Maandag 21/10/2019

Schimmen in een metropool van schaduwen

Drie minder bekende romans van Patrick Modiano zijn gebundeld in Trilogie van een beginnend schrijverschap. Laat je opnieuw inpalmen door zijn vloeiende verhaalstijl en de dwalende personages, op zoek naar vaste grond.

Sla een willekeurig boek open van Nobelprijswinnaar Patrick Modiano en na een paar pagina's sta je midden in de straten van Parijs. Denk daarbij niet aan de prentkaartenromantiek van de Eiffeltoren of Montmartre: aan toeristische paradepaardjes gaat de Franse auteur gracieus voorbij. Liever neemt hij ons mee naar het labyrint van een droom- en spookstad - de rand van Parijs waar twijfelzieke personages rondtasten naar brokstukken van een getroebleerd verleden. Achterafstraatjes, geheimzinnige hotels, desolate parken en metroviaducten als ankerpunten.

Modiano geeft deze plekken een suggestieve lading mee, kwistig rondstrooiend met topografische indicaties van traceerbare locaties - je kunt zijn boeken zo nalopen. Toch zal je voortdurend op dwaalsporen en verdichtingen stuiten. Wazige figuren met semi-adellijke namen als Philippe de Pacheco of dokter Meyersdorff bewegen zich door Parijs als schepen zonder kompas. Ze raken verstrikt in het geniepige vangnet van het verleden.

Telkens weer beland je bij Modiano in een mistig universum, een subtiel schimmentheater dat hij sinds zijn debuut De plaats van de ster (1968) al dertig boeken lang verfijnt. Uiteindelijk worden zijn dolende zielen opgeslokt door de maalstroom van de anonieme stad, in de greep van sinistere bedreigingen. Vaak spreidt de Tweede Wereldoorlog nog zijn tentakels uit, met echo's van zijn verwarde, eenzame jeugd, als zoon van de Antwerpse tweederangsactrice Louisa Colpeyn en de Italiaanse Jood Albert Modiano, verwikkeld in duistere affaires. Zelf omschrijft Modiano "de giftige geur van de bezetting" als "de humus waaruit ik ben voortgekomen."

Misleidend

Geen enkele schrijver leent zich zo goed tot herlezen als Modiano, mede door dat ingenieuze spoorzoeken in een niemandsland. Uitgeverij Querido houdt het vuur warm met regelmatige heruitgaven. Toch is Trilogie van een beginnend schrijverschap een enigszins misleidende titel. Toen hij de romans Verdaagd verdriet (1988), Bloemen en puin (1990) en Hondelente (1993) schreef, was Modiano absoluut geen beginneling meer. Hij had in 1978 zelfs al de Prix Goncourt gekregen. De nu gebundelde romans - weemoediger van toon - zijn eerder uit zijn 'middenperiode'. Wel spelen ze zich hoofdzakelijk in de jaren 50 en 60 af, toen zijn schrijverschap aan het ontluiken was.

In Verdaagd verdrietzocht Modiano een bedding voor een ander trauma: de dood van zijn broer Rudy op negenjarige leeftijd. Een reconstructie van de tijd toen hij en zijn broertje door hun moeder werden ondergebracht bij de stripteaseuse Annie. Ook hier raken de volwassenen verzeild in zaakjes die het daglicht niet verdragen en de verbeelding van de tienjarige, leeslustige Patoche (Modiano zelf) mateloos prikkelen, van een moord tot de naweëen van de praktijken van de Franse Gestapo. De suspense van een misdaadplot gaat hand in hand met de stijgende ontreddering en verlatenheid van de broers. Modiano hernam dit thema in zijn laatste roman Om niet te verdwalen (2014).

In het voor het eerst in het Nederlands vertaalde Bloemen en puin verbindt Modiano schijnbaar achteloos zowel de jaren 30 met de bezettingstijd als de jaren 60. De verteller raakt geïntrigeerd door de met raadsels omgeven dubbelle zelfmoord uit 1933 van het jonge koppel Urbain T. en Gisèle S. Dertig jaar later raakt hij ingesponnen in de geschiedenis via de merkwaardige zwerfkat en identiteitswisselaar Philippe de Pacheco. "Ik moest denken aan mijn vader, die alle verwarring van de bezettingstijd had meegemaakt en die mij daarover, voordat onze wegen definitief scheidden, bijna niets had verteld." Maar net als Pacheco lijkt de verteller zich maar wat onledig te houden in Parijs, losse eindjes plukkend uit adresboekjes, krantenknipsels én briefflarden. "Er is nooit een toekomst in Modiano's boeken. Enkel een heden en vooral veel verleden", stelt de Franse Modianokenner Olivier Barrot.

In Hondelentevolgen we dan weer zijn 'sluimerende' herinneringen aan de fotograaf Francis Jansen, een man die in de lente van 1964 kort het pad kruist van de ik-verteller. Jansen kreunt onder melancholie en verdriet, radeloos door de dood van zijn vriendin Colette Laurent en zijn mentor Robert Capa. Fanatiek zoekt hij naar aanknopingspunten, nog slechts in staat de 'stilte' te fotograferen met zijn Rolleiflex. De verteller gaat de gangen na van Jansen, die op een dag "in de achtergrond opgaat" en naar Mexico verdwijnt. Decor is de kille buurt achter het kerkhof van Montparnasse, de wijk aan de linkerzijde van de Seine. Opnieuw plaatst Modiano de altijd zo benauwende rive gauche (waar hij zich in zijn jeugd 'opgesloten' voelde) tegenover de rechteroever, waar "de lucht me lichter leek".

Als een snuffelende hond drentelt Modiano in deze drie juweeltjes rond de residu's van zijn bezwaard verleden. "De oorlog heeft de Parijse romance vernietigd", noteerde Modiano ooit in Paris tendresse. De schrijver verzint daarom een nieuwe ongrijpbare schaduwmetropool. Ook in deze trilogie lijken zijn personages vluchtig en op het eerste gezicht inwisselbaar. Toch kruipen hun prangende geschiedenissen diep onder ons vel. Modiano redt hen van hun definitieve verdwijning in een nis van de tijd. Dat is zijn taak, zo stelde hij in zijn dankrede bij de Nobelprijsuitreiking: steeds weer peuteren aan "die enorme laag vergetelheid waarmee alles is overdekt."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234