Dinsdag 15/10/2019

Scholen die leerlingen weigeren bestraft

Scholen mogen leerlingen alleen nog in zeer beperkte omstandigheden weigeren. Directies die zich daar niet aan houden, krijgen zware sancties. Dat staat in een voorontwerp van decreet dat Vlaams onderwijsminister Marleen Vanderpoorten (VLD) gisteren voorstelde. De katholieke scholen vinden het voorstel onwerkbaar.

Brussel

Eigen berichtgeving

Koen Vidal

Een belangrijk uitgangspunt van het ontwerp van Vanderpoorten is "het principiële recht van alle kinderen op een inschrijving in de school van hun keuze". Met andere woorden: scholen mogen kinderen niet zomaar meer weigeren. Enkel wanneer de school vol zit of wanneer de leerling in kwestie het voorgaande jaar disciplinair werd uitgesloten, wordt een uitzondering gemaakt. Daarmee wil Vanderpoorten vermijden dat scholen in de toekomst nog kansarme en/of allochtone leerlingen weigeren in te schrijven.

Wat nog wel kan, is dat scholen in bepaalde omstandigheden leerlingen doorverwijzen naar een andere school. In dat geval is het de doorverwijzende school die op zoek moet gaan naar een andere school. Vanderpoorten: "De mogelijkheid tot doorverwijzing wil scholen met een heterogene samenstelling qua taalachterstand van de leerlingen beschermen."

Scholen die weigeren een leerling in te schrijven, kunnen daarvoor financieel gestraft worden. Ze riskeren een dwangsom die kan oplopen tot 10 procent van de werkingskosten. Het is de nog op te richten Commissie inzake leerlingenrecht die op vraag van de ouders of de verificatiedienst van het departement onderwijs binnen vijf dagen een oplossing moet voorstellen of een sanctie moet opleggen.

Daarnaast trekt Vanderpoorten een bedrag van 2.355.000 euro (95 miljoen frank) uit om lokale overlegplatforms uit te bouwen. Met dat geld zullen deskundigen betaald worden die contacten leggen tussen alle lokale actoren die een belangrijke invloed hebben op het onderwijsgebeuren: school, ouders, leerlingen, migrantenverenigingen, enzovoort. Het zijn ook de lokale overlegplatforms die op zoek moeten gaan naar een alternatieve oplossing als een school een leerling doorverwijst.

Een ander instrument waarmee Vanderpoorten de gelijke onderwijskansen wil bevorderen, is het stimuleren van scholen met een grote concentratie van leerlingen die aan de gelijkekansindicatoren voldoen. Voor het basisonderwijs hanteert Vanderpoorten vijf gelijkekansindicatoren, onder meer: in het gezin wordt thuis geen Nederlands gesproken, het gezin leeft van een vervangingsinkomen... Scholen waarvan 10 procent van de leerlingen aan die indicatoren beantwoordt, krijgen extra lestijden. Vanderpoorten: "Die 10 procent-drempel blijft noodzakelijk omdat het mijn principiële keuze is de scholen die de zwaarste lasten dragen prioritair van ondersteunende maatregelen te voorzien."

In het secundair onderwijs komen scholen met 10 procent doelgroepleerlingen in de eerste graad gedurende drie jaar in aanmerking voor aanvullende lesuren. In de tweede en derde graad van het middelbaar onderwijs kunnen scholen met 25 procent doelgroepleerlingen gedurende drie jaar een beroep doen op een half- of voltijdse leraar die moet voorkomen dat leerlingen gedemotiveerd raken.

Zoals bekend kanten zowel de koepel van het katholieke onderwijs (VSOK) als het Christelijk onderwijzersverbond (COV) zich tegen het decreet. Romain Maes van het COV zegt dat de meeste scholen niet de middelen hebben om een leerling actief naar een alternatieve school te sturen. "Dit overstijgt de draagkracht van vele scholen. Het inschrijvingsrecht gaat te ver." Maes heeft nog een andere belangrijke kritiek op het ontwerpdecreet van Vanderpoorten. "Laten we duidelijk zijn. Wij zijn tegen scholen die alleen maar elitaire leerlingen opnemen. Elke school moet haar verantwoordelijkheid nemen inzake de maatschappelijke problemen die op ons afkomen. Maar aan de andere kant: door probleemleerlingen koste wat het kost te willen opnemen in het gewone onderwijs, bewijs je kinderen geen dienst. Het reguliere onderwijs is niet uitgerust om alle problemen op te vangen. Daarvoor heb je de expertise van het buitengewoon onderwijs nodig."

Verwacht wordt dat het ontwerp van decreet in april door het parlement behandeld zal worden.

Katholiek onderwijs vindt voorstel onwerkbaar

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234