Vrijdag 18/06/2021

Schrijfster Mireille Cottenjé overleden

'Ik wil zoveel mogelijk mensen bereiken en daar hou ik rekening mee als ik schrijf'

Dood van een 'non-konformiste'

Schrijfster Mireille Cottenjé is niet meer. Ze overleed afgelopen maandag in Brugge op 72-jarige leeftijd. Cottenjé, ooit 'de vrouwelijke tegenhanger van Jef Geeraerts' genoemd, zal de Vlaamse literatuurgeschiedenis ingaan als een rechttoe rechtaan schrijfster, een vrouw met een engagement, zowel in woord als in daad. 'Alles is autobiografisch.'

Brussel

Eigen berichtgeving

Jeroen de Preter / Armand Plottier

Mireille Cottenjé was als schrijfster een late roeping. Van opleiding was ze verpleegster, een vak dat ze eind jaren vijftig gaat beoefenen in Kivu, Belgisch Congo. Zonder enige bezoldiging verpleegt ze er de inheemse bevolking, tot de onafhankelijkheidsstrijd losbreekt en ze in 1960 naar België terugkeert. Cottenjé, inmiddels getrouwd en moeder van vier (waaronder twee vroeggestorven) kinderen, zou haar ervaringen in 1968 neerschrijven in haar debuut Dagboek van Carla, een autobiografisch verslag van haar ervaringen in Congo. Een jaar later schrijft ze haar bekendste boek, Eeuwige zomer.

De roman werd een grote hit in Vlaanderen, allicht niet het minst omdat ze er als getrouwde vrouw in weinig bedekte termen in getuigde over een affaire met collega Jef Geeraerts. Eeuwige zomer is het verhaal van Guya (Cottenjé), die met haar artistieke minnaar Lex (Geeraerts) een reis maakt door Lapland om er aan het burgerlijke leven te ontsnappen. Helaas, ook hier volgt al snel de ontnuchtering. De euforie en de seksuele roes maken al snel plaats voor het besef dat Lex een dominante macho is ("Je bent een wijfje", zegt Lex ergens, "je snuffelt en volgt vanzelf het spoor dat naar het mannetje leidt") en dat het burgerlijke leven ook zo zijn voordelen heeft. Geeraerts' antwoord kwam er nog datzelfde jaar met de lange novelle Indian summer.

De strijd tussen man en vrouw is een constante in het werk van Cottenjé, een oeuvre dat overduidelijk te situeren is binnen de seksuele revolutie en de vrouwenemancipatie eind jaren zestig, een beweging waar ze lange tijd in actief zou blijven. Volgens haar lag het geheim van haar succes in het bevrijdende karakter ervan. "Ik ben een non-konformiste (sic)", vertelde ze in 1980 in deze krant, "met een eigen manier van leven, een eigen stijl en een eigen moraal, ik verwoord waar zeer velen van dromen. Mensen die in een verstard huwelijk zitten, een verstarde werksfeer, waar niets meer van uitgaat, zij dromen ervan daaruit te ontsnappen, ik heb het gedaan en schrijf erover: dat trekt aan."

Cottenjé noemde zichzelf graag en bij herhaling tegendraads. Ongetwijfeld doelde de schrijfster daarmee meer op haar levensstijl dan op die van haar literaire werk. Dat werk had volgens haar onder meer succes vanwege de eenvoud ervan. "Als het eenvoudig kan, maak ik het nooit ingewikkeld", vertelde ze ooit. "Mijn ambitie is het niet te experimenteren met vorm of stijl, ik wil geen literair hoge toppen scheren, ik heb respect voor hen die het doen, maar ik wil alleen overkomen, zoveel mogelijk mensen bereiken en daar hou ik rekening mee als ik schrijf."

Cottenjé schreef in de loop van de jaren zeventig en tachtig ook een aantal veel gelezen jeugdboeken. In 1980 kreeg ze voor haar jeugdboek Er zit muziek in de lucht de Staatsprijs, een beslissing die toentertijd aardig wat stof deed opwaaien.

Begin jaren negentig trok Cottenjé zich uit de politieke en literaire arena terug. In een zeldzaam interview met deze krant blikte ze enige jaren geleden nog even op haar leven terug. "Ik heb nooit een seconde spijt gehad van wat ik heb gedaan", zei ze toen. "Integendeel, ik ben ontzettend blij dat ik een leven heb kunnen leiden dat bij mijn temperament past. Als ik in mijn huwelijk was blijven zitten, had ik me allicht doodongelukkig gevoeld. Ik heb tegen het onrecht en voor mezelf gevochten en ik heb vier kinderen opgevoed tot mooie, zelfstandige mensen. En ik blijf een rebel, tot de dood erop volgt."

Schrijfster Elisabeth Marain, een vriendin van haar, reisde met Cottenjé eind vorig jaar nog naar Cuba. "Zij wist dat ze aan kanker leed. Een jaar geleden werd ze geopereerd en een tijdje meende ze genezen te zijn. Vlak voor we vertrokken, moet ze veel pijn geleden hebben, maar dat moffelde ze weg omdat ze per se die reis nog wilde maken. Op 27 december werd ze gerepatrieerd, de 28ste was ze thuis en twee dagen later weigerde ze om opnieuw behandeld te worden. Eerder weigerde ze in Cuba om onder het mes te gaan omdat ze terug naar België, naar haar kinderen wilde."

Volgens Marain bleef Cottenjé tot op het laatste moment een uiterst energieke vrouw met een vranke mond. "Je moest kunnen incasseren, ook als je zoals ik haar vriendin was. Ook tijdens onze laatste Cubareis bleef ze als een razende op onrechtvaardigheid en hypocrisie reageren. Ze accepteerde niet dat de Cubanen die in contact met toeristen kwamen het beter hadden dan degenen die niet in toeristische branche zaten. Ook voor het feit dat de toeristen uitgezogen werden, had zij een scherp oog." Marain raakte vooral onder de indruk van Cottenjés levenshouding: "Tot op het laatst bleef ze lucide haar nakende einde tegemoet zien."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234