insiders van journalisten en aankopers.

Zo werd afgelopen week een NYFW-app gelanceerd waarop je vanuit je luie zetel front row en backstage alles op de voet kon volgen en was het hoofdkwartier op West 14th Street, dat meer weg had van een gesponsorde speeltuin dan een persruimte, toegankelijk voor het publiek. Behalve kleurcontactlenzen uittesten en veel te gesuikerde cocktails uit plastic champagneglazen drinken, kon je daar ook live de shows volgen op televisie, maar dat was eigenlijk bijzaak.

Na de modeweken start WME/IMG samen met Apple TV een eigen modezender. Plannen voor een NYFW-documentaire en gigantische livestreaming-schermen op Times Square zijn in de maak.

null Beeld © GETTY IMAGES
Beeld © GETTY IMAGES

"De CFDA (Council of Fashion Designers of America, red.) moet dringend nadenken over het verhaal van de Fashion Week: is het voor consumenten of voor mensen die mode tot bij de consument brengen?", vroeg modejournaliste Vanessa Friedman zich terecht af in The New York Times.

En nog belangrijker: wat gebeurt er met de markt als de modeweek echt entertainment en directe consumentencommunicatie wordt? Wat met de showrooms waar de kleren na de shows verkocht moeten worden? "Daar hebben we ons nog niet mee beziggehouden", luidde het weinig bevredigende antwoord van Mark Shapiro, de chief content officer van WME/IMG.

Afgelopen donderdag tackelde grootwarenhuis Macy's het probleem van het 'zes maanden moeten wachten' met een, tegen betaling, voor iedereen toegankelijke modeshow waar je via een app de kleren direct van de catwalk kon bestellen.

Een model neemt backstage een selfie van haar look. Beeld kos
Een model neemt backstage een selfie van haar look.Beeld kos

Ook binnen de high fashion zijn er ontwerpers die zo'n Fashion Week 2.0 wel zouden zien zitten. Zo liet de immer joviale en zonnebankbruine Michael Kors op de besloten persconferentie op de vooravond van zijn show optekenen dat hij niets liever wil dan zijn consumenten meer bij de modeweek betrekken. "Ook de high fashion moet sneller van op de catwalk tot bij de klant raken. Mensen hebben geen geduld meer."

Een gevaarlijke trend, want zou de modewereld voor haar eigen gezondheid niet beter vasthouden aan die oude waarde uit het verleden? Nog sneller ontwerpen én produceren kan de creativiteit niet ten goede komen, en is het niet net een eigenzinnige visie die mode relevant maakt?

Geflatteerd

De modeweek toegankelijker maken via tickets, sociale media of zelfs reality-tv klinkt als een mooi democratisch en vooral economisch rendabel idee, maar ik vrees dat de modeweek en al haar deelnemende personages dan nog meer verheerlijkt zullen worden dan nu al het geval is. En dat lijkt me geen gezond idee. Want iedereen mag online nog zo schreeuwen dat de modeweek een ongelofelijk glamoureus gebeuren is waar alles en iedereen altijd knap, hip en leuk is, dat is het niet.

Toegegeven, ook ik heb afgelopen week voor de streetstyle-fotografen geposeerd als die daarom vroegen. Ik had noch een tulband op mijn hoofd noch een zilveren hotpants rond mijn billen dus ja, ik was geflatteerd dat mijn dagelijkse outfits de hongerige beeldenjagers konden behagen. Maar nadat ik mezelf met schijnbaar eindeloos veel zelfvertrouwen in een fotogenieke pose had geplooid - haren even opschudden, hand nonchalant in de zak - struikelde ik snel verder. Had ik mezelf niet voor schut gezet?

Misschien moet iemand maar eens een realityshow maken over die minder mooie kantjes van de modeweek. De hopeloosheid van een zes minuten durende modeshow waarbij er zoveel mensen voor je staan dat je enkel de torso's van de modellen kunt zien, de zweetwatervallen in te experimentele outfits bij dertig graden, de mislukte streetstyle-foto's, de wanhopige pogingen om zonder uitnodiging binnen te raken. Het levert vast ook boeiende televisie op.

Calli Beckerman voor de Josie Natori runwayshow. Beeld Getty Images
Calli Beckerman voor de Josie Natori runwayshow.Beeld Getty Images
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234