Maandag 14/10/2019

M-decreet

School veroordeeld na weigeren van leerling met Down: "Maar topje van de ijsberg”

Beeld ter illustratie. Beeld ANP

Scholen weigeren regelmatig om kinderen met een beperking in te schrijven, maar die weigeringen gebeuren doorgaans “onder tafel”. De recente veroordeling van een basisschool heeft dan ook een grote precedentswaarde.

Een jongen met Down zat al enkele jaren op de school toen zijn ouders te horen kregen dat hij niet meer welkom was omdat de school geen leerkracht meer vond die hem in de klas wou. Gelijkekansencentrum Unia daagde de school voor de rechter en kreeg vorige week gelijk. De school moet nu een morele schadevergoeding van 650 euro betalen.

Het vonnis heeft een grote precedentswaarde. Het komt volgens Unia immers vaak voor dat scholen leerlingen met een handicap weigeren. In 2017 kwam Unia 48 keer tussen voor gelijkaardige gevallen, tussen november 2012 en januari 2015 ondersteunde het Steunpunt voor Inclusie 26 vragen tot inschrijving. Maar dat is wellicht slechts een fractie. De onderwijskoepels houden hier geen cijfers over bij. De drempel om de stap te zetten naar instanties om te bemiddelen of om tegen een beslissing in te gaan, is erg hoog.

Redelijke aanpassingen

“Scholen moeten inclusie als uitgangspunt nemen. Verder weten ouders vaak niet dat een weigering pas na een hele procedure kan, waarbij de school in samenspraak met het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) en de ouders nagaat of de school het kind kan opvangen mits redelijke aanpassingen, dan wel of het de draagkracht van de school overstijgt”, legt Unia-woordvoerder Bram Sebrechts uit. Weigeringen gebeuren inderdaad meestal ‘onder tafel’, zegt ook Matthias Van Raemdonck van het Steunpunt voor Inclusie.

De procedure is dan ook niet vanzelfsprekend. Kinderen met toegang tot buitengewoon onderwijs hebben in Vlaanderen geen onverkort inschrijvingsrecht. Zij worden ingeschreven onder ontbindende voorwaarden. Dan hebben scholen 60 dagen de tijd om een afweging te maken op basis van de criteria van redelijkheid van aanpassing. Na die procedure wordt de leerling ingeschreven of wordt de inschrijving ontbonden.

“Dat is de procedure, maar in de praktijk gaan ouders na Nieuwjaar, of zelfs al eerder, op zoek naar een school die bereid is om hun kind het volgende schooljaar in te schrijven”, legt Van Raemdonck uit. 

“Sommige ouders lopen daarvoor tot acht scholen af, tot zij eindelijk het gevoel hebben: ‘Hier wil men de nodige inspanningen doen voor mijn kind.’ Vaak weigeren scholen al aan de telefoon. Het inschrijvingsrecht zoals het M-decreet voorschrijft, is in theorie dus heel mooi. Maar ouders willen hun kind inschrijven in een school die er echt voor wil gaan. Daardoor volgen zij vaak niet die procedure maar voeren zij eigenlijk verkennende gesprekken zonder dat hun kind al ingeschreven is. En zo is er ruimte voor die weigeringen onder tafel want op het ogenblik van die gesprekken is er nog geen enkele, formele, schriftelijke vraag gesteld.”

Doordachte keuze

Ook het Steunpunt wijst op de precedentswaarde van de rechterlijke uitspraak. “Dit vonnis geeft meer ruchtbaarheid aan de rechtszekerheid van ouders waarbij instanties als de Commissie voor Leerlingenrechten nu vaak nog te kort schieten, waardoor het recht op inclusief onderwijs nog niet gevrijwaard is. De keuze van ouders voor inclusief onderwijs is een heel doordachte keuze, maar vaak wordt die toch in twijfel getrokken. Met dit vonnis wordt het recht op inclusief onderwijs uit het VN-verdrag voor de rechten van personen met een handicap bevestigd.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234