Zondag 16/05/2021

Schone lucht? STORM op komst

Het aantal orkanen boven de Atlantische Oceaan neemt toe. Alweer een reden om extra zorg te dragen voor het milieu, zou je denken. Maar vreemd genoeg zou de toename van orkanen net te maken hebben met strengere milieuregels.

De kaart op de site van het National Hurricane Center (NHC) in Miami is nog een toonbeeld van rust. Boven de Atlantische Oceaan, van Cuba tot de Canarische eilanden, is niets te melden. En ook in de Golf van Mexico zijn nog geen luchtmassa's begonnen met de draaibeweging die de geboorte aankondigt van een tropische storm, en wie weet een orkaan.

Maar dat gaat niet lang meer duren. De zomer is begonnen, het oceaanoppervlak warmt op en die warmte wil daar weg. Het 'orkanenseizoen' van dit jaar, dat op het noordelijk halfrond officieel op 1 juni is begonnen, wordt volgens het NHC een gemiddeld exemplaar. Dat betekent dat uit dat warme water naar verwachting twaalf tropische stormen of orkanen zullen worden geboren, traditiegetrouw een naam krijgen en daarna angstvallig worden gevolgd.

Een orkaan kan onderweg blijven zo lang hij de voeten in warm water heeft. Dus eindigt hij zijn bestaan ofwel in het koudere water van noordelijke streken, ofwel boven land. In dat laatste geval haalt hij het nieuws. Wie op een eiland in de Caraïben woont, in Midden-Amerika, aan de kusten van Mexico of de Verenigde Staten, aan de overkant van de Stille Oceaan, of in Australië, moet altijd rekening houden met het langskomen van een vernietigende storm.

In Miami, de thuishaven van het NHC, weten ze dat. Gemiddeld kwam daar de laatste dertig jaar elke zes tot zeven jaar een orkaan aan land, of zo dicht bij de kust (80 kilometer) dat er grote schade van kwam. Maar in en rond New York, zo'n 1.700 kilometer naar het noorden, was orkaan Sandy in 2012 een grote verrassing. De kust van New Jersey kreeg zware klappen. Veel huizen bleken niet hoog genoeg te staan om de vloedgolf die automatisch met een orkaan meekomt te overleven. Metrotunnels in New York liepen onder.

Het was wel begrijpelijk dat ze er in die streek nog niet zo mee bezig waren, zei orkaandeskundige Kerry Emanuel van het Massachusetts Institute of Technology (MIT) onlangs bij een lezing in Cambridge, bij Boston. De 'terugkeertijd' van een orkaan bedraagt daar zo'n twintig jaar. En dat is net een generatie. Orkanen zijn voor veel mensen iets waarover je ouderen hoort vertellen, niet iets waarop je je direct moet voorbereiden.

Inmiddels zijn New Jersey en New York natuurlijk wel bij de les. Maar wat men daar nog niet beseft, zei Emanuel, is dat de terugkeertijd in werkelijkheid een flink stuk korter zou kunnen zijn. Steden die nog meer naar het noorden liggen, in New Hampshire en zelfs in Canada, mogen hun rampenplannen weleens bijwerken. Want als de conclusies uit zijn onderzoek kloppen - niet al zijn collega's zijn overtuigd - zijn de nu gehanteerde gemiddelden van zo'n dertig jaar geflatteerd. Er zullen in de eenentwintigste eeuw meer orkanen zijn dan in de twintigste.

Uitstoot is positief

Dat het aantal tropische stormen en orkanen boven de Atlantische Oceaan de laatste jaren toeneemt, is niet omstreden. In de jaren 70 kwam het aantal stormen met een naam nooit boven de vijftien per jaar uit, daarna werd dat heel gewoon. In 2005 waren het er zelfs 28. Het is moeilijk om vast te stellen hoe snel die toename precies verloopt. Een dik dozijn stormen per jaar is niet veel. Het aantal orkanen dat aan land komt, is nog veel kleiner. Met zulke kleine aantallen is het moeilijk om statistiek te bedrijven, want toevallige variaties hakken er meteen in. Gemiddeld komen er bijvoorbeeld in de VS elk jaar wel een of twee orkanen aan land, maar de afgelopen zeven jaar gebeurde het maar vier keer.

Dat maakt dat de theorieën die zijn bedacht om de teruggang van het aantal orkanen in de vorige eeuw te verklaren, en de stijging sinds de jaren 90, een wat wankele basis hebben. Er zijn er twee. De ene wijst naar een natuurlijk verschijnsel, de Atlantic Multi-Decadal Oscillation (AMO). De andere wijst naar de mens: vervuiling.

De AMO is een schommeling in de temperatuur van het oppervlaktewater in de Atlantische Oceaan die zich op een tijdschaal van decennia (twintig tot dertig jaar) herhaalt. Als de AMO zich in zijn koele fase bevindt, is het oceaanwater minder warm en is er minder speelruimte voor de factoren die een orkaan laten ontstaan. Dat begint met lucht die aan het wateroppervlak warmte en waterdamp opneemt. De warme lucht stijgt op naar koudere lagen, en daardoor wordt over het water nieuwe lucht aangezogen. Eerst van alle kanten, maar door de draaiing van de aarde worden winden altijd afgebogen. Zo ontstaat een grote draaiende machinerie, die theoretisch iets weg heeft van een stoommachine: terwijl energie van warm naar koud stroomt, kan het dingen in beweging brengen. In dit geval: lucht, en dat met de grote snelheid die een orkaan zo vervaarlijk maakt.

Volgens de AMO-theorie is die oscillatie inmiddels weer in een opwarmende fase beland, waardoor er meer orkanen ontstaan. De theorie van Emanuel gaat deels ook uit van kouder zeewater, maar dan niet, zoals de AMO, door interne fluctuatie van het systeem van lucht- en zeestromingen in de Atlantische Oceaan. Het is bekend dat aerosolen in de lucht - kleine stofdeeltjes of druppeltjes - het zonlicht een beetje tegenhouden. Aerosolen uit vulkanen, maar vooral uit industriële uitstoot, zorgden er in de vorige eeuw voor dat de aarde minder opwarmde dan je zou verwachten als je puur naar de uitstoot van broeikasgassen kijkt.

Volgens Emanuel heb je daarom de AMO niet nodig om te verklaren waarom in de vorige eeuw het aantal orkanen afnam tot het eind van de jaren 80: tot die tijd kwamen er door menselijke activiteit massa's aerosolen in de lucht terecht, daar kwam vanaf de jaren 90 met name in Europa en de VS dankzij strenge milieuwetten verandering in. Zo kon het zeewater weer extra opwarmen. En dat brengt Emanuel tot de voorspelling dat ook als de AMO weer in een koudere fase belandt, het aantal orkanen nog steeds zal toenemen.

En temperatuur is niet de enige manier waarop luchtvervuiling op orkanen inwerkt, zo lijkt het. In 2014 publiceerden onderzoekers van de Texas A&M-universiteit en het ruimtevaartagentschap NASA gedetailleerde berekeningen van de processen in de luchtstromen van een orkaan. Het blijkt dat aerosolen niet alleen zonlicht tegenhouden, maar ook direct de geboorte van een orkaan verstoren. De kleine deeltjes zijn perfect voor water dat in met waterdamp verzadigde lucht tot een regendruppel wil condenseren. In de opstijgende lucht, die zo'n belangrijk onderdeel is van de orkaanmachine, regent het eerder en harder als er aerosolen in zitten. Die regen sleept koele lucht van boven naar beneden, precies wat een orkaansysteem op die plek niet moet hebben. Dat verzwakt het hele proces.

Paardenmiddel

De onderzoekers konden de invloed van de vervuiling precies laten zien toen ze modellen doorrekenden van orkaan Katrina, die in 2005 New Orleans liet onderlopen. Die ramp werd vooral veroorzaakt door slechte waterkeringen, niet door de enorme kracht van de orkaan. Nog voor Katrina aan land kwam, nam de sterkte namelijk af, de storm ging van klasse 5 (de grootste) naar klasse 3. Daarbij speelde een rol dat aan de randen van de orkaan al veel lucht van boven land in het systeem werd opgenomen - lucht die niet al te schoon was.

Het met opzet verspreiden van aerosolen in de atmosfeer is wel voorgesteld als een noodmaatregel om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Nu blijkt dus dat het ook rechtstreeks kan helpen om een gevreesd gevolg van die opwarming - meer en krachtigere orkanen - te onderdrukken.

De auteurs uit Texas bepleitten dat paardenmiddel niet, en het milieubeleid van landen rond de Atlantische Oceaan gaat juist de andere kant op. Maar aan de overkant van de Stille Oceaan ligt dat anders. De vervuiling die Aziatische landen de lucht in sturen, neemt alleen nog maar toe - van de industrie, maar ook rookgassen van de vele bosbranden in Zuidoost-Azië. In de Atlantische Oceaan mag dan het effect dat orkanen zou hebben onderdrukt op zijn eind lopen, in de Stille Oceaan is het nog in volle gang. Een mooi experiment om te kijken of de theorie werkelijk klopt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234