Zaterdag 03/12/2022

Schepen van naaktstranden Jacques Deroo:'Ik ben geen rebel,ik heb gewoon veel inspiratie'

Marijke Libert

Foto's Gert Jochems

Zaterdag. Het Bredense naaktstrand waar over twee weken de eerste naturisten worden verwacht ziet er niet echt aantrekkelijk uit. Aangespoelde flessen, hopen niet te ontwarren visserskoorden en wrakhout. "Volgende week komen de opruimers en de stekkers", zegt Jacques Deroo. 'De stekkers' blijken mensen te zijn die met grote priemen het vuilnis van tussen de zandkorrels vissen. "Allee", zegt Deroo, "een beetje positief denken. Het wordt misschien een succes. Op de toeristische dienst gaan drie op de tien telefonische oproepen over het naaktstrand en in mei lagen hier al tientallen mensen bloot. Het mocht niet, maar ik heb het niet verboden. Ze mogen toch oefenen zeker?"

Deroo is, stappend over het strand, een vijftiger op slippers die in het grijze krulhaar op zijn kruin een blitse zonnebril met blauwe spiegelglazen heeft geplant. In het gemeentehuis loopt hij rond op gepoetste mocassins, in wit hemd met schreeuwerig rode das. Wie hem zoekt, moet op zijn reukorgaan afgaan. Het volstaat de doordringende 'wilde frisheid van limoenen' van zijn deodorant te volgen. De wanden van zijn kabinet zijn schaars aangekleed. Een stilleven met wilde bloemen, het portret van een clown en centraal een foto van de jonge Jacques in oranje tenue. Als redder. Het is het eerste wat hij zegt en hij zal het de komende dagen nog dikwijls herhalen. Ze-ven-en-twin-tig jaar heeft hij op reddingspost zes over de Bredense zee en haar bezoekers uitgekeken. Duizenden keren zag hij de zee naar zich toekomen, evenveel keren liep die zee weer van hem weg. Daarom ook moet onze tocht met 'de uitvinder van het naaktstrand' daar beginnen: aan de branding.

'Als redder had ik het allang gezien. Dat stukje onbewaakt strand aan mijn rechterhand, daar zou ik ooit nog iets van maken", begint hij als we de Slapersdijk naderen. "Dat het dit zou worden, had ik nooit gedacht. Ik had nog andere ideeën. Ooit wilde ik hier een overdekt strand maken, zodat je ook in de winter naar de zee kon. Ik heb daarvan afgezien. Te veel tegenkanting."

Hij wijst naar het naaktstrand. "Toegegeven, het is niet groot, maar het volstaat. We zitten tenslotte in een testfase. Twee strandjes van 150 meter, dat is 300 meter naaktstrand. Als het een groot succes is, gaan we de naturistenzone verleggen naar post vijf, tussen de textielstranden in." Een textielstrand, legt hij welwillend uit, is een strand waar textiel wordt gedragen, met andere woorden: waar de zwembroek aan blijft.

Veel uitwijkmogelijkheden zijn er in de huidige strook niet voor de naturisten. De achterliggende duinen mogen ze niet in, want dat is een beschermde zone. Op de tussenliggende Slapersdijk zijn ze evenmin welkom. Dat is voorbehouden voor het pas aangelegde helmgras dat deze bufferduin bij storm tegen het geweld van de zee moet beschermen.

Naast het naaktstrand ligt een bewaakt textielstrand. "Nee, ik vrees geen pottenkijkers. Zou jij in shorts tussen de blote mensen willen staan of liggen? Daarvoor moet je goed zot zijn. Er komen hier uiteraard wel wandelaars, maar die moeten op het harde zand lopen." Het Bredense naaktstrand zal onbewaakt zijn, maar we vernemen dat een redder een oogje in het zeil zal houden. Hij moet er bijvoorbeeld op letten dat de naturisten enkel pootjebaden in de zee.

"Het zwemmen is hier inderdaad verboden. De mensen mogen in het water spelen met de bal, er zich verfrissen, in en uit de zee lopen, maar schoolslag en crawl is uitgesloten. Het is een vrij ingewikkelde materie. Het komt erop neer dat wij hier een strand hebben dat niet van ons is en dat we toch toewijzen. We willen echter ongevallen vermijden en daarom verbieden we het zwemmen."

De interesse voor de naaktzone blijkt al gewekt. Op deze zaterdag in juni heeft een ouder stel zich op de rand van het strand tegen de eerste duin aan gevlijd om het volledige corpus aan de eerste zonnestralen bloot te stellen. Deroo aarzelt even en stapt dan op de mensen toe. Het blijkt om een stel senioren uit Wallonië te gaan. "Bonjour, je suis responsable pour le plage (sic) naturiste", stelt Deroo zich voor.

"Hoezo, vanaf de eerste juli pas?", vraagt de zonnebader. "Non, non, pas de problème", zegt Deroo. "Je suis responsable ici, mais je ne dis rien."

"Voor ons maakt het toch niet uit", zegt het koppel uit Genval, "officieel naaktstrand of niet, wij liggen hier al vierenveertig jaar." "En nooit problemen gehad", voegt de vrouw eraan toe. "Oh, die ene keer misschien toen we twintig waren. We speelden in het water en ik trok uit balorigheid mijn bh uit, niet mijn slipje. Er kwam een dame langs die riep: 'Schamen jullie zich dan niet?' Nadien hebben we nooit meer een opmerking gehoord. Probleemloos kunnen we hier sinds jaar en dag naakt zonnebaden."

Deroo knikt en lacht heimelijk. "Ik wist dat", zegt hij. "Bredene is al heel lang een geliefd oord voor naturisten. In deze uithoek van het strand komt gewoon geen kat. Geen mens in Bredene die daar iets tegen had. Alleen, toen naakt zonnen officieel mocht, was het hek van de dam."

"Proficiat", zegt de man uit Genval tegen Deroo. "U hebt hier nogal wat druk op de ketel gezet, man. Het was zo'n moeilijk en tegelijk zo'n belachelijk dossier. België was het enige Europese land zonder naaktstranden. Zelfs Ierland heeft er. Dat wil al iets zeggen."

De naaktzonner blijft wel sceptisch. Er ontbreekt iets aan het Bredense strand, vindt hij. "Om te beginnen sanitair." Maar Deroo pareert. "Jullie moeten naar de toiletten van post 6. Dat is maar 200 meter lopen. Natuurlijk, handig is het niet én de toiletten bevinden zich aan het textielstrand, dus moet je je broek aantrekken. Wij mogen echter geen uitbating toestaan op dit strand."

"Ten tweede", gaat de man verder, "je kunt hier niet eens een drankje kopen."

"Ook post zes", zucht Deroo. "Ik weet het mijnheer, ook niet handig. Al zullen er natuurlijk snuggere verkopers zijn die hier munt uit zullen slaan. Tijdens dat prachtige weekend in mei bijvoorbeeld, toen een paar naturisten hier lagen, is er een vrouwtje langsgekomen met een box vol drankjes en ijsjes. Ze heeft hier goede zaken gedaan en voor ambiance gezorgd." "C'est dramatique", vervolgt de Genvallenaar alsof hij niets gehoord heeft. "Ik moet mijn voorzorgen nemen voor ik ga zonnen. Eerst het toilet bezoeken en dan zoals de kamelen vocht opstapelen in mijn lichaam." De man heeft nog een opmerking voor de schepen. Hij tekent twee pijlen in het zand. "Dat is de richting die we moeten volgen als we in de zee gaan", schampert hij, "van links naar rechts mogen we ons in het water verplaatsen, niet naar het diepe toe." Deroo: "Jullie mogen niet zwemmen, zwemmen in de betekenis van: geen bodem meer onder je voeten voelen."

"Ik heb me vooral geërgerd over hoe in die discussie over het naaktstrand het naturisme weer in de aandacht kwam", besluit de naturist. "Tjonge tjonge, in welke tijd leven wij? We worden als zo'n aparte kaste bekeken, die schijnbaar in een opperste staat van verrukking komt als het textiel wordt afgestroopt. Neem het van mij aan: niets is minder waar. Het is niet omdat ik me vrijer voel zonder broek dat ik zoveel gelukkiger ben."

Terugstappend naar post zes begint Deroo spontaan over zijn reddersverleden. "Ze noemden reddingspost zes het strafkamp omdat het strand niet centraal lag. Wie als redder iets mispeuterd had, werd tijdelijk naar hier verbannen. Ik ben hier steeds gebleven, ik wilde niet weg. Niemand kon ons hier bezig zien. Ik organiseerde barbecues, zond meisjes om 'blauwe frieten' en minstens een keer per week hield ik een ludieke actie. Op een ochtend ben ik hier op het strand gekomen met een hark en een grote zak vol wortelen, vers van de groenteboer. Ik heb ze in het zand 'herplant', groentebedjes gemaakt zoals in een moestuin en toen de eerste toeristen eraan kwamen, stond ik te schoffelen. "Goed zand, dat van Bredene", zei ik, "je moet eens zien welke mooie wortelen wij hier kunnen kweken."

De fratsen van Deroo haalden op gestelde tijden de regionale en nationale pers. En bij die journalisten deed hij er graag een schepje bovenop. Een rebel, Deroo? "Welnee", antwoordt hij, "ik heb gewoon veel inspiratie."

Eén grap is zelfs uitgegroeid tot een jaarlijks terugkerend gebeuren. "Ik beschik over een motorhome en die wordt jaarlijks ingezet voor een edel doel. In september rijd ik elke zondag met boterkoeken en pistolets rond en bezorg ik die gratis bij de Bredenaars aan huis. In die maand zijn de bakkers van Bredene met vakantie. De centen zijn binnen en weg zijn zij, zelf op reis. Nu, dat is hier voor de burgers nogal een klap in het gezicht. Dat betekent dat wij hier niet meer aan voedsel geraken. Op zondagochtend bijvoorbeeld stonden wij in de file op de Koninklijke Baan richting Oostende aan te schuiven voor een brood. Een tiental jaar geleden heb ik dan maar het heft in handen genomen en ben ik met een broodronde begonnen. Eerst voor mijn eigen wijk, later voor de rest van Bredene. Nu heb ik gemiddeld honderdtwintig klanten die hun bestelling bij mij doen en op zondagochtend om halfvijf vertrek ik naar de bakker om een uur later terug te keren met een overbeladen motorhome. Ik zet de zakken met brood en koeken bij de Bredenaars voor de deur. De koeken zelf moeten ze betalen, mijn 'baan' niet. Het is intussen een zeer ingewikkeld systeem geworden. Ik heb hokken moeten bouwen in mijn motorhome en een eigen stratenplan opgesteld met daarop de plaatsen waar ik moet leveren. Maar ik vind het leuk om de Bredenaars te helpen. Mede daardoor blijf ik van deze mensen veel krediet krijgen, ook al verdedig ik volgens hen af en toe een nogal 'apart dossiertje' in de gemeenteraad.

"Het leven is geen ordinair verhaal waaraan je gewoon deelneemt", zucht Deroo tijdens de strandwandeling. "Je moet geïnspireerd blijven. Ik was nog een tiener toen ik besloot dat ik elke dag zou opfrissen met een nieuw idee. Later, als gemeenteraadslid, ben ik dat blijven doen. Bij elke gemeenteraad kwam ik met een nieuw dossier aandragen. Of het was iets met de straatnamen die veranderd moesten worden, of een probleem met het windsurfen, of een idee in verband met de hokjes op het strand. Toen ik twaalf jaar geleden op de SP-lijst stond, werd dat ook meteen gehonoreerd. Ik had toen al een schepenambt kunnen bekleden, maar ik heb dat niet gedaan. Nu wel, ik had meer dan 10 procent van de stemmen. Dat kon ik mijn kiezers niet aandoen. Ik heb mijn verantwoordelijkheid genomen."

Elk weekend tijdens de zomermaanden stapt Deroo consequent het hele strand van Bredene af, een paar kilometer ver, zes reddingsposten voorbij om bij de verhuurders van cabines en stoelen en bij de toiletdames te horen hoe de zaken lopen. Ook dit weekend in juni volbrengt hij die taak, op blote voeten door het zand. "Ik neem mijn taak van schepen ter harte", zegt Deroo. "Sinds een jaar zijn de gages van plaatselijke politici verdubbeld. Ik verdien momenteel 70.000 frank per maand. Ik vind dat een mooi bedrag en dan moet ik daarvoor hetzelfde doen als iemand die zo'n loon verdient: mijn aantal uren per dag werken. Ik geef alleen op donderdag nog een paar uurtjes les en voor de rest vind je mij in het gemeentehuis. Elke dag ben ik er bereikbaar voor de Bredenaars en elk probleem wens ik met hen en mijn collega-politici op te lossen. Het is ook belangrijk dat ik iedereen ken, de diensthoofden, hun medewerkers, de mensen van de nutsbedrijven tot en met de toiletdames op het strand. Zo hoor ik het ook meteen als er iets aan de hand is.

"Magda", roept hij als we post twee bereiken. De 'hygiënische assistente' van de betreffende strandzone blijkt onvindbaar. "Ochot, dat is waar ook. Die is alles aan het klaarzetten in de sporthal voor het bal van de burgemeester vanavond", herinnert Deroo zich en hij zet zich op het strandterras achter een frisse pint.

Na een kort onderhoud met de eigenaar over de nieuwe concessie vervolgt hij: "Ze zeggen dat ik me soms te veel met details bezighoud en dat ik daaraan mijn energie verspil. Nu, details zijn belangrijk. Zo heb ik jaren strijd gevoerd tegen de rijkswachters te paard omdat die op het strand de drollen van hun paarden niet wilden opruimen. Kilo's vuilnis lieten ze op het strand achter en dat maakte de bezoekers kwaad. Ik heb alles gedaan om dat opgelost te krijgen. Zodra ik me vastbijt in een dossier ben ik als een hond: ik laat niet los. Of het een naaktstrand is, een sociale toestand of de stront van de rijkswacht, ik ga ervoor."

In zijn eentje tegen de verzuring? "Verzuring, ik ken dat woord niet. Nieuwe politieke cultuur evenmin. Wij voerden het hier uit voor dat dure woord bestond. De enige weg om politiek te bedrijven is via het luisteren naar de mensen en de problemen die soms gewoon voor hun neus liggen. Dat kan gaan over zitbanken, over scheve boordstenen in de straat, over onverlichte wegen. Daarom is het ook een beetje raar dat we met dit dossier over het naaktstrand voortdurend in het nieuws kwamen, omdat dit het enige is waar de Bredenaars zich een beetje miskend in voelden. Hoewel, ook dat moet genuanceerd worden. Ik heb ooit 5.500 folders persoonlijk in de brievenbussen gedeponeerd met de vraag aan de bevolking wat hun bezwaren zijn tegen het strand. Ik heb er een tiental reacties op gekregen. Een Bredenaar stelde dat het tot pedofilie zou aanzetten, een ander dat het tegen de christelijke moraal was, maar de meerderheid hield de bek in de pluimen.

'Het was vreemd dat uitgerekend ik schepen ben geworden. Mijn vader, een visser, was antipolitiek. Hij dreigde ermee dat hij me buiten zou gooien indien ik politieke ambities zou koesteren. Toen ik op de lijst van de SP stond, gingen thuis de deuren voor mij dicht. Ik mocht mijn vader pas terugzien tegen het einde van zijn leven. Toen hij ziek werd, heb ik hem tot de dood toe begeleid. Hij heeft dus nooit gezien dat ik geen doorsneepoliticus ben. Ik ben het type vechter. Ik kan, net als mijn vader, niet tegen onrecht, tegen scheefgetrokken situaties, tegen geritsel en geregel, tegen gedachten die niet van deze tijd zijn. Ik dokterde wel compromissen uit. Mijn vader zei altijd: een lijn is recht. Ik heb dat betwist. Ik wist al langer dat een lijn soms krom is.

"Niet mijn doel op zich trok me aan, wel de inzet die nodig was om ergerniswekkende dossiers in de juiste plooi te krijgen. Dat naaktstrand bepleitte ik omdat ik het verdomme onrechtvaardig vond dat er in België geen was. Mij persoonlijk doet het niets, ik zal er niet in mijn bloot gat gaan liggen, ik ben geen naturist. Maar de naturisten maken wel een deel van onze bevolking uit, dus waarom zouden we hen die service niet geven?

"Het idee is overigens heel impulsief gelanceerd, zoals de meeste dingen die ik onder handen neem. Het gebeurde vier jaar geleden tijdens een gemeenteraadszitting toen ik weer een dossier voorgesteld had dat op het eerste gezicht een beetje vreemd leek. Toen een schepen me dat zei, heb ik gefluisterd: ik heb een nog veel beter dossier, want ik ga voor een naaktstrand in Bredene. 's Anderendaags ontwaakte ik met de nationale televisie voor mijn deur. Tja, en toen kon ik niet anders dan er ook tot het bot voor gaan.

"Mijn probleem is wel dat ik ook in dit dossier mijn ludieke manier van werken niet heb afgezworen. Ik flap er soms iets uit als het niet moet. Zo stond ik een paar weken geleden nog aan de toog, met een journalist van Het Laatste Nieuws die me vroeg of het schepencollege op 1 juli dat naaktstrand ook officieel zou inhuldigen. Ik had nee moeten zeggen natuurlijk - we gaan dat ook niet inhuldigen -, maar ik zeg: 'kijk, gast, we gaan dat doen, naakt, we zullen enkel onze sjerp dragen. Ik heb echter één probleem: de floche van mijn sjerp is niet lang genoeg om mijn geslacht te bedekken.' Wat raad je? De dag erna stond het paginagroot in de krant: 'Schepencollege van Bredene wil naaktstrand naakt inhuldigen'. Natuurlijk dat ik dan een woedende burgemeester op mijn kabinet krijg."

Maandag. Deroos agenda zit eivol. Hij is derde schepen, verantwoordelijk voor openbare werken, standconcessies, sport en gezondheid. Hij heeft vergaderingen met diensthoofden, met het sportcentrum, met de stadssecretaris, hij moet bezoekers ontvangen, andere vergaderingen voorbereiden of evenementen begeleiden zoals de meeting 'Kijk naar je borsten'. "Nee, nee", zegt hij, "dat heeft niets met het naaktstrand te maken. Dit is een plaatselijk initiatief inzake borstonderzoek, een uitloper van die nationale campagne."

Om halftien maandagochtend heeft hij een onderhoud met de stad Mechelen. Mechelen heeft in zijn coalitieakkoord de oprichting van wijkraden opgenomen en doet die dag een 'Tour de Flandre' om na te gaan hoe die raden elders werken. "Bredene is als een van de eerste gestart met dat initiatief", legt Deroo uit. "Ik heb ze mee helpen oprichten in het begin van de jaren tachtig. Bedoeling was daar de kleine zorgen te verzamelen en ze aan de grote klok, in het gemeentehuis, te hangen. Mijn interesse voor de politiek is via zo'n wijkraad opgewekt. Ik was voorzitter en daardoor leerde ik de verzuchtingen kennen. Ik ga ook nu nog naar de wijkvergaderingen. Ik praat er nooit, maar noteer de opmerkingen. 's Anderendaags krijgen de betrokken diensthoofden de problemen al op hun tafel en vraag ik uitleg of snelle oplossingen. Dat is de enige manier om een efficiënte politiek te bewerkstelligen. De sterkte van ons beleid ligt net in het beluisteren van kleine en grote noden. We horen niet alleen dat er een steen verkeerd ligt in een straat, maar ook dat de ouden van dagen zo sukkelen met de euro. Bon, dan richten wij info-avonden in waarbij bejaarden wegwijs worden gemaakt in het betalen met de nieuwe munt."

Om 11 uur volgt de vergadering met de diensthoofden en de politiecommissaris, over de evaluatie van het burgemeestersbal, de inzet van de politiemensen tijdens de zomermaanden, de begroting van 2000, de klokken van de kerkfabriek, de milieuambtenaren en de schoonmaak van de vuilnisbakken op de Koninklijke Baan. Deroo is opmerkelijk kalmer, informeert kort en gedecideerd, mengt een paar oneliners door het discours maar blijft attent.

Eenmaal terug op zijn kantoor pleegt hij een telefoon naar het thuisfront. "Vrouwke, haal een viske uit de diepvriezer. Ik kom over een halfuurtje eten met dat madammeke van de gazet. En geef ons Lientje eens door. Lientje, schatteke, hoe was het examen van wiskunde? Omtrekmetingen... Ochot. Heb je vragen gehad over de getallenleer? Heb je oefeningen opengelaten? Nee, goed zo. Oh, een definitie niet opgeschreven, maar meiske, dat staat maar op vijftien punten. Ben je erdoor, wat denk je? Meer dan vijftig procent. Goed zo, meiske. Morgen muziek? Ja, ik kom naar huis. Ik zal u tonen op de blokfluit waar de re ligt. Je kunt erop rekenen."

"Mijn vrouw ziet me nooit", zegt hij bij het neerleggen van de hoorn, "maar ze is dat gewoon. Zij kruipt om negen uur in bed, ze heeft veel slaap nodig. Ik ga nooit voor twee uur slapen en een keer in de week sla ik een nacht over."

Het halfuurtje zal een uur worden, want Deroo heeft zich voorgenomen ons voor het middageten zijn volledige plan voor openbare werken uit te leggen. Er wordt een luchtfoto van Bredene bij gehaald. Deroo wijst wijken aan, groenzones, verkavelingen, straten, rioleringen. "Bredene zal enorme veranderingen ondergaan de komende jaren", zegt hij voortdurend. Hij praat maar door over nieuwe mobiliteitsplannen, aanpassingen van de wijk Sas, een nieuwe sporthal, een cultureel centrum genaamd 'centrum Staf Versluys' ("onze bekendste Bredenaar"), jeugdaccommodaties, veranderingen aan de Sluisvlietlaan, de Paaphoek, het installeren van een verbindingsbaan 'Breeweg'... Hij wil zijn gemeente een nieuw elan geven. En nieuwe straatnamen bezorgen. Zoals de Ebben- en de Vloedweg. Waarom die namen, vragen we. Hij kijkt ons verbijsterd aan. "Het moet toch niet altijd de Sint-Antioniuslaan of een bloemenwijk zijn? Ik ben ex-redder en oké, hier wil ik misschien een heel klein beetje mijn persoonlijke voorkeur uitdrukken. Ik heb duizenden keren eb en vloed gezien. Bredene leeft door en met de getijden. Dus is de Vloedlaan veel passender dan de Begonialaan."

Hij ploft neer in zijn stoel. "Tja, dat redden komt alsmaar terug, hé. Je weet niet hoe dat het leven van een mens kan bepalen. Door dat redden leerde ik op eigen benen staan, beslissingen nemen, kortom: functioneren. Het gaat niet alleen over naar mensen staan toeteren en ze van de pier jagen. Je leert er creatief zijn, managen, omgaan met reglementen. Dat is soms moeilijk voor mij, om reglementen te respecteren, maar het móét."

We stappen in de wagen en rijden langs de bouwwerf Bredene. De hele gemeente wordt opengebroken, doorboord, aangepast, doortrokken met verbindingswegen. Het Bredene is een wirwar van verkeersknooppunten, met verschillende centra, straten die plots stoppen, wijken die eindigen in campings, niet meteen een toonbeeld van ruimtelijke ordening.

Deroo lacht: "Ah, het valt op, hé? Een wirwar, inderdaad. Voordat de SP hier aan de macht kwam, zijn er veel ondoordachte dingen gebeurd. Robert wilde een straat, Robert kreeg een straat. Dat soort dingen. Er werd te weinig planmatig nagedacht. Nu, mij kun je veel verwijten, dat ik te energiek ben en altijd maar nieuwe ideeën lanceer, maar niets is ondoordacht."

We rijden de wijk Groenendijk binnen, waar Deroo zelf 'gebouwd heeft'. Een rondgang door het huis is onvermijdelijk. Met zijn handen in de lucht staat hij in zijn kelder en roept plots uit: "In één ding heb ik me zwaar vergist. Hier, bij de aankoop van dit perceel waarop mijn huis staat. Ik had dit op plan gekocht. Toen ik een kijkje kwam nemen, bleek dat ik een stuk gracht had gekocht. Alles was hier nat. Geen probleem, ik heb een boot gebouwd als fundament voor mijn huis. Echt, mijn huis beweegt een heel klein beetje, maar je zal het niet voelen, hoor." De witte villa bezit een binnenzwembad dat nog voor afwerking gedempt werd. "Mijn kinderen wilden een zwembad, en ze kregen het. Een zwembad in een boot, ik vond dat een leuk idee. Maar ik heb twintig jaar gebouwd aan dit huis, de kinderen zijn intussen ouder geworden en ze trekken met hun maten naar het grote zwembad, dus heb ik er hier maar weer beton op gegoten. Ik ga er een binnentuin van maken."

Mevrouw Deroo bakt de scampi's en lacht stilletjes wanneer haar man nog een paar ideeën die hij ooit had voor Bredene uit de doeken doet. "Een monorail aan de kust, tja, ook dat heb ik ooit voorgesteld in de periode dat je die eerste ongevallen had met de kusttram. Dat plan heb ik jaren geleden opgevouwen."

We vragen aan de echtgenote of hij het allemaal meent. "Dat is Jacques", zegt ze, "wat hij wil, doet hij en voert hij uit, hij gaat zover als hij kan. En waar hij kan, speelt hij ook een beetje de clown. Hij vindt het leuk om de politiek op te leuken."

Is hij een socialist? Deroo verslikt zich bijna. "Wat socialist? Verschillende partijen hebben bij mij aangeklopt, maar in het plan van de SP kon ik mij het beste vinden. Ik ben echter niet de socialist die met de rode sjaal rond de nek de Internationale zal zingen. Ik ben een sociaal voelend mens, maar geen rode ridder zoals mijn collega-schepenen."

Dinsdagmiddag. Voor de hoofd- ingang heeft Jacques Deroo een gesprek met een collega. "Kom eens kijken,' wenkt hij. Op de grond buiten ligt onder twee gele gidsen een gigantisch grondplan. "Kijk, de rioleringswerken aan de Zandstraat. Heel belangrijk project. Ik ga er onmiddellijk een foto van nemen." Met een digitale camera neemt hij een paar foto's en stopt die daarna direct in zijn computer. "Ik heb de multimedia binnengebracht in Bredene", vervolgt hij. "Toen ik vorig jaar schepen werd, heb ik gezegd dat we een e-mailadres moesten hebben. Ze hebben mij uitgelachen en nu gebruiken ze het allemaal. Je moet durven in het leven.

"Je moet ook leven met het begrip dat niets zeker is. Neem nu dat dossier waarvoor jij me hier opzoekt. Dat naaktstrand. Goed, het komt er nu vanaf 1 juli, maar tot de laatste dag zullen er vraagtekens blijven bestaan. Het bevindt zich op een strandstrook die niet van Bredene is, omdat de Vlaamse Gemeenschap het niet in concessie wilde geven. Toch mag er volgens de Brugse procureur een naaktstrand komen op voorwaarde dat het duidelijk wordt aangekondigd. De twijfels blijven echter. De groene jongens morren en dreigen omdat het zich in een beschermd gebied bevindt."

Dinsdagnamiddag is er in het gemeentehuis een vergadering met Aminal (Administratie voor Milieu-, Natuur-en Landinrichting). "Die groene jongens", zucht Deroo. "Ze komen vanmiddag uitleggen waarom ze tegen mijn voorstel zijn om verlichting aan te brengen in een straat waar kinderen 's avonds niet met de fiets durven te rijden. Er mogen echter geen lichten komen omdat het een broedzone is voor de vogeltjes en een biotoop voor de konijntjes. Wat die groenen doen is goed, maar ze moeten ook niet overdrijven. Een ei van een vogeltje tegenover de veiligheid van een fietsend kind... Ik weet het wel, hoor." Deroo is vooral gebeten op Aminal omdat die nog een laatste pad in de korf heeft gezet inzake het naaktstrand.

"Ze stellen dat het naaktstrand in een dierenhabitat ligt. Weer de eitjes van de vogeltjes en de legers van de konijnen. Nu, het klopt, maar op dat stukje strand zal het toch niet aankomen? Tevoren waren er sowieso al wandelaars en af en toe ook zonnebaders. Men heeft die ook nooit weggejaagd."

In de gang op weg naar de vergadering lopen we burgemeester Vanhooren tegen het lijf. Het is een pragmatische en directe man, volgens onze inlichtingen de enige die erin slaagt Deroo min of meer in het gareel te houden. "Twee legislaturen is de SP hier nu. Drie verkiezingen geleden hadden we maar twee zetels en nu de volstrekte meerderheid. Dat komt door onze pragmatische aanpak, inderdaad. Types zoals Deroo passen in ons systeem, al doet hij natuurlijk wel een beetje veel zijn best om een en ander op een ludiek niveau te tillen. Af en toe moet ik hem inderdaad bij het nekvel pakken, maar problemen heb ik met hem eigenlijk nog nooit gehad. Dat naaktstrand? Tuurlijk mag dat, alleen heb ik Deroo in tijden van verkiezingen getemperd. Ik wilde hier in de gemeente geen politiek schisma. Ik zag het al gebeuren: bloot tegen niet-bloot, SP tegen CVP. Dat zou een belachelijke polarisering zijn."

Deroo komt rood aangelopen binnen. "Zeg, die vergadering van Aminal, het is genoeg geweest. Ik heb alle dia's van de vogeltjes gezien, ik ga weer naar mijn kot." In zijn kantoor vraagt hij of we nog iets willen weten. Hij trekt de dossierkast open en bespuit zich met deodorant. "Dat moet", zegt hij. "Ik raas maar rond, ik moet fris blijven ruiken." Of we nog iets willen weten, herhaalt hij. Aangezien hij al meer antwoorden gaf dan wij vragen stelden... beginnen wij. Maar hij versaagt niet. "Heb ik al verteld dat ik ook schepen van Onderwijs ben?"

'Het leven is geen ordinair verhaal waaraan je gewoon deelneemt. Je moet geïnspireerd blijven. Ik was nog een tiener toen ik besloot dat ik elke dag zou opfrissen met een nieuw idee. Later, als gemeenteraadslid, ben ik dat blijven doen''Verzuring, ik ken dat woord niet. Nieuwe politieke cultuur evenmin. Wij voerden het hier uit voor dat dure woord bestond'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234